Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Arabische Republiek inzake schadeloosstelling van Nederlandse belangen

Type Verdrag
Publication 1972-03-21
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Arabische Republiek,

Geleid door de wens de schadeloosstelling van de Nederlandse belangen die zijn getroffen door de in deze Overeenkomst genoemde nationalisatiemaatregelen en andere maatregelen van beperkende aard, uitgevaardigd in de Verenigde Arabische Republiek, in haar geheel en definitief te regelen,

Zijn de volgende bepalingen overeengekomen:

Artikel 1
1.

Voor de toepassing van deze Overeenkomst worden als Nederlandse eigendommen, rechten en belangen beschouwd de eigendommen, rechten en belangen toebehorend aan natuurlijke personen van Nederlandse nationaliteit, alsmede aan Nederlandse rechtspersonen.

2.

Voor de toepassing van deze Overeenkomst dient de Nederlandse nationaliteit van de natuurlijke personen en de rechtspersonen te hebben bestaan vanaf de datum van de maatregelen waardoor de bezittingen, rechten en belangen zijn getroffen tot de datum van de sluiting van deze Overeenkomst.

3.

Natuurlijke personen die de dubbele Nederlands-Egyptische nationaliteit bezitten zijn geheel uitgesloten van de toepassing van deze Overeenkomst.

4.

Natuurlijke personen die de Nederlandse nationaliteit alsmede een andere dan de Egyptische nationaliteit bezitten worden slechts als Nederlanders in de zin van deze Overeenkomst beschouwd in het geval waarin de Nederlandse nationaliteit als de overwegende of feitelijke nationaliteit kan worden aangemerkt.

5.

Elk geschil betreffende de legitimatie van de in de bovengenoemde leden bedoelde personen dat niet langs diplomatieke weg kan worden opgelost, wordt voorgelegd aan de Gemengde Commissie ingesteld bij artikel 8 van deze Overeenkomst.

Artikel 2
1.

De Regering van de Verenigde Arabische Republiek betaalt schadeloosstelling voor de Nederlandse bezittingen, rechten en belangen die zijn getroffen door de hieronder genoemde maatregelen, genomen in de Verenigde Arabische Republiek:

2.

Deze schadeloosstellingen (hierna te noemen „de schadeloosstellingen”) zijn niet onderworpen aan de maxima bepaald bij de wetten 134 en 150 van 1964.

Artikel 3
1.

De verschuldigde schadeloosstellingen worden bepaald overeenkomstig de wetten, bedoeld in artikel 2.

2.

Volgens de door beide partijen opgestelde ramingen beloopt het gehele bedrag van de schadeloosstellingen ongeveer 12 miljoen Nederlandse guldens.

Derhalve is overeengekomen dat het betrokken bedrag niet definitief is en dat het in het kader van deze Overeenkomst wordt bepaald op basis van bescheiden waaruit rechten op schadeloosstellingen wegens bezittingen, rechten en belangen blijken of op basis van alle bewijsstukken of andere passende bewijsmiddelen die door de eisers moeten worden overgelegd.

Artikel 4
1.

Met het oog op de overmaking naar Nederland geschiedt de betaling van de schadeloosstellingen slechts voor 50 % en wordt zij verricht door middel van stortingen op het tegoed vaneen speciale rekening die niet rentegevend is. Deze rekening wordt in Nederlandse guldens geopend bij de Centrale Bank van Egypte ten name van de Nederlandsche Bank N.V.

Het bedrag van de aan elke Nederlandse natuurlijke persoon of rechtspersoon verschuldigde schadeloosstellingen in de zin van artikel 1 van deze Overeenkomst wordt berekend op basis van een wisselkoers van één Egyptisch pond tegen 8.326 Nederlandse guldens.

2.

De in het eerste lid van dit artikel bedoelde rekening wordt aangewend voor de betaling, ten belope van 50 % van hun waarde, van alle goederen van oorsprong uit de Verenigde Arabische Republiek, met uitzondering van ruwe katoen, rijst en aardolie, die rechtstreeks in Nederland worden ingevoerd ter dekking van de behoeften van zijn markt.

