Verdrag tot oprichting van de Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom (OMPI/WIPO), zoals gewijzigd op 28 september 1979
De Verdragsluitende Partijen,
Geleid door de wens, bij te dragen tot een beter begrip en een betere samenwerking tussen de Staten tot hun wederzijds voordeel en op basis van de eerbiediging van hun soevereiniteit en gelijkheid,
Verlangende de bescherming van de intellectuele eigendom in de wereld te bevorderen, om aldus de creatieve werkzaamheid aan te moedigen,
Verlangende het beheer van de Unies, ingesteld op het gebied van de bescherming van de industriële eigendom en van de bescherming van werken van letterkunde en kunst, te moderniseren en doeltreffender te maken, zulks met volledige eerbiediging van de zelfstandigheid van deze Unies,
Zijn als volgt overeengekomen:
Artikel 1. Oprichting van de Organisatie
Bij dit Verdrag wordt de Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom opgericht.
Artikel 2. Begripsomschrijvingen
In dit Verdrag wordt verstaan:
- i). onder „Organisatie”, de Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom (OMPI/WIPO);
- ii). onder „Internationaal Bureau” het Internationale Bureau voor de intellectuele eigendom;
- iii). onder „Verdrag van Parijs” het Verdrag tot bescherming van de industriële eigendom, ondertekend op 20 maart 1883, met inbegrip van alle daarbij behorende Akten van herziening;
- iv). onder „Berner Conventie”, de Conventie voor de bescherming van werken van letterkunde en kunst, ondertekend op 9 september 1886, met inbegrip van alle daarbij behorende Akten van herziening;
- v). onder „Unie van Parijs” de Internationale Unie, opgericht bij het Verdrag van Parijs;
- vi). onder „Unie van Bern” de Internationale Unie, opgericht bij de Berner Conventie;
- vii). onder „Unies” de Unie van Parijs, de bijzondere Unies en de bijzondere Overeenkomsten aangegaan in verband met deze Unie, de Unie van Bern, alsmede alle andere internationale verbintenissen ter bevordering van de bescherming van de intellectuele eigendom die krachtens artikel 4, sub iii) worden beheerd door de Organisatie;
- viii). onder „intellectuele eigendom” de rechten betreffende: en alle andere rechten verband houdende met de intellectuele werkzaamheid op het gebied van de nijverheid, wetenschap, letterkunde en kunst.
- -. werken van letterkunde, kunst en wetenschap,
- -. uitvoeringen van uitvoerende kunstenaars, grammofoonplaten en radiouitzendingen,
- -. uitvindingen op alle gebieden van de menselijke werkzaamheid,
- -. wetenschappelijke ontdekkingen,
- -. tekeningen en modellen van nijverheid,
- -. fabrieks-, handels- en dienstmerken alsmede handelsnamen en commerciële aanduidingen,
- -. de bescherming tegen oneerlijke mededinging,
Artikel 3. Doel van de Organisatie
De Organisatie heeft ten doel:
- i). de bevordering van de bescherming van de intellectuele eigendom in de wereld door onderlinge samenwerking van de Staten, eventueel met medewerking van andere internationale organisaties;
- ii). het verzekeren van de administratieve samenwerking tussen de Unies.
