Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake luchtvervoer

Type Verdrag
Publication 1961-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Regering van Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden,

en

De Regering van Zijne Majesteit de Koning van Marokko,

Geleid door de wens de ontwikkeling van het luchtvervoer tussen Nederland en Marokko te bevorderen en zoveel mogelijk te streven naar internationale samenwerking op dit gebied;

Geleid door de wens met betrekking tot dit vervoer de beginselen en bepalingen toe te passen van het Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart, ondertekend te Chicago op 7 december 1944, hierna te noemen „het Verdrag”,

Hebben te dien einde als hun gevolmachtigden aangewezen:

De Regering van Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden

Z.E. de heer Henderik Goemans, Buitengewoon en Gevolmachtigd Ambassadeur van het Koninkrijk der Nederlanden in Marokko

De Regering van Zijne Majesteit de Koning van Marokko

de heer Georges Berdugo, Chef van de Directie Handelsverdragen en -overeenkomsten bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken

die, na uitwisseling van hun in goede en behoorlijke vorm bevonden volmachten,

het volgende zijn overeengekomen.

HOOFDSTUK I. Algemene Bepalingen

Artikel 1

Voor de toepassing van deze Overeenkomst:

Artikel 2

De Overeenkomstsluitende Partijen verlenen elkaar wederkerig de in deze Overeenkomst omschreven rechten met het oog op de vestiging van de internationale luchtverbindingen, vermeld in de hierbijgevoegde Bijlage.

Artikel 3

De bewijzen van luchtwaardigheid en de bewijzen van bevoegdheid, uitgereikt of geldig verklaard door een Overeenkomstsluitende Partij en welke nog geldig zijn, zullen door de andere Overeenkomstsluitende Partij als geldig worden erkend voor de exploitatie van de overeengekomen diensten. Elke Overeenkomstsluitende Partij behoudt zich evenwel het recht voor, voor vluchten boven haar grondgebied de erkenning van de bewijzen van bevoegdheid welke aan haar eigen onderdanen zijn uitgereikt door de andere Overeenkomstsluitende Partij, te weigeren.

Artikel 4

1). Elke Overeenkomstsluitende Partij behoudt zich de bevoegdheid voor een exploitatievergunning aan een door de andere Overeenkomstsluitende Partij aangewezen maatschappij te weigeren of deze in te trekken, wanneer zij er niet van overtuigd is, dat een overwegend deel van de eigendom en het daadwerkelijk toezicht op die maatschappij berusten bij die andere Overeenkomstsluitende Partij of haar onderdanen.

2). Elke Overeenkomstsluitende Partij behoudt zich eveneens de bevoegdheid voor de uitoefening van de in deze Overeenkomst omschreven rechten door een maatschappij, aangewezen door de andere Overeenkomstsluitende Partij, te schorsen of ten aanzien van de uitoefening van die rechten de door haar noodzakelijk geachte voorwaarden te stellen, wanneer die maatschappij zich niet houdt aan de hieronder in artikel 5 vermelde wetten en voorschriften van de Overeenkomstsluitende Partij welke de bedoelde rechten heeft verleend, of wanneer die maatschappij de exploitatie niet uitvoert volgens de op grond van deze Overeenkomst gestelde voorwaarden.

Zodanige bevoegdheden zullen evenwel niet uitgeoefend mogen worden dan na overleg met de andere Overeenkomstsluitende Partij, tenzij het schorsen of het stellen van voorwaarden, zoals hierboven voorzien, noodzakelijk is om nieuwe inbreuken op de wetten en voorschriften te voorkomen.

Artikel 5

1). De wetten en voorschriften welke op het grondgebied van een Overeenkomstsluitende Partij de binnenkomst, het verblijf en het vertrek van de in internationale luchtvaart gebruikte vliegtuigen of de vluchten van die vliegtuigen boven dat grondgebied regelen, zullen van toepassing zijn op de vliegtuigen van de door de andere Overeenkomstsluitende Partij aangewezen maatschappijen.

2). De wetten en voorschriften welke op het grondgebied van een Overeenkomstsluitende Partij de binnenkomst, het verblijf en het vertrek regelen van passagiers, bemanningsleden, postzendingen en goederen, zoals die welke betrekking hebben op de toelatings-, vestigings- en uitreisformaliteiten, de paspoorten, de douane en de quarantaine, zullen van toepassing zijn op de passagiers, bemanningsleden, postzendingen en goederen, welke door de vliegtuigen van de door de andere Overeenkomstsluitende Partij aangewezen maatschappijen worden vervoerd zolang deze zich op dat grondgebied zullen bevinden.

Artikel 6

Teneinde elke bevoorrechting te voorkomen en een volkomen gelijkheid van behandeling te verzekeren verbindt elk der Overeenkomstsluitende Partijen zich tot het volgende:

Artikel 7

Indien een Overeenkomstsluitende Partij het wenselijk acht enige bepaling van deze Overeenkomst of haar Bijlage te wijzigen, zullen de Luchtvaartautoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen daartoe overleg plegen; dit overleg zal moeten plaats hebben binnen dertig (30) dagen na de datum van het verzoek daartoe.

