Internationaal Verdrag inzake de beperking van schadelijke aangroeiwerende verfsystemen op schepen
De Partijen bij dit Verdrag,
Gelet op het feit dat wetenschappelijke studies en onderzoeken door regeringen en bevoegde internationale organisaties hebben aangetoond dat bepaalde aangroeiwerende verfsystemen die op schepen worden gebruikt een aanmerkelijk risico van toxiciteit en andere blijvende gevolgen voor ecologisch en economisch belangrijke mariene organismen vormen en tevens dat de gezondheid van de mens kan worden geschaad als gevolg van de consumptie van besmette eetbare zeedieren,
In het bijzonder gelet op de ernstige bezorgdheid betreffende aangroeiwerende verfsystemen waarin organische tinverbindingen als biociden worden gebruikt en ervan overtuigd dat het in het milieu brengen van dergelijke organische tinverbindingen geleidelijk moet worden uitgebannen,
In herinnering roepend dat Hoofdstuk 17 van Agenda 21, aangenomen door de VN-Conferentie inzake Milieu en Ontwikkeling, 1992, een oproep doet aan Staten om maatregelen te nemen teneinde de verontreiniging door organische tinverbindingen die in aangroeiwerende verfsystemen worden gebruikt te verminderen,
Eveneens in herinnering roepend dat de door de Algemene Vergadering van de Internationale Maritieme Organisatie op 25 november 1999aangenomen resolutie A.895(21) de Mariene Milieu Commissie (MEPC) van de Organisatie aanspoort voortvarend de ontwikkeling ter hand te nemen van een mondiaal wettelijk bindend instrument teneinde de schadelijke gevolgen van aangroeiwerende verfsystemen met spoed aan te pakken,
Indachtig de in Beginsel 15 van de Verklaring van Rio inzake Milieu en Ontwikkeling bedoelde voorzorgsbenadering waarnaar eveneens in de door MEPC op 15 september 1995 aangenomen Resolutie MEPC.67(37) wordt verwezen,
Erkennend het belang van de bescherming van het mariene milieu en de gezondheid van de mens tegen de nadelige effecten van aangroeiwerende verfsystemen,
Eveneens erkennend dat het gebruik van aangroeiwerende verfsystemen ter voorkoming van de aanhechting van organismen op de huid van schepen van het hoogste belang is voor een doeltreffende handel en scheepvaart en ter voorkoming van de verspreiding van schadelijke aquatische organismen en pathogene stoffen,
Voorts erkennend de noodzaak de ontwikkeling van aangroeiwerende verfsystemen die doeltreffend en veilig voor het milieu zijn, voort te zetten en de vervanging van schadelijke systemen door minder schadelijke systemen of bij voorkeur onschadelijke systemen te bevorderen,
Zijn het volgende overeengekomen:
Artikel 1. Algemene verplichtingen
Elke Partij bij dit Verdrag verplicht zich ertoe de bepalingen ervan volledig ten uitvoer te leggen teneinde de nadelige gevolgen voor het mariene milieu en de gezondheid van de mens, veroorzaakt door aangroeiwerende verfsystemen, te verminderen of uit te bannen.
De Bijlagen vormen een integrerend deel van dit Verdrag. Tenzij uitdrukkelijk anders wordt bepaald, behelst een verwijzing naar dit Verdrag tegelijkertijd een verwijzing naar de Bijlagen ervan.
Geen enkele bepaling van dit Verdrag mag zodanig worden uitgelegd dat een Staat zou worden belet individueel of met andere Staten ingrijpender maatregelen te treffen ten aanzien van de vermindering of uitbanning van de nadelige gevolgen van aangroeiwerende verfsystemen voor het milieu, in overeenstemming met het internationale recht.
De Partijen streven naar samenwerking ten behoeve van de doeltreffende uitvoering, naleving en handhaving van dit Verdrag.
De Partijen verplichten zich ertoe de voortdurende ontwikkeling van doeltreffende en voor het milieu veilige aangroeiwerende verfsystemen aan te moedigen.
