Verdrag betreffende de afschaffing van gedwongen arbeid

Type Verdrag
Publication 1960-02-18
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie,

Door de Raad van Beheer van het Internationaal Arbeidsbureau te Genève bijeengeroepen en aldaar bijeengekomen op 5 juni 1957 in haar veertigste zitting;

Het vraagstuk der gedwongen arbeid overwogen hebbende, welk onderwerp vervat is in het vierde punt van de agenda der zitting;

Kennis genomen hebbende van de bepalingen van het Verdrag betreffende gedwongen of verplichte arbeid (1930);

Ervan kennis genomen hebbende, dat het Verdrag inzake de slavernij (1926) bepaalt dat alle noodzakelijke maatregelen dienen te worden genomen om te voorkomen dat verplichte of gedwongen arbeid ontaardt in met slavernij vergelijkbare toestanden, en dat het Aanvullend Verdrag inzake de afschaffing van de slavernij, de slavenhandel en met slavernij gelijk te stellen instellingen en praktijken (1956) voorziet in de algehele afschaffing van pandelingschap en lijfeigenschap;

Ervan kennis genomen hebbende, dat het Verdrag betreffende de bescherming van het loon (1949) bepaalt, dat lonen regelmatig uitbetaald dienen te worden, en betalingsmethoden verbiedt, welke de arbeider in feite de mogelijkheid ontnemen zijn dienstverband te beëindigen;

Besloten hebbende tot het aanvaarden van verdere voorstellen met betrekking tot de afschaffing van bepaalde vormen van gedwongen of verplichte arbeid, welke een inbreuk vormen op de rechten van de mens zoals bedoeld in het Handvest der Verenigde Naties en vermeld in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens;

Besloten hebbende, dat deze voorstellen de vorm zullen aannemen van een internationaal Verdrag;

Neemt heden, de 25ste juni 1957, het volgende Verdrag aan, hetwelk kan worden aangehaald als het „Verdrag betreffende de afschaffing van gedwongen arbeid, 1957”:

Artikel 1

Elk Lid van de Internationale Arbeidsorganisatie dat dit Verdrag bekrachtigt verplicht zich tot het afschaffen en niet meer gebruik maken van enigerlei vorm van gedwongen of verplichte arbeid

Artikel 2

Elk Lid van de Internationale Arbeidsorganisatie dat dit Verdrag bekrachtigt verplicht zich tot het nemen van doeltreffende maatregelen teneinde de onmiddellijke en algehele afschaffing te bewerkstelligen van gedwongen of verplichte arbeid zoals omschreven in artikel 1 van dit Verdrag.

Artikel 3

De officiële bekrachtigingen van dit Verdrag zullen ter kennis worden gebracht van de Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau en door hem worden geregistreerd.

Artikel 4
1.

Dit Verdrag zal slechts verbindend zijn voor de Leden van de Internationale Arbeidsorganisatie, waarvan de bekrachtiging door de Directeur-Generaal is geregistreerd.

2.

Het zal twaalf maanden nadat twee Leden hun bekrachtiging door de Directeur-Generaal hebben doen registreren, in werking treden.

3.

Vervolgens zal dit Verdrag voor ieder Lid in werking treden twaalf maanden na de datum waarop zijn bekrachtiging is geregistreerd.

Artikel 5
1.

Een Lid dat dit Verdrag heeft bekrachtigd kan het opzeggen na verloop van een tijdvak van tien jaar na de datum waarop het Verdrag in werking is getreden, door middel van een verklaring toegezonden aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau en door deze geregistreerd. De opzegging zal eerst een jaar nadat zij is geregistreerd van kracht worden.

2.

Elk Lid dat dit Verdrag heeft bekrachtigd en niet binnen een jaar na het verloop van het tijdvak van tien jaar, bedoeld in het vorige lid, gebruik heeft gemaakt van het recht tot opzegging, voorzien in dit artikel, is gebonden voor een nieuw tijdvak van tien jaar en kan daarna dit Verdrag opzeggen na verloop van elk tijdvak van tien jaar, onder de voorwaarden bedoeld in dit artikel.

Artikel 6
1.

De Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau dient aan alle Leden van de Internationale Arbeidsorganisatie kennis te geven van de registratie van alle bekrachtigingen en opzeggingen welke hem door de Leden der Organisatie zijn medegedeeld.

2.

Bij de kennisgeving van de tweede hem medegedeelde bekrachtiging aan de Leden der Organisatie dient de Directeur-Generaal de aandacht der Leden te vestigen op de datum waarop het Verdrag in werking zal treden.

Artikel 7

De Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau doet volledige bijzonderheden omtrent alle bekrachtigingen en opzeggingen welke hij heeft geregistreerd overeenkomstig de bepalingen van de voorgaande artikelen, toekomen aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties ter registratie overeenkomstig artikel 102 van het Handvest der Verenigde Naties.

Artikel 8

De Raad van Beheer van het Internationaal Arbeidsbureau dient, telkens wanneer hij zulks nodig oordeelt, verslag uit te brengen aan de Algemene Conferentie over de toepassing van dit Verdrag en te onderzoeken of het wenselijk is, de gehele of gedeeltelijke herziening ervan op de agenda der Conferentie te plaatsen.

Artikel 9
1.

Indien de Conferentie een nieuw Verdrag zou aannemen, houdende gehele of gedeeltelijke herziening van het onderhavige Verdrag, en indien het nieuwe Verdrag niet anders bepaalt:

2.

Het onderhavige Verdrag zal echter in elk geval naar huidige vorm en inhoud van kracht blijven voor die Leden die het bekrachtigd hebben en het nieuwe Verdrag, houdende herziening, niet bekrachtigen.

Artikel 10

De Engelse en de Franse tekst van dit Verdrag zijn gelijkelijk authentiek.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.