Indien genoemde autoriteiten tot overeenstemming komen inzake de in de Overeenkomst aan te brengen wijzigingen, zullen deze van kracht worden nadat zij bij een wisseling van diplomatieke nota's zijn bevestigd.

Voor de wijzigingen van de Bijlagen is geen diplomatieke notawisseling vereist; de datum waarop zij van kracht worden zal in gemeenschappelijk overleg tussen de Luchtvaartautoriteiten van beide Overeenkomstsluitende Partijen worden vastgesteld.

Artikel 8

In een geest van nauwe samenwerking zullen de Luchtvaartautoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen op verzoek van een van hen overleg plegen, teneinde zich er van te verzekeren, dat de in deze Overeenkomst omschreven beginselen worden toegepast en dat de doelstellingen ervan op een bevredigende wijze worden verwezenlijkt.

Artikel 9

1). De Overeenkomstsluitende Partijen zullen ieder geschil inzake de uitlegging of de toepassing van deze Overeenkomst door middel van directe onderhandelingen tussen de Luchtvaartautoriteiten regelen.

Indien deze onderhandelingen mislukken, zal het geschil aan een scheidsgerecht worden voorgelegd.

2). Het scheidsgerecht zal zijn samengesteld uit 3 leden. Elk van beide Overeenkomstsluitende Partijen zal een scheidsrechter aanwijzen en de beide scheidsrechters zullen tot overeenstemming moeten komen omtrent de aanwijzing van een onderdaan van een derde staat als voorzitter.

Indien binnen twee maanden nadat een van beide Overeenkomstsluitende Partijen de scheidsrechterlijke regeling van het geschil heeft voorgesteld, de beide scheidsrechters niet zijn aangewezen, of indien binnen een maand na hun aanwijzing de scheidsrechters niet tot overeenstemming zijn gekomen omtrent de aanwijzing van een voorzitter, zal elke Overeenkomstsluitende Partij de voorzitter van het Internationale Gerechtshof kunnen verzoeken de nodige aanwijzingen te verrichten.

3). Het scheidsgerecht neemt, indien het er niet in slaagt het geschil in der minne te schikken, een beslissing bij meerderheid van stemmen; voorzover de Overeenkomstsluitende Partijen niet het tegengestelde overeenkomen, stelt het zelf zijn procesregels vast en bepaalt het zelf zijn zetel.

4). De Overeenkomstsluitende Partijen verbinden zich zich te houden aan de voorlopige maatregelen die tijdens het proces kunnen worden voorgeschreven als ook aan de scheidsrechterlijke uitspraak, welke laatste in ieder geval als beslissend zal worden beschouwd.

5). Indien een der Overeenkomstsluitende Partijen zich niet houdt aan de scheidsrechterlijke beslissingen, zal de andere Overeenkomstsluitende Partij, zolang als deze nalatigheid duurt, de rechten of voorrechten, welke zij op grond van deze Overeenkomst aan de in gebreke zijnde Overeenkomstsluitende Partij had verleend, kunnen beperken, opschorten of intrekken.

6). Elke Overeenkomstsluitende Partij zal de vergoeding voor de werkzaamheden van haar scheidsrechter op zich nemen en de helft van de vergoeding van de aangewezen voorzitter.

Artikel 10

Deze Overeenkomst en haar Bijlagen zullen aangepast moeten worden aan iedere multilaterale overeenkomst, welke beide Overeenkomstsluitende Partijen eventueel zal binden.

Artikel 11

Elke Overeenkomstsluitende Partij zal te allen tijde aan de andere Overeenkomstsluitende Partij kennis kunnen geven van haar wens om deze Overeenkomst te beëindigen. Een zodanige kennisgeving zal tegelijkertijd worden gedaan aan de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie.

De Overeenkomst zal een einde nemen twaalf (12) maanden na de datum van ontvangst van de kennisgeving door de andere Overeenkomstsluitende Partij, tenzij deze kennisgeving in gemeenschappelijk overleg voor het einde van die termijn wordt ingetrokken. In geval de Overeenkomstsluitende Partij welke een dergelijke kennisgeving ontvangt, de ontvangst daarvan niet bevestigt, zal die kennisgeving geacht worden te zijn ontvangen veertien (14) dagen na ontvangst daarvan door de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie.

Artikel 12

Deze Overeenkomst en haar Bijlage zullen worden medegedeeld aan de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie.

HOOFDSTUK II. Overeengekomen Diensten

Artikel 13

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden verleent aan de Regering van het Koninkrijk Marokko en wederkerig verleent de Regering van het Koninkrijk Marokko aan de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden het recht om door een of meer door hun onderscheiden Regeringen aangewezen maatschappijen de luchtdiensten te doen exploiteren, welke zijn omschreven in de routetabellen voorkomende in de Bijlage bij deze Overeenkomst. Deze diensten zullen verder worden aangeduid met de uitdrukking „overeengekomen diensten”.

