Statuut van het Internationaal Agentschap voor hernieuwbare energie (IRENA)
De partijen bij dit Statuut,
geleid door de wens de grootschalige en verdere invoering en het gebruik van hernieuwbare energie te bevorderen met het oog op duurzame ontwikkeling,
geleid door hun vaste vertrouwen in de grote mogelijkheden die hernieuwbare energie biedt bij het aanpakken en geleidelijk verminderen van de problemen van energiezekerheid en sterk fluctuerende energieprijzen,
ervan overtuigd dat hernieuwbare energie een belangrijke rol kan spelen bij het verlagen van concentraties broeikasgassen in de atmosfeer, waarmee wordt bijgedragen aan de stabilisering van het klimaatsysteem en een duurzame, zekere en soepele overgang naar een koolstofarme economie mogelijk wordt gemaakt,
geleid door de wens het positieve effect dat technologieën voor hernieuwbare energie kunnen hebben op het stimuleren van duurzame economische groei en het scheppen van werkgelegenheid, te bevorderen,
aangespoord door de grote mogelijkheden die hernieuwbare energie biedt bij het bewerkstelligen van gedecentraliseerde toegang tot energie, met name in ontwikkelingslanden, en toegang tot energie voor geïsoleerde en afgelegen regio's en eilanden,
bezorgd over de ernstige negatieve gevolgen die het gebruik van fossiele brandstoffen en het ondoelmatige gebruik van traditionele biomassa kunnen hebben voor de gezondheid,
ervan overtuigd dat hernieuwbare energie, in combinatie met verbeterde energie-efficiëntie, steeds beter zal kunnen voldoen aan de in de komende decennia naar verwachting sterk toenemende wereldwijde energiebehoefte.
de wens bevestigend een internationale organisatie voor hernieuwbare energie op te richten die de samenwerking tussen haar leden vergemakkelijkt en tevens nauwe samenwerking opbouwt met bestaande organisaties die het gebruik van hernieuwbare energie bevorderen,
zijn het volgende overeengekomen:
Artikel I. Oprichting van het Agentschap
A. De partijen bij dit Statuut richten hierbij het Internationaal Agentschap voor hernieuwbare energie op (hierna te noemen „het Agentschap”) in overeenstemming met de volgende voorwaarden en bepalingen.
B. Het Agentschap is gebaseerd op het beginsel van gelijkheid van al zijn leden en neemt bij de uitvoering van zijn werkzaamheden de soevereine rechten en bevoegdheden van zijn leden zorgvuldig in acht.
Artikel II. Doelstellingen
Het Agentschap bevordert de grootschalige en verdere invoering en het duurzame gebruik van alle vormen van hernieuwbare energie, en houdt daarbij rekening met:
- a. nationale en binnenlandse prioriteiten en voordelen die worden behaald dankzij een combinatie van hernieuwbare energie en maatregelen om de energie-efficiëntie te vergroten, en
- b. de bijdrage die hernieuwbare energie levert aan milieubehoud, door vermindering van de druk op natuurlijke hulpbronnen en het terugdringen van ontbossing, met name de ontbossing in de tropen, woestijnvorming en het verlies van biodiversiteit, aan klimaatbescherming, aan economische groei en sociale cohesie met inbegrip van armoedebestrijding en duurzame ontwikkeling, aan toegang tot en zekerheid van energievoorziening, aan regionale ontwikkeling en aan de verantwoordelijkheid die de generaties jegens elkaar hebben.
Artikel III. Begripsomschrijving
Onder „hernieuwbare energie” worden in dit Statuut verstaan alle vormen van energie die op duurzame wijze worden opgewekt uit hernieuwbare bronnen, waaronder:
-
- bio-energie;
-
- geothermische energie;
-
- waterkracht;
-
- energie uit de zee, waaronder getijenergie, golfenergie en thermische energie uit de oceanen;
-
- zonne-energie; en
-
- windenergie.
