Verdrag inzake het vergemakkelijken van het internationale verkeer ter zee
De Verdragsluitende Regeringen:
Verlangend het verkeer ter zee te vergemakkelijken door de met de aankomst, het verblijf en het vertrek van schepen die internationale reizen maken, samenhangende formaliteiten, vereiste documenten en procedures te vereenvoudigen en tot een minimum te beperken;
Zijn het volgende overeengekomen:
Artikel I
De Verdragsluitende Regeringen nemen de verplichting op zich overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag en de daarbij behorende Bijlage, alle passende maatregelen te nemen om het internationale verkeer ter zee te vergemakkelijken en te bespoedigen, en om onnodige vertragingen voor de schepen en de zich aan boord daarvan bevindende personen en goederen te voorkomen.
Artikel II
De Verdragsluitende Regeringen nemen de verplichting op zich, overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag, samen te werken bij het opstellen en uitvoeren van maatregelen voor het vergemakkelijken van de aankomst, het verblijf en het vertrek van schepen. Deze maatregelen mogen, voor zover ook maar enigszins mogelijk, niet minder gunstig zijn dan maatregelen die van toepassing zijn ten aanzien van andere internationale middelen van vervoer; wel kunnen zij, ten gevolge van bijzondere eisen, van die maatregelen verschillen.
De maatregelen voor het vergemakkelijken van het internationale verkeer ter zee voorzien in dit Verdrag en de daarbij behorende Bijlage zijn zowel van toepassing op schepen van kuststaten als op die van andere dan kuststaten, voor zover de Regeringen van die landen Partij zijn bij dit Verdrag.
De bepalingen van dit Verdrag zijn niet van toepassing op oorlogsschepen of plezierjachten.
Artikel III
De Verdragsluitende Regeringen nemen de verplichting op zich samen te werken bij het tot stand brengen van een zo groot mogelijke uniformiteit in de formaliteiten, vereiste documenten en procedures in alle aangelegenheden waarbij deze uniformiteit leidt tot vergemakkelijking en verbetering van het internationale verkeer ter zee, alsmede tot een zo groot mogelijke beperking van eventuele wijzigingen in formaliteiten, vereiste documenten en procedures die nodig zijn om aan bijzondere eisen van binnenlandse aard te kunnen voldoen.
Artikel IV
Teneinde de in de voorgaande artikelen van dit Verdrag vervatte doeleinden te verwezenlijken, nemen de Verdragsluitende Regeringen de verplichting op zich, hetzij onderling, hetzij door tussenkomst van de Intergouvernementele Maritieme Consultatieve Organisatie1)De naam van de Organisatie is veranderd in „Internationale Maritieme Organisatie” uit hoofde van wijzigingen van het Verdrag van de Organisatie die op 22 mei 1982 in werking zijn getreden.(hierna te noemen de „Organisatie”), samen te werken in aangelegenheden betrekking hebbende op formaliteiten, vereiste documenten en procedures, alsmede de toepassing daarvan op het internationale verkeer ter zee.
Artikel V
Geen bepaling van dit Verdrag of de daarbij behorende Bijlage mag worden uitgelegd als zijnde een beletsel voor verdergaande faciliteiten die een Verdragsluitende Regering krachtens haar nationale wet of de bepalingen van enige andere internationale overeenkomst met betrekking tot het internationale verkeer ter zee verleent of in de toekomst kan verlenen.
Geen bepaling van dit Verdrag of de daarbij behorende Bijlage mag worden uitgelegd als zijnde een belemmering voor een Verdragsluitende Regering tijdelijke maatregelen toe te passen, die door die Regering noodzakelijk worden geoordeeld ter handhaving van de openbare zeden, orde en veiligheid of ter voorkoming van het binnendringen of van de verbreiding van ziekten of plagen die schadelijk zijn voor de volksgezondheid, voor dieren of voor planten.
Alle aangelegenheden waarin dit Verdrag niet uitdrukkelijk voorziet blijven onderworpen aan de wetten van de Verdragsluitende Regeringen.
Artikel VI
Voor de toepassing van dit Verdrag en de daarbij behorende Bijlage wordt verstaan onder:
- a. Normen, de maatregelen waarvan de uniforme toepassing door de Verdragsluitende Regeringen overeenkomstig het Verdrag noodzakelijk en uitvoerbaar is, teneinde het internationale verkeer ter zee te vergemakkelijken;
- b. Aanbevolen werkwijzen, de maatregelen waarvan de toepassing door de Verdragsluitende Regeringen wenselijk is, teneinde het internationale verkeer ter zee te vergemakkelijken.
