← Geldende tekst · Geschiedenis

Overeenkomst inzake het onderhoud van de Oude Spanische Ley (Grensgraaf), de Nieuwe Spanische Ley, de Hülmer Leitgraben, de Wolfsgraben, de Horsterbeek en de Eckeltsebeek, alsmede het beheren van de kunstwerken in en aan deze waterlossingen

Geldende tekst a fecha 1981-03-04

Het Wasser- und Bodenverband Spanische Ley, vertegenwoordigd door de voorzitter Karl Gödde,

het Wasser- und Bodenverband Hülmer Heide, vertegenwoordigd door de voorzitter Alois Kempkes,

het Wasser- und Bodenverband Wolfsgraben, vertegenwoordigd door de voorzitter Alois Kempkes,

het Wasser- und Bodenverband Schwarz-, Laar- und Baaler Bruch, vertegenwoordigd door de voorzitter Mathias Hornbergs,

en

het waterschap Het Maasterras, hierna „Waterschap” genoemd, vertegenwoordigd door de voorzitter B. H. Caris

gelet op hoofdstuk 4, artikel 59, lid 2, van het op 8 april 1960 tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland gesloten Grensverdrag

sluiten de volgende overeenkomst:

Artikel 1

Het Waterschap verplicht zich, de gedeelten van de waterlossingen

te onderhouden en de kunstwerken in en aan deze gedeelten van de waterlossingen, die naar aanleiding van of in verband met de verbetering en het onderhoud van deze beken werden aangelegd of nog zullen worden aangelegd en hun eigendom zijn, te onderhouden en te beheren.

Artikel 2
1.

De Wasser- und Bodenverbände

verbinden zich onderscheidenlijk voor

te onderhouden en steeds de kunstwerken in en aan deze gedeelten van waterlossingen, die naar aanleiding van of in verband met de verbetering en het onderhoud van deze beken werden aangelegd of nog zullen worden aangelegd en hun eigendom zijn, te onderhouden en te beheren.

2.

Het Wasser- und Bodenverband Spanische Ley verbindt zich, de Oude Spanische Ley over een lengte van 3.410 lopende meter, gerekend vanaf de grenssteen 523 stroomopwaarts, te onderhouden. De onderhoudskosten worden gedragen door het Wasser- und Bodenverband Spanische Ley enerzijds en het Waterschap anderzijds in de verhouding van 67 : 10. Het kostenaandeel van het Waterschap dient door dit schap steeds vóór 31 december van het lopende jaar na toezending vanwege het Wasser- und Bodenverband Spanische Ley van de betreffende rekening te worden betaald.

Artikel 3

De partijen verbinden zich, in hun gebied te bewerkstelligen, dat de niet door hen te onderhouden kunstwerken in en aan de waterlossingen door de onderhoudsplichtige derden worden onderhouden.

Artikel 4

De voor het onderhoud van de waterlossingen maatgevende toestand wordt in een door partijen te ondertekenen grondplan vastgelegd, welk grondplan deel uitmaakt van deze overeenkomst. Het grondplan moet bevatten een overzichtskaart (schaal 1 : 50.000) met een aanduiding van de stroomgebieden alsmede duidelijke dwarsprofielen.

Artikel 5
1.

Het Waterschap verplicht zich, de stand van de waterspiegel in het bovenstroomse water aan de stuw bij kasteel Bleyenbeek bij gesloten stuw niet hoger te laten stijgen dan 13,80 m boven NN resp. 13.791 m boven N.A.P.

2.

Het Waterschap verbindt zich de bij de bodemval aan de Siebengewaltseweg aanwezige stuwmogelijkheid niet te benutten.

Artikel 6

Iedere partij is verplicht, de andere partij tijdig in kennis te stellen van haar bekend zijnde voorgenomen dan wel door haar geconstateerde wezenlijke veranderingen aan de waterlossingen en de kunstwerken in en aan deze waterlossingen of de waterhoeveelheden in het stroomgebied. Wordt een zodanige verandering geconstateerd dan kan de andere partij eisen, dat de betrokken verdragspartijen gezamenlijk ter plaatse een onderzoek instellen naar de oorzaken van de wijziging. De artikelen 60-62 van het grensverdrag alsmede de voorschriften van ieders nationaal recht blijven van kracht.

Artikel 7

De partijen verbinden zich, onverminderd het geldende nationale recht, te bewerkstelligen, dat in hun reglementen bepalingen worden opgenomen, ingevolge waarvan de oevereigenaren langs de grensscheidende gedeelten van de Oude Spanische Ley alsook de Nieuwe Spanische Ley tussen de grenssteen 524 en grenssteen 523 verplicht worden

Artikel 8

De partijen verbinden zich, binnen het raam van hun mogelijkheden, te verhinderen, dat maairesten in de in artikel 7, en artikel 1, onder a, genoemde gedeelten van waterlossingen afdrijven.

