Verdrag betreffende de bestuurstaak op het gebied van de arbeid: taak, functies en organisatie

Type Verdrag
Publication 1981-08-08
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie,

Bijeengeroepen te Genève door de Raad van Beheer van het Internationaal Arbeidsbureau, en aldaar bijeengekomen in haar vierenzestigste zitting op 7 juni 1978;

In herinnering brengende de bepalingen van bestaande internationale Arbeidsverdragen en Aanbevelingen, in het bijzonder daaronder begrepen het Verdrag betreffende de arbeidsinspectie, 1947, het Verdrag betreffende de arbeidsinspectie (landbouw), 1969, en het Verdrag betreffende de dienst voor de werkgelegenheid, 1948, die vragen om uitvoering van bepaalde activiteiten met betrekking tot de bestuurstaak op het gebied van de arbeid;

Overwegende dat het gewenst is regelingen aan te nemen waarin richtlijnen worden opgesteld met betrekking tot het bestuursapparaat op het gebied van de arbeid;

In herinnering brengende de bepalingen van het Verdrag betreffende de werkgelegenheidspolitiek, 1964, en van het Verdrag betreffende de ontwikkeling van menselijke hulpbronnen, 1975; tevens in herinnering brengende de doelstelling volledige werkgelegenheid en een behoorlijke beloning van de arbeid te bewerkstelligen en de noodzaak bevestigende van programma's met betrekking tot de bestuurstaak op het gebied van de arbeid om naar deze doelstelling toe te werken en de doelstellingen van genoemde Verdragen ten uitvoer te brengen;

De noodzaak erkennende om volledig de autonomie van werknemersorganisaties te respecteren, in dit verband in herinnering brengende de bepalingen van bestaande internationale Arbeidsverdragen en Aanbevelingen die het recht garanderen van vereniging, organisatie en collectief onderhandelen, en in het bijzonder het Verdrag betreffende de vrijheid tot het oprichten van vakverenigingen en de bescherming van het vakverenigingsrecht, 1948, en het Verdrag betreffende het recht zich te organiseren en collectief te onderhandelen, 1949, die iedere inmenging van de zijde van de overheid verbieden die deze rechten zou beperken of een belemmering vormen voor de wettige toepassing ervan, en overwegende dat werkgevers- en werknemersorganisaties een belangrijke taak hebben bij het bereiken van de doelstellingen van economische, sociale en culturele vooruitgang;

Besloten hebbende tot het aannemen van bepaalde voorstellen met betrekking tot de bestuurstaak op het gebied van de arbeid, taak, functies en organisatie, welk onderwerp als vierde punt op de agenda van de zitting voorkomt;

Vastgesteld hebbende dat deze voorstellen de vorm van een internationaal verdrag dienen te krijgen,

aanvaardt heden, de zesentwintigste juni van het jaar negentienhonderd achtenzeventig het volgende Verdrag, dat kan worden aangehaald als Verdrag betreffende de bestuurstaak op het gebied van de arbeid, 1978:

Artikel 1

Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:

Artikel 2

Een Lid dat dit Verdrag bekrachtigt kan, in overeenstemming met nationale wettelijke of bestuursrechtelijke voorschriften of gebruiken, bepaalde activiteiten van de bestuurstaak op het gebied van de arbeid delegeren of toevertrouwen aan niet gouvernementele organisaties, in het bijzonder aan werkgevers- en werknemersorganisaties, of - waar dit geval zich voordoet - aan de vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers.

Artikel 3

Een lid dat dit Verdrag bekrachtigt kan bepaalde activiteiten met betrekking tot het nationaal beleid op het gebied van de arbeid beschouwen als zaken die, overeenkomstig nationale wettelijke of bestuursrechtelijke voorschriften of gebruiken, geregeld worden via directe onderhandelingen tussen werkgevers- en werknemersorganisaties.

Artikel 4

Elk Lid dat dit Verdrag bekrachtigt dient op aan de nationale omstandigheden aangepaste wijze op zijn grondgebied de organisatie en het doeltreffend functioneren te waarborgen van het bestuursapparaat op het gebied van de arbeid, en van een goede coördinatie van de functies en verantwoordelijkheden daarvan.

Artikel 5
1.

Elk Lid dat dit Verdrag bekrachtigt dient in overeenstemming met de nationale omstandigheden regelingen te treffen, teneinde binnen het bestuursapparaat op het gebied van de arbeid te komen tot raadpleging, samenwerking en onderhandelen tussen de overheid en de meest representatieve organisaties van werkgevers en werknemers, of - waar dat geval zich voordoet - vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers.

2.

Voor zover dit in overeenstemming is met nationale wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften en gebruiken dienen deze regelingen te worden gemaakt op nationaal, regionaal en plaatselijk niveau alsmede op bedrijfstakniveau.

