Internationaal Verdrag betreffende het geharmoniseerde systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen
Preambule
De Partijen bij dit Verdrag, opgesteld onder auspiciën van de Internationale Douaneraad,
Verlangende de internationale handel te vergemakkelijken,
Verlangende het verzamelen, vergelijken en analyseren van statistieken, in het bijzonder die betreffende de buitenlandse handel, te vergemakkelijken,
Verlangende de kosten te verminderen die worden gemaakt als gevolg van het opnieuw omschrijven, indelen en coderen van goederen wanneer die in het internationale handelsverkeer overgaan van het ene indelingssysteem naar het andere, alsmede de standaardisering van handelsdocumenten en de overdracht van gegevens te vergemakkelijken,
Overwegende dat de ontwikkeling van de technologie en de veranderingen in de structuur van de internationale handel ingrijpende wijzigingen nodig maken in het Verdrag inzake de nomenclatuur voor de indeling van goederen in de douanetarieven, gedaan te Brussel op 15 december 1950,
Tevens overwegende dat de mate van verbijzondering die door Regeringen en handelskringen voor douane- en statistiekdoeleinden wordt verlangd, thans veel groter is dan die welke is te vinden in de nomenclatuur, opgenomen in de bijlage bij bovengenoemd Verdrag,
Overwegende dat het voor het voeren van internationale handelsbesprekingen van belang is om over nauwkeurige en vergelijkbare gegevens te beschikken,
Overwegende dat het geharmoniseerde systeem is bedoeld om te worden gebruikt voor de vrachttarieven en de statistieken van de verschillende soorten goederenvervoer,
Overwegende dat het geharmoniseerde systeem is bedoeld om in zo ruim mogelijke mate te worden opgenomen in commerciële systemen voor de omschrijving en de codering van goederen,
Overwegende dat het geharmoniseerde systeem is bedoeld om de totstandkoming te bevorderen van een zo nauw mogelijke correlatie tussen de statistieken van de buitenlandse handel enerzijds, en de produktiestatistieken anderzijds,
Overwegende dat een nauwe correlatie dient te worden gehandhaafd tussen het geharmoniseerde systeem en de „Type classificatie voor de internationale handel” van de Verenigde Naties,
Overwegende dat het wenselijk is om te voldoen aan bovengenoemde behoeften door middel van een geïntegreerde nomenclatuur voor douane- en statistiekdoeleinden die kan worden gebruikt door de verschillende belanghebbenden bij de internationale handel,
Overwegende dat het van belang is te verzekeren dat het geharmoniseerde systeem gelijke tred houdt met de ontwikkeling van de technologie en met de veranderingen in de structuur van de internationale handel,
Kennis genomen hebbende van het werk dat op dit gebied is verricht door het Comité voor het Geharmoniseerde Systeem, dat door de Internationale Douaneraad is ingesteld,
Overwegende dat, hoewel het bovengenoemde Verdrag inzake de nomenclatuur een doeltreffend middel is gebleken voor het bereiken van sommige van deze doelstellingen, het sluiten van een nieuw internationaal verdrag de beste wijze is om tot de gewenste resultaten te komen,
Zijn als volgt overeengekomen:
Artikel 1. Begripsbepalingen
Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:
- a. „geharmoniseerd systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen”, hierna te noemen het „geharmoniseerde systeem”: de nomenclatuur die de posten en de onderverdelingen daarvan met de daarop betrekking hebbende numerieke codes, de aantekeningen op de afdelingen en de hoofdstukken, de aanvullende aantekeningen op de onderverdelingen, alsmede de algemene regels voor de interpretatie van het geharmoniseerde systeem omvat en die is opgenomen in de bijlage bij dit Verdrag;
- b. „tariefnomenclatuur”: de nomenclatuur, vastgesteld bij of krachtens de wetgeving van een Verdragsluitende Partij voor de heffing van douanerechten op ingevoerde goederen;
- c. „statistieknomenclaturen”: goederennomenclaturen, vastgesteld door een Verdragsluitende Partij voor het verzamelen van gegevens ten behoeve van de statistieken van de buitenlandse handel;
- d. „geïntegreerde nomenclatuur”: een nomenclatuur waarin de tariefnomenclatuur en de statistieknomenclaturen zijn samengevoegd en die krachtens wettelijk voorschrift van een Verdragsluitende Partij voor de aangifte van goederen bij invoer moet worden toegepast;
- e. „Verdrag houdende oprichting van de Raad”: het Verdrag houdende oprichting van een Internationale Douaneraad, gedaan te Brussel op 15 december 1950;
- f. „Raad”: de onder e hierboven bedoelde Internationale Douaneraad;
- h. „Secretaris-Generaal”: de Secretaris-Generaal van de Raad;
- h. de term „bekrachtiging”: bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring.
