← Geldende tekst · Geschiedenis

Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Anguilla inzake de uitwisseling van informatie betreffende belastingen

Geldende tekst a fecha 2009-07-22

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden

en

de Regering van Anguilla,

Overwegend dat bevestigd wordt dat de Regering van Anguilla krachtens de voorwaarden van de Entrustment van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland gerechtigd is te onderhandelen over een verdrag tot uitwisseling van informatie betreffende belastingen en dit te sluiten,

Geleid door de wens het volgende verdrag te sluiten dat uitsluitend de verplichtingen van de verdragsluitende partijen bevat,

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel 1. Reikwijdte van het Verdrag

De bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende partijen verlenen elkaar bijstand door middel van de uitwisseling van informatie die naar verwachting van belang zal zijn voor de toepassing en handhaving van de nationale wetten van de verdragsluitende partijen die betrekking hebben op de belastingenzaken waarop dit Verdrag van toepassing is, met inbegrip van informatie die naar verwachting van belang zal zijn voor de bepaling, vaststelling, verificatie, tenuitvoerlegging, invordering of inning van belastingvorderingen ten aanzien van personen die deze belastingen verschuldigd zijn of betreffende het onderzoek naar of vervolging van belastingzaken met betrekking tot dergelijke personen. Informatie wordt uitgewisseld in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag en wordt vertrouwelijk behandeld op de wijze voorzien in artikel 8.

Artikel 2. Rechtsmacht

Ten behoeve van de juiste uitvoering van dit Verdrag, verstrekt de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij in overeenstemming met dit Verdrag de informatie:

Artikel 3. Belastingen waarop het Verdrag van toepassing is
1.

De belastingen waarop dit Verdrag van toepassing is zijn:

3.

De verdragsluitende partijen kunnen in onderling overleg andere belastingen toevoegen aan de belastingen waarop dit Verdrag van toepassing is.

Artikel 4. Begripsomschrijvingen
1.

Voor de toepassing van dit Verdrag, tenzij anders is bepaald:

2.

Wat betreft de toepassing, op enig moment, van dit Verdrag door een verdragsluitende partij, heeft, tenzij de context anders vereist, elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking op dat tijdstip heeft volgens de wetgeving van die verdragsluitende partij, waarbij elke betekenis volgens de toepasselijke belastingwetgeving van die verdragsluitende partij prevaleert boven een betekenis die volgens andere wetgeving van die verdragsluitende partij aan die uitdrukking wordt gegeven.

Artikel 5. Uitwisseling van informatie op verzoek
1.

De bevoegde autoriteit van de aangezochte partij verstrekt na een schriftelijk verzoek van de verzoekende partij informatie ten behoeve van de in artikel 1 bedoelde doeleinden. Dergelijke informatie wordt uitgewisseld ongeacht of de onderzochte gedragingen, indien deze op het grondgebied van de aangezochte partij zouden plaatsvinden, uit hoofde van de wetgeving van de aangezochte partij als strafbaar feit zouden worden aangemerkt. Indien de informatie die door de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij is ontvangen niet toereikend is om aan het verzoek om informatie te voldoen, stelt zij de bevoegde autoriteit van de verzoekende partij hiervan in kennis en verzoekt zij om de aanvullende informatie die nodig kan zijn om het verzoek naar behoren te kunnen behandelen.

2.

Indien de informatie in het bezit van de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij niet toereikend is om aan het verzoek om informatie te voldoen, treft de aangezochte partij alle relevante maatregelen ten behoeve van het verzamelen van informatie teneinde de verzoekende partij de verzochte informatie te verstrekken, ongeacht het feit dat de aangezochte partij ten behoeve van haar eigen belastingheffing niet over dergelijke informatie hoeft te beschikken.

3.

Indien de bevoegde autoriteit van de verzoekende partij daar specifiek om verzoekt, is de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij gehouden uit hoofde van dit artikel informatie te verstrekken, voor zover zulks is toegestaan in overeenstemming met haar nationale wetgeving, in de vorm van getuigenverklaringen en gewaarmerkte afschriften van originele stukken.

4.

Elke verdragsluitende partij waarborgt dat haar bevoegde autoriteit voor de toepassing van dit Verdrag over de bevoegdheid beschikt op verzoek het navolgende te verkrijgen en te verstrekken:

5.