Artikel IV. Werkzaamheden
A. Als kenniscentrum op het gebied van technologie voor hernieuwbare energie en als facilitator en katalysator, waarbij ervaring ter beschikking wordt gesteld ten behoeve van praktische toepassingen en beleid, ondersteuning wordt geboden bij alle aangelegenheden die betrekking hebben op hernieuwbare energie en landen hulp wordt geboden om profijt te trekken uit de doelmatige ontwikkeling en overdracht van kennis en technologie, voert het Agentschap de volgende werkzaamheden uit:
-
- Het Agentschap houdt zich, met name ten behoeve van zijn leden, met het volgende bezig:
- a. het analyseren, volgen en, zonder verplichtingen te creëren voor het beleid van de leden, systematiseren van huidige praktijken op het gebied van hernieuwbare energie, met inbegrip van beleidsinstrumenten, stimulansen, investeringsmechanismen, beste praktijken, beschikbare technologieën, geïntegreerde systemen en apparatuur, en succes-/faalfactoren;
- b. het initiëren van debat en waarborgen van interactie met andere gouvernementele en niet-gouvernementele organisaties en netwerken op dit terrein en andere relevante terreinen;
- c. het bieden van relevant beleidsadvies en ondersteuning aan zijn leden op hun verzoek, rekening houdend met hun onderscheiden behoeften, en het bevorderen van het internationale debat over het hernieuwbare-energiebeleid en de randvoorwaarden daarvan;
- d. het verbeteren van de overdracht van relevante kennis en technologie en het bevorderen van lokale capaciteiten en competenties in lidstaten met inbegrip van de nodige onderlinge contacten;
- e. het aanbieden van capaciteitsopbouw, met inbegrip van training en onderwijs, aan zijn leden;
- f. het verstrekken aan zijn leden, op hun verzoek, van advies inzake de financiering van hernieuwbare energie en het ondersteunen van de toepassing van gerelateerde mechanismen;
- g. het bevorderen en aanmoedigen van onderzoek, onder meer naar sociaaleconomische kwesties, en het bevorderen van onderzoeksnetwerken, gezamenlijk onderzoek, ontwikkeling en inzet van technologieën; en
- h. het verschaffen van informatie over de ontwikkeling en het gebruik van nationale en internationale technische normen met betrekking tot hernieuwbare energie, gebaseerd op grondige kennis verworven door actieve deelname aan de relevante fora.
-
- Het Agentschap verspreidt daarnaast informatie en maakt het publiek bewuster van de voordelen en mogelijkheden van hernieuwbare energie.
B. Bij het uitoefenen van zijn werkzaamheden:
-
- handelt het Agentschap in overeenstemming met de doelstellingen en beginselen van de Verenigde Naties om de vrede en internationale samenwerking te bevorderen, en in overeenstemming met het beleid van de Verenigde Naties dat duurzame ontwikkeling stimuleert;
-
- wijst het Agentschap zijn middelen zodanig toe dat het doelmatige gebruik ervan gewaarborgd wordt teneinde al zijn doelstellingen op passende wijze te verwezenlijken en zijn werkzaamheden zodanig uit te voeren dat deze het grootst mogelijke voordeel opleveren voor zijn leden en in alle delen van de wereld, met inachtneming van de bijzondere behoeften van ontwikkelingslanden en afgelegen en geïsoleerde regio's en eilanden;
-
- werkt het Agentschap nauw samen en streeft het naar betrekkingen met bestaande instellingen en organisaties die wederzijds voordeel opleveren teneinde onnodig dubbel werk te voorkomen en voort te bouwen op en op doelmatige en doeltreffende wijze gebruik te maken van hulpbronnen en lopende activiteiten van regeringen, overige organisaties en agentschappen die zich inzetten om hernieuwbare energie te bevorderen.
C. Het Agentschap:
-
- legt zijn leden een jaarverslag inzake zijn werkzaamheden voor;
-
- stelt zijn leden in kennis van zijn beleidsadvies na het verstrekken daarvan; en
-
- stelt zijn leden in kennis van de raadpleging van en samenwerking met bestaande internationale organisaties die op dit terrein werkzaam zijn en van het door hen uitgevoerde werk.
Artikel V. Werkprogramma en projecten
A. Het Agentschap verricht zijn werkzaamheden op basis van het jaarlijkse werkprogramma dat door het Secretariaat wordt opgesteld, door de Raad wordt bestudeerd en door de Vergadering wordt aangenomen.
B. Het Agentschap kan, naast zijn werkprogramma, na raadpleging van zijn leden en, in geval van onenigheid, na goedkeuring door de Vergadering, projecten uitvoeren die door leden worden geïnitieerd en gefinancierd, onder voorbehoud van de beschikbaarheid van niet-financiële middelen van het Agentschap.
Artikel VI. Lidmaatschap
A. Het lidmaatschap staat open voor de staten die lid zijn van de Verenigde Naties en voor regionale intergouvernementele organisaties voor economische integratie die bereid zijn en in staat zijn te handelen in overeenstemming met de in dit Statuut vervatte doelstellingen en werkzaamheden. Om in aanmerking te komen voor het lidmaatschap van het Agentschap dient een regionale intergouvernementele organisatie voor economische integratie te zijn opgericht door soevereine staten, waarvan er ten minste een lid is van het Agentschap, en dienen haar lidstaten er bevoegdheden aan te hebben overgedragen ter zake van ten minste een van de aangelegenheden binnen het kader van het Agentschap.
