Overeenkomst strekkende tot het vergemakkelijken van huwelijkssluiting in het buitenland
De Bondsrepubliek Duitsland, de Republiek Oostenrijk, het Koninkrijk België, de Franse Republiek, het Koninkrijk Griekenland, de Italiaanse Republiek, het Groothertogdom Luxemburg, het Koninkrijk der Nederlanden, de Zwitserse Bondsstaat en de Turkse Republiek, leden van de Internationale Commissie voor de Burgerlijke Stand,
Verlangende het sluiten van huwelijken van hun onderdanen op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Staten te vergemakkelijken, met name wat betreft het opheffen van huwelijksbeletselen en de huwelijksafkondigingen,
Zijn het volgende overeengekomen:
TITEL I
Artikel 1
Indien het huwelijk van een onderdaan van een der Overeenkomstsluitende Staten wordt gesloten op het grondgebied van een der andere Overeenkomstsluitende Staten en deze onderdaan daar zijn gewone verblijfplaats heeft, kunnen de bevoegde autoriteiten van het land van huwelijkssluiting aan deze toekomstige echtgenoot in de gevallen en onder de voorwaarden welke in zijn personele wet zijn voorzien, ontheffing verlenen van de in die wet neergelegde huwelijksverboden.
Artikel 2
In het land van huwelijkssluiting zijn tot het verlenen van de in het voorgaande artikel bedoelde ontheffing bevoegd de autoriteiten, die krachtens de interne wet van dat land bevoegd zijn tot het verlenen van dezelfde ontheffing aan eigen onderdanen.
Voorziet de wet van een land niet in dergelijke ontheffingen voor zijn eigen onderdanen, dan kan dit land aan een van zijn autoriteiten de bevoegdheid geven om die ontheffingen, overeenkomstig het bepaalde in artikel 1, aan onderdanen van de andere Overeenkomstsluitende Landen te verlenen.
Artikel 3
Deze Overeenkomst laat onverlet de bevoegdheid van de autoriteiten van de Staat waarvan de toekomstige echtgenoot onderdaan is, om hem, overeenkomstig de wetten van die Staat, ontheffing te verlenen.
TITEL II
Artikel 4
Op de afkondiging van huwelijken, welke met inachtneming van de plaatselijke vormvoorschriften op het grondgebied van een der Overeenkomstsluitende Staten worden gesloten, is uitsluitend de interne wet van die Staat van toepassing.
TITEL III
Artikel 5
Indien de wet van een der Overeenkomstsluitende Staten een kerkelijke huwelijkssluiting eist, kunnen de diplomatieke of consulaire vertegenwoordigers van de andere Overeenkomstsluitende Staten, indien hun wet hen daartoe machtigt, tot huwelijksvoltrekking in die Staat overgaan, mits ten minste een der echtgenoten onderdaan is van de Staat, die de diplomatieke of consulaire vertegenwoordiger heeft aangewezen, en geen der echtgenoten de nationaliteit bezit van het land waar het huwelijk wordt gesloten.
Op de huwelijksafkondiging is in dat geval uitsluitend de interne wet van het land, dat de diplomatieke of consulaire vertegenwoordiger heeft aangewezen, van toepassing.
TITEL IV
Artikel 6
Voor de toepassing van deze Overeenkomst worden onder „onderdanen van een Staat” verstaan de personen, die de nationaliteit van deze Staat bezitten alsmede diegenen, wier personeel statuut door de wet van die Staat wordt beheerst.
Artikel 7
De Overeenkomstsluitende Staten stellen de Zwitserse Bondsraad ervan in kennis, dat de door hun Grondwet vereiste procedures voor de inwerkingtreding van deze Overeenkomst op hun grondgebied zijn vervuld.
De Zwitserse Bondsraad doet de Overeenkomstsluitende Staten en de Secretaris-Generaal van de Internationale Commissie voor de Burgerlijke Stand mededeling van iedere kennisgeving in de zin van het vorige lid.
Artikel 8
Deze Overeenkomst treedt in werking op de dertigste dag te rekenen van de datum van nederlegging van de tweede kennisgeving en is van dat tijdstip af van kracht tussen de beide Staten die deze formaliteit hebben vervuld.
Voor iedere ondertekenende Staat, die de in het vorige artikel bedoelde formaliteit later vervult, wordt deze Overeenkomst van kracht te rekenen van de dertigste dag na de datum van nederlegging van zijn kennisgeving.
Artikel 9
Iedere Overeenkomstsluitende Staat kan bij de ondertekening, de in artikel 7 bedoelde kennisgeving of de toetreding verklaren, dat hij een of twee van de drie eerste Titels van deze Overeenkomst uitsluit.