Artikel 2. Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van dit Verdrag wordt, tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald, verstaan onder:
-
- ,,Administratie’’, de Regering van de Staat aan wiens gezag het schip is onderworpen. Wat betreft schepen die gerechtigd zijn de vlag van een Staat te voeren, is ,,Administratie’’ de Regering van die Staat. Wat betreft vaste of drijvende platforms bestemd voor de exploratie en exploitatie van de zeebodem en de ondergrond daarvan, grenzend aan de kust, waarover de kuststaat soevereine rechten uitoefent ten behoeve van de exploratie en exploitatie van hun natuurlijke rijkdommen, is de ,,Administratie’’ de Regering van de betrokken kuststaat.
-
- ,,Aangroeiwerende verfsystemen’’, een coating, verf, oppervlaktebehandeling die, oppervlak of mechanisme dat op een schip wordt gebruikt voor de beheersing of voorkoming van de aanhechting van ongewenste organismen.
-
- ,,Commissie’’, de Commissie voor de Bescherming van het Mariene Milieu van de Organisatie.
-
- ,,Brutotonnage’’, de brutotonnage berekend in overeenstemming met de voorschriften inzake tonnagemetingen vervat in Bijlage 1 van het Internationaal Verdrag van 1969 betreffende de meting van schepen, of elk opvolgend verdrag.
-
- ,,Internationale reis’’, een reis met een schip dat bevoegd is de vlag te voeren van de ene Staat naar of van een haven, scheepswerf of offshore terminal onder de rechtsmacht van een andere Staat.
-
- ,,Lengte’’, de lengte zoals omschreven in het Internationaal Verdrag betreffende de uitwatering van schepen, zoals gewijzigd bij het Protocol van 1988 daarbij, of elk opvolgend verdrag.
-
- ,,Organisatie’’, de Internationale Maritieme Organisatie.
-
- ,,Secretaris-Generaal’’, de Secretaris-Generaal van de Organisatie.
-
- ,,Schip’’, elk vaartuig van welk type ook, dat in het mariene milieu opereert, waaronder begrepen: draagvleugelboten, luchtkussenvaartuigen, onderwatervaartuigen, vaartuigen in drijvende toestand, vaste of drijvende platforms, drijvende inrichtingen voor opslag (FSU’s) en drijvende inrichtingen voor productie, opslag en lossen (FPSO’s).
-
- ,,Technische werkgroep’’, een lichaam bestaande uit vertegenwoordigers van de Partijen, de Leden van de Organisatie, de Verenigde Naties en de Gespecialiseerde Organisaties daarvan, de intergouvernementele organisaties die overeenkomsten hebben met de Organisatie, en de niet-gouvernementele organisaties die in consultatieve verhouding tot de Organisatie staan, waarin bij voorkeur vertegenwoordigers van instanties en laboratoria zitting hebben die zich bezighouden met het analyseren van aangroeiwerende verfsystemen. Deze vertegenwoordigers dienen deskundig te zijn op het gebied van afbraak en uitwerkingen in het milieu, toxicologische gevolgen, mariene biologie, gezondheid van de mens, economische analyse, risicomanagement, internationale scheepvaart, bij aangroeiwerende verfsystemen gebruikte coating-technologie of andere gebieden van deskundigheid benodigd voor de objectieve beoordeling van de technische aspecten van een definitief voorstel.
Artikel 3. Toepassing
Tenzij in dit Verdrag anders wordt bepaald, is dit Verdrag van toepassing op:
- a. schepen die bevoegd zijn de vlag van een Partij te voeren;
- b. schepen die niet bevoegd zijn de vlag van een Partij te voeren, maar die worden geëxploiteerd onder het gezag van een Partij; en
- c. schepen die een haven, scheepswerf of offshore terminal van een Partij binnenkomen, maar die niet onder letter a of b vallen.
Dit Verdrag is niet van toepassing op oorlogsschepen, schepen in gebruik als marine-hulpschepen of andere schepen in eigendom van of in beheer bij een Partij ten tijde dat zij uitsluitend worden ingezet voor niet-commerciële overheidsdienst. Elke Partij waarborgt evenwel, door het nemen van passende maatregelen die de werkzaamheden of de operationele kwaliteiten van dergelijke schepen in haar eigendom of beheer niet aantasten, dat dergelijke schepen, voorzover redelijk en uitvoerbaar, opereren in overeenstemming met dit Verdrag.