B. Dergelijke staten en regionale intergouvernementele organisaties voor economische integratie worden:
-
- oorspronkelijke leden van het Agentschap na ondertekening van dit Statuut en nederlegging van een akte van bekrachtiging;
-
- overige leden van het Agentschap na nederlegging van een akte van toetreding nadat hun verzoek om lidmaatschap is goedgekeurd. Het lidmaatschap wordt als goedgekeurd beschouwd indien drie maanden nadat het verzoek naar de leden is verzonden geen bezwaar is aangetekend. In geval van bezwaar neemt de Vergadering een besluit over het verzoek in overeenstemming met artikel IX, lid H, onderdeel 1.
C. In het geval van een regionale intergouvernementele organisatie voor economische integratie beslissen de organisatie en haar lidstaten over hun onderscheiden verantwoordelijkheden ten aanzien van de nakoming van hun verplichtingen uit hoofde van dit Statuut. De organisatie en haar lidstaten zijn niet gerechtigd gelijktijdig de uit dit Statuut voortvloeiende rechten, met inbegrip van stemrechten, uit te oefenen. In hun akten van bekrachtiging of toetreding geven de bovenbedoelde organisaties de reikwijdte van hun bevoegdheden ter zake van door dit Statuut geregelde aangelegenheden aan. Deze organisaties doen de regering die depositaris is tevens mededeling van iedere relevante verandering in de reikwijdte van hun bevoegdheden. Bij een stemming over aangelegenheden die binnen hun bevoegdheden liggen, stemmen de regionale intergouvernementele organisaties voor economische integratie met het aantal stemmen dat gelijk is aan het totaal van de stemmen dat is toegekend aan hun lidstaten die tevens lid van dit Agentschap zijn.
Artikel VII. Waarnemers
A. De Vergadering kan de status van waarnemer toekennen aan:
-
- intergouvernementele en niet-gouvernementele organisaties die actief zijn op het gebied van hernieuwbare energie;
-
- ondertekenaars die het Statuut niet hebben bekrachtigd; en
-
- aanvragers van het lidmaatschap wier verzoek om lidmaatschap is goedgekeurd in overeenstemming met artikel VI, lid B, onderdeel 2.
B. Waarnemers kunnen zonder stemrecht deelnemen aan de openbare zittingen van de Vergadering en haar hulporganen.
Artikel VIII. Organen
A. Hierbij worden als de hoofdorganen van het Agentschap ingesteld:
-
- de Vergadering;
-
- de Raad; en
-
- het Secretariaat.
B. De Vergadering en de Raad kunnen, op voorwaarde van goedkeuring door de Vergadering, de hulporganen oprichten die zij nodig achten voor de uitoefening van hun taken overeenkomstig dit Statuut.
Artikel IX. De Vergadering
-
- De Vergadering is het hoogste orgaan van het Agentschap.
-
- De Vergadering kan alle aangelegenheden bespreken die binnen de reikwijdte van dit Statuut vallen of betrekking hebben op de bevoegdheden en taken van elk van de in dit Statuut voorziene organen.
-
- De Vergadering kan ter zake van elk van deze aangelegenheden:
- a. besluiten nemen en aanbevelingen doen aan elk van deze organen; en
- b. aanbevelingen doen aan de leden van het Agentschap, op hun verzoek.
-
- De Vergadering heeft daarnaast de bevoegdheid voorstellen te doen ter bestudering door de Raad en de Raad alsmede het Secretariaat om verslagen te verzoeken ter zake van elke aangelegenheid die het functioneren van het Agentschap betreft.
B. De Vergadering is samengesteld uit alle leden van het Agentschap. De Vergadering komt in gewone zittingen bijeen, die jaarlijks worden gehouden tenzij de Vergadering anders besluit.
C. Elk lid heeft een vertegenwoordiger in de Vergadering. Vertegenwoordigers kunnen vergezeld worden door plaatsvervangers en adviseurs. De kosten van deelname van een afvaardiging worden gedragen door het desbetreffende lid.
D. De zittingen van de Vergadering worden gehouden ter plaatse van de zetel van het Agentschap, tenzij de Vergadering anders besluit.
