Administratief Akkoord met betrekking tot de wijze van toepassing van het op 19 juli 1979 te 's-Gravenhage tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Portugal ondertekende Verdrag inzake sociale zekerheid
Ter uitvoering van de artikelen 17, tweede lid, 31, derde lid, 36, eerste lid, en 37 van het op 19 juli 1979 te 's-Gravenhage ondertekende Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Portugal inzake sociale zekerheid (hierna aangeduid met de term „Verdrag”), hebben de bevoegde Nederlandse en Portugese autoriteiten in gemeen overleg de volgende bepalingen vastgesteld:
TITEL I. ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 1
Voor de toepassing van dit Akkoord hebben de in artikel 1 van het Verdrag omschreven termen de hun in genoemd artikel toegekende betekenis.
Artikel 2
Voor de toepassing van dit Akkoord worden als verbindingsorganen aangewezen:
-
- van Nederlandse zijde:
- a). voor de verstrekkingen in geval van ziekte en moederschap: de Ziekenfondsraad te Amstelveen;
- b). voor de ouderdoms- en overlevingspensioenen, alsmede voor de kinderbijslagen: de Sociale Verzekeringsbank te Amsterdam;
- c). in alle overige gevallen: het Gemeenschappelijk Administratiekantoor te Amsterdam;
-
- van Portugese zijde: de „Caixa Central de Segurança Social dos Trabalhadores Migrantes” (Centrale Kas voor de sociale zekerheid van migrerende werknemers) te Lissabon.
Artikel 3
In het in artikel 8, letter a) i), van het Verdrag bedoelde geval reikt de hierna genoemde instelling van het land, waarvan de wetgeving van toepassing blijft, de werknemer op verzoek een detacheringsbewijs uit waarin wordt verklaard dat op hem de wetgeving van dit land van toepassing blijft.
Dit bewijsstuk wordt opgemaakt:
- -. in Nederland: door de Sociale Verzekeringsraad te 's-Gravenhage;
- -. in Portugal: door de voorzorgs- en kinderbijslagenkas waarbij de werknemer verplicht is aangesloten.
Wanneer verscheidene werknemers tegelijkertijd naar het andere land worden uitgezonden, teneinde er gezamenlijk arbeid te verrichten en er tegelijkertijd uit terug keren, kan met één bewijsstuk voor al deze werknemers worden volstaan.
In het in artikel 8, letter a) ii) van het Verdrag bedoelde geval richt de werkgever, zo mogelijk voor het einde van de eerste periode van 12 maanden, een verzoek om verlenging van detachering aan de instelling welke het eerste bewijsstuk heeft uitgereikt; laatstbedoelde instelling vraagt door tussenkomst van het Portugese verbindingsorgaan de goedkeuring van de bevoegde autoriteit van het land waar de tijdelijke werkzaamheden worden verricht en reikt, nadat de goedkeuring is verkregen, een tweede bewijsstuk uit.
Artikel 4
De werknemer die overeenkomstig artikel 9, tweede lid, van het Verdrag zijn keuzerecht uitoefent, deelt dit mede aan de aangewezen instelling van het land voor de wetgeving waarvan hij heeft gekozen, terwijl hij tegelijkertijd zijn werkgever op de hoogte stelt. Deze instelling reikt de werknemer een bewijsstuk uit waaruit blijkt dat op hem bedoelde wetgeving van toepassing is en stelt de instelling van het andere land hiervan in kennis.
Voor de toepassing van het vorige lid wordt aangewezen:
- -. in Nederland: de Sociale Verzekeringsraad;
- -. in Portugal: de „Caixa Central de Segurança Social dos Trabalhadores Migrantes”.
De keuze wordt van kracht op de datum waarop de werknemer door de diplomatieke zending, de consulaire post, onderscheidenlijk de ambtenaar van deze zending of post in dienst wordt genomen.
TITEL II. BIJZONDERE BEPALINGEN
Hoofdstuk 1. Ziekte en Moederschap
Artikel 5
Voor de toepassing van dit Hoofdstuk wordt onder „orgaan van de woonplaats" en „orgaan van de verblijfplaats" verstaan:
- a). in Nederland:
- -. wat de verstrekkingen betreft: het voor de woonplaats bevoegde ziekenfonds en bij tijdelijk verblijf het Algemeen Nederlands Onderling Ziekenfonds (A.N.O.Z.) te Utrecht;
- -. wat de uitkeringen betreft: de Nieuwe Algemene Bedrijfsvereniging te Amsterdam.