Artikel 2. Bijlage
De bijlage bij dit Verdrag maakt daarvan onafscheidelijk deel uit en elk verwijzing naar dit Verdrag geldt mede ten aanzien van de bijlage.
Artikel 3. Verplichtingen van de Verdragsluitende Partijen
Behoudens de uitzonderingen, genoemd in artikel 4:
- a. verbindt elke Verdragsluitende Partij zich om, onder voorbehoud van het bepaalde in letter c van dit lid, vanaf de datum waarop dit Verdrag met betrekking tot deze Partij in werking treedt, haar tariefnomenclatuur en haar statistieknomenclaturen in overeenstemming te doen zijn met het geharmoniseerde systeem. Zij verbindt zich aldus om, met betrekking tot haar tariefnomenclatuur en haar statistieknomenclaturen:
- 1°. alle posten en onderverdelingen van het geharmoniseerde systeem zonder enige toevoeging of wijziging, alsmede de daarop betrekking hebbende numerieke codes te gebruiken;
- 2°. de algemene regels voor de interpretatie van het geharmoniseerde systeem, alsmede alle aantekeningen op de afdelingen en de hoofdstukken en de aanvullende aantekeningen op de onderverdelingen toe te passen en de draagwijdte van de afdelingen, hoofdstukken, posten of onderverdelingen van het geharmoniseerde systeem niet te wijzigen;
- 3°. de volgorde van nummering van het geharmoniseerde systeem in acht te nemen;
- b. stelt elke Verdragsluitende Partij voorts haar statistieken van de buitenlandse handel algemeen verkrijgbaar overeenkomstig de zes-cijfercode van het geharmoniseerde systeem of overeenkomstig een door de Verdragsluitende Partij ingevoerde meer gedetailleerde codering, voor zover publikatie niet is uitgesloten om uitzonderlijke redenen, zoals het vertrouwelijk karakter van inlichtingen van commerciële aard of de nationale veiligheid;
- c. verplicht geen enkele bepaling van dit artikel een Verdragsluitende Partij ertoe de onderverdelingen van de posten van het geharmoniseerde systeem in haar tariefnomenclatuur te gebruiken, mits zij voldoet aan de verplichtingen zoals zijn bedoeld bij letter a. 1°, 2° en 3° hierboven door middel van een geïntegreerde nomenclatuur.
Bij het nakomen van de in letter a van het eerste lid van dit artikel bedoelde verplichtingen kan elke Verdragsluitende Partij de tekst zodanig aanpassen als nodig is om in haar nationale wetgeving aan het geharmoniseerde systeem uitvoering te geven.
Geen enkele bepaling van dit artikel verbiedt een Verdragsluitende Partij in haar tariefnomenclatuur of haar statistieknomenclaturen nadere specificaties voor de indeling van goederen aan te brengen, mits de toevoeging en codering van de daartoe aangebrachte nadere onderverdelingen in deze nomenclaturen geschiedt op een niveau dat ligt onder dat van de zes-cijfercode van het geharmoniseerde systeem, zoals dat is opgenomen in de bijlage bij dit Verdrag.
Artikel 4. Gedeeltelijke toepassing door ontwikkelingslanden
Elk ontwikkelingsland dat Verdragsluitende Partij is, kan de toepassing van sommige of van alle onderverdelingen van de posten van het geharmoniseerde systeem uitstellen gedurende de periode die, rekening houdend met de structuur van zijn internationale handel of met zijn bestuurlijke mogelijkheden, noodzakelijk is.