Artikel 4. Werkzaamheden
Ter verwezenlijking van het doel, omschreven in artikel 3, verricht de Organisatie, door haar bevoegde organen en onder voorbehoud van de bevoegdheid van elk der Unies, de volgende werkzaamheden:
- i). zij streeft naar het aanvaarden van maatregelen gericht op het vergemakkelijken van de daadwerkelijke bescherming van de intellectuele eigendom in de wereld en naar het met elkaar in overeenstemming brengen van de nationale wetten op dit gebied;
- ii). zij verzorgt de administratie van de Unie van Parijs, van de bijzondere Unies, opgericht in verband met deze Unie en van de Unie van Bern;
- iii). zij kan zich bereid verklaren tot het geheel of gedeeltelijk op zich nemen van de administratie, verbonden aan de uitvoering van andere internationale verbintenissen ter bevordering van de bescherming van de intellectuele eigendom;
- iv). zij bevordert het sluiten van internationale overeenkomsten ter bevordering van de bescherming van de intellectuele eigendom;
- v). zij verleent haar medewerking aan de Staten die haar verzoeken om technisch-juridische bijstand op het gebied van de intellectuele eigendom;
- vi). zij verzamelt en verspreidt alle gegevens betreffende de bescherming van de intellectuele eigendom, verricht en bevordert studies op dit gebied en maakt de resultaten daarvan bekend;
- vii). zij voorziet in diensten ter vergemakkelijking van de internationale bescherming van de intellectuele eigendom, gaat, zo nodig, over tot registraties ter zake en publiceert gegevens betreffende deze registraties;
- viii). zij neemt alle andere passende maatregelen.
Artikel 5. Lidmaatschap
1). Het lidmaatschap van de Organisatie staat open voor iedere Staat die lid is van een van de Unies, omschreven in artikel 2, sub vii).
2). Het lidmaatschap van de Organisatie staat eveneens open voor iedere Staat die geen lid van een der Unies is, op voorwaarde:
- i). dat hij lid is van de Organisatie der Verenigde Naties, van een der Gespecialiseerde Organisaties der Verenigde Naties of van de Internationale Organisatie voor Atoomenergie, dan wel partij bij het Statuut van het Internationale Gerechtshof, of
- ii). dat hij door de Algemene Vergadering wordt uitgenodigd partij te worden bij dit Verdrag.
Artikel 6. Algemene Vergadering
- a). Er wordt een Algemene Vergadering ingesteld, bestaande uit de Staten die partij zijn bij dit Verdrag en tevens lid zijn van ten minste één van de Unies.
- b). De Regering van elke Lid-Staat is vertegenwoordigd door een afgevaardigde, die zich kan doen bijstaan door plaatsvervangers, adviseurs en deskundigen.
- c). De door elke delegatie gemaakte kosten worden gedragen door de Regering die haar heeft aangewezen.
2). De Algemene Vergadering:
- i). benoemt de Directeur-Generaal op voordracht van de Coördinatiecommissie;
- ii). bestudeert en hecht haar goedkeuring aan de rapporten van de Directeur-Generaal met betrekking tot de Organisatie en verstrekt hem alle nodige richtlijnen;
- iii). bestudeert en hecht haar goedkeuring aan de rapporten en werkzaamheden van de Coördinatiecommissie en geeft deze richtlijnen;
- iv). stelt de tweejaarlijkse begroting van de gemeenschappelijke uitgaven van de Unies vast;
- v). hecht haar goedkeuring aan de door de Directeur-Generaal voorgestelde administratieve regelingen ter uitvoering van de internationale verbintenissen, bedoeld in artikel 4, sub iii);
- vi). stelt het financiële reglement van de Organisatie vast;
- vii). bepaalt in welke talen het Secretariaat werkt met inachtneming van het gebruik bij de Verenigde Naties;
- viii). nodigt de Staten bedoeld in artikel 5, tweede lid, sub ii), uit partij te worden bij dit Verdrag;
- ix). beslist welke Staten, geen leden der Organisatie zijnde, en welke intergouvernementele en niet-gouvernementele internationale organisaties als waarnemers tot haar vergaderingen kunnen worden toegelaten;
- x). verricht alle overige taken die dienstig zijn in het kader van dit Verdrag.
- a). Elke Staat, ongeacht of hij lid is van een of meer Unies, heeft in de Algemene Vergadering één stem.
- b). Het quorum wordt gevormd door de helft van de Lid-Staten van de Algemene Vergadering.
