Constitutie van de Wereldpostunie
Preambule
Met het oog op het ontwikkelen van communicatie tussen de volkeren door middel van een doelmatige werking van de postdiensten en het leveren van een bijdrage tot het bereiken van de hoge doelen van de internationale samenwerking op cultureel, sociaal en economisch gebied, hebben de gevolmachtigden van de regeringen van de verdragsluitende landen, onder voorbehoud van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring deze Constitutie aangenomen.
De Wereldpostunie (hierna de „Unie”) heeft tot doel de duurzame ontwikkeling van kwalitatief hoogwaardige, doelmatige en toegankelijke universele postale diensten te bevorderen, om de communicatie tussen de bewoners van de wereld te vergemakkelijken, door:
het vrije verkeer van poststukken te waarborgen op een enkel postgebied dat bestaat uit onderling verbonden netwerken;
de aanneming van billijke gemeenschappelijke normen en het gebruik van technologie aan te moedigen;
samenwerking en interactie tussen de betrokken partijen te waarborgen;
doelmatige technische samenwerking te bevorderen;
toe te zien op de voldoening aan de veranderende behoeften van de cliënten.
TITEL I. ORGANIEKE BEPALINGEN
HOOFDSTUK I. ALGEMEEN
Artikel 1. Reikwijdte en doelen van de Unie
De landen die deze Constitutie aannemen, vormen in het kader van de intergouvernementele organisatie met de naam Wereldpostunie één enkel postgebied voor de wederzijdse uitwisseling van poststukken. De vrijheid van doorvoer is gegarandeerd binnen het gehele gebied van de Unie, behoudens de voorwaarden als vermeld in de Akten van de Unie en elk aanvullend protocol daarbij (hierna tezamen genoemd „Akten van de Unie”).
Het doel van de Unie is de organisatie en verbetering van postale diensten veilig te stellen en de ontwikkeling van internationale samenwerking op dit gebied te bevorderen.
De Unie neemt, voor zover mogelijk, deel aan de postale technische bijstand die door haar lidstaten wordt gevraagd.
Artikel 1bis. Begripsomschrijvingen
Ten behoeve van de Akten van de Unie worden de navolgende termen als volgt gedefinieerd:
- 1.1. postale dienst: geheel van internationale postale verrichtingen waarvan de reikwijdte door de Akten van de Unie wordt vastgesteld en gereglementeerd. De belangrijkste met deze verrichtingen samenhangende verplichting is het realiseren van bepaalde sociale en economische doelstellingen van de lidstaten, door te zorgen voor het ophalen, sorteren, verzenden en bestellen van poststukken.
- 1.2. lidstaat: land dat voldoet aan de in artikel 2 van de Constitutie genoemde voorwaarden.
- 1.3. enkel postgebied (een en hetzelfde postgebied): verplichting voor de partijen bij de Akten van de Unie om, op basis van wederkerigheid, zorg te dragen voor de uitwisseling van poststukken met inachtneming van de vrijheid van doorvoer en om poststukken afkomstig van andere landen die via hun land worden doorgevoerd zonder onderscheid als hun eigen poststukken te behandelen, met inachtneming van de voorwaarden als vermeld in de Akten van de Unie.
- 1.4. vrijheid van doorvoer: verplichting voor een tussenliggende lidstaat om poststukken te vervoeren die hem in het kader van doorvoer naar een andere lidstaat worden aangeboden, waarbij deze poststukken op dezelfde wijze worden behandeld als binnenlandse poststukken, met in achtneming van de voorwaarden als vermeld in de Akten van de Unie.
- 1.5. (Geschrapt.)
- 1.6. (Geschrapt.)
- 1.6bis. poststuk: algemene term die verwijst naar alle post die door de aangewezen aanbieder van een lidstaat wordt verzonden (briefpost, pakketpost, postwissels, enzovoort), zoals beschreven in het Algemeen Postverdrag (hierna „Verdrag”), de Verdragen van de Unie (zoals bedoeld in artikel 22 van de Constitutie) en de respectievelijke Regelingen daarbij.
