Culturele Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Tunesië

Type Verdrag
Publication 1966-01-20
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Tunesië, de wens koesterende de culturele banden tussen de beide landen te versterken en een nauwe samenwerking op het gebied van onderwijs, kunsten en wetenschappen te bewerkstelligen, de vriendschappelijke verstandhouding te bevestigen en een zo volledig mogelijk begrip tussen de beide volken te handhaven, hebben besloten een culturele overeenkomst te sluiten en zijn de volgende bepalingen overeengekomen:

Artikel I

De Overeenkomstsluitende Partijen verbinden zich de samenwerking tussen de beide landen op het gebied van cultuur, kunst en wetenschappen aan te moedigen en wel door het nemen van alle daartoe noodzakelijke maatregelen. Zij verbinden zich met name ertoe:

Artikel II

De bevoegde Autoriteiten in elk der beide landen nemen de maatregelen die noodzakelijk zijn om de waarde der door de instellingen van het andere land verleende diploma's en academische titels te bepalen.

Artikel III

De Overeenkomstsluitende Partijen keuren de oprichting van bilaterale genootschappen op Hun onderscheiden grondgebieden goed, welke ten doel hebben de wetenschappelijke en culturele samenwerking tussen de beide landen te bevorderen. Deze genootschappen zijn aan de in elk land van kracht zijnde wetten en voorschriften onderworpen.

Artikel IV

De bevoegde Autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen treffen in onderling overleg de nadere maatregelen die nodig zijn ter uitvoering van het bepaalde in de bovenstaande artikelen. Te dien einde wordt in elk van beide landen een commissie ingesteld die tot taak heeft aan de Regering voorstellen te doen ter uitvoering van de onderhavige Overeenkomst.

In elk van beide landen worden de leden van deze commissie benoemd door de Minister die voor de uitvoering van de onderhavige Overeenkomst verantwoordelijk is. De diplomatieke vertegenwoordiger van de andere Overeenkomstsluitende Partij kan worden uitgenodigd aan de beraadslagingen van die commissie deel te nemen.

Artikel V

De onderhavige Overeenkomst zal worden bekrachtigd en de akten van bekrachtiging zullen zo spoedig mogelijk te 's-Gravenhage worden uitgewisseld. De Overeenkomst zal in werking treden op de datum van de uitwisseling van de akten van bekrachtiging.

Artikel VI

Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, is de onderhavige Overeenkomst van toepassing op het in Europa gelegen gebied.

Artikel VII

De onderhavige Overeenkomst blijft van kracht voor een tijdvak van vijf jaar. Indien zij niet zes maanden voor de datum van haar beëindiging is opgezegd, wordt zij stilzwijgend verlengd, met dien verstande dat elk van de Overeenkomstsluitende Partijen zich in dat geval het recht voorbehoudt haar op ieder tijdstip op te zeggen met inachtneming van een termijn van zes maanden.

EN FOI DE QUOI, les Plénipotentiaires respectifs ont signé le présent accord et y ont apposé leurs sceaux.

FAIT à Tunis, le 11 février 1964, en double exemplaire, en langue française.

Pour le Gouvernement du Royaume des Pays-Bas,

(s.) Th. P. BERGSMA

Pour le Gouvernement de la République Tunisienne,

(s.) TAÏEB SAHBANI

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.