- c). Niettegenstaande het bepaalde onder letter b) kunnen, indien gedurende een zitting het aantal vertegenwoordigde Staten kleiner is dan de helft, maar gelijk aan of groter dan het derde deel van de Lid-Staten der Algemene Vergadering, door die Vergadering besluiten worden genomen; evenwel worden de besluiten van de Algemene Vergadering, met uitzondering van die welke haar eigen procedure betreffen, eerst rechtens uitvoerbaar nadat aan de hierna vermelde voorwaarden is voldaan. Het Internationale Bureau brengt de hier bedoelde besluiten ter kennis van de Lid-Staten der Algemene Vergadering, die niet vertegenwoordigd waren, en verzoekt hun binnen een termijn van drie maanden, te rekenen van de datum van de bedoelde kennisgeving, schriftelijk hun stem uit te brengen of hun onthouding kenbaar te maken. Indien na afloop van deze termijn het aantal Staten, dat op deze wijze zijn stem heeft uitgebracht of zijn onthouding heeft kenbaar gemaakt, ten minste gelijk is aan het aantal Staten dat aan het quorum der vergadering ontbrak, zullen bedoelde besluiten rechtens uitvoerbaar worden, mits tezelfdertijd de vereiste meerderheid is bereikt.
- d). Onverminderd het bepaalde onder letters e) en f) neemt de Algemene Vergadering haar besluiten met een meerderheid van twee derde van de uitgebrachte stemmen.
- e). Voor de aanvaarding van de administratieve regelingen ter uitvoering van de internationale verbintenissen, bedoeld in artikel 4, sub iii), is een meerderheid van drie vierde van de uitgebrachte stemmen vereist.
- f). Voor de goedkeuring van een overeenkomst met de Organisatie der Verenigde Naties overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 57 en 63 van het Handvest der Verenigde Naties is een meerderheid van negen tiende van de uitgebrachte stemmen vereist.
- g). Voor de benoeming van de Directeur-Generaal (tweede lid, sub i)), voor de goedkeuring van de door de Directeur-Generaal voorgestelde administratieve regelingen ter uitvoering van de internationale verbintenissen (tweede lid, sub v)) en voor de verplaatsing van de zetel (artikel 10) is de voorgeschreven meerderheid vereist, niet alleen in de Algemene Vergadering, doch ook in de Algemene Vergadering van de Unie van Parijs en in de Algemene Vergadering van de Unie van Bern.
- h). Onthouding geldt niet als stem.
- i). Een afgevaardigde kan slechts één Staat vertegenwoordigen en kan slechts uit naam van deze Staat zijn stem uitbrengen.
- a). De Algemene Vergadering komt eenmaal in de twee jaar in gewone zitting bijeen, op uitnodiging van de Directeur-Generaal.
- b). De Algemene Vergadering komt in buitengewone zitting bijeen op uitnodiging van de Directeur-Generaal ingevolge een verzoek van de Coördinatiecommissie of van één vierde van de Lid-Staten van de Algemene Vergadering.
- c). De zittingen worden gehouden ter plaatse van de zetel van de Organisatie.
5). De Staten die partij zijn bij dit Verdrag en die geen lid zijn van een der Unies, worden als waarnemers toegelaten tot de zittingen van de Algemene Vergadering.
6). De Algemene Vergadering stelt haar reglement van orde vast.
Artikel 7. Conferentie
- a). Er wordt een Conferentie ingesteld, bestaande uit de Staten die partij zijn bij dit Verdrag, ongeacht of zij al of niet lid zijn van een der Unies.
- b). De Regering van elke Staat is vertegenwoordigd door een afgevaardigde, die zich kan doen bijstaan door plaatsvervangers, adviseurs en deskundigen.
- c). De door elke delegatie gemaakte kosten worden gedragen door de Regering die haar heeft aangewezen.