- b). in Portugal:
- -. wat de verstrekkingen betreft: het medisch centrum van de Medisch-Sociale Diensten van het district van de woonplaats of tijdelijke verblijfplaats;
- -. wat de uitkeringen betreft: de voorzorgs- en kinderbijslagenkas van het district van de woonplaats of tijdelijke verblijfplaats.
Artikel 6
Om in aanmerking te komen voor toepassing van artikel 11 van het Verdrag, legt de werknemer aan het bevoegde orgaan een verklaring over waarin zijn vermeld de tijdvakken van verzekering welke krachtens de wetgeving waaraan hij voorheen laatstelijk onderworpen is geweest, zijn vervuld.
De verklaring wordt op verzoek van de werknemer verstrekt:
- a). wat de in Nederland vervulde tijdvakken betreft door de bedrijfsvereniging waarbij zijn laatste werkgever in Nederland is aangesloten. Indien de werknemer echter alleen ter zake van verstrekkingen verzekerd was, wordt de verklaring verstrekt door het ziekenfonds waarbij hij laatstelijk verzekerd was;
- b). wat de in Portugal vervulde tijdvakken betreft door de voorzorgs- en kinderbijslagenkas waarbij de werknemer laatstelijk aangesloten was.
Indien de werknemer de verklaring niet overlegt, vraagt het bevoegde orgaan deze aan het genoemde orgaan van het andere land.
Verstrekkingen
Artikel 7
Om krachtens artikel 12, eerste lid, van het Verdrag in aanmerking te komen voor verstrekkingen laat de werknemer zich bij het orgaan van de woonplaats inschrijven, onder overlegging van een verklaring waaruit blijkt dat hij recht heeft op verstrekkingen. Deze verklaring wordt afgegeven door het bevoegde orgaan. Indien de werknemer bedoelde verklaring niet overlegt, vraagt het orgaan van de woonplaats deze aan het bevoegde orgaan. Deze verklaring blijft geldig zolang het orgaan van de woonplaats geen bericht heeft ontvangen dat de verklaring is ingetrokken.
Om krachtens artikel 12, tweede lid, van het Verdrag in aanmerking te komen voor verstrekkingen, laten de gezinsleden zich bij het orgaan van de woonplaats inschrijven onder overlegging van de volgende stukken:
- (i). een verklaring waaruit blijkt dat de werknemer recht heeft op verstrekkingen. Deze verklaring wordt afgegeven door het bevoegde orgaan. Indien de gezinsleden bedoelde verklaring niet overleggen, vraagt het orgaan van de woonplaats deze aan het bevoegde orgaan. Deze verklaring blijft geldig zolang het orgaan van de woonplaats geen bericht heeft ontvangen dat de verklaring is ingetrokken;
- (ii). de bewijsstukken, welke door de wetgeving van het land van de woonplaats voor de toekenning van verstrekkingen gewoonlijk worden geëist.
Het orgaan van de woonplaats stelt het bevoegde orgaan in kennis van elke inschrijving waartoe het overeenkomstig het bepaalde in de voorgaande leden is overgegaan.
De toekenning van verstrekkingen is afhankelijk van de geldigheid van de in het eerste en tweede lid, alinea (i) bedoelde verklaring.
De werknemer of diens gezinsleden dienen het orgaan van de woonplaats in kennis te stellen van iedere verandering in hun omstandigheden, waardoor het recht op verstrekkingen kan worden gewijzigd, in het bijzonder van iedere beëindiging of verandering van dienstbetrekking van de werknemer of iedere overbrenging van de woon- of verblijfplaats van hemzelf of van een gezinslid.
Het orgaan van de woonplaats deelt, zodra het hiervan kennis heeft gekregen, aan het bevoegde orgaan iedere verandering mede, waardoor het recht op verstrekkingen van de werknemer of van zijn gezinsleden kan vervallen.
Het orgaan van de woonplaats verleent zijn goede diensten aan het bevoegde orgaan, met het oog op het uitoefenen van verhaal op degene die ten onrechte verstrekkingen heeft genoten.
Artikel 8
In het in artikel 14 van het Verdrag bedoelde geval verzoekt het bevoegde orgaan zonodig het orgaan van de laatste woonplaats om inlichtingen met betrekking tot het tijdvak waarover onmiddellijk voor het verblijf of de overbrenging van de woonplaats naar het bevoegde land verstrekkingen zijn verleend.
