Verdrag van Athene inzake het vervoer van passagiers en hun bagage over zee, 2002

Type Verdrag
Publication 2014-04-23
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
Artikel 1. Begripsomschrijvingen

In dit Verdrag hebben de volgende begripsomschrijvingen de betekenis die hieraan bij dezen wordt toegekend:

Artikel 1bis. Bijlage

De aan dit Verdrag gehechte Bijlage maakt een integrerend onderdeel uit van het Verdrag.

Artikel 2. Toepassing
1.

Dit Verdrag is van toepassing op elk internationaal vervoer indien:

2.

Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid van dit artikel is dit Verdrag niet van toepassing als het vervoer onderworpen is aan een aansprakelijkheidsregeling waarin is voorzien door bepalingen van een ander verdrag betreffende het vervoer van reizigers of bagage met een ander vervoermiddel en voor zover die bepalingen op het zeevervoer dwingend van toepassing zijn.

Artikel 3. Aansprakelijkheid van de vervoerder
1.

Bij schade geleden als gevolg van het overlijden of persoonlijk letsel van een passagier veroorzaakt door een scheepvaartincident, is de vervoerder in zoverre aansprakelijk dat een dergelijk verlies met betrekking tot die passagier voor elk afzonderlijk geval niet meer dan 250.000 rekeneenheden bedraagt, tenzij de vervoerder bewijst dat het incident:

Indien en voor zover de schade bovengenoemde grens te boven gaat, is de vervoerder verder aansprakelijk, tenzij de vervoerder bewijst dat het incident dat de schade heeft veroorzaakt niet aan de schuld of nalatigheid van de vervoerder te wijten is.

2.

Bij schade geleden als gevolg van het overlijden of persoonlijk letsel van een passagier niet veroorzaakt door een scheepvaartincident, is de vervoerder aansprakelijk indien het incident dat de schade heeft veroorzaakt aan de schuld of nalatigheid van de vervoerder te wijten is. De bewijslast dat er sprake is van schuld of nalatigheid berust bij de eiser.

3.

Bij schade geleden als gevolg van het verlies of de beschadiging van hutbagage is de vervoerder aansprakelijk indien het incident dat de schade heeft veroorzaakt aan de schuld of nalatigheid van de vervoerder te wijten is. Schuld of nalatigheid van de vervoerder wordt verondersteld bij schade veroorzaakt door een scheepvaartincident.

4.

Bij schade geleden als gevolg van het verlies of beschadiging van andere bagage dan hutbagage is de vervoerder aansprakelijk, tenzij de vervoerder bewijst dat het incident dat de schade heeft veroorzaakt niet aan de schuld of nalatigheid van de vervoerder te wijten is.

5.

Voor de toepassing van dit artikel:

6.

De aansprakelijkheid van de vervoerder krachtens dit artikel heeft uitsluitend betrekking op schade als gevolg van incidenten die zich tijdens het vervoer hebben voorgedaan. De bewijslast dat het incident dat de schade heeft veroorzaakt zich tijdens het vervoer heeft voorgedaan, en omtrent de omvang van de schade berust bij de eiser.

7.

Niets in dit Verdrag doet afbreuk aan een recht van verhaal dat de vervoerder tegen een derde zou kunnen hebben, of aan een verweer gebaseerd op de nalatigheid van een medeverantwoordelijke passagier op grond van artikel 6 van dit Verdrag. Niets in dit artikel doet afbreuk aan een uit de artikelen 7 of 8 van dit Verdrag voortvloeiend recht op het stellen van grenzen aan de aansprakelijkheid.

8.

Enig vermoeden van schuld of nalatigheid van een partij of de toewijzing van de bewijslast aan een partij heeft niet tot gevolg dat bewijzen ten gunste van die partij niet in overweging worden genomen.

Artikel 4. Feitelijke vervoerder
1.

Indien het vervoer geheel of gedeeltelijk aan een feitelijke vervoerder wordt toevertrouwd, blijft de vervoerder niettemin aansprakelijk voor het volledige vervoer overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag. Daarnaast is de feitelijke vervoerder onderworpen aan de bepalingen van dit Verdrag en kan hij zich erop beroepen voor het gedeelte van het vervoer dat door hem is verricht.