2). De Conferentie:
- i). bespreekt vraagstukken van algemeen belang op het gebied van de intellectuele eigendom en kan aanbevelingen betreffende deze vraagstukken doen, waarbij evenwel de bevoegdheid en de zelfstandigheid van de Unies wordt geëerbiedigd;
- ii). stelt de tweejaarlijkse begroting van de Conferentie vast;
- iii). stelt, binnen de grenzen van deze begroting, het tweejaarlijkse programma voor technisch-juridische bijstand vast;
- iv). neemt de wijzigingen aan op dit Verdrag volgens de procedure omschreven in artikel 17;
- v). beslist welke Staten, geen leden der Organisatie zijnde, en welke intergouvernementele en niet-gouvernementele internationale organisaties als waarnemers tot haar vergaderingen kunnen worden toegelaten;
- vi). verricht alle overige taken die dienstig zijn in het kader van dit Verdrag.
- a). Elke Lid-Staat heeft in de Conferentie één stem.
- b). Het quorum wordt gevormd door één derde van de Lid-Staten.
- c). Onverminderd het bepaalde in artikel 17 neemt de Conferentie haar besluiten met een meerderheid van twee derde van de uitgebrachte stemmen.
- d). Het bedrag van de bijdragen van de Staten die partij zijn bij dit Verdrag doch geen lid zijn van een der Unies, wordt vastgesteld bij een stemming waaraan alleen de afgevaardigden van deze Staten mogen deelnemen.
- e). Onthouding geldt niet als stem.
- f). Een afgevaardigde kan slechts één Staat vertegenwoordigen en kan slechts uit naam van deze Staat zijn stem uitbrengen.
- a). De Conferentie komt in gewone zitting bijeen op uitnodiging van de Directeur-Generaal gedurende dezelfde periode en te zelfder plaatse als de Algemene Vergadering.
- b). De Conferentie komt in buitengewone zitting bijeen op uitnodiging van de Directeur-Generaal ingevolge een verzoek van de meerderheid der Lid-Staten.
5). De Conferentie stelt haar reglement van orde vast.
Artikel 8. Coördinatiecommissie
- a). Er wordt een Coördinatiecommissie ingesteld bestaande uit de Staten die partij zijn bij dit Verdrag en tevens lid zijn van de Uitvoerende Commissie van de Unie van Parijs, de Uitvoerende Commissie van de Unie van Bern of van beide. Indien een van deze Uitvoerende Commissies evenwel meer leden telt dan één vierde van het aantal Lid-Staten van de Algemene Vergadering die haar heeft gekozen, wijst deze Commissie uit haar leden de Staten aan die lid zullen zijn van de Coördinatiecommissie en wel op zodanige wijze dat hun aantal niet het bovenbedoelde vierde deel overschrijdt, met dien verstande dat het land op welks grondgebied de Organisatie haar zetel heeft, bij de berekening van dit vierde deel niet wordt meegeteld.
- b). De Regering van elke Lid-Staat van de Coördinatiecommissie is vertegenwoordigd door een afgevaardigde, die zich kan doen bijstaan door plaatsvervangers, adviseurs en deskundigen.
- c). In geval van bestudering door de Coördinatiecommissie van hetzij vraagstukken die rechtstreeks het programma of de begroting van de Conferentie en haar agenda betreffen, hetzij voorstellen tot wijziging van dit Verdrag die van invloed kunnen zijn op de rechten of verplichtingen van de Staten die partij zijn bij dit Verdrag, en die geen lid zijn van een der Unies, neemt één vierde van deze Staten deel aan de vergaderingen van de Coördinatiecommissie met dezelfde rechten als de leden van deze Commissie. Op elke gewone zitting kiest de Conferentie de Staten die deze vergaderingen zullen bijwonen.
- d). De door elke delegatie gemaakte kosten worden gedragen door de Regering die haar heeft aangewezen.
2). Indien de andere door de Organisatie beheerde Unies als zodanig vertegenwoordigd wensen te zijn in de Coördinatiecommissie, moeten hun vertegenwoordigers worden aangewezen uit de Lid-Staten van de Coördinatiecommissie.
