Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Staten van Amerika inzake verbetering van de samenwerking bij het voorkomen en bestrijden van ernstige criminaliteit

Type Verdrag
Publication 2026-02-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden

en

de Regering van de Verenigde Staten van Amerika

(hierna: de „Partijen”),

Geleid door de wens als partners samen te werken teneinde ernstige criminaliteit, in het bijzonder terrorisme, effectiever te voorkomen en te bestrijden;

Erkennend dat gegevensuitwisseling een essentieel onderdeel vormt van de strijd tegen ernstige criminaliteit, in het bijzonder terrorisme;

Erkennend het belang van het voorkomen en bestrijden van ernstige criminaliteit, in het bijzonder terrorisme, terwijl de fundamentele rechten en vrijheden, in het bijzonder het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer, worden geëerbiedigd;

Erkennend het belang van de Verenigde Staten en de Europese Unie bij het bereiken van een overeenkomst betreffende gegevensbescherming in het kader van de rechtshandhaving;

Daartoe aangezet door het Verdrag inzake de intensivering van de grensoverschrijdende samenwerking, in het bijzonder ter bestrijding van het terrorisme, de grensoverschrijdende criminaliteit en de illegale immigratie, ondertekend te Prüm op 27 mei 2005, alsook het daarmee samenhangende Besluit van de Europese Raad van 23 juni 2008; en

Strevend naar het verbeteren en stimuleren van de samenwerking tussen de Partijen in de geest van partnerschap;

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

Voor de doeleinden van deze Overeenkomst wordt verstaan onder:

Artikel 2. Doel van deze Overeenkomst

Doel van deze Overeenkomst is het bevorderen van de wederzijdse uitwisseling van dactyloscopische gegevens en gegevens ten aanzien van DNA-profielen ter voorkoming en onderzoek van ernstige criminaliteit en van andere persoonsgegevens ter voorkoming van ernstige en terroristische strafbare feiten teneinde de samenwerking tussen de Verenigde Staten en Nederland bij het voorkomen en bestrijden van ernstige criminaliteit en terroristische strafbare feiten te verbeteren.

Artikel 3. Geautomatiseerde bevraging

De in deze Overeenkomst voorziene geautomatiseerde bevraging wordt uitsluitend gebruikt ten behoeve van het voorkomen en onderzoeken van ernstige strafbare feiten, wanneer specifieke omstandigheden aanleiding geven om na te gaan of de betrokkene(n) de in artikel 1, vijfde lid, bedoelde strafbare feiten zal/zullen plegen of heeft/hebben gepleegd.

Artikel 4. Dactyloscopische gegevens

Ter uitvoering van deze Overeenkomst waarborgen de Partijen de beschikbaarheid van linkgegevens uit het bestand voor de nationale geautomatiseerde dactyloscopische identificatiesystemen die zijn opgezet ter voorkoming en onderzoek van ernstige strafbare feiten. De in het bestand voor het nationale geautomatiseerde dactyloscopische identificatiesysteem opgeslagen gegevens worden verzameld in overeenstemming met het nationale recht van elk der Partijen.

Artikel 5. Geautomatiseerde bevraging van dactyloscopische gegevens
1.

Ter voorkoming en onderzoek van ernstige strafbare feiten verleent elk der Partijen de nationale contactpunten van de andere Partij, bedoeld in artikel 7, toegang tot de linkgegevens in het daartoe door haar opgezette geautomatiseerde dactyloscopische identificatiesysteem, met de bevoegdheid om deze geautomatiseerd te bevragen door middel van vergelijking van dactyloscopische gegevens. De bevraging mag uitsluitend in individuele gevallen en met inachtneming van het nationale recht van de bevragende Partij worden uitgevoerd.

2.

De vergelijking van dactyloscopische gegevens met linkgegevens van de Partij die het bestand beheert geschiedt door de bevragende nationale contactpunten aan de hand van de geautomatiseerd verstrekte linkgegevens die voor een eenduidige koppeling noodzakelijk zijn.

3.

Waar nodig voeren de aangezochte nationale contactpunten nadere analyses uit ter bevestiging van het overeenkomen van de dactyloscopische gegevens en linkgegevens in het bezit van de Partij die het bestand beheert.

4.

De geautomatiseerde bevraging mag alleen geschieden door speciaal daartoe geautoriseerde functionarissen van de nationale contactpunten.