Artikel 9
1.

Voor het toezicht op een behoorlijk onderhoud wordt een commissie van 4 leden gevormd (schouwcommissie) welke bestaat uit

Het voorzitterschap wordt jaarlijks afwisselend bekleed door een vertegenwoordiger van de Duitse en de Nederlandse partij, te beginnen met de eerstgenoemde.

2.

Op de werkzaamheden van de schouwcommissie is van toepassing het reglement van orde van de Permanente Nederlands-Duitse Grenswaterencommissie, voor zover dit reglement geldt voor de door deze commissie ingestelde subcommissies.

3.

De schouwcommissie voert tenminste tweemaal per jaar schouw over de waterlossingen en wel in de maanden juni en in oktober. In een bepaald geval kan ook een ander tijdstip worden overeengekomen, voor wat de herfstschouw betreft geen datum na 15 november. Ten behoeve van het vaststellen van oorzaken van de gebrekkige wijze van waterafvoer kan de schouwcommissie de schouw ook over aansluitende beekvakken in het stroomgebied uitbreiden.

4.

De schouwcommissie komt tenminste eenmaal per jaar na afloop van de herfstschouw in gewone vergadering bijeen.

5.

Een uitnodiging voor een schouw of een vergadering moet tenminste vier weken van te voren worden toegezonden. Tot de herfstschouw ware eveneens uit te nodigen het Hoofd van het Staatliches Amt für Wasser- und Abfallwirtschaft te Düsseldorf en de directeur van de Provinciale Waterstaat in Limburg te Maastricht.

6.

De schouwcommissie stelt van het resultaat van iedere schouw en vergadering een verslag op, hetwelk door de leden dient te worden ondertekend. In het verslag van de schouw dienen de voor het herstel van een behoorlijke onderhoudstoestand te treffen maatregelen en desvereist termijnen te worden vermeld. De partijen, de toezicht houdende organen en de leden van de schouwcommissie ontvangen een exemplaar van dit verslag.

7.

De commissieleden zijn bevoegd te allen tijde de in artikel 1 en 2 genoemde beekvakken te bezichtigen. De partijen verplichten zich, onverminderd het geldende nationale recht, te bewerkstelligen dat in hun reglementen overeenkomstige bepalingen worden opgenomen.

Artikel 10
1.

Iedere partij geeft de andere gelegenheid zich uit te spreken alvorens zij een publiekrechtelijke vergunning afgeeft, welke op deze overeenkomst betrekking heeft.

2.

Wanneer in de reglementen van partijen wijzigingen worden aangebracht welke van invloed zijn op de belangen die deze overeenkomst aangaan, zowel aan Nederlandse als aan Duitse zijde, dan dient steeds de andere partij inzake de wijziging te worden gehoord.

Artikel 11
1.

Wijzigingen in de overeenkomst behoeven de goedkeuring van de regeringen van de Bondsrepubliek Duitsland en het Koninkrijk der Nederlanden.

2.

Wijzigingen in het in artikel 4 genoemde grondplan behoeven slechts de goedkeuring van de Regierungspräsident in Düsseldorf en de Gedeputeerde Staten van Limburg.

Artikel 12
1.

De overeenkomst wordt gesloten voor een tijdsduur van tien jaren. Wordt zij niet drie jaren voor de expiratiedatum opgezegd, dan wordt zij geacht stilzwijgend te zijn verlengd met telkens tien jaren.

2.

De opzegging dient te geschieden bij aangetekend schrijven.

Artikel 13
1.

Deze overeenkomst behoeft de goedkeuring van de regeringen van de Bondsrepubliek Duitsland en het Koninkrijk der Nederlanden. Zij treedt in werking een maand na ontvangst van de laatste kennisgeving van goedkeuring bij één der partijen. De partijen stellen het tijdstip van inwerkingtreding schriftelijk vast.

2.

De overeenkomst vervangt vanaf de dag van inwerkingtreding:

OPGEMAAKT te Venlo, de 16e november 1979 in zeven exemplaren, elk in de Nederlandse en Duitse taal, waarbij beide teksten gelijkelijk bindend zijn.

(w.g.) K. GÖDDE

Voorzitter van het Wasser- und Bodenverband Spanische Ley

(w.g.) A. KEMPKES

Voorzitter van het Wasser- und Bodenverband Hülmer Heide alsmede Voorzitter van het Wasser- und Bodenverband Wolfsgraben

(w.g.) M. HORNBERGS

Voorzitter van het Wasser- und Bodenverband Schwarz-, Laar- und Baaler Bruch

(w.g.) B. H. CARIS

Voorzitter van het waterschap Het Maasterras