Protocol opgesteld krachtens artikel 19 van de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Portugese Republiek betreffende het internationale wegvervoer

Type Verdrag
Publication 1979-11-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Met het oog op de toepassing van genoemde Overeenkomst zijn de Directeur-Generaal van het Verkeer en de „Director-Geral de Transportes Terrestres”, de bevoegde autoriteiten van het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Portugal, overeengekomen als volgt:

I. Met betrekking tot artikel 1

De voertuigen die zijn ingeschreven in het land van een der Overeenkomstsluitende Partijen zijn bevoegd bij bevrachting voor de terugrit goederen te laden op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij die zijn bestemd voor een derde land op de volgende voorwaarden:

II. Met betrekking tot de artikelen 2, 4 en 5
1.

De bevoegde autoriteiten aan wie de aanvragen om vergunning dienen te worden gericht en die deze vergunningen afgeven, zijn de volgende:

2.

De aanvragen om vergunning voor de diensten bedoeld in artikel 4 dienen vergezeld te gaan van de volgende gegevens:

3.

De aanvragen om vergunning bedoeld in artikel 5 dienen te worden gericht aan de bevoegde autoriteiten, en wel zo vroeg mogelijk voor de datum die is voorzien voor de uitvoering van de rit.

Zij dienen vergezeld te gaan van de volgende gegevens:

4.

In het reizigersvervoer mogen geen dagtrajecten worden opgenomen van meer dan 450 km.

III. Met betrekking tot artikel 3

De verklaringen die worden afgegeven overeenkomstig artikel 3 dienen de volgende gegevens te bevatten:

IV. Met betrekking tot de artikelen 7, 9 en 10
1.

Voor de toepassing van artikel 9 van de Overeenkomst wordt het aantal vergunningen voorlopig vastgesteld voor elk kalenderjaar.

2.

Voor het eerste jaar, waarin de Overeenkomst wordt toegepast, wordt het aantal vergunningen voor ritten vastgesteld op 120.

3.

Elke termijnvergunning wordt afgerond gerekend als 10 reizen.

4.

De vergunningen van een model dat overeenkomt met het model dat in gebruik is in de Lid-Staten van de Europese Economische Gemeenschap, zijn tweetalig.

De vergunningen dragen in de linkerbovenhoek: de letters NL voor Nederland en de letter P voor Portugal.

De termijnvergunningen zijn wit van kleur.

De ritvergunningen zijn groen van kleur.

5.

De vergunningen worden door de autoriteit die ze afgeeft, genummerd.

Zij gaan vergezeld van hetzij de vrachtbrief (GMR), hetzij een vervoerverslag, vermeldende:

6.

De diensten die gemachtigd zijn de vergunningen af te geven, zijn:

V. Met betrekking tot artikel 14

De aanvragen om bijzondere vergunningen dienen te worden gericht

VI. Met betrekking tot artikel 15

De tekst van de vertaling is niet beschikbaar.

VII. Met betrekking tot artikel 17
1.

De bevoegde autoriteiten doen elkander binnen twee maanden na afloop van elk kalenderjaar een opgave toekomen van de door hen in het afgelopen jaar afgegeven vergunningen.

2.

Deze opgave bevat voor elke vervoerscategorie de volgende gegevens:

FAIT à Lisbonne, le 9 novembre 1972, en deux exemplaires originaux en langue française.

Pour le „Directeur-Generaal van het Verkeer”:

(s.) E. P. BRUGGEMAN

Voor de „Director-Geral de Transportes Terrestres”:

(s.) CARNEIRO AIRES

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.