Overeenkomst tussen de Beneluxlanden en Malawi

Type Verdrag
Publication 1970-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Regeringen van de Beneluxlanden, gezamenlijk optredend op grond van de op 11 april 1960 te Brussel ondertekende Overeenkomst tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden betreffende de verlegging van de personencontrole naar de buitengrenzen van het Beneluxgebied,

en

de Regering van Malawi

Verlangende, de formaliteiten met betrekking tot het reisverkeer van hun onderdanen te vereenvoudigen, zulks met inachtneming van de regelingen, voortvloeiende uit de verlegging van de personencontrole naar de buitengrenzen van het Beneluxgebied,

Zijn het volgende overeengekomen:

Geschorst per 1 februari 1999 (Trb. 1999/37).

Artikel 1

In deze Overeenkomst wordt verstaan:

onder „de Beneluxlanden”: het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden;

onder „het Beneluxgebied”: de gezamenlijke grondgebieden in Europa van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden.

Artikel 2

Onderdanen van de Beneluxlanden, die in het bezit zijn van een geldig nationaal paspoort mogen ongeacht de plaats van vertrek voor een verblijf van ten hoogste drie maanden zonder visum Malawi binnenkomen. Er wordt geen borgstelling geëist en het geldige nationale paspoort is ook voor hun vertrek uit dat land het enige vereiste document.

Artikel 3

Onderdanen van Malawi, die in het bezit zijn van een geldig nationaal paspoort mogen ongeacht de plaats van vertrek voor een verblijf van ten hoogste drie maanden zonder visum het Beneluxgebied binnenkomen. Er wordt geen borgstelling geëist en het geldige nationale paspoort is ook voor hun vertrek uit dat land het enige vereiste document.

De Regering van Malawi deelt de Beneluxlanden langs diplomatieke weg mede welke documenten zij als geldig beschouwt in de zin van deze Overeenkomst.

Artikel 4

Voor een verblijf van meer dan drie maanden dienen de onder de bepalingen van deze Overeenkomst vallende personen daartoe vóór hun vertrek, door tussenkomst van de diplomatieke of consulaire vertegenwoordiger van het land waarheen zij zich willen begeven, toestemming te hebben verkregen.

Artikel 5

Onderdanen van de Beneluxlanden die met toestemming van de bevoegde autoriteiten van Malawi in Malawi zijn gevestigd en onderdanen van Malawi die met toestemming van de bevoegde autoriteiten van de Beneluxlanden in een der Beneluxlanden zijn gevestigd, mogen het land van vestiging verlaten en daarheen zonder visum terugkeren op vertoon van een geldig nationaal paspoort, terwijl geen borgstelling wordt vereist.

Artikel 6

Elke Regering behoudt zich het recht voor de toegang tot haar land te weigeren aan personen die niet in het bezit zijn van de voor binnenkomst vereiste documenten, niet beschikken over voldoende middelen van bestaan of voor terugkeer naar hun land van herkomst, als ongewenst zijn gesignaleerd of geacht worden de openbare rust, de openbare orde of de nationale veiligheid in gevaar te kunnen brengen.

Artikel 7

Behoudens de voorgaande bepalingen blijven de in de Beneluxlanden en in Malawi van kracht zijnde voorschriften met betrekking tot de binnenkomst, de duur van het verblijf en de verwijdering van vreemdelingen, alsmede met betrekking tot door hen al dan niet in dienstverband verrichte betaalde werkzaamheden, onverlet.

Artikel 8

Elke Regering verplicht zich te allen tijde en zonder formaliteiten weder op haar grondgebied toe te laten:

Artikel 9

Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, kan de toepassing van deze Overeenkomst worden uitgebreid tot Suriname en de Nederlandse Antillen door middel van een kennisgeving van de Nederlandse Regering aan de Regering van Malawi.

Artikel 10

Deze Overeenkomst treedt in werking op 1 januari 1970 voor de duur van één jaar. Indien de Overeenkomst niet dertig dagen voor het verstrijken van die periode is opgezegd, wordt zij geacht voor onbepaalde tijd te zijn verlengd. Na de eerste periode van één jaar kan elk der ondertekenende Regeringen de Overeenkomst met inachtneming van een termijn van dertig dagen opzeggen door middel van een tot de Belgische Regering gerichte mededeling.

De opzegging door één van de ondertekenende Regeringen heeft de beëindiging van de Overeenkomst tot gevolg.

De Belgische Regering stelt de andere ondertekenende Regeringen in kennis van de ontvangst van de in dit artikel bedoelde mededeling.

Artikel 11

Behoudens artikel 8 kan de toepassing van deze Overeenkomst door één der Overeenkomstsluitende Partijen worden geschorst.

De schorsing wordt onverwijld langs diplomatieke weg aan de Belgische Regering ter kennis gebracht. De Belgische Regering stelt de andere ondertekenende Regeringen op de hoogte van de ontvangst van deze kennisgeving. Dezelfde procedure wordt gevolgd wanneer de schorsing wordt ingetrokken.

IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorised thereto, have signed the present Agreement.

DONE at London in the English language on the 3rd day of December 1969.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.