Artikel VII
De Bijlage bij dit Verdrag kan door de Verdragsluitende Regeringen worden gewijzigd, hetzij op voorstel van een van hen, hetzij door een Conferentie die daartoe speciaal is bijeengeroepen.
Elk van de Verdragsluitende Regeringen kan een voorstel doen tot wijziging van de Bijlage door toezending van een ontwerpwijziging aan de Secretaris-Generaal van de Organisatie (hierna te noemen de „Secretaris-Generaal”):
- a. Elke overeenkomstig dit lid voorgestelde wijziging zal door de Vereenvoudigingscommissie van de Organisatie in overweging worden genomen, mits een dergelijk voorstel ten minste drie maanden voor de bijeenkomst van de Commissie is rondgezonden. Indien een wijziging wordt aangenomen door twee derde van de in de Commissie aanwezige en hun stem uitbrengende Verdragsluitende Regeringen, zal hiervan door de Secretaris-Generaal aan alle Verdragsluitende Regeringen worden kennisgegeven.
- b. Elke overeenkomstig het in dit lid bepaalde tot stand gekomen wijziging van de Bijlage wordt van kracht vijftien maanden na kennisgeving van het voorstel daartoe aan alle Verdragsluitende Regeringen door de Secretaris-Generaal, tenzij binnen twaalf maanden na de kennisgeving ten minste een derde van de Verdragsluitende Regeringen de Secretaris-Generaal schriftelijk heeft bericht het voorstel niet te aanvaarden.
- c. De Secretaris-Generaal geeft alle Verdragsluitende Regeringen kennis van elke overeenkomstig het bepaalde in paragraaf b ontvangen mededeling, alsmede van de datum waarop de wijziging van kracht wordt.
- d. De Verdragsluitende Regeringen die een wijziging niet aanvaarden worden niet door die wijziging gebonden, maar dienen de in Artikel VIII van dit Verdrag bepaalde procedure te volgen.
Een Conferentie van Verdragsluitende Regeringen ter bestudering van wijzigingen van de Bijlage wordt door de Secretaris-Generaal bijeengeroepen op verzoek van ten minste een derde van deze Regeringen. Elke wijziging die door deze Conferentie wordt aanvaard met tweederdemeerderheid van de aanwezige en hun stem uitbrengende Verdragsluitende Regeringen, wordt van kracht zes maanden na de datum waarop de Secretaris-Generaal de Verdragsluitende Regeringen in kennis stelt van het aanvaarden van de wijziging.
De Secretaris-Generaal geeft alle ondertekenende Regeringen onverwijld kennis van het aanvaarden en van kracht worden van elke overeenkomstig de bepalingen van dit artikel tot stand gekomen wijziging.
Artikel VIII
Elke Verdragsluitende Regering die het niet mogelijk acht aan een norm te voldoen door haar eigen formaliteiten, documenten of procedures daarmee geheel in overeenstemming te brengen of die het om bijzondere redenen nodig oordeelt voorschriften te stellen die van die norm verschillen, stelt de Secretaris-Generaal daarvan in kennis, onder mededeling van de punten van verschil tussen de door haar gevolgde werkwijze en die norm. Een dergelijke kennisgeving wordt gedaan zo spoedig mogelijk na de inwerkingtreding van dit Verdrag voor de desbetreffende Regering of na de invoering van bedoelde afwijkende formaliteiten, documenten of procedures.
Kennisgeving door een Verdragsluitende Regering van een dergelijk verschil in het geval van een wijziging in een norm of van een nieuw aanvaarde norm dient zo spoedig mogelijk na het van kracht worden van een gewijzigde of nieuw aanvaarde norm, of na het besluit tot invoering van dergelijke afwijkende formaliteiten, documenten of procedures, te worden gedaan aan de Secretaris-Generaal, waarbij tevens kan worden aangegeven welke maatregelen worden overwogen teneinde de formaliteiten, documenten of procedures in volledige overeenstemming te brengen met de gewijzigde of nieuwe norm.