Artikel 5
1.

De schadeloosstellingen worden, zoals vermeld in artikel 4, op hun verzoek betaald aan Nederlandse rechtspersonen, alsmede aan natuurlijke personen die de Nederlandse nationaliteit bezitten en die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze Overeenkomst niet of niet meer verblijven in de Verenigde Arabische Republiek.

De verzoeken om schadeloosstelling moeten, op straffe van het vervallen van recht, worden ingediend binnen een termijn van 18 maanden te rekenen van de datum van inwerkingtreding van deze Overeenkomst.

2.

Natuurlijke personen van Nederlandse nationaliteit die op de datum van inwerkingtreding van deze Overeenkomst ingezetene zijn van de Verenigde Arabische Republiek en die een rechtsgeldig verzoek tot schadeloosstelling hebben ingediend, kunnen gebruik maken van de bepalingen betreffende de overmakingen bepaald in deze Overeenkomst zodra zij de status van niet-ingezetene hebben verworven.

3.

Het verzoek tot verwerving van de status van niet-ingezetene dient uiterlijk twee jaar na de inwerkingtreding van deze Overeenkomst te worden ingediend.

Artikel 6

De transacties op de speciale rekening bedoeld in artikel 4 zijn vrijgesteld van alle belastingen, heffingen of transferpremies. Zij zijn onderworpen aan de gebruikelijke bankkosten.

Artikel 7

De overeenkomsten die de Verenigde Arabische Republiek zou kunnen sluiten met derde landen met het oog op schadeloosstelling wegens bezittingen, rechten en belangen die zijn getroffen door de in deze Overeenkomst bedoelde maatregelen, worden rechtens uitgebreid tot Nederlandse onderdanen, voor zover zij gunstiger zijn dan deze Overeenkomst.

Artikel 8

Er wordt een Gemengde Commissie ingesteld, bestaande uit vertegenwoordigers van de beide Regeringen, ten einde toezicht uit te oefenen op de tenuitvoerlegging van deze Overeenkomst, de moeilijkheden die zich zouden kunnen voordoen te bespreken en eventueel de maatregelen te nemen die nodig zouden blijken om de goede werking van de Overeenkomst te verzekeren.

Zij komt bijeen op verzoek van een der beide Regeringen.

Artikel 9

Na volledige betaling van de in de artikelen 2, 3, 4 en 5 van deze Overeenkomst genoemde schadeloosstellingen zal de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden, uit haar naam en uit naam van de rechthebbende personen, de aanspraken, voortvloeiend uit de maatregelen, bedoeld in artikel 2 van deze Overeenkomst, als definitief en volledig geregeld beschouwen.

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden verbindt zich, onder voorbehoud van de vervulling door de Verenigde Arabische Republiek van de krachtens deze Overeenkomst op haar rustende verplichtingen geen aanspraken meer in te dienen of te steunen die hebben geleid tot betaling van schadeloosstellingen.

Artikel 10

De Regering van de Verenigde Arabische Republiek zal alle aanspraken voortvloeiend uit de toepassing van de maatregelen, genoemd in artikel 2, of gebaseerd op deze maatregelen, als definitief geregeld beschouwen jegens Nederlandse belanghebbenden, aan wie de in deze Overeenkomst bepaalde schadeloosstelling ten goede komt.

Wanneer de door de Regering van de Verenigde Arabische Republiek betaalde schadeloosstellingen eenmaal op de bijzondere rekening zijn gestort, zijn zij niet meer onderworpen aan belastingen.

Artikel 11

Deze Overeenkomst treedt in werking op de dag van de wisseling van diplomatieke nota's waarin de vervulling van de grondwettelijk vereiste voorwaarden wordt vastgesteld.