- 1.7. aangewezen aanbieder: elke gouvernementele of niet-gouvernementele instantie die officieel door de lidstaat is aangewezen voor de verzorging van postale diensten en het vervullen van de daarbij behorende verplichtingen die uit de Akten van de Unie voortvloeien op zijn grondgebied.
- 1.8. voorbehoud: een uitzonderingsclausule waarmee een lidstaat beoogt het rechtsgevolg van de toepassing in de lidstaat van een bepaling van een Akte, niet zijnde de Constitutie of het Algemeen Reglement, uit te sluiten of te wijzigen. Elk voorbehoud dient verenigbaar te zijn met het voorwerp en doel van de Unie zoals omschreven in de preambule en artikel 1 van de Constitutie. Een voorbehoud dient naar behoren met redenen te worden omkleed en te worden goedgekeurd door de meerderheid die is vereist voor de goedkeuring van de desbetreffende Akte, en dient in het Slotprotocol ervan te worden opgenomen.
Artikel 2. Leden van de Unie
Lidstaten van de Unie zijn:
- a. de staten die de hoedanigheid van lid hebben op de datum van inwerkingtreding van deze Constitutie;
- b. de staten die lid zijn geworden overeenkomstig artikel 11.
Artikel 3. Rechtsgebied van de Unie
Het rechtsgebied van de Unie omvat:
- a. de grondgebieden van de lidstaten;
- b. de postkantoren die door de lidstaten zijn gevestigd in grondgebieden die niet in de Unie zijn opgenomen;
- c. de grondgebieden die, zonder lid te zijn van de Unie, daar wel in zijn opgenomen omdat zij, vanuit postaal oogpunt, onder de verantwoordelijkheid van de lidstaten vallen.
Artikel 4. Uitzonderlijke betrekkingen
De lidstaten waarvan de aangewezen aanbieders postale diensten verzorgen namens grondgebieden die niet in de Unie zijn opgenomen, zijn verplicht voor de andere lidstaten als tussenliggende lidstaat op te treden. De bepalingen van het Verdrag en van de bijbehorende Regelingen zijn op deze uitzonderlijke betrekkingen van toepassing.
Artikel 5. Zetel van de Unie
De zetel van de Unie en haar permanente organen is gevestigd te Bern.
Artikel 6. Officiële taal van de Unie
De officiële taal van de Unie is de Franse taal.
Artikel 7. Munteenheid
De munteenheid die in de Akten van de Unie wordt gebruikt is de rekeneenheid van het Internationaal Monetair Fonds (IMF).
Artikel 8. Beperkte Unies. Bijzondere regelingen
Lidstaten of hun aangewezen aanbieders indien zulks door de wetgeving van deze lidstaten wordt toegestaan, kunnen beperkte Unies oprichten en bijzondere regelingen sluiten met betrekking tot de postale dienst, evenwel altijd met dien verstande dat zij geen bepalingen mogen opnemen die minder gunstig zijn voor het publiek dan de bepalingen in de Akten waarbij de betreffende lidstaten partij zijn.
Beperkte Unies kunnen waarnemers zenden naar Congressen, de Raad van Bestuur, de Postraad en andere door de Unie georganiseerde conferenties en vergaderingen.
De Unie kan waarnemers naar Congressen, conferenties en vergaderingen van de beperkte Unies zenden.
Artikel 9. Betrekkingen met de Organisatie van de Verenigde Naties
De betrekkingen tussen de Unie en de Organisatie van de Verenigde Naties worden geregeld in de regelingen die als bijlagen bij deze Constitutie zijn gevoegd
Artikel 10. Betrekkingen met internationale organisaties
Om een nauwe samenwerking op het gebied van de internationale postdiensten te waarborgen, kan de Unie samenwerken met internationale organisaties met aanverwante belangen en activiteiten.