Artikel 6. Verstrekking van nadere persoonsgegevens en andere gegevens

Indien in de procedure, bedoeld in artikel 5, wordt vastgesteld dat dactyloscopische gegevens overeenkomen, is het nationale recht van de aangezochte Partij, met inbegrip van de rechtshulpvoorschriften, van toepassing op de verstrekking van de, met betrekking tot de linkgegevens beschikbare verdere persoonsgegevens en andere gegevens. In specifieke gevallen kunnen de Partijen besluiten van de verstrekking van gegevens af te zien indien verstrekking onverenigbaar zou zijn met het nationale recht.

Artikel 7. Nationale contactpunten en uitvoeringsafspraken
1.

Ter uitvoering van de gegevensverstrekking, bedoeld in artikel 5, wijst elk der Partijen een of meer nationale contactpunt(en) aan. Op de bevoegdheden van de contactpunten is het nationale recht van de aanwijzende Partij van toepassing.

2.

De technische en procedurele details van de ingevolge artikel 5 uitgevoerde bevragingen worden vastgelegd in een of meer uitvoeringsafspra(a)k(en) of -regeling(en).

3.

Ter uitvoering van de gegevensverstrekking, bedoeld in artikel 5, en de daaropvolgende verstrekking van nadere persoonsgegevens, bedoeld in artikel 6, wijst elk der Partijen een of meer nationale contactpunt(en) aan. De contactpunten verstrekken deze gegevens in overeenstemming met het nationale recht van de aanwijzende Partij. Van andere kanalen voor rechtshulp behoeft geen gebruik te worden gemaakt, tenzij dit noodzakelijk blijkt, zoals voor het waarmerken van deze gegevens met het oog op de toelaatbaarheid bij gerechtelijke procedures van de bevragende Partij, of indien het nationale recht van de aangezochte Partij zulks vereist voor ieder land waaraan de aangezochte Partij toegang ter bevraging van een dactyloscopisch gegevensbestand verschaft.

Artikel 8. Geautomatiseerde bevraging van DNA-profielen
1.

Indien toegestaan op grond van het nationale recht van beide Partijen en op basis van wederkerigheid verlenen de Partijen elkaars nationale contactpunt, bedoeld in artikel 10, ter onderzoek van ernstige strafbare feiten toegang tot de linkgegevens van hun DNA-analysebestanden, met de bevoegdheid om deze geautomatiseerd te bevragen door middel van vergelijking van de DNA-profielen. De bevraging mag uitsluitend in individuele gevallen en met inachtneming van het nationale recht van de bevragende Partij worden uitgevoerd. De in de nationale DNA-analysebestanden opgeslagen gegevens zijn verzameld in overeenstemming met het nationale recht van elk der Partijen.

2.

Indien bij een geautomatiseerde bevraging wordt vastgesteld dat een verstrekt DNA-profiel overeenkomt met een in het bestand van de andere Partij opgeslagen DNA-profiel, ontvangt het bevragende nationale contactpunt door middel van een geautomatiseerde mededeling de linkgegevens waarmee een overeenkomst is vastgesteld. Indien geen overeenkomst kan worden vastgesteld, wordt zulks geautomatiseerd medegedeeld. In specifieke gevallen kunnen de Partijen besluiten van de verstrekking van gegevens af te zien indien verstrekking onverenigbaar zou zijn met het nationale recht.

3.

Uitsluitend speciaal geautoriseerde functionarissen van de nationale contactpunten mogen de bevragingen uitvoeren.

Artikel 9. Verstrekking van nadere persoonsgegevens en andere gegevens

Indien bij de procedure, bedoeld in artikel 8, wordt vastgesteld dat de DNA-profielen overeenkomen, dan is het nationale recht, met inbegrip van de voorschriften inzake rechtshulp, van de aangezochte Partij van toepassing op de verstrekking van nadere persoonsgegevens en andere gegevens met betrekking tot de linkgegevens.

Artikel 10. Nationaal contactpunt en uitvoeringsafspraken
1.

Ter uitvoering van de gegevensverstrekking, bedoeld in artikel 8, wijst elk der Partijen een nationaal contactpunt aan. Op de bevoegdheden van het contactpunt is het nationale recht van de aanwijzende Partij van toepassing.

2.

De technische en procedurele details van de ingevolge artikel 8 uitgevoerde geautomatiseerde bevragingen worden in een of meer uitvoeringsafspra(a)k(en) of -regeling(en) vastgelegd.