Ten aanzien van de schepen van niet-Partijen bij dit Verdrag, passen de Partijen de vereisten van dit Verdrag waar nodig toe teneinde te waarborgen dat dergelijke schepen geen meer begunstigde behandeling wordt gegeven.
Artikel 4. Beperkende maatregelen voor aangroeiwerende verfsystemen
In overeenstemming met de in Bijlage 1 vervatte vereisten verbiedt en/of beperkt elke Partij:
- a. de aanbrenging, hernieuwde aanbrenging, installatie of het gebruik van schadelijke aangroeiwerende verfsystemen op de in artikel 3, eerste lid, letter a of b, bedoelde schepen; en
- b. de aanbrenging, hernieuwde aanbrenging, installatie of het gebruik van dergelijke systemen op de in artikel 3, eerste lid, letter c, bedoelde schepen, terwijl deze zich bevinden in een haven, scheepswerf of offshore terminal van een Partij,
en neemt zij doeltreffende maatregelen om te waarborgen dat deze schepen aan die vereisten voldoen.
Schepen die zijn voorzien van een aangroeiwerend verfsysteem dat wordt gecontroleerd door middel van een wijziging van Bijlage 1 na de inwerkingtreding van dit Verdrag, mogen dat verfsysteem behouden tot de volgende geplande vernieuwing van dat verfsysteem, maar in geen geval gedurende een tijdvak van meer dan zestig maanden na de aanbrenging ervan, tenzij de Commissie besluit dat uitzonderlijke omstandigheden aanwezig zijn die eerdere uitvoering van de beperkende maatregelen rechtvaardigen.
Artikel 5. Beperkende maatregelen voor de in Bijlage 1 genoemde afvalstoffen
Met inachtneming van de internationale regels, normen en vereisten treft een Partij alle passende maatregelen op haar grondgebied om te vereisen dat afvalstoffen afkomstig van de aanbrenging of verwijdering van een aangroeiwerend verfsysteem dat op grond van Bijlage 1 wordt gecontroleerd, worden ingezameld, vervoerd, behandeld en afgevoerd op een veilige en milieuvriendelijke wijze teneinde de gezondheid van de mens en het milieu te beschermen.
Artikel 6. Procedure voor het voorstellen van wijzigingen van beperkende maatregelen voor aangroeiwerende verfsystemen
Elke Partij kan overeenkomstig dit artikel een voorstel tot wijziging van Bijlage 1 indienen.
Een voorlopig voorstel bevat de in Bijlage 2 verlangde informatie en wordt bij de Organisatie ingediend. Wanneer de Organisatie een voorstel ontvangt, brengt zij het voorstel onder de aandacht van de Partijen, de Leden van de Organisatie, de Verenigde Naties en de Gespecialiseerde Organisaties daarvan, de intergouvernementele organisaties die overeenkomsten met de Organisatie hebben en de niet-gouvernementele organisaties die in consultatieve verhouding tot de Organisatie staan, en stelt dit aan hen ter beschikking.
De Commissie beslist of het desbetreffende aangroeiwerende verfsysteem aanleiding geeft tot een diepgaandere beoordeling gebaseerd op het voorlopig voorstel. Indien de Commissie besluit dat verdere beoordeling gerechtvaardigd is, verzoekt zij de Partij die het voorstel doet aan de Commissie een definitief voorstel te doen dat de in Bijlage 3 verlangde informatie bevat, behoudens wanneer het voorlopig voorstel eveneens alle in Bijlage 3 verlangde informatie bevat. Wanneer de Commissie van oordeel is dat aanzienlijke of onherstelbare schade dreigt, is een gebrek aan volledige wetenschappelijke zekerheid geen reden om een besluit tot de evaluatie van het voorstel over te gaan, te verhinderen. De Commissie stelt overeenkomstig artikel 7 een technische werkgroep in.
