Memorandum van Overeenstemming tussen de Regeringen van het Koninkrijk der Nederlanden, de Bondsrepubliek Duitsland, de Franse Republiek en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland betreffende de fase van het definitieve ontwerp van de voorgestelde Europese Transsone Windtunnel

Type Verdrag
Publication 1988-04-13
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Inleiding

1

De Regeringen van het Koninkrijk der Nederlanden, de Bondsrepubliek Duitsland, de Franse Republiek en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, hierna te noemen: de Regeringen,

Kennis genomen hebbend van de werkzaamheden die in Fase 1 (zie Aanhangsel) zijn verricht door de „Project Group for Transonic Wind Tunnel Definition” (Projectgroep voor de omschrijving van een Transsone Windtunnel) onder de auspiciën van de „NATO Defence Research Group” (NAVO-Researchgroep t.b.v. de Verdediging), teneinde een technisch basisconcept op te stellen van een transsone windtunnel met een hoog getal van Reynolds, die aan de Europese behoeften voldoet, alsmede van de overige werkzaamheden die als Fase 2.1, de Fase van het Voorlopige Ontwerp, zijn verricht krachtens het Memorandum van Overeenstemming (Bijlage bij AC/259-D/650: AC/243-D/545) tussen de Regeringen dat sedert 4 januari 1978 van kracht is,

Bevestigen opnieuw hun wens de samenwerking bij dit project, hierna te noemen: de Europese Transsone Windtunnel (ETW), voort te zetten.

Grondslag van de samenwerking

2

Bijgevolg wordt in dit Memorandum van Overeenstemming (hierna te noemen: dit MvO) de overeenkomst opgenomen dat de Regeringen overgaan tot de uitvoering van Fase 2.2, de Fase van het Definitieve Ontwerp, en tijdens deze Fase onderling overleg plegen met het vaste voornemen over te gaan tot de uitvoering van Fase 3 van het project, die betrekking heeft op de bouw en de exploitatie van de ETW. Het overleg vindt plaats op de grondslag van de „Principles for Phase 3, the Construction and Operation of the ETW” (Grondbeginselen voor Fase 3, de bouw en de exploitatie van de ETW), vastgelegd in de Bijlage die deel uitmaakt van dit MvO. Eventuele wijziging van deze Grondbeginselen vindt slechts plaats met een eenparig genomen besluit van de Regeringen. In ieder geval zal Fase 3 te zijner tijd onderwerp van een overeenkomst tussen de Regeringen zijn.

3

De Regeringen zijn overeengekomen dat, indien zij overgaan tot de uitvoering van Fase 3, zulks geschiedt op de volgende grondslag:

Frankrijk 28%
Bondsrepubliek Duitsland 38%
Nederland 6%
Verenigd Koninkrijk 28%

Doeleinden en omvang

4

De Fase van het Definitieve Ontwerp omvat:

5

Hoewel verwacht wordt dat in de Fase van het Definitieve Ontwerp over het algemeen tot in details uitvoering wordt gegeven aan de aanbevelingen inzake het ontwerp uit de Fase van het Voorlopige Ontwerp, kunnen de Regeringen (via de met de leiding van het project belaste Stuurgroep) toestemming verlenen voor het aanbrengen van wijzigingen in het ontwerp, indien de uitkomsten van nadere werkzaamheden daartoe aanleiding geven.

6

De voltooiing van de Fase van het Definitieve Ontwerp zal, naar verwacht wordt, ongeveer twee jaar in beslag nemen.

Regelingen met betrekking tot de bedrijfsvoering

7

Teneinde op doeltreffende wijze leiding te kunnen geven aan de uitvoering van de Fase van het Definitieve Ontwerp, wordt de uit twee niveaus bestaande organisatie, gevormd door een Stuurgroep en een Projectgroep, welke organisatie voor de Fase van het Voorlopige Ontwerp werd gebruikt, gehandhaafd. De Projectgroep wordt geleid door een Projectdirecteur die verantwoording verschuldigd is aan de Stuurgroep.

8

De officiële gunning van de contracten en het beheer van de financiën geschieden door een organisatie, hierna aangeduid als het Agentschap, welke in het begin het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium (NLR) te Amsterdam zal zijn en later de Deutsche Forschungsund Versuchsanstalt für Luft-und Raumfahrt e.V. (DFVLR) te Keulen-Porz.

De Stuurgroep

9

De Stuurgroep bestaat uit twee vertegenwoordigers van elke Regering, van wie er één de als zodanig aangewezen stemgerechtigde is. De Stuurgroep komt ten minste tweemaal per jaar bijeen.