Artikel 6
1.

De binnen het bestuursapparaat op het gebied van de arbeid bevoegde instanties dienen, waar dit geval zich voordoet, verantwoordelijk te zijn voor, of bij te dragen tot de voorbereiding, het beheer, de coördinatie, het toezicht op en de evaluatie van het nationaal beleid op het gebied van de arbeid, en voor zover binnen de grenzen van het overheidsapparaat vallend, het orgaan te zijn voor de voorbereiding en de tenuitvoerlegging van hiertoe strekkende wetten en regelingen.

2.

In het bijzonder dienen deze instanties met inachtneming van de daarop van toepassing zijnde internationale normen op het gebied van de arbeid:

Artikel 7

Wanneer de nationale omstandigheden ter voldoening aan de behoeften van het grootst mogelijke aantal werknemers dit vereisen, dient elk Lid, dat dit Verdrag bekrachtigt, voorzover deze activiteiten niet reeds worden verricht, zo nodig geleidelijk de uitbreiding te bevorderen van de taken van het bestuursapparaat op het gebied van de arbeid in die zin, dat daaronder worden begrepen activiteiten, in samenwerking met andere bevoegde instanties uit te voeren, die betrekking hebben op de arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden van daartoe geëigende categorieën van werknemers, die geen arbeidsovereenkomst in de zin van de wet hebben, zoals:

Artikel 8

In de mate waarin dit in overeenstemming is met nationale wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften en gebruiken, dienen de binnen het bestuursapparaat op het gebied van de arbeid bevoegde instanties mee te werken aan de voorbereiding van een nationaal beleid ten aanzien van internationale aangelegenheden op het gebied van de arbeid, deel uit te maken van de vertegenwoordiging van de Staat met betrekking tot deze aangelegenheden en mee te werken aan het voorbereiden van de in verband hiermede op nationaal niveau te treffen maatregelen.

Artikel 9

Teneinde de juiste coördinatie te waarborgen van de functies en verantwoordelijkheden binnen het bestuursapparaat op het gebied van de arbeid, dient het Ministerie van Arbeid of een ander vergelijkbaar lichaam, op een door nationale wettelijke of bestuursrechtelijke voorschriften dan wel nationaal gebruik bepaalde wijze, de mogelijkheden te hebben om na te gaan of de semi-overheidsinstellingen die verantwoordelijk zijn gesteld voor bepaalde activiteiten betreffende de bestuurstaak op het gebied van de arbeid, en de regionale of plaatselijke instellingen waaraan bepaalde activiteiten betreffende de bestuurstaak op het gebied van de arbeid zijn gedelegeerd, werken in overeenstemming met nationale wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften en zich houden aan de taken die hun zijn opgedragen.

Artikel 10
1.

Personeel belast met de bestuurstaak op het gebied van de arbeid dient te bestaan uit personen met voldoende geschiktheid om de activiteiten die hun zijn opgedragen uit te voeren, die toegang hebben tot een voor de verrichting van deze activiteiten noodzakelijke opleiding en die onafhankelijk zijn van ongewenste invloeden van buitenaf.

2.

Dit personeel dient de beschikking te hebben over de status, de materiële middelen en de financiële bronnen die nodig zijn voor de doelmatige uitvoering van zijn taken.

Artikel 11

De officiële bekrachtigingen van dit Verdrag worden medegedeeld aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau en door hem geregistreerd.

Artikel 12
1.

Dit Verdrag is slechts verbindend voor die Leden van de Internationale Arbeidsorganisatie die hun bekrachtigingen door de Directeur-Generaal hebben doen registreren.

2.

Het treedt in werking twaalf maanden na de datum waarop de bekrachtigingen van twee Leden door de Directeur-Generaal zijn geregistreerd.

3.

Vervolgens treedt dit Verdrag voor ieder Lid in werking twaalf maanden na de datum waarop zijn bekrachtiging is geregistreerd.

Artikel 13
1.

Ieder Lid dat dit Verdrag heeft bekrachtigd, kan het opzeggen na afloop van een termijn van tien jaren na de datum waarop het Verdrag in werking is getreden, door middel van een aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau gerichte en door deze geregistreerde verklaring.

De opzegging wordt eerst van kracht een jaar na de datum waarop zij is geregistreerd.

2.

Ieder Lid dat dit Verdrag heeft bekrachtigd en niet binnen een jaar na afloop van de termijn van tien jaren als bedoeld in het vorige lid, gebruik maakt van de bevoegdheid tot opzegging voorzien in dit artikel is voor een nieuwe termijn van tien jaren gebonden en kan daarna dit Verdrag opzeggen na afloop van elke termijn van tien jaren op de voorwaarden voorzien in dit artikel.

Artikel 14
1.

De Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau stelt alle Leden van de Internationale Arbeidsorganisatie in kennis van de registratie van alle bekrachtigingen en opzeggingen die hem door de Leden van de Organisatie zijn medegedeeld.

2.

Bij de kennisgeving aan de Leden van de Organisatie van de registratie van de tweede hem medegedeelde bekrachtiging, vestigt de Directeur-Generaal de aandacht van deze Leden op de datum waarop dit Verdrag in werking treedt.

Artikel 15

De Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau doet aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties mededeling, ter registratie overeenkomstig het bepaalde in artikel 102 van het Handvest der Verenigde Naties, van de volledige bijzonderheden omtrent alle bekrachtigingen en opzeggingen die hij overeenkomstig de voorgaande artikelen heeft geregistreerd.

Artikel 16

Telkens wanneer de Raad van Beheer van het Internationaal Arbeidsbureau zulks nodig acht, brengt deze Raad aan de Algemene Conferentie verslag uit inzake de toepassing van dit Verdrag en onderzoekt of het wenselijk is de gehele of gedeeltelijke herziening ervan op de agenda van de Conferentie te plaatsen.

Artikel 17
1.

Indien de Conferentie een nieuw Verdrag aanneemt, houdende gehele of gedeeltelijke herziening van dit Verdrag, zal, tenzij het nieuwe Verdrag anders bepaalt:

2.

Dit Verdrag blijft echter naar vorm en inhoud van kracht voor de Leden die het hebben bekrachtigd en die het nieuwe Verdrag, houdende herziening, niet hebben bekrachtigd.

Artikel 18

De Engelse en de Franse tekst van dit Verdrag zijn gelijkelijk gezaghebbend.

De Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie,

Bijeengeroepen te Genève door de Raad van Beheer van het Internationaal Arbeidsbureau, en aldaar bijeengekomen in haar vierenzestigste zitting op 7 juni 1978;

In herinnering brengende de bepalingen van bestaande internationale Arbeidsverdragen en Aanbevelingen, in het bijzonder daaronder begrepen het Verdrag betreffende de arbeidsinspectie, 1947, het Verdrag betreffende de arbeidsinspectie (landbouw), 1969, en het Verdrag betreffende de dienst voor de werkgelegenheid, 1948, die vragen om uitvoering van bepaalde activiteiten met betrekking tot de bestuurstaak op het gebied van de arbeid;

Overwegende dat het gewenst is regelingen aan te nemen waarin richtlijnen worden opgesteld met betrekking tot het bestuursapparaat op het gebied van de arbeid,

In herinnering brengende de bepalingen van het Verdrag betreffende de werkgelegenheidspolitiek, 1964, en van het Verdrag betreffende de ontwikkeling van menselijke hulpbronnen, 1975; tevens in herinnering brengende de doelstelling volledige werkgelegenheid en een behoorlijke beloning van de arbeid te bewerkstelligen en de noodzaak bevestigende van programma's met betrekking tot de bestuurstaak op het gebied van de arbeid om naar deze doelstelling toe te werken en de doelstellingen van genoemde Verdragen ten uitvoer te brengen;

De noodzaak erkennende om volledig de autonomie van werkgevers- en werknemersorganisaties te respecteren, in dit verband in herinnering brengende de bepalingen van bestaande internationale Arbeidsverdragen en Aanbevelingen die het recht garanderen van vereniging, organisatie en collectief onderhandelen, en in het bijzonder het Verdrag betreffende de vrijheid tot het oprichten van vakverenigingen en de bescherming van het vakverenigingsrecht, 1948, en het Verdrag betreffende het recht zich te organiseren en collectief te onderhandelen, 1949, die iedere inmenging van de zijde van de overheid verbieden die deze rechten zou beperken of een belemmering vormen voor de wettige toepassing ervan, en overwegende dat werkgevers- en werknemersorganisaties een belangrijke taak hebben bij het bereiken van de doelstellingen van economische, sociale en culturele vooruitgang;

Besloten hebbende tot het aannemen van bepaalde voorstellen met betrekking tot de bestuurstaak op het gebied van de arbeid, taak, functies en organisatie, welk onderwerp als vierde punt op de agenda van de zitting voorkomt;

Vastgesteld hebbende dat deze voorstellen de vorm van een Aanbeveling dienen te krijgen ter aanvulling van het Verdrag betreffende de bestuurstaak op het gebied van de arbeid,

aanvaardt, de zesentwintigste juni van het jaar negentienhonderd achtenzeventig de volgende Aanbeveling, die kan worden aangehaald als Aanbeveling betreffende de bestuurstaak op het gebied van de arbeid, 1978:

The foregoing is the authentic text of the Convention duly adopted by the General Conference of the International Labour Organisation during its Sixty-fourth Session which was held at Geneva and declared closed the twenty-eighth day of June 1978.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.