Bij de Verdragsluitende Regeringen wordt erop aangedrongen hun formaliteiten, documenten en procedures zoveel mogelijk in overeenstemming te brengen met de aanbevolen werkwijze. Zodra een Verdragsluitende Regering haar eigen formaliteiten, documenten en procedures in overeenstemming brengt met een aanbevolen werkwijze, stelt zij de Secretaris-Generaal daarvan in kennis.
De Secretaris-Generaal doet de Verdragsluitende Regeringen mededeling van elke aan hem overeenkomstig de bepalingen van de voorafgaande leden van dit artikel gedane kennisgeving.
Artikel IX
Op verzoek van ten minste een derde van het aantal Verdragsluitende Regeringen, roept de Secretaris-Generaal een Conferentie van Verdragsluitende Regeringen bijeen ter herziening of wijziging van dit Verdrag. Een herziening of wijziging wordt aangenomen met een meerderheid van twee derde van het aantal door de Conferentie uitgebrachte stemmen en vervolgens gewaarmerkt en door de Secretaris-Generaal ter kennis gebracht van alle Verdragsluitende Regeringen ter aanvaarding. Een jaar na aanvaarding van de herziening of de wijzigingen door twee derde van het aantal Verdragsluitende Regeringen, wordt elke herziening of wijziging van kracht voor alle Verdragsluitende Regeringen, met uitzondering van die Regeringen die, alvorens deze herziening of wijziging van kracht wordt, verklaren dat zij deze niet aanvaarden. Met een meerderheid van twee derde van het aantal uitgebrachte stemmen kan de Conferentie bij het aanvaarden van een herziening of wijziging bepalen dat die van zodanige aard is dat elke Verdragsluitende Regering die een dergelijke verklaring heeft ingediend en die de herziening of wijziging niet binnen een termijn van een jaar nadat de herziening of wijziging van kracht wordt, aanvaardt, na afloop van die termijn ophoudt Partij te zijn bij het Verdrag.
Artikel X
Dit Verdrag staat open voor ondertekening gedurende zes maanden na de datum van dit Verdrag en staat daarna open voor toetreding.
De Regeringen van de Staten die lid zijn van de Verenigde Naties of van een of meer van de gespecialiseerde organisaties, of van de Internationale Organisatie voor Atoomenergie, dan wel Partij zijn bij het Statuut van het Internationale Gerechtshof kunnen Partij worden bij dit Verdrag door:
- a. ondertekening zonder voorbehoud ten aanzien van aanvaarding;
- b. ondertekening onder voorbehoud ten aanzien van aanvaarding gevolgd door aanvaarding; of
- c. toetreding.
Aanvaarding of toetreding geschiedt door nederlegging van een akte bij de Secretaris-Generaal.
De Regering van een Staat die niet gerechtigd is Partij te worden krachtens het tweede lid van dit artikel, kan door tussenkomst van de Secretaris-Generaal een aanvraag indienen Partij te mogen worden en wordt overeenkomstig het tweede lid als Partij toegelaten, mits haar aanvraag is goedgekeurd door twee derde van het aantal leden van de Organisatie, niet zijnde Geassocieerde Leden.
Artikel XI
Dit Verdrag treedt in werking zestig dagen na de datum waarop de Regeringen van ten minste tien Staten het hebben ondertekend zonder voorbehoud ten aanzien van aanvaarding, of akten van aanvaarding of toetreding hebben nedergelegd. Voor een Regering die daarna tot aanvaarding of toetreding overgaat, treedt het in werking zestig dagen na nederlegging van de akte van aanvaarding of toetreding.
Artikel XII
Drie jaar nadat dit Verdrag voor een Verdragsluitende Regering in werking is getreden, kan die Regering het opzeggen door daarvan schriftelijk kennis te geven aan de Secretaris-Generaal, die alle Verdragsluitende Regeringen kennis geeft van de inhoud en de datum van ontvangst van bedoelde kennisgeving. Deze opzegging wordt van kracht een jaar, of zoveel later als in de kennisgeving wordt vermeld, na ontvangst daarvan door de Secretaris-Generaal.
Artikel XIII
- a. De Verenigde Naties, voor zover deze het besturend lichaam voor een gebied zijn, of een Verdragsluitende Regering die verantwoordelijk is voor de buitenlandse betrekkingen van een gebied, treden zo spoedig mogelijk in overleg met een dergelijk gebied teneinde te trachten dit Verdrag tot dat gebied uit te breiden, en kunnen te allen tijde, door middel van een schriftelijke kennisgeving aan de Secretaris-Generaal, verklaren dat het Verdrag eveneens voor dat gebied geldt.