E. Bij aanvang van elke gewone zitting kiest de Vergadering een voorzitter en de andere functionarissen die nodig kunnen zijn, rekening houdend met een billijke geografische vertegenwoordiging. Zij blijven in functie tot een nieuwe voorzitter en andere functionarissen worden gekozen tijdens de volgende gewone zitting. De Vergadering stelt haar reglement van orde vast in overeenstemming met dit Statuut.
F. Met inachtneming van artikel VI, lid C, heeft elk lid van het Agentschap een stem in de Vergadering. De Vergadering neemt besluiten omtrent procedurele kwesties met een gewone meerderheid van de aanwezige leden die hun stem uitbrengen. Besluiten omtrent inhoudelijke aangelegenheden worden bij consensus genomen door de aanwezige leden. Indien geen consensus kan worden bereikt, wordt deze geacht te zijn bereikt indien ten hoogste twee leden bezwaar maken, tenzij in het Statuut anders is bepaald. Wanneer de vraag rijst of een aangelegenheid inhoudelijk is of niet, wordt deze als een inhoudelijke aangelegenheid behandeld, tenzij de Vergadering anders besluit bij consensus van de aanwezige leden. Indien geen consensus kan worden bereikt, wordt deze geacht te zijn bereikt indien ten hoogste twee leden bezwaar maken. Een meerderheid van de leden van het Agentschap vormt het quorum voor de Vergadering.
G. De Vergadering, bij consensus van de aanwezige leden:
-
- kiest de leden van de Raad;
-
- neemt tijdens haar gewone zittingen de door de Raad voorgelegde begroting en het werkprogramma van het Agentschap aan en heeft de bevoegdheid besluiten te nemen over wijzigingen van de begroting en het werkprogramma van het Agentschap;
-
- neemt besluiten met betrekking tot het toezicht op het financiële beleid van het Agentschap, de financiële regels en overige financiële aangelegenheden en kiest de accountant;
-
- keurt wijzigingen van dit Statuut goed;
-
- beslist over de instelling van hulporganen en keurt hun mandaat goed; en
-
- beslist over toestemming om stemrecht uit te oefenen in overeenstemming met artikel XVII, lid A.
H. De Vergadering, bij consensus van de aanwezige leden, die, indien geen consensus kan worden bereikt, geacht wordt te zijn bereikt indien ten hoogste twee leden bezwaar maken:
-
- beslist, indien nodig, over verzoeken om lidmaatschap;
-
- keurt het reglement van orde van de Vergadering en van de Raad goed, die door laatstgenoemde worden voorgelegd;
-
- neemt het jaarverslag alsmede andere verslagen aan;
-
- verleent goedkeuring aan het sluiten van overeenkomsten ter zake van vraagstukken, aangelegenheden of kwesties die binnen de reikwijdte van dit Statuut vallen; en
-
- beslist, in geval van onenigheid tussen haar leden, over aanvullende projecten in overeenstemming met artikel V, lid B.
I. De Vergadering stelt de zetel van het Agentschap vast en wijst de Directeur-Generaal van het Secretariaat (hierna te noemen „Directeur-Generaal”) aan bij consensus van de aanwezige leden, of, indien geen consensus kan worden bereikt, met een tweederdemeerderheid van de aanwezige leden die hun stem uitbrengen.
J. Tijdens haar eerste zitting bestudeert de Vergadering en verleent zij goedkeuring aan, naar gelang wat van toepassing is, alle besluiten, conceptovereenkomsten, bepalingen en richtlijnen die door de Voorbereidende Commissie zijn opgesteld, in overeenstemming met de stemprocedures voor de desbetreffende kwestie zoals vervat in artikel IX, leden F tot en met I.
Artikel X. De Raad
A. De Raad bestaat uit ten minste 11 en ten hoogste 21 vertegenwoordigers van de leden van het Agentschap, gekozen door de Vergadering. Het concrete aantal vertegenwoordigers tussen 11 en 21 correspondeert met het naar boven afgeronde equivalent van een derde van de leden van het Agentschap dat wordt berekend op basis van het aantal leden van het Agentschap bij aanvang van de desbetreffende verkiezing voor leden van de Raad. De leden van de Raad worden bij toerbeurt gekozen zoals vervat in het reglement van orde van de Vergadering, teneinde de effectieve deelname van ontwikkelingslanden en ontwikkelde landen te waarborgen en een eerlijke en billijke geografische verdeling en doelmatige aanpak van het werk van de Raad te bewerkstelligen. De leden van de Raad worden gekozen voor een termijn van twee jaar.
B. De Raad komt halfjaarlijks bijeen en zijn vergaderingen vinden plaats op de zetel van het Agentschap, tenzij de Raad anders besluit.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.