Iedere Staat, die een verklaring overeenkomstig het eerste lid van dit artikel heeft afgelegd, kan op elk tijdstip daarna, door middel van een aan de Zwitserse Bondsraad gerichte kennisgeving, verklaren, dat hij eveneens toetreedt tot de Titel of Titels, die hij had uitgesloten.
De Zwitserse Bondsraad doet ieder van de Overeenkomstsluitende Staten alsmede de Secretaris-Generaal van de Internationale Commissie voor de Burgerlijke Stand mededeling van deze kennisgeving.
De in het tweede lid van dit artikel bedoelde verklaring heeft rechtsgevolg te rekenen van de dertigste dag na de datum waarop de Zwitserse Bondsraad de genoemde kennisgeving heeft ontvangen.
Artikel 10
Deze Overeenkomst is van rechtswege van toepassing in het gehele moederland van elke Overeenkomstsluitende Staat.
Elke Overeenkomstsluitende Staat kan bij de ondertekening, de in artikel 7 bedoelde kennisgeving, de toetreding of nadien, door middel van een aan de Zwitserse Bondsraad gerichte kennisgeving verklaren, dat de bepalingen van deze Overeenkomst van toepassing zullen zijn in een of meer van zijn buiten het moederland gelegen gebieden, van de staten of van de gebieden voor welker internationale betrekkingen hij verantwoordelijk is. De Zwitserse Bondsraad doet van laatstgenoemde kennisgeving mededeling aan elk der Overeenkomstsluitende Staten en aan de Secretaris-Generaal van de Internationale Commissie voor de Burgerlijke Stand. De bepalingen van deze Overeenkomst worden van toepassing in het gebied of de gebieden, in de kennisgeving aangewezen, op de zestigste dag na de datum waarop de Zwitserse Bondsraad bedoelde kennisgeving heeft ontvangen.
Iedere Staat die een verklaring heeft afgelegd overeenkomstig het bepaalde in lid 2 van dit artikel kan nadien op ieder tijdstip door middel van een aan de Zwitserse Bondsraad gerichte kennisgeving verklaren, dat deze Overeenkomst zal ophouden van toepassing te zijn in een of meer van de staten of gebieden die in de verklaring zijn genoemd.
De Zwitserse Bondsraad doet van deze kennisgeving mededeling aan elk der Overeenkomstsluitende Staten en aan de Secretaris-Generaal van de Internationale Commissie voor de Burgerlijke Stand.
De Overeenkomst houdt op van toepassing te zijn in het bedoelde gebied op de zestigste dag na de datum waarop de Zwitserse Bondsraad de voornoemde kennisgeving heeft ontvangen.
Artikel 11
Iedere Lid-Staat van de Raad van Europa of van de Internationale Commissie voor de Burgerlijke Stand kan tot deze Overeenkomst toetreden. De Staat die wenst toe te treden, geeft van zijn voornemen kennis door middel van een akte die wordt nedergelegd bij de Zwitserse Bondsraad. Deze doet van elke nederlegging van een akte van toetreding mededeling aan elk der Overeenkomstsluitende Staten en aan de Secretaris-Generaal van de Internationale Commissie voor de Burgerlijke Stand. Ten aanzien van de toetredende Staat treedt de Overeenkomst in werking op de dertigste dag na de datum van nederlegging van de akte van toetreding.
De nederlegging van de akten van toetreding kan niet plaats hebben dan nadat deze Overeenkomst in werking is getreden.
Artikel 12
Deze Overeenkomst blijft voor onbepaalde tijd van kracht. Elk der Overeenkomstsluitende Staten is evenwel bevoegd deze Overeenkomst of een of twee der drie eerste Titels te allen tijde op te zeggen door middel van een schriftelijke kennisgeving gericht aan de Zwitserse Bondsraad, die de andere Overeenkomstsluitende Staten en de Secretaris-Generaal van de Internationale Commissie voor de Burgerlijke Stand hiervan op de hoogte stelt.
Van deze bevoegdheid tot opzegging kan echter eerst gebruik worden gemaakt na het verstrijken van een termijn van vijf jaar te rekenen van de datum van de in artikel 7 bedoelde kennisgeving of van de toetreding af.
De oplegging wordt van kracht zes maanden na de datum waarop de Zwitserse Bondsraad de in het eerste lid van dit artikel bedoelde kennisgeving heeft ontvangen.
EN FOI DE QUOI les représentants soussignés, dûment autorisés à cet effet, ont signé la présente Convention.
FAIT à Paris, le 10 septembre 1964, en un seul exemplaire qui sera déposé dans les archives du Conseil Fédéral Suisse et dont une copie certifiée conforme sera remise par la voie diplomatique à chacun des Etats contractants et au Secrétaire Général de la Commission Internationale de l'Etat Civil.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.