Artikel 14

De door de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden overeenkomstig deze Overeenkomst aangewezen maatschappij of maatschappijen zal of zullen op het grondgebied van Marokko het recht genieten om in internationaal verkeer passagiers, post en goederen op te nemen of af te zetten bij de landingen en op de Nederlandse routes, vermeld in de hierbijgevoegde Bijlage.

De door de Regering van het Koninkrijk van Marokko overeenkomstig deze Overeenkomst aangewezen maatschappij of maatschappijen zal of zullen op het grondgebied van Nederland het recht genieten om in internationaal verkeer passagiers, post en goederen op te nemen of af te zetten bij de landingen en op de Marokkaanse routes, vermeld in de hierbijgevoegde Bijlage.

De door een Overeenkomstsluitende Partij aangewezen maatschappij of maatschappijen zal of zullen op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij bovendien het recht genieten om over te vliegen en er technische landingen te maken; zij zullen ook van de luchthavens en andere faciliteiten voor internationaal verkeer gebruik kunnen maken.

Artikel 15

1). De door elk van beide Overeenkomstsluitende Partijen aangewezen maatschappijen zullen verzekerd moeten zijn van een billijke en rechtvaardige behandeling teneinde gelijke mogelijkheden te hebben bij de exploitatie van de overeengekomen diensten.

2). Zij zullen op de gemeenschappelijke trajecten rekening moeten houden met hun wederzijdse belangen teneinde hun onderscheiden diensten niet onredelijk te treffen.

4). Wat betreft de overeengekomen diensten welke tussen de grondgebieden van beide Overeenkomstsluitende Partijen worden geëxploiteerd, zal besloten moeten worden tot een verdeling van de in te zetten capaciteit tussen de aangewezen maatschappijen van beide landen.

Artikel 16

De tussen de aangewezen maatschappijen overeengekomen exploitatieregelingen zullen de goedkeuring behoeven van de beide luchtvaartautoriteiten, die zich in het bijzonder zullen baseren op de statistieken welke zij op zich nemen geregeld aan elkaar mede te delen.

De aangewezen maatschappijen zullen tenminste een maand voor de aanvang van elke exploitatieperiode de typen vliegtuigen, de frequenties en de voorgenomen dienstregelingen kenbaar moeten maken. Latere wijzigingen zullen twee weken voor zij ingaan moeten worden ingediend.

Artikel 17

1). De overeengekomen diensten zullen in exploitatie genomen kunnen worden op voorwaarde dat:

2). Alvorens gemachtigd te worden om de overeengekomen diensten te openen zal van de aangewezen maatschappijen evenwel verlangd kunnen worden, dat zij ten overstaan van de luchtvaartautoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partij welke de rechten verleent aantonen, dat zij in staat zijn te voldoen aan de voorwaarden welke zijn voorgeschreven door de wetten en voorschriften die gewoonlijk door die autoriteiten worden toegepast ten aanzien van de exploitatie van internationale luchtdiensten.

Artikel 18

1). De vaststelling van de tarieven welke toegepast zullen worden op de overeengekomen diensten voorkomende in deze Overeenkomst, zal in eerste instantie geschieden in gemeenschappelijk overleg tussen de aangewezen maatschappijen, rekening houdende met alle in aanmerking komende factoren, daaronder begrepen de economische exploitatie, een normale winst en de verschillen in de hoedanigheden van de dienst.

Die maatschappijen zullen tot een tarief komen:

2). De aldus vastgestelde tarieven zullen ter goedkeuring worden aangeboden aan de luchtvaartautoriteiten van beide Overeenkomstsluitende Partijen en in werking treden vijfenveertig (45) dagen na ontvangst van de kennisgeving ervan door genoemde luchtvaartautoriteiten.

3). Indien de aangewezen luchtvervoersmaatschappijen er niet in zouden slagen tot overeenstemming te komen over de vaststelling van de tarieven overeenkomstig lid 1 hierboven of indien een van de Overeenkomstsluitende Partijen doet weten niet akkoord te gaan met het haar overeenkomstig lid 2 hierboven voorgelegde tarief, zullen de luchtvaartautoriteiten van beide Overeenkomstsluitende Partijen trachten tot een bevredigende regeling te komen.

SLOTBEPALING

Artikel 19

Deze Overeenkomst zal voorlopig worden toegepast van de datum van ondertekening af; zij zal in werking treden op een datum welke zal worden vastgelegd in een diplomatieke notawisseling waarin wordt vermeld, dat aan de door de nationale wetgeving van elk der Overeenkomstsluitende Partijen vereiste formaliteiten is voldaan.

I. Nederlandse Routes:

Punten in Nederland, Brussel of Luxemburg, Duitsland of Zwitserland, Casablanca of Tanger, naar Liberia, Nigeria, Frans Equatoriaal Afrika, Belgisch Congo, Portugees West-Afrika.

II. Marokkaanse Routes:

Punten in Marokko, Parijs, Brussel, Duitsland of Zwitserland, Amsterdam naar Denemarken, Zweden, Noorwegen, Finland.

Opmerkingen:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.