3). De Coördinatiecommissie:
- i). verstrekt adviezen aan de organen van de Unies, de Algemene Vergadering, de Conferentie en de Directeur-Generaal omtrent alle administratieve en financiële vraagstukken en alle andere kwesties van gemeenschappelijk belang voor hetzij twee of meer Unies, hetzij een of meer Unies en de Organisatie, en met name omtrent de begroting van de gemeenschappelijke uitgaven der Unies;
- ii). stelt de ontwerp-agenda voor de Algemene Vergadering op;
- iii). stelt de ontwerp-agenda, het ontwerp-programma en de ontwerpbegroting van de Conferentie op;
- iv). vervallen;
- v). stelt, bij het verstrijken van de ambtstermijn van de Directeur-Generaal, of wanneer deze post vacant is, een kandidaat voor ter benoeming in deze functie door de Algemene Vergadering; indien de Algemene Vergadering de door haar voorgedragen kandidaat niet benoemt, draagt de Coördinatiecommissie een andere kandidaat voor; dezelfde procedure wordt herhaald tot de Algemene Vergadering de laatst voorgedragen kandidaat heeft benoemd;
- vi). benoemt, indien tussen twee zittingen van de Algemene Vergadering de post van Directeur-Generaal vacant raakt, een Directeur-Generaal ad interim voor het tijdvak tot de ambtsaanvaarding van de nieuwe Directeur-Generaal;
- vii). verricht alle overige taken die haar in het kader van dit Verdrag worden opgedragen.
- a). De Coördinatiecommissie komt eenmaal per jaar in gewone zitting bijeen op uitnodiging van de Directeur-Generaal. In beginsel vergadert zij ter plaatse van de zetel van de Organisatie.
- b). De Coördinatiecommissie komt in buitengewone zitting bijeen op uitnodiging van de Directeur-Generaal, hetzij op diens initiatief, hetzij ingevolge een verzoek van haar voorzitter of van een vierde van haar leden.
- a). Elke Staat, ongeacht of hij lid is van slechts één of van beide Uitvoerende Commissies bedoeld in het eerste lid, onder letter a), heeft in de Coördinatiecommissie slechts één stem.
- b). Het quorum wordt gevormd door de helft van de leden van de Coördinatiecommissie.
- c). Een afgevaardigde kan slechts één Staat vertegenwoordigen en kan slechts uit naam van deze Staat zijn stem uitbrengen.
- a). De Coördinatiecommissie brengt haar adviezen uit en neemt haar beslissingen met eenvoudige meerderheid van de uitgebrachte stemmen. Onthouding geldt niet als stem.
- b). Zelfs wanneer een eenvoudige meerderheid is behaald, kan ieder lid van de Coördinatiecommissie, onmiddellijk na de stemming, verzoeken om een bijzondere telling van de stemmen en wel op de volgende wijze: er worden twee afzonderlijke lijsten opgesteld, waarop de namen voorkomen van de Lid-Staten van de Uitvoerende Commissie van de Unie van Parijs onderscheidenlijk die van de Lid-Staten van de Uitvoerende Commissie van de Unie van Bern; de door elke Staat uitgebrachte stem wordt ingeschreven achter zijn naam op elk van de lijsten waarop hij voorkomt. Ingeval uit deze bijzondere telling blijkt dat niet op elk van deze lijsten de eenvoudige meerderheid is behaald, wordt het voorstel als niet aangenomen beschouwd.
7). Elke Lid-Staat van de Organisatie die geen lid is van de Coördinatiecommissie kan op vergaderingen van deze Commissie worden vertegenwoordigd door waarnemers, die het recht hebben deel te nemen aan de besprekingen, doch geen stemrecht bezitten.
8). De Coördinatiecommissie stelt haar reglement van orde vast.
Artikel 9. Internationaal Bureau
1). Het Internationale Bureau treedt op als het secretariaat van de Organisatie.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.