HOOFDSTUK II. TOETREDING OF TOELATING TOT DE UNIE. VERLATEN VAN DE UNIE
Artikel 11. Toetreding of toelating tot de Unie. Procedure
Elk lid van de Organisatie van de Verenigde Naties kan tot de Unie toetreden.
Elk soeverein land dat geen lid van de Organisatie van de Verenigde Naties is, kan verzoeken om toelating in de hoedanigheid van lidstaat van de Unie.
De toetreding of het verzoek om toelating tot de Unie moet een officiële verklaring van toetreding tot de Constitutie en tot de verplichte Akten van de Unie bevatten. Deze verklaring wordt door de Regering van het betrokken land naar de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau verzonden die, naargelang van het geval, kennisgeving doet van de toetreding of met de lidstaten overleg pleegt over het verzoek om toelating.
Een land dat geen lid van de Organisatie van de Verenigde Naties is, wordt als toegelaten lidstaat beschouwd indien zijn verzoek wordt goedgekeurd door ten minste twee derde van de lidstaten van de Unie. De lidstaten waarvan het antwoord niet is ontvangen door het Internationaal Bureau binnen een termijn van vier maanden, te rekenen vanaf de datum van de raadpleging, worden geacht zich te hebben onthouden. De bovengenoemde antwoorden, die fysiek of met veilige elektronische middelen bij het Internationaal Bureau moeten worden ingediend, zijn ondertekend door een naar behoren gemachtigde vertegenwoordiger van de overheidsautoriteit van de betreffende lidstaat. Voor de toepassing van dit lid worden met „veilige elektronische middelen” alle elektronische middelen bedoeld die worden gebruikt voor het verwerken, opslaan en verzenden van gegevens die waarborgen dat de volledigheid, integriteit en vertrouwelijkheid van dergelijke gegevens gehandhaafd blijven bij het indienen van bovenvermelde antwoorden door een lidstaat.
Van de toetreding of toelating in de hoedanigheid van lid wordt door de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau kennisgeving gedaan aan de regeringen van de lidstaten. De toetreding of toelating wordt van kracht op de datum van deze kennisgeving.
Artikel 12. Verlaten van de Unie. Procedure
Elke lidstaat kan de Unie verlaten door opzegging van de Constitutie die door de regering van het betrokken land aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau en door deze laatste aan de regeringen van de lidstaten wordt gedaan.
Het verlaten van de Unie wordt van kracht na het verstrijken van één jaar na ontvangst van de in het eerste lid bedoelde opzegging door de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau.
HOOFDSTUK III. ORGANISATIE VAN DE UNIE
Artikel 13. Organen van de Unie
De organen van de Unie zijn het Congres, de Raad van Bestuur, de Postraad en het Internationaal Bureau.
De permanente organen van de Unie zijn de Raad van Bestuur, de Postraad en het Internationaal Bureau.
Artikel 14. Congres
Het Congres is het hoogste orgaan van de Unie.
Het Congres bestaat uit de vertegenwoordigers van de lidstaten.
Artikel 15. Buitengewone Congressen
Op verzoek of met instemming van ten minste twee derde van de lidstaten van de Unie kan een Buitengewoon Congres worden bijeengeroepen.
Artikel 16. Administratieve conferenties
[Geschrapt.]
Artikel 17. Raad van Bestuur
Tussen twee Congressen waarborgt de Raad van Bestuur de continuïteit van de werkzaamheden van de Unie overeenkomstig de bepalingen van de Akten van de Unie.
De leden van de Raad van Bestuur oefenen hun functie uit in naam en in het belang van de Unie.
Artikel 18. Postraad
De Postraad is verantwoordelijk voor operationele, commerciële, technische en economische vraagstukken met betrekking tot de postdienst.
Leden van de Postraad voeren hun taken uit in naam en in het belang van de Unie.