Artikel 11. Verstrekking van nadere persoonsgegevens en andere gegevens ter voorkoming van ernstige en terroristische strafbare feiten
1.

Ter voorkoming van ernstige en terroristische strafbare feiten kunnen de Partijen, met inachtneming van hun eigen nationale recht, in individuele gevallen, ook zonder verzoek daartoe, de in het tweede lid bedoelde persoonsgegevens verstrekken aan het betreffende nationale contactpunt van de andere Partij, bedoeld in het zesde lid, voor zover dit noodzakelijk is indien specifieke omstandigheden reden geven tot het vermoeden dat de betrokkene(n):

2.

De te verstrekken persoonsgegevens omvatten, voor zover beschikbaar, achternaam, voornamen, eerdere namen, overige namen, aliassen, andere spellingswijzen van namen, geslacht, geboortedatum en -plaats, huidige nationaliteit en eerdere nationaliteiten, paspoortnummer, nummers van andere identiteitsbewijzen en dactyloscopische gegevens, alsook een beschrijving van eventuele veroordelingen of van de omstandigheden die het in het eerste lid genoemde vermoeden rechtvaardigen.

3.

De verstrekkende Partij kan, met inachtneming van haar eigen nationale recht, voorwaarden verbinden aan het gebruik van deze gegevens door de ontvangende Partij. Indien de ontvangende Partij de gegevens aanvaardt, is zij aan deze voorwaarden gebonden.

4.

Algemene beperkingen met betrekking tot de rechtsnormen van de ontvangende Partij voor het verwerken van persoonsgegevens mogen door de overdragende Partij niet als een voorwaarde uit hoofde van het derde lid worden verbonden aan het verschaffen van gegevens.

5.

In aanvulling op de in het tweede lid bedoelde persoonsgegevens kunnen de Partijen elkaar niet-persoonsgebonden gegevens in verband met de in het eerste lid genoemde strafbare feiten verstrekken.

6.

Elk der Partijen wijst een of meer nationale contactpunt(en) aan ten behoeve van de uitwisseling van persoonsgegevens en andere gegevens, overeenkomstig dit artikel, met de contactpunten van de andere Partij. Op de bevoegdheden van de nationale contactpunten is het nationale recht van de aanwijzende Partij van toepassing.

Artikel 12. Bescherming persoonlijke levenssfeer en gegevensbescherming
1.

De Partijen erkennen dat de behandeling en verwerking van de persoonsgegevens die zij van elkaar verkrijgen van essentieel belang zijn voor het behoud van vertrouwen in de uitvoering van deze Overeenkomst.

2.

De Partijen verplichten zich persoonsgegevens op billijke wijze en in overeenstemming met het eigen recht te verwerken en voorts:

3.

Uit deze Overeenkomst vloeien geen rechten voort voor individuele personen, waaronder het recht bewijsmateriaal te verkrijgen, achter te houden of uit te sluiten, of de uitwisseling van persoonsgegevens te beletten. Onafhankelijk van deze Overeenkomst bestaande rechten blijven echter onverlet.

Artikel 13. Beperking van de verwerking ter bescherming van persoonsgegevens en andere gegevens
1.

Onverminderd het bepaalde in artikel 11, derde lid, kan elk der Partijen op grond van deze Overeenkomst verkregen gegevens verwerken in overeenstemming met het bepaalde in artikel 11bis, eerste lid, onder a. tot en met e. van de bijlage bij het Verdrag bevattende het instrument bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de Overeenkomst betreffende wederzijdse rechtshulp in strafzaken tussen de Verenigde Staten van Amerika en de Europese Unie, ondertekend te Washington op 25 juni 2003, inzake de toepassing van het verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Amerika aangaande wederzijdse rechtshulp in strafzaken, ondertekend te ’s-Gravenhage op 12 juni 1981, ondertekend te ’s-Gravenhage op 29 september 2004, met bijlage en de desbetreffende notawisseling. Onverminderd het in de vorige volzin bepaalde mogen op grond van deze Overeenkomst verkregen gegevens slechts in strafzaken worden gebruikt indien deze uit hoofde van een verzoek om wederzijdse rechtshulp zijn verstrekt.

2.

De verdere overdracht van persoonsgegevens aan een derde Staat, internationaal orgaan of particuliere entiteit is onderworpen aan passende waarborgen en aan de toestemming van de Partij die de gegevens heeft verstrekt.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.