Artikel 9
Om gedurende een tijdelijk verblijf in het andere dan het bevoegde land in aanmerking te komen voor verstrekkingen, eventueel met inbegrip van opname in een ziekenhuis, legt de in artikel 15, eerste lid, van het Verdrag bedoelde werknemer aan het orgaan van de verblijfplaats een door het bevoegde orgaan, zo mogelijk voordat hij het bevoegde land verlaat, afgegeven verklaring over, waaruit blijkt, dat hij recht heeft op deze verstrekkingen. In deze verklaring wordt met name de duur vermeld waarover verstrekkingen mogen worden verleend. Indien de werknemer deze verklaring niet overlegt, vraagt het orgaan van de verblijfplaats deze aan het bevoegde orgaan.
Het vorige lid is van overeenkomstige toepassing op de gezinsleden gedurende hun tijdelijk verblijf in het andere dan het woonland of het bevoegde land.
Het eerste lid is eveneens van toepassing in de in artikel 8, letters a) en b), eerste zin, en artikel 13, van het Verdrag bedoelde gevallen.
Artikel 10
Bij opneming in een ziekenhuis in de gevallen bedoeld in de artikelen 13 en 15, eerste en zesde lid, van het Verdrag, geeft het orgaan van de woon- of verblijfplaats binnen drie dagen na de datum waarop het hiervan kennis heeft gekregen, aan het bevoegde orgaan bericht van de datum van opneming in een ziekenhuis of een andere geneeskundige inrichting, alsmede van de vermoedelijke duur van de opneming; bij vertrek uit het ziekenhuis of de andere geneeskundige inrichting geeft het orgaan van de verblijfplaats binnen dezelfde termijn het bevoegde orgaan bericht van de datum van vertrek.
Ter verkrijging van de machtiging waarvan het verlenen van de in artikel 15, vierde lid, van het Verdrag bedoelde verstrekkingen afhankelijk is, richt het orgaan van de woon- of verblijfplaats een verzoek aan het bevoegde orgaan. Laatstbedoeld orgaan kan hiertegen onder opgave van redenen binnen vijftien dagen, gerekend van de verzending van dit verzoek af, eventueel verzet aantekenen; indien na afloop van deze termijn bij het orgaan van de woonplaats geen verzet is aangetekend, kent het de verstrekkingen toe.
Wanneer de in artikel 15, vierde lid, van het Verdrag bedoelde verstrekkingen in onmiskenbare spoedgevallen zonder machtiging van het bevoegde orgaan moeten worden verleend, stelt het orgaan van de woon- of verblijfplaats bedoeld orgaan hiervan onmiddellijk op de hoogte.
De onmiskenbare spoedgevallen in de zin van artikel 15, vierde lid, van het Verdrag zijn die gevallen, waarin het verlenen van de verstrekking niet kan worden uitgesteld zonder het leven of de gezondheid van de betrokkene ernstig in gevaar te brengen. In het geval waarin een prothese of een kunstmiddel door een ongeval is gebroken of beschadigd, is het om de onmiskenbare spoed vast te stellen, voldoende de noodzaak van het herstel of de vernieuwing van het desbetreffende kunst- of hulpmiddel aan te tonen.
De bevoegde verbindingsorganen stellen de lijst van verstrekkingen samen, waarop artikel 15, vierde lid, van het Verdrag van toepassing is.
Artikel 11
Om in het land van zijn nieuwe woonplaats recht op verstrekkingen te behouden, legt de in artikel 15, tweede lid, van het Verdrag bedoelde werknemer aan het orgaan van zijn nieuwe woonplaats een verklaring over, waarbij het bevoegde orgaan hem toestaat na de overbrenging van zijn woonplaats het recht op verstrekkingen te behouden. Bedoeld orgaan geeft in deze verklaring eventueel de maximumduur aan waarover volgens de door dit orgaan toegepaste wetgeving verstrekkingen mogen worden verleend.
Het bevoegde orgaan kan op verzoek van de werknemer of van het orgaan van zijn nieuwe woonplaats, de verklaring ook na de overbrenging van de woonplaats van de werknemer uitreiken, wanneer deze om gerechtvaardigde redenen niet tevoren kon worden opgesteld.