De technische werkgroep beoordeelt het definitief voorstel tezamen met eventuele aanvullende gegevens die worden ingediend door enige belanghebbende entiteit en beoordeelt en rapporteert aan de Commissie of het voorstel mogelijk onredelijke risico’s of nadelige gevolgen heeft aangetoond voor organismen die niet worden geweerd of voor de gezondheid van de mens, zodat de wijziging van Bijlage 1 is gerechtvaardigd. In dit verband geldt het volgende:
- a. De beoordeling van de technische werkgroep omvat:
- i. een evaluatie van het verband tussen het betrokken aangroeiwerende verfsysteem en de waargenomen gerelateerde nadelige gevolgen voor het milieu of voor de gezondheid van de mens, met inbegrip van, doch niet beperkt tot, de consumptie van besmette eetbare zeedieren of gecontroleerde studies op basis van de in Bijlage 3 beschreven gegevens en alle andere relevante gegevens die bekend worden;
- ii. een evaluatie van de potentiële risicobeperking die aan de voorgestelde beperkende maatregelen is toe te schrijven en alle andere beperkende maatregelen die door de technische werkgroep in overweging kunnen worden genomen;
- iii. bestudering van beschikbare informatie betreffende de technische haalbaarheid van beperkende maatregelen en de kosteneffectiviteit van het voorstel;
- iv. bestudering van beschikbare informatie betreffende andere gevolgen van de invoering van deze beperkende maatregelen met betrekking tot:
- het milieu (met inbegrip van, doch niet beperkt tot, de kosten indien niet wordt ingegrepen en de gevolgen voor de luchtkwaliteit);
- gezondheid en veiligheid op scheepswerven (gevolgen voor werknemers op scheepswerven);
- de kosten voor de internationale scheepvaart en andere betrokken sectoren; en
- v. bestudering van de beschikbaarheid van passende alternatieven, met inbegrip van de bestudering van de mogelijke risico’s van alternatieven.
- b. Het rapport van de technische werkgroep is schriftelijk en bevat elk van de in een letter a bedoelde evaluaties en studies, met dien verstande dat de technische werkgroep kan besluiten de evaluaties en studies bedoeld in letter a, ii, tot en met a, v, niet voort te zetten, indien zij na de evaluatie bedoeld in letter a, i, vaststelt dat het voorstel verdere bestudering niet rechtvaardigt.
- c. Het rapport van de technische werkgroep omvat, onder andere, een aanbeveling of internationale beperkende maatregelen voor het betrokken aangroeiwerende verfsysteem uit hoofde van dit Verdrag gerechtvaardigd zijn voor de geschiktheid van de in het definitief voorstel aangevoerde specifieke beperkende maatregelen of voor andere beperkende maatregelen die zij passender acht.
Het rapport van de technische werkgroep wordt, voorafgaand aan de bestudering door de Commissie, verspreid onder de Partijen, de Leden van de Organisatie, de Verenigde Naties en de Gespecialiseerde Organisaties daarvan, de intergouvernementele organisaties die overeenkomsten met de Organisatie hebben en de niet-gouvernementele organisaties die in consultatieve verhouding tot de Organisatie staan. De Commissie besluit of zij een voorstel tot wijziging van Bijlage 1, en eventuele wijzigingen daarvan, goedkeurt, waar dienstig met inachtneming van het rapport van de technische werkgroep. Indien uit het rapport een gevaar van aanzienlijke of onherstelbare schade blijkt, is gebrek aan volledige wetenschappelijke zekerheid op zichzelf niet worden aangewend geen reden om een besluit tot het opnemen van een aangroeiwerend verfsysteem in Bijlage 1, te beletten. De voorgestelde wijzigingen van Bijlage 1 worden, indien deze worden goedgekeurd door de Commissie, in overeenstemming met artikel 16, tweede lid, letter a, verspreid. Een besluit om het voorstel niet goed te keuren vormt geen beletsel voor toekomstige indiening van een nieuw voorstel ten aanzien van een bepaald aangroeiwerend verfsysteem indien nieuwe informatie bekend wordt.
Alleen Partijen kunnen deelnemen aan door de Commissie te nemen besluiten bedoeld in het derde en vijfde lid.
Artikel 7. Technische werkgroepen
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.