Een ontwikkelingsland dat Verdragsluitende Partij is en het geharmoniseerde systeem overeenkomstig het bepaalde in dit artikel gedeeltelijk wenst toe te passen, verbindt zich ertoe alles in het werk te stellen om het volledige geharmoniseerde systeem met zes-cijfercode toe te passen binnen vijf jaar, te rekenen van de datum waarop dit Verdrag met betrekking tot dit land in werking treedt, of binnen een ander door dit land eventueel noodzakelijk geacht tijdvak, gelet op het bepaalde in het eerste lid van dit artikel.
Een ontwikkelingsland dat Verdragsluitende Partij is en het geharmoniseerde systeem overeenkomstig het bepaalde in dit artikel gedeeltelijk wenst toe te passen, past alle of geen van de onderverdelingen met twee streepjes toe van een willekeurige onderverdeling met één streepje, dan wel alle of geen van de onderverdelingen met één streepje van een willekeurige post. In dergelijke gevallen van gedeeltelijke toepassing wordt het zesde cijfer of worden het vijfde en zesde cijfer van het gedeelte van de code van het geharmoniseerde systeem dat niet wordt toegepast, onderscheidenlijk door „0” of „00” vervangen.
Een ontwikkelingsland dat het geharmoniseerde systeem overeenkomstig het bepaalde in dit artikel gedeeltelijk wenst toe te passen, stelt, wanneer het Verdragsluitende Partij wordt, de Secretaris-Generaal ervan in kennis welke onderverdelingen het niet zal toepassen op de datum waarop dit Verdrag met betrekking tot dit land in werking treedt, en stelt de Secretaris-Generaal er tevens van in kennis welke onderverdelingen het nadien toepast.
Elk ontwikkelingsland dat het geharmoniseerde systeem overeenkomstig het bepaalde in dit artikel gedeeltelijk wenst toe te passen, kan, wanneer het Verdragsluitende Partij wordt, de Secretaris-Generaal mededelen dat het zich formeel verbindt het volledige geharmoniseerde systeem met zes-cijfercode toe te passen binnen drie jaar, te rekenen van de datum waarop dit Verdrag met betrekking tot dat land in werking treedt.
Elk ontwikkelingsland dat Verdragsluitende Partij is en het geharmoniseerde systeem overeenkomstig het bepaalde in dit artikel gedeeltelijk toepast, wordt van zijn verplichtingen die voortvloeien uit artikel 3 ontheven met betrekking tot de onderverdelingen die het niet toepast.
Artikel 5. Technische bijstand voor ontwikkelingslanden
De ontwikkelde landen die Verdragsluitende Partij zijn, verschaffen ontwikkelingslanden die daarom verzoeken, technische bijstand op onderling overeengekomen voorwaarden met betrekking tot onder meer de opleiding van personeel, de omzetting van hun huidige nomenclaturen op basis van het geharmoniseerde systeem, het geven van advies omtrent het bijhouden van hun aldus omgezette systemen aan de hand van eventuele wijzigingen in het geharmoniseerde systeem, alsmede omtrent de toepassing van de bepalingen van dit Verdrag.
Artikel 6. Comité voor het Geharmoniseerde Systeem
Ingevolge dit Verdrag wordt een comité ingesteld onder de naam Comité voor het Geharmoniseerde Systeem, samengesteld uit vertegenwoordigers van elk van de Verdragsluitende Partijen.
Het Comité vergadert in de regel ten minste twee maal per jaar.
Zijn vergaderingen worden door de Secretaris-Generaal bijeengeroepen en, tenzij de Verdragsluitende Partijen anderszins beslissen, ten zetel van de Raad gehouden.
In het Comité voor het Geharmoniseerde Systeem heeft elke Verdragsluitende Partij recht op één stem; indien echter een douane- of economische unie en één of meer Lid-Staten daarvan Verdragsluitende Partij zijn, brengen deze Verdragsluitende Partijen, met betrekking tot de toepassing van dit Verdrag en onverminderd het bepaalde in een eventueel later te sluiten verdrag, samen slechts één stem uit. Indien alle Lid-Staten van een douane- of economische unie die krachtens het bepaalde in artikel 11, letter b, daarvoor in aanmerking komt, Verdragsluitende Partij worden, brengen deze eveneens samen slechts één stem uit.