Niettegenstaande de voorgaande leden schept dit Verdrag geen verplichting voor de verdragsluitende partijen tot het verkrijgen of verstrekken van:

6.

De bevoegde autoriteit van de verzoekende partij verstrekt de volgende informatie aan de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij wanneer de eerstgenoemde partij uit hoofde van dit Verdrag een verzoek om informatie doet, teneinde aan te tonen dat deze naar verwachting van belang zal zijn voor het verzoek:

7.

De bevoegde autoriteit van de aangezochte partij doet de verzochte informatie zo spoedig mogelijk toekomen aan de bevoegde autoriteit van de verzoekende partij. Teneinde een snel antwoord te waarborgen:

Artikel 6. Belastingcontrole (of -onderzoek) in het buitenland
1.

Voor zover toegestaan ingevolge haar nationale recht kan de aangezochte partij, na een verzoek binnen een redelijke termijn van de verzoekende partij, vertegenwoordigers van de bevoegde autoriteit van de verzoekende partij toestaan het grondgebied van de aangezochte partij binnen te komen teneinde personen te ondervragen en met voorafgaande schriftelijke toestemming van de betrokken personen stukken te onderzoeken. De bevoegde autoriteit van de verzoekende partij stelt de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij in kennis van het tijdstip en de locatie van de beoogde bijeenkomst met de betrokken personen.

2.

Op verzoek van de bevoegde autoriteit van de verzoekende partij kan de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij vertegenwoordigers van de bevoegde autoriteit van de verzoekende partij toestaan aanwezig te zijn bij het daarvoor in aanmerking komende deel van een belastingcontrole op het grondgebied van de aangezochte partij.

3.

Indien het in het tweede lid bedoelde verzoek wordt ingewilligd, stelt de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij die de controle uitvoert, de bevoegde autoriteit van de verzoekende partij zo spoedig mogelijk in kennis van het tijdstip en de locatie van de controle, de autoriteit of persoon die bevoegd is de controle uit te voeren en van de procedures en voorwaarden die bij de aangezochte partij vereist zijn voor de uitvoering van de controle. Alle beslissingen met betrekking tot de uitvoering van de controle worden genomen door de aangezochte partij die de controle uitvoert.

Artikel 7. Mogelijkheid een verzoek af te wijzen
1.

De bevoegde autoriteit van de aangezochte partij kan weigeren bijstand te verlenen:

2.

Dit Verdrag verplicht een verdragsluitende partij niet tot het verstrekken van informatie waardoor een handelsgeheim, zakelijk geheim, industrieel, commercieel of beroepsgeheim of handelsproces zou worden onthuld. De in artikel 5, vierde lid, omschreven informatie mag niet uitsluitend op grond daarvan als een geheim of een handelsproces worden aangemerkt.

3.

Dit Verdrag verplicht een verdragsluitende partij niet tot het verstrekken van informatie waarop de bescherming van de vertrouwelijkheid van toepassing is.

4.

Een verzoek om informatie wordt niet geweigerd op grond van het feit dat de verschuldigde belasting die aanleiding gaf tot het verzoek wordt betwist door de belastingbetaler.

5.

De aangezochte partij is niet verplicht informatie te verkrijgen en te verstrekken die, indien de verzochte informatie zich in het rechtsgebied van de verzoekende partij zou bevinden, de bevoegde autoriteit van de verzoekende partij volgens haar wetten of volgens de normale gang van zaken in de bestuursrechtelijke praktijk niet zou kunnen verkrijgen.

6.

De aangezochte partij kan een verzoek om informatie afwijzen indien de informatie door de verzoekende partij wordt gevraagd om een bepaling van de belastingwetgeving van de verzoekende partij toe te passen of te handhaven die, of een daarmee verband houdend vereiste dat, discriminatie inhoudt van een onderdaan of inwoner van de aangezochte partij ten opzichte van een onderdaan of inwoner van de verzoekende partij die zich in dezelfde omstandigheden bevindt.

Artikel 8. Vertrouwelijkheid
1.