10

De vertegenwoordigers die zitting hebben in de Stuurgroep, zijn bevoegd het nationale standpunt inzake de op de taak van de Stuurgroep betrekking hebbende kwesties weer te geven.

11

Het voorzitterschap van de Stuurgroep wordt beurtelings door de officiële vertegenwoordiger van een der Regeringen bekleed voor een tijdvak van ongeveer een jaar, waarbij zoveel mogelijk het voor Fase 2.1 vastgestelde rooster wordt gevolgd.

12

De Stuurgroep schenkt nader aandacht aan de technische, financiële, economische, administratieve, wettelijke en politieke aspecten van de bouw en het gebruik van de voorgestelde windtunnel, zoals de beheersvormen, de financieringsmethode, de kostenverdelingen de kostenfasering, de totale hoeveelheid te verrichten werk, de rendabiliteit enz.

13

De Stuurgroep wordt bijgestaan door een permanent secretariaat en kan hulporganen ad hoc, naast de Projectgroep, in het leven roepen om zich bezig te houden met bijzondere aspecten van de werkzaamheden die krachtens dit MvO worden verricht.

14

De Stuurgroep onderneemt alle naar haar mening geëigende stappen om te komen tot een beslissing omtrent de bouw en de exploitatie van de windtunnel, in het bijzonder tot bevestiging van de geschiktheid van de windtunnel voor de behoeften van de gebruikers (met inbegrip van die met betrekking tot de toepassing van beveiligingsprocedures tijdens het gebruik) en onderzoekingen op het gebied van de kosten en baten.

15

De Stuurgroep is belast met de leiding van de gehele Fase van het Definitieve Ontwerp, met inbegrip van het goedkeuren van de procedure voor het kiezen en het sluiten van contracten met raadgevende ingenieursbureaus en andere bedrijven, zoals bedoeld in paragraaf 19, alsmede het geven van algemene richtlijnen aan de hulporganen, met inbegrip van de Projectgroep, binnen de in de paragrafen 22 t/m 29 vastgestelde financiële grenzen. De bovengenoemde taak van de Stuurgroep sluit tevens de volledige bevoegdheid in met betrekking tot de PETW die tijdens Fase 2.1 werd gebouwd.

16

De Stuurgroep doet aanbevelingen aan de Regeringen betreffende de voortzetting van de samenwerking in de daaropvolgende Fase 3 op de grondslag van de Grondbeginselen in de Bijlage. Een aanbeveling om met deze volgende Fase aan te vangen, dient tevens voorstellen voor de organisatie, de leiding en de financiering daarvan te bevatten.

17

Hoewel de krachtens dit MvO ingestelde Stuurgroep geen bevoegdheid met betrekking tot Fase 3 van het project bezit, is zij desondanks bevoegd tot onderhandelen met de bij Fase 2.2 betrokken gecontracteerde bedrijven over de basis waarop deze aan Fase 3 wensen deel te nemen, indien het project voortgang zou vinden. Voorwaardelijke overeenkomsten van deze aard, d.w.z. betrekking hebbend op Fase 3, worden slechts aangegaan, indien deze wenselijk lijken voor het versterken van de onderhandelingspositie van enig orgaan dat eventueel daarna wordt ingesteld om leiding te geven aan de bouw van de windtunnel.

18

De Stuurgroep neemt haar besluiten met eenparigheid van stemmen. Indien echter geen eenstemmigheid inzake een bepaalde kwestie kan worden verkregen, zijn alle leden verplicht al het mogelijke te doen om tot een oplossing te komen door middel van de normale onderhandelingsprocedure. Indien dan nog geen beslissing kan worden bereikt, verwijzen de leden van de Stuurgroep de kwestie onverwijld terug naar hun onderscheiden Regeringen.

Projectgroep

19

De Projectdirecteur wordt benoemd door de Stuurgroep. Hij leidt de Projectgroep en voert de aanwijzingen van de Stuurgroep uit overeenkomstig de door deze voorgeschreven procedures. De Projectgroep heeft onder andere tot taak:

20

Elk van de Regeringen stelt geschikte kandidaten voor de Projectgroep ter beschikking. De leden van de Projectgroep worden geworven en aangesteld overeenkomstig de door de Stuurgroep goedgekeurde procedures. De grootte, de kundigheden en de nationale samenstelling van de Projectgroep worden op voorstel van de Projectdirecteur vastgesteld door de Stuurgroep.

21

De leden van de Projectgroep zijn in het begin werkzaam in het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium (NLR) te Amsterdam. De Stuurgroep bezit echter de bevoegdheid te beslissen over de gehele of gedeeltelijke overplaatsing van de Projectgroep op een later tijdstip naar Keulen-Porz en te onderhandelen over de voorwaarden waarop dit zal geschieden.

