Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Cyprus betreffende het internationale wegvervoer

Type Verdrag
Publication 1981-07-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Cyprus, hierna te noemen „de Overeenkomstsluitende Partijen”,

Geleid door de wens, in het belang van hun economische betrekkingen, het goederenvervoer over de weg tussen hun beide landen en het transitovervoer over hun grondgebied te bevorderen;

Besloten hebbende een Overeenkomst te sluiten ten einde bestaande faciliteiten te bevestigen en verdere faciliteiten te scheppen;

Zijn overeengekomen als volgt:

Artikel 1

Elk der Overeenkomstsluitende Partijen staat vervoerders die op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij zijn gevestigd en die zijn gemachtigd internationaal goederenvervoer over de weg uit te voeren overeenkomstig de wetten en voorschriften van de andere Overeenkomstsluitende Partij, toe zonder bijzondere vergunningen goederen te vervoeren:

Artikel 2

Niets in deze Overeenkomst wordt geacht vervoerders die op het grondgebied van een der Overeenkomstsluitende Partijen zijn gevestigd, toe te staan goederen te vervoeren die zijn geladen op enige plaats op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij naar enige andere plaats op hetzelfde grondgebied.

Artikel 3

Tenzij in deze Overeenkomst anders is bepaald, dienen vervoerders die op het grondgebied van een der Overeenkomstsluitende Partijen zijn gevestigd, de wetten en voorschriften van de andere Overeenkomstsluitende Partij na te leven.

Artikel 4

In geval van overtreding van de bepalingen van deze Overeenkomst door een vervoerder die op het grondgebied van een der Overeenkomstsluitende Partijen is gevestigd, kan de Overeenkomstsluitende Partij op wier grondgebied de overtreding plaatsvond, hiervan kennisgeven aan de andere Overeenkomstsluitende Partij, die de maatregelen neemt waarin haar wetten en voorschriften voorzien.

Artikel 5

Indien voertuigen van vervoerders, gevestigd op het grondgebied van een der Overeenkomstsluitende Partijen, worden gebruikt voor internationaal vervoer krachtens de bepalingen van deze Overeenkomst, zijn zij vrijgesteld van belastingen en heffingen op het rijden met of het bezit van die voertuigen, alsmede van bijzondere belastingen of heffingen op vervoerswerkzaamheden op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij.

Artikel 6
1.

De brandstof die zich in de normale reservoirs van de in artikel 5 genoemde voertuigen bevindt, alsmede de voor deze voertuigen bestemde smeeroliën en onderdelen, zijn bij het binnenkomen op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij zonder enige invoerbeperking vrijgesteld van alle rechten, belastingen en heffingen.

2.

Niet gebruikte onderdelen worden opnieuw uitgevoerd en vervangen onderdelen worden opnieuw uitgevoerd, vernietigd of prijsgegeven overeenkomstig de wetten en voorschriften van de Overeenkomstsluitende Partij op wier grondgebied het voertuig zich bevindt.

Artikel 7

Indien het gewicht of de afmetingen van een voertuig of combinatie van voertuigen, geregistreerd op het grondgebied van een der Overeenkomstsluitende Partijen en gebruikt voor internationaal vervoer krachtens de bepalingen van deze Overeenkomst, het toelaatbare maximum op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij overschrijdt, is een bijzondere vergunning vereist van de bevoegde autoriteit van die Overeenkomstsluitende Partij.

Artikel 8

De bepalingen van deze Overeenkomst zijn eveneens van toepassing op het eigen vervoer van goederen.

Artikel 9
1.

De bevoegde autoriteiten van de beide Overeenkomstsluitende Partijen regelen alle vraagstukken betreffende de uitvoering en de toepassing van deze Overeenkomst.

2.

Hiertoe stellen de Overeenkomstsluitende Partijen een Gemengde Commissie in.

3.

De Gemengde Commissie komt bijeen op verzoek van een der Overeenkomstsluitende Partijen.

Artikel 10
1.

Deze Overeenkomst treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand, volgend op de datum waarop de Overeenkomstsluitende Partijen elkaar hebben medegedeeld dat aan hun constitutionele vereisten is voldaan.

2.

Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, is deze Overeenkomst alleen van toepassing op het grondgebied van het Koninkrijk in Europa.

3.

Deze Overeenkomst blijft van kracht voor de duur van één jaar na de datum van haar inwerkingtreding en wordt elk jaar stilzwijgend verlengd, tenzij de Overeenkomst zes maanden voor het verstrijken van de geldigheidsduur wordt opgezegd door een der Overeenkomstsluitende Partijen.

IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorized thereto, have signed this Agreement.

DONE in duplicate at The Hague this 27th day of March 1980 in the English language.

For the Government of the Kingdom of the Netherlands

(sd.) C. A. VAN DER KLAAUW

For the Government of the Republic of Cyprus

(sd.) N. AGATHOCLEOUS

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.