- b. Met ingang van de datum waarop de kennisgeving is ontvangen of met ingang van een in de kennisgeving eventueel genoemde andere datum, geldt dit Verdrag eveneens voor het daarin genoemde gebied.
- c. De bepalingen van artikel VIII van dit Verdrag zijn van toepassing op elk gebied waartoe dit Verdrag overeenkomstig het bepaalde in dit artikel wordt uitgebreid; onder de uitdrukking „zijn eigen formaliteiten, documenten en procedures” dienen in dit geval mede te worden begrepen de voorschriften welke binnen dat gebied van kracht zijn.
- d. Dit Verdrag houdt op van toepassing te zijn voor een bepaald gebied, één jaar na ontvangst door de Secretaris-Generaal van een daartoe strekkende kennisgeving, of met ingang van een daarin bepaalde latere datum.
De Secretaris-Generaal geeft alle Verdragsluitende Regeringen kennis van de uitbreiding van dit Verdrag krachtens het eerste lid van dit artikel tot een bepaald gebied, telkens met vermelding van de datum met ingang waarvan het Verdrag daartoe is uitgebreid.
Artikel XIV
De Secretaris-Generaal stelt alle ondertekenende Regeringen, alle Verdragsluitende Regeringen en alle leden van de Organisatie in kennis van:
- a. de op dit Verdrag gestelde ondertekeningen, alsmede de data waarop deze zijn gesteld;
- b. de nederlegging van akten van aanvaarding en toetreding, alsmede de data waarop deze zijn nedergelegd;
- c. de datum waarop het Verdrag overeenkomstig de bepalingen van artikel XI in werking treedt;
- d. eventuele kennisgevingen ontvangen overeenkomstig het bepaalde in de artikelen XII en XIII, alsmede de data waarop deze zijn ontvangen;
- e. de bijeenroeping van een conferentie op grond van de artikelen VII of IX.
Artikel XV
Dit Verdrag en de daarbij behorende Bijlage worden nedergelegd bij de Secretaris-Generaal, die gewaarmerkte afschriften daarvan zal doen toekomen aan de ondertekenende en toetredende Regeringen. Zodra dit Verdrag in werking treedt, wordt het overeenkomstig artikel 102 van het Handvest van de Verenigde Naties door de Secretaris-Generaal geregistreerd.
Artikel XVI
Dit Verdrag en de daarbij behorende Bijlage worden opgesteld in de Engelse en de Franse taal, zijnde beide teksten gelijkelijk authentiek. Er zullen officiële vertalingen van dit Verdrag in de Russische en de Spaanse taal worden vervaardigd en tezamen met de ondertekende teksten worden nedergelegd.
IN WITNESS WHEREOF the undersigned being duly authorized by their respective Governments for that purpose have signed the present Convention.
DONE at London this ninth day of April 1965.
DEEL 1. BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN EN ALGEMENE BEPALINGEN
A. Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van de bepalingen van deze Bijlage dient onder de volgende uitdrukkingen te worden verstaan:
- Werkelijke tijd van aankomst (ATA). De datum en het tijdstip waarop een schip in een haven afmeert, hetzij door voor anker te gaan of ligplaats te nemen langs een kade.
- Werkelijke tijd van vertrek (ATD). De datum en het tijdstip waarop een schip vertrekt van een locatie in een haven, hetzij vanaf de locatie waar het voor anker is gegaan of de ligplaats langs een kade.
- Voor de afvaart ontdekte verstekeling. Een persoon die zich verborgen houdt op een schip, of in lading die vervolgens aan boord van een schip wordt geladen, zonder de toestemming van de reder of de gezagvoerder of enige andere verantwoordelijke persoon, en die wordt ontdekt aan boord van het schip voordat het de haven verlaat.
- Waarmerken. Vaststellen en verifiëren van een opgegeven identiteit van de informatieverstrekker of verifiëren dat het (de) uitgewisselde bericht(en) echt is (zijn).
- Lading. Alle goederen, waren, koopmansgoederen en artikelen van welke aard ook die per schip worden vervoerd, niet zijnde poststukken, scheepsvoorraad, scheepsreserveonderdelen, scheepsuitrustingsstukken, ladingvervoerseenheden die niet worden vervoerd op grond van een vervoersovereenkomst met een verzender, persoonlijke eigendommen van de bemanning en reisbagage van de passagiers.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.