Alle door de bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende partijen verstrekte en ontvangen informatie wordt vertrouwelijk behandeld en wordt uitsluitend ter kennis gebracht van personen of autoriteiten (met inbegrip van gerechtelijke en bestuursrechtelijke instanties) die betrokken zijn bij de doelstellingen omschreven in artikel 1, en door deze personen of autoriteiten uitsluitend voor deze doelstellingen gebruikt, met inbegrip van beslissingen in beroepszaken of het toezicht op het voorgaande. Daartoe mag informatie worden bekendgemaakt tijdens openbare rechtszittingen of rechterlijke procedures.

2.

De informatie mag zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij niet worden gebruikt voor andere doeleinden dan die vermeld in artikel 1.

3.

De informatie mag niet ter kennis worden gebracht van enige andere persoon, instelling, autoriteit of rechterlijke instantie zonder de uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij.

Artikel 9. Waarborgen

Niets in dit Verdrag doet afbreuk aan de uit hoofde van de wetten of de bestuursrechtelijke praktijk van de aangezochte partij aan personen toegekende rechten en waarborgen. De aangezochte partij mag de rechten en waarborgen niet zodanig toepassen dat de doeltreffende uitwisseling van informatie onnodig wordt verhinderd of vertraagd.

Artikel 10. Administratieve kosten

De bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende partijen bereiken overeenstemming over kosten die voortvloeien uit het verlenen van bijstand (met inbegrip van redelijke kosten van derden en externe adviseurs in verband met gerechtelijke procedures of andere kosten) in overeenstemming met een memorandum van overeenstemming.

Artikel 11. Uitvoeringswetgeving

De verdragsluitende partijen stellen de toepasselijke wetgeving vast (voor zover zij zulks nog niet gedaan hebben) die noodzakelijk is om te voldoen aan en ter uitvoering van de bepalingen van dit Verdrag.

Artikel 12. Taal

Verzoeken om bijstand en antwoorden daarop worden in het Engels gesteld.

Artikel 13. Procedure voor onderling overleg
1.

De onderscheiden bevoegde autoriteiten stellen alles in het werk om moeilijkheden of twijfelpunten die tussen de verdragsluitende partijen mochten rijzen met betrekking tot de uitvoering of de uitlegging van dit Verdrag in onderling overleg op te lossen en houden daarbij rekening met de uitlegging in het commentaar bij het modelverdrag uit 2002 tot uitwisseling van informatie betreffende belastingzaken gepubliceerd door de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).

2.

Naast de in het eerste lid bedoelde afspraken kunnen de bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende partijen in onderling overleg de krachtens de artikelen 5 en 6 te hanteren procedures vaststellen.

3.

De bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende partijen kunnen zich rechtstreeks met elkaar in verbinding stellen voor de toepassing van dit Verdrag.

4.

De verdragsluitende partijen kunnen ook overeenstemming bereiken over andere vormen van geschillenregeling.

Artikel 14. Inwerkingtreding

Elk van de verdragsluitende partijen stelt de andere in kennis van de voltooiing van de op grond van haar wetgeving grondwettelijk vereiste procedures of formaliteiten voor de inwerkingtreding van dit Verdrag. Het Verdrag treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand na de datum [van ontvangst] van de laatste kennisgeving. De bepalingen van dit Verdrag zijn van toepassing:

Artikel 15. Beëindiging
1.

Dit Verdrag blijft van kracht totdat het door een van beide verdragsluitende partijen wordt beëindigd.

2.

Elk van de verdragsluitende partijen kan dit Verdrag beëindigen door een schriftelijke kennisgeving van beëindiging in te dienen. Deze beëindiging wordt van kracht op de eerste dag van de maand na het verstrijken van een tijdvak van zes maanden na de datum van ontvangst van de kennisgeving van beëindiging door de andere verdragsluitende partij.

3.

Indien het Verdrag wordt beëindigd, blijven de verdragsluitende partijen gebonden door de voorwaarden van artikel 8 ten aanzien van alle uit hoofde van dit Verdrag verkregen informatie. Alle verzoeken die worden ontvangen voor de datum waarop het Verdrag beëindigd is, worden behandeld in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag.