Financiële en administratieve regelingen

22

Voor het uitvoeren van de in paragraaf 19 aangeduide taken verlenen de Regeringen machtiging tot het doen van de noodzakelijke uitgaven, tot een bedrag van ten hoogste DM 38,9 miljoen tegen het prijspeil van 1 januari 1984, plus een compensatie voor de inflatie. In onderstaande tabel is het begrotingsschema vermeld, behoudens herziening door de Stuurgroep:

1985 DM 0 miljoen
1986 DM 9,8 miljoen
1987 DM 22,2 miljoen
1988 DM 6,9 miljoen
23

De Regeringen stellen de in paragraaf 22 vermelde bedragen beschikbaar in de volgende verhoudingen:

Frankrijk 31%
Bondsrepubliek Duitsland 31%
Nederland 7%
Verenigd Koninkrijk 31%

Deze verdeling laat de verdeling van toekomstige middelen onverlet (o.a. in verband met de vestigingsplaats die voor de windtunnel is gekozen).

24

Deze bijdragen vormen het Gemeenschappelijke Fonds, waaruit de uit dit MvO voortvloeiende, in paragraaf 26 uitvoerig omschreven kosten worden bestreden.

25

Het Gemeenschappelijke Fonds wordt beheerd door het Agentschap (in het begin het NLR en later de DFVLR).

26

De volgende kosten komen ten laste van het Gemeenschappelijke Fonds:

27

De Projectgroep legt voor elk boekjaar (1 januari-31 december) de begroting ter goedkeuring voor aan de Stuurgroep.

28

De Stuurgroep streeft ernaar dat de uit dit MvO voortvloeiende en bij contract uitbestede werkzaamheden worden uitgevoerd door bedrijven uit de landen van de Regeringen en dat het onderscheiden werkaandeel van deze landen in overeenstemming is met de in paragraaf 23 genoemde verhoudingen.

29

De procedures voor de financiering en de financiële controle worden door middel van onderhandeling uitgewerkt en in voorschriften vastgelegd door de Stuurgroep en het Agentschap met inachtneming van de volgende richtlijnen:

Contractuele procedures

30

Tijdens de geldigheidsduur van dit MvO sluit het Agentschap contracten met ingenieursbureaus en andere partijen. Deze contracten worden ter goedkeuring voorgelegd aan de Stuurgroep, behalve in die gevallen waarin zulks in de in paragraaf 29 bedoelde procedures anderszins is vastgesteld. De voorwaarden van deze contracten worden overeengekomen met de Stuurgroep.

Informatie en rechten van de gebruiker

31

De Regeringen zijn zich ervan bewust dat gedurende de Fase van het Definitieve Ontwerp informatie ter beschikking komt uit de volgende bronnen:

32

De informatie uit de in paragraaf 31 a, b, c en d genoemde bronnen wordt ter kennis van de Regeringen gebracht en mag kosteloos worden gebruikt voor het doel van het programma in het kader van de Fase van het Definitieve Ontwerp, alsmede voor elke toekomstige ontwikkeling of constructie waartoe door de Regeringen besloten wordt als onderdeel van het programma, alsook voor elke toekomstige ontwikkeling of constructie waartoe door de Regeringen besloten wordt ten behoeve van hun nationale programma's.

De informatie wordt niet gebruikt voor andere doeleinden, noch ter kennis gebracht van derden zonder toestemming van degene van wie zij afkomstig is en/of van de Stuurgroep.

33

Informatie, afkomstig uit de in paragraaf 31 e genoemde bron, wordt in het algemeen op dezelfde wijze behandeld als informatie, afkomstig uit de in paragraaf 31 onder a, b, c en d genoemde bronnen, behalve in die gevallen waarin een overeenkomst bestaat die het gebruik van de verstrekte informatie voor buiten het project gelegen doeleinden beperkt.

34

Informatie, afkomstig uit de in paragraaf 31 f genoemde bron, mag worden gebruikt voor de doeleinden van het programma in het kader van de Fase van het Definitieve Ontwerp, alsmede voor elke toekomstige ontwikkeling of constructie waartoe door de Regeringen wordt besloten als onderdeel van het programma. Alle verdere gebruik is onderworpen aan de voorwaarden van de regelingen die door de Stuurgroep met de niet-deelnemende landen worden getroffen.

35

Bij de uitvoering van dit MvO is de op 19 oktober 1970 te Brussel gesloten „NATO Agreement on the Communication of Technical Information for Defence Purposes” (NAVO-Overeenkomst inzake de verstrekking van technische informatie voor defensiedoeleinden) van toepassing.

36

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.