Ten einde de tenuitvoerlegging van de Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Arabische Republiek inzake de schadeloosstelling van Nederlandse belangen, ondertekend te Kairo, op 25 februari 1971 en hierna te noemen „de Overeenkomst” te vergemakkelijken, zijn de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Arabische Republiek het volgende overeengekomen:

Artikel 1

De belanghebbende Nederlandse natuurlijke personen en rechtspersonen die voornemens zijn, in de zin van artikel 4 van de Overeenkomst de hun toegekende schadeloosstellingen te laten overmaken, dienen hiertoe binnen een termijn van 18 maanden, te rekenen van de inwerkingtreding van de Overeenkomst, een verzoek in bij een handelsbank van hun keuze in de Verenigde Arabische Republiek.

Artikel 2

Het in artikel 1 bedoelde verzoek dient te worden opgesteld in vijfvoud: een origineel bestemd voor de Egyptische handelsbank, bedoeld in artikel 1, een exemplaar voor de Centrale Bank van Egypte, een exemplaar voor het Departement voor deviezencontrole in de Verenigde Arabische Republiek, een exemplaar voor het Ministerie van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden en een exemplaar voor de indiener van het verzoek.

Dit verzoek dient vergezeld te gaan van een verklaring van de Nederlandse autoriteiten waarin wordt bevestigd dat de personen die het verzoek indienen voldoen aan de nationaliteitsvoorwaarden, bepaald in artikel 1 van de Overeenkomst.

Artikel 3

De indiening en het onderzoek van de verzoekschriften verloopt als volgt:

Artikel 4
1.

De Centrale Bank van Egypte opent ten name van de Nederlandsche Bank N.V. de speciale rekening in Nederlandse guldens, bedoeld in artikel 4, eerste lid, eerste alinea, van de Overeenkomst.

Zodra het bedrag daarvan is bepaald wordt op het tegoed van deze rekening de tegenwaarde in Nederlandse guldens gestort van 50 % van het bedrag van de schadeloosstellingen die aan de rechthebbende krachtens deze Overeenkomst verschuldigd zijn.

De Centrale Bank van Egypte stelt de Nederlandsche Bank N.V. om verwijld in kennis van genoemde stortingen en zendt deze Bank tegelijkertijd een afrekening in tweevoud toe, waarin de aard van de bezittingen, rechten en belangen waarvoor schadeloosstelling is verleend nader is aangegeven.

2.

De inwisseling van Nederlandse guldens, afgeboekt van de speciale rekening, bedoeld in artikel 4, eerste lid, eerste alinea, van de Overeenkomst voor de betaling van goederen overeenkomstig het tweede lid van genoemd artikel, geschiedt ten gunste van Egyptische exporteurs tegen een wisselkoers die niet afwijkt van die welke op de dag van de transactie van toepassing is op de inwisseling van vrij inwisselbare Nederlandse guldens.

3.

Ingeval het saldo op de speciale rekening bedoeld in artikel 4, eerste lid, eerste alinea, van de Overeenkomst niet toereikend is om de betaling van de in het tweede lid van dat artikel bedoelde goederen te verrichten, kunnen de betalingen voor deze goederen geschieden via rekeningen in vrij inwisselbare Nederlandse guldens.

4.

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden zal met de Nederlandsche Bank N.V. de nodige maatregelen nemen voor de terbeschikkingstelling aan schadeloos te stellen personen van de hun toegekende bedragen.

Artikel 5

De Nederlandsche Bank N.V. en de Centrale Bank van Egypte zullen zich onderling verstaan met betrekking tot de technische regelingen, die getroffen moeten worden met het oog op de tenuitvoerlegging van de financiële bepalingen van de Overeenkomst en van dit Protocol.

Artikel 6

Dit Protocol treedt in werking op dezelfde datum als de Overeenkomst.

EN FOI DE QUOI, les soussignés, dûment autorisés à cet effet ont signé le présent Accord.

FAIT au Caire, le 25 février 1971, en deux exemplaires, en langue française.

Pour le Gouvernement du Royaume des Pays-Bas :

(s.) TH. P. BERGSMA

Dr. Th. P. Bergsma

Pour le Gouvernement de la République Arabe Unie:

(s.) M. MERZBAN

Mohamed Abdallah Merzban

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.