Wat betreft het verlenen van verstrekkingen door het orgaan van de nieuwe woonplaats, is artikel 10 van overeenkomstige toepassing.
Artikel 12
Om in het land van de woonplaats in aanmerking te komen voor verstrekkingen, laten de in artikel 16, tweede lid, van het Verdrag bedoelde pensioengerechtigde, alsmede zijn gezinsleden zich inschrijven bij het orgaan van de woonplaats onder overlegging van de volgende stukken:
- (i). een verklaring waaruit blijkt dat hij voor zichzelf en voor zijn gezinsleden recht op verstrekkingen heeft. Deze verklaring wordt afgegeven door het bevoegde orgaan, dat een afschrift van deze verklaring aan het verbindingsorgaan van het andere land zendt. Indien de pensioengerechtigde de verklaring niet overlegt, vraagt het orgaan van de woonplaats deze aan het bevoegde orgaan. Deze verklaring blijft geldig zolang het verbindingsorgaan van het andere land van het orgaan dat de verklaring heeft afgegeven, geen bericht heeft ontvangen dat de verklaring is ingetrokken;
- (ii). de bewijsstukken, welke door de wetgeving van het land van de woonplaats voor de toekenning van verstrekkingen gewoonlijk worden geëist.
Het orgaan van de woonplaats stelt het bevoegde orgaan in kennis van elke inschrijving waartoe het overeenkomstig het eerste lid is overgegaan.
De toekenning van verstrekkingen is afhankelijk van de geldigheid van de in het eerste lid, alinea (i) bedoelde verklaring.
De pensioengerechtigde dient het orgaan van zijn woonplaats in kennis te stellen van iedere verandering in zijn omstandigheden, waardoor zijn recht op verstrekkingen kan worden gewijzigd, in het bijzonder van iedere schorsing of intrekking van zijn pensioen en van iedere overbrenging van zijn woonplaats of van die van zijn gezinsleden.
Het orgaan van de woonplaats deelt, zodra het hiervan kennis heeft gekregen, aan het bevoegde orgaan, iedere verandering mede, waardoor het recht op verstrekkingen van de pensioengerechtigde of van zijn gezinsleden kan vervallen.
Het orgaan van de woonplaats verleent zijn goede diensten aan het bevoegde orgaan, met het oog op het uitoefenen van verhaal op degene die ten onrechte verstrekkingen heeft genoten.
Artikel 13
Voor het verlenen van verstrekkingen aan pensioengerechtigden, alsmede aan hun gezinsleden gedurende een tijdelijk verblijf als bedoeld in artikel 16, derde lid, van het Verdrag, zijn de artikelen 9 en 10 van overeenkomstige toepassing.
Artikel 14
Indien de in artikel 9 voorgeschreven formaliteiten niet gedurende het tijdelijk verblijf konden worden vervuld, worden de gemaakte kosten op verzoek van de werknemer of de pensioengerechtigde door het bevoegde orgaan vergoed tegen de tarieven die door het orgaan van de verblijfplaats worden toegepast.
Het orgaan van de verblijfplaats dient het bevoegde orgaan dat zulks verzoekt de nodige inlichtingen over deze tarieven te verstrekken.
Uitkeringen
Artikel 15
De werknemer die aanspraak maakt op uitkeringen krachtens de Nederlandse ziekteverzekering voor een hem tijdens zijn verblijf op het grondgebied van Portugal overkomen arbeidsongeschiktheid, dient zijn aanvraag onmiddellijk in bij het orgaan van de woon- of verblijfplaats, naar gelang het geval, waarbij hij een door de behandelende arts afgegeven geneeskundige verklaring voegt. Deze verklaring vermeldt de aanvangsdatum van de arbeidsongeschiktheid alsmede de diagnose en prognose.
De werknemer die aanspraak maakt op uitkeringen krachtens de Portugese ziekteverzekering voor een hem tijdens zijn verblijf op het grondgebied van Nederland overkomen arbeidsongeschiktheid, dient zijn aanvraag onmiddellijk in bij het districtskantoor van het Gemeenschappelijk Administratiekantoor, dat bevoegd is voor de woon- of verblijfplaats, naar gelang het geval.
Artikel 16
Het orgaan van de woon- of verblijfplaats, naar gelang het geval, voert de medische en administratieve controle uit overeenkomstig de regels welke gelden voor degenen, die bij dat orgaan verzekerd zijn.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.