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden

en

de Regering van Anguilla

(„de partijen”),

Overwegend dat bevestigd wordt dat de Regering van Anguilla krachtens de voorwaarden van de Entrustment van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland gerechtigd is te onderhandelen over een verdrag tot uitwisseling van informatie betreffende belastingen en dit te sluiten,

Overwegend dat de Regering van Nederland erkent dat Anguilla zich in 2002 jegens de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) verplicht heeft de beginselen van transparantie en de uitwisseling van informatie te eerbiedigen en Nederland meent dat dit Verdrag aantoont dat Anguilla bereid is strenge normen te hanteren voor de doeltreffende uitwisseling van informatie ter zake van zowel strafrechtelijke als civielrechtelijke fiscale aangelegenheden;

Overwegend dat de Regering van Nederlanden voorts de geleidelijke maatregelen erkent die Anguilla heeft genomen als blijk van zijn bereidheid tot het hanteren van strenge normen voor de doeltreffende uitwisseling van informatie ter zake van zowel strafrechtelijke als civielrechtelijke fiscale aangelegenheden bij het onderhandelen over verdragen tot uitwisseling van informatie betreffende belastingzaken met andere landen en erkent dat Anguilla zich heeft verplicht belastingfraude te bestrijden door mechanismen in werking te stellen ter bevordering van de transparantie, waaronder de proactieve maatregelen die zijn genomen tot aanpassing van de nationale wetgeving teneinde aan dit Verdrag te voldoen; bij het sluiten van het Verdrag meent Nederland dat Anguilla niet betrokken is bij schadelijke fiscale praktijken en derhalve niet wordt aangemerkt als een belastingparadijs;

Geleid door de wens de uitwisseling van informatie betreffende belastingen te vergemakkelijken,

Zijn voorts het volgende overeengekomen:

Artikel 1. (Artikel 5)

Indien uit hoofde van het Verdrag persoonsgegevens worden uitgewisseld zijn de volgende aanvullende bepalingen van toepassing:

Artikel 2. (Artikel 12)

Indien een verdragsluitende partij gebaseerd op schadelijke fiscale praktijken nadelige of beperkende maatregelen toepast op inwoners of onderdanen van de andere verdragsluitende partij, kunnen beide verdragsluitende partijen onverwijld een procedure voor onderling overleg tussen de bevoegde autoriteiten starten ten behoeve van een oplossing. Een nadelige of beperkende maatregel gebaseerd op schadelijke fiscale praktijken is een maatregel die de ene verdragsluitende partij toepast op inwoners of onderdanen van de andere verdragsluitende partij waarbij het volgende geldt:

Zonder het algemene karakter van de uitdrukking te beperken is de uitdrukking „nadelige of beperkende maatregelen” niet alleen beperkt tot fiscale aangelegenheden en omvat zij mede het weigeren van aftrek, verrekening of vrijstelling, het opleggen van een belasting of heffing, of bijzondere rapportagevereisten; zij omvat niet de algemeen toepasselijke maatregelen die door een van de verdragsluitende partijen in het algemeen worden opgelegd aan onder meer leden van de OESO.

Artikel 3

Op grond van ervaringen met de werking van het Verdrag of van veranderende omstandigheden kan elk van de verdragsluitende partijen een aanpassing van de bepalingen van dit Verdrag voorstellen. Indien zulks het geval is, is het wel te verstaan dat de andere verdragsluitende partij instemt met tijdig overleg teneinde de bepalingen van het Verdrag te herzien.

Artikel 4

Dit Protocol vormt een integrerend onderdeel van het Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Anguilla inzake de uitwisseling van informatie betreffende belastingen en treedt in werking op dezelfde datum als het Verdrag.

Artikel 5

De verdragsluitende partijen kunnen dit Protocol te allen tijde in onderling overleg schriftelijk wijzigen. Een dergelijke wijziging treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand nadat de verdragsluitende partijen elkaar schriftelijk ervan in kennis hebben gesteld dat aan de grondwettelijke of interne vereisten voor de inwerkingtreding van dit Protocol is voldaan.

IN WITNESS WHEREOF, the undersigned, being duly authorised thereto by their respective Governments, have signed this Agreement.

DONE at London, this 22nd day of July 2009, in duplicate in the English language.

For the Government of the Kingdom of the Netherlands

LAURENS WESTHOFF

For the Government of Anguilla

VICTOR BANKS