Europese Overeenkomst ter voorkoming van radio-omroep- of televisie-uitzendingen door stations buiten nationaal gebied

Type Verdrag
Publication 1974-09-27
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Lid-Staten van de Raad van Europa die deze Overeenkomst hebben ondertekend,

Overwegende dat het doel van de Raad van Europa is een grotere eenheid tussen zijn Leden tot stand te brengen;

Overwegende dat het Radioreglement behorende bij het Internationale Verdrag betreffende de Verreberichtgeving, de oprichting en het gebruik verbiedt van radio-omroep- of televisiestations aan boord van schepen, luchtvaartuigen of andere drijvende of door de lucht gedragen voorwerpen die zich buiten nationaal gebied bevinden;

Mede overwegende dat het wenselijk is te voorzien in de mogelijkheid de oprichting en het gebruik te voorkomen van radio-omroep- of televisiestations die zich bevinden op voorwerpen, bevestigd op of gedragen door de zeebodem buiten nationaal gebied;

Overwegende dat Europese samenwerking te dezer zake wenselijk is,

Zijn overeengekomen als volgt:

Artikel 1

Deze Overeenkomst heeft betrekking op radio-omroep- of televisiestations, ingericht of in stand gehouden aan boord van schepen, luchtvaartuigen of andere drijvende of door de lucht gedragen voorwerpen die buiten nationaal gebied uitzendingen verzorgen die, hetzij in hun geheel, hetzij gedeeltelijk, bedoeld zijn om te worden ontvangen of kunnen worden ontvangen op het gebied van een Overeenkomstsluitende Partij of die de ontvangst van een radio-elektrische zendinrichting die met toestemming van een Overeenkomstsluitende Partij wordt geëxploiteerd overeenkomstig het Radioreglement, hinderlijk storen.

Artikel 2
1.

Iedere Overeenkomstsluitende Partij verbindt zich tot het nemen van maatregelen die nodig zijn om de oprichting of de exploitatie van de in artikel 1 bedoelde radio-omroep- of televisiestations, alsmede bewust verrichte daden van medeplichtigheid, overeenkomstig haar nationale recht strafbaar te stellen.

2.

Met betrekking tot de in artikel 1 bedoelde radio-omroep- of televisiestations worden de volgende handelingen aangemerkt als daden van medeplichtigheid:

Artikel 3

Iedere Overeenkomstsluitende Partij past overeenkomstig haar nationale recht de bepalingen van deze Overeenkomst toe op:

Artikel 4

Geen der bepalingen van deze Overeenkomst wordt geacht een Overeenkomstsluitende Partij te verhinderen:

Artikel 5

Het is de Overeenkomstsluitende Partijen toegestaan deze Overeenkomst niet toe te passen met betrekking tot het optreden van artiesten buiten de in artikel 1 bedoelde stations.

Artikel 6

De bepalingen van artikel 2 zijn niet van toepassing op handelingen, verricht met het doel hulp te verlenen aan een schip of luchtvaartuig of een ander drijvend of door de lucht gedragen voorwerp dat zich in nood bevindt of met het doel mensenlevens te beschermen.

Artikel 7

Ten aanzien van de bepalingen van deze Overeenkomst mag geen voorbehoud worden gemaakt.

Artikel 8
1.

Deze Overeenkomst staat open voor ondertekening door de Lid-Staten van de Raad van Europa, die er partij bij kunnen worden door:

2.

De akten van bekrachtiging of aanvaarding worden nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa.

Artikel 9
1.

Deze Overeenkomst treedt in werking een maand na de datum waarop drie Lid-Staten van de Raad, in overeenstemming met de bepalingen van artikel 8, de Overeenkomst hebben ondertekend zonder voorbehoud van bekrachtiging of aanvaarding, of hun akten van bekrachtiging of aanvaarding hebben nedergelegd.

2.

Voor elke Lid-Staat die de Overeenkomst nadien zonder voorbehoud van bekrachtiging of aanvaarding ondertekent of haar bekrachtigt of aanvaardt, treedt zij in werking een maand na de datum van die ondertekening of de datum van nederlegging van de akte van bekrachtiging of aanvaarding.

Artikel 10
1.

Nadat deze Overeenkomst in werking is getreden, kan elk Lid of toegevoegd Lid van de Internationale Vereniging voor Verreberichtgeving dat geen Lid is van de Raad van Europa tot deze Overeenkomst toetreden met voorafgaande toestemming van het Comité van Ministers.

2.

Deze toetreding geschiedt door nederlegging bij de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa van een akte van toetreding, die een maand na de datum van haar nederlegging van kracht zal worden.

Artikel 11
1.

Iedere Overeenkomstsluitende Partij kan op het tijdstip van ondertekening of bij de nederlegging van haar akte van bekrachtiging, aanvaarding of toetreding, het gebied of de gebiedsdelen aangeven, waarop deze Overeenkomst van toepassing zal zijn.

2.

Iedere Overeenkomstsluitende Partij kan, bij de nederlegging van haar akte van bekrachtiging, aanvaarding of toetreding of op elk later tijdstip, de toepassing van deze Overeenkomst door middel van een aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa gerichte verklaring uitbreiden tot elk ander gebied, aangegeven in deze verklaring, voor de internationale betrekkingen waarvan zij verantwoordelijk is of ten aanzien waarvan zij bevoegd is in rechte op te treden.

3.

Elke verklaring afgelegd ingevolge het voorgaande lid kan ten aanzien van elk in die verklaring vermeld gebied worden ingetrokken met inachtneming van de bepalingen van artikel 12 van deze Overeenkomst.

Artikel 12
1.

Deze Overeenkomst blijft voor onbepaalde tijd van kracht.

2.

Iedere Overeenkomstsluitende Partij kan deze Overeenkomst ten aanzien van zichzelf opzeggen door middel van een aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa gerichte kennisgeving.

3.

De opzegging wordt van kracht zes maanden na de datum waarop de Secretaris-Generaal deze kennisgeving heeft ontvangen.

Artikel 13

De Secretaris-Generaal van de Raad van Europa stelt de Lid-, Staten van de Raad en de Regering van elke Staat die tot deze Overeenkomst is toegetreden, in kennis van:

IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorised thereto, have signed this Agreement.

DONE at Strasbourg, this 22nd day of January 1965 in English and French, both texts being equally authoritative, in a single copy which shall remain deposited in the archives of the Council of Europe. The Secretary-General of the Council of Europe shall transmit certified copies to each of the signatory and acceding States.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.