Artikel 19. Bijzondere Commissies
[Geschrapt.]
Artikel 20. Internationaal bureau
Een centraal bureau, dat op het hoofdkantoor van de Unie opereert onder de naam van het Internationaal Bureau van de Wereldpostunie, onder leiding van een Directeur-Generaal en onder toezicht van de Raad van Bestuur, dient als uitvoerend, ondersteunend, contact-, informatie- en overlegorgaan.
HOOFDSTUK IV. FINANCIËN VAN DE UNIE
Artikel 21. Uitgaven van de Unie Bijdragen van de lidstaten
Elk Congres beslist over het maximumbedrag voor:
- 1.1. de jaarlijkse uitgaven van de Unie;
- 1.2. uitgaven in verband met de vergadering van het volgende Congres.
Het in het eerste lid bedoelde maximumbedrag van de uitgaven mag worden overschreden indien de omstandigheden zulks vereisen, met inachtneming van de desbetreffende bepalingen van het Algemeen Reglement.
De uitgaven van de Unie, met inbegrip van de in het tweede lid bedoelde uitgaven, worden gezamenlijk gedragen door de lidstaten van de Unie. Daartoe kiest elke lidstaat de bijdrageklasse waarin hij wil worden ingedeeld, met inachtneming van de relevante bepalingen die zijn vastgelegd in het Algemeen Reglement.
In geval van toetreding of toelating tot de Unie uit hoofde van artikel 11 kiest het betrokken land de bijdragecategorie waarin het wil worden ingedeeld met het oog op de verdeling van de uitgaven van de Unie, eveneens met inachtneming van de relevante bepalingen die zijn vastgelegd in het Algemeen Reglement.
TITEL II. AKTEN VAN DE UNIE
HOOFDSTUK I. ALGEMEEN
Artikel 22. Akten van de Unie
De Constitutie is de fundamentele Akte van de Unie. Zij bevat de organieke regels van de Unie; hierop kunnen geen voorbehouden worden gemaakt.
Het Algemeen Reglement bevat bepalingen die de toepassing van de Constitutie en het functioneren van de Unie waarborgen. Dit Reglement is bindend voor alle lidstaten en hierop kunnen geen voorbehouden worden gemaakt.
Het Verdrag en de bijbehorende Regelingen bevatten de regels die van toepassing zijn op de gehele postale dienst. Deze Akten zijn bindend voor alle lidstaten. De lidstaten zien erop toe dat hun aangewezen aanbieders de uit het Verdrag en de bijbehorende Regelingen voortvloeiende verplichtingen nakomen.
In de Verdragen van de Unie en de Regelingen erbij worden de diensten anders dan de diensten die omschreven zijn in het Verdrag en de bijbehorende Regelingen respectievelijk omschreven en gereguleerd tussen de lidstaten die er partij bij zijn. Deze Overeenkomsten en Regelingen zijn enkel voor die lidstaten bindend. De ondertekenende lidstaten zien erop toe dat hun aangewezen aanbieders de uit de Verdragen van de Unie en de Regelingen erbij voortvloeiende verplichtingen nakomen.
De Regelingen, die de voor de uitvoering van het Verdrag en de Verdragen van de Unie vereiste toepassingsvoorschriften bevatten, worden vastgesteld door de Postraad, met inachtneming van de besluiten van het Congres.
De Slotprotocollen die aan de in het derde, vierde en vijfde lid bedoelde Akten van de Unie zijn gehecht, bevatten de voorbehouden bij deze Akten.
Artikel 23. Toepassing van de Akten van de Unie op de grondgebieden waarvoor een lidstaat de internationale betrekkingen onderhoudt
Elk land kan te allen tijde verklaren dat zijn goedkeuring van de Akten van de Unie alle of een deel van de grondgebieden omvat waarvoor het de internationale betrekkingen onderhoudt.
De in het eerste lid bedoelde verklaring wordt gericht aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.