Het Comité voor het Geharmoniseerde Systeem kiest zijn Voorzitter en één of meer Vice-Voorzitters.
Het Comité stelt zijn huishoudelijk reglement op, waarover wordt beslist met een meerderheid van twee derde van de aan zijn leden toegekende stemmen. Dit reglement is onderworpen aan de goedkeuring van de Raad.
Het Comité nodigt indien het zulks nuttig acht intergouvernementele of andere internationale organisaties uit om als waarnemer aan zijn werkzaamheden deel te nemen.
Het Comité stelt naar behoefte subcomités of werkgroepen in en houdt daarbij in het bijzonder rekening met het bepaalde in artikel 7, eerste lid, letter a, en het stelt het lidmaatschap, het stemrecht en het huishoudelijk reglement van deze subcomités of werkgroepen vast.
Artikel 7. Functies van het Comité
Met inachtneming van het bepaalde in artikel 8 vervult het Comité voor het Geharmoniseerde Systeem de volgende functies:
- a. het doen van voorstellen tot wenselijk geachte wijzigingen van dit Verdrag, daarbij in het bijzonder rekening houdend met de behoeften van de gebruikers, en met de ontwikkeling van de technologie of met de wijzigingen in de structuur van de internationale handel;
- b. het opstellen van toelichtingen, indelingsadviezen of andere adviezen voor de interpretatie van het geharmoniseerde systeem;
- c. het opstellen van aanbevelingen ten einde de uniformiteit in de interpretatie en de toepassing van het geharmoniseerde systeem te verzekeren;
- d. het verzamelen en verspreiden van informatie betreffende toepassing van het geharmoniseerde systeem;
- e. het verschaffen, uit eigen beweging of op verzoek, van informatie of advies omtrent alle aangelegenheden betreffende de indeling van goederen in het geharmoniseerde systeem aan Verdragsluitende Partijen, aan leden van de Raad en aan de intergouvernementele of andere internationale organisaties die volgens het Comité hiervoor in aanmerking komen;
- f. het overleggen tijdens iedere zitting van de Raad, van rapporten betreffende zijn werkzaamheden, met inbegrip van voorgestelde wijzigingen, toelichtingen, indelingsadviezen en andere adviezen;
- g. het uitoefenen van alle andere bevoegdheden en functies met betrekking tot het geharmoniseerde systeem die de Raad of de Verdragsluitende Partijen noodzakelijk mochten achten.
Administratieve beslissingen van het Comité voor het Geharmoniseerde Systeem die gevolgen hebben voor de begroting, zijn aan de goedkeuring van de Raad onderworpen.
Artikel 8. Functie van de Raad en procedure voor een nieuw onderzoek
De Raad onderzoekt de voorstellen tot wijziging van dit Verdrag die door het Comité voor het Geharmoniseerde Systeem worden gedaan, en beveelt deze wijzigingen aan de Verdragsluitende Partijen aan overeenkomstig de procedure van artikel 16, tenzij een Lid van de Raad dat Partij bij dit Verdrag is, verzoekt de voorstellen of een deel ervan aan het Comité terug te zenden voor een nieuw onderzoek.
Met inachtneming van het derde tot en met het zesde lid van dit artikel, kan elke Partij bij dit Verdrag met betrekking tot toelichtingen, indelingsadviezen, andere adviezen omtrent de interpretatie van het geharmoniseerde systeem en aanbevelingen ter verzekering van de uniformiteit in de interpretatie en toepassing van het geharmoniseerde systeem, opgesteld door het Comité voor het Geharmoniseerde Systeem, een verzoek indienen voor i. een nieuw onderzoek van de zaak door het Comité voor het Geharmoniseerde Systeem of ii. verwijzing van de zaak naar de Raad. Een Verdragsluitende Partij kan uit hoofde van dit lid niet verzoeken om een nieuw onderzoek door het Comité voor het Geharmoniseerde Systeem of om verwijzing van een zaak naar de Raad indien de zaak reeds tweemaal opnieuw is onderzocht door het Comité voor het Geharmoniseerde Systeem.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.