2.

De vervoerder is met betrekking tot het door de feitelijke vervoerder verrichte vervoer aansprakelijk voor het handelen of nalaten van de feitelijk vervoerder en van diens hulppersonen die handelen in de uitoefening van hun werkzaamheden.

3.

Elke bijzondere overeenkomst krachtens welke de vervoerder verplichtingen op zich neemt die niet bij dit Verdrag worden opgelegd of afstand doet van rechten die dit Verdrag hem toekent, is voor de feitelijke vervoerder slechts bindend wanneer hij daar uitdrukkelijk en schriftelijk mee instemt.

4.

Wanneer en voor zover zowel de vervoerder als de feitelijke vervoerder aansprakelijk zijn, zijn zij beide hoofdelijk aansprakelijk.

5.

Geen enkele bepaling van dit artikel doet afbreuk aan enig recht van verhaal tussen de vervoerder en de feitelijke vervoerder.

Artikel 4bis. Verplichte verzekering
1.

Wanneer passagiers worden vervoerd aan boord van een in een staat die partij is geregistreerd schip dat vergunning heeft voor het vervoeren van meer dan twaalf passagiers, en dit Verdrag van toepassing is, dient een vervoerder die het vervoer feitelijk geheel of gedeeltelijk verricht, te zorgen voor een verzekering of een andere financiële zekerheid, zoals een borgstelling van een bank of soortgelijke financiële instelling, ter dekking van de uit dit Verdrag voortvloeiende aansprakelijkheid bij overlijden of persoonlijk letsel van passagiers. Het minimumbedrag van deze verplichte verzekering of andere financiële zekerheid bedraagt niet minder dan 250.000 rekeneenheden per passagier per afzonderlijk geval.

2.

Een certificaat waaruit blijkt dat er, in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag, een verzekering of andere financiële zekerheid is voorzien, wordt voor ieder schip verleend, nadat de bevoegde autoriteit van een staat die partij is heeft vastgesteld dat aan de vereisten van het eerste lid is voldaan. Met betrekking tot een schip geregistreerd in een staat die partij is wordt een dergelijk certificaat afgegeven of gewaarmerkt door de bevoegde autoriteit van de staat waar het schip geregistreerd is; met betrekking tot een schip dat niet in een staat die partij is geregistreerd is, kan het worden afgegeven of gewaarmerkt door de bevoegde autoriteit van elke staat die partij is. Het certificaat heeft de vorm van het model vervat in de bijlage bij dit Verdrag en bevat de volgende gegevens:

4.

Het certificaat wordt gesteld in de officiële taal of de officiële talen van de staat waar het wordt afgegeven. Indien de gebruikte taal van het certificaat niet de Engelse, de Franse of de Spaanse is, bevat de tekst tevens een vertaling in een van deze talen en kan, indien de staat daartoe besluit, de officiële taal van de staat achterwege blijven.

5.

Het certificaat moet zich aan boord van het schip bevinden en een afschrift moet worden nedergelegd bij de autoriteiten die het register beheren waarin het schip is geregistreerd, of indien het schip niet geregistreerd is in een staat die partij is, bij de autoriteit van de staat die de certificaten afgeeft of waarmerkt.

6.

Een verzekering of andere financiële zekerheid voldoet niet aan de eisen van dit artikel indien deze om andere redenen dan het verstrijken van de geldigheidsduur van de verzekering of de zekerheid zoals vermeld in het certificaat kan vervallen voordat drie maanden zijn verlopen na de datum waarop aan de autoriteiten bedoeld in het vijfde lid mededeling is gedaan van beëindiging, tenzij het certificaat bij deze autoriteiten is ingeleverd of binnen deze termijn een nieuw certificaat is afgegeven. Het vorenstaande is eveneens van toepassing op elke wijziging die ertoe leidt dat de verzekering of andere financiële zekerheid niet langer voldoet aan de eisen van dit artikel.

7.

De staat waar het schip is geregistreerd stelt, met inachtneming van de bepalingen van dit artikel, de voorwaarden vast voor de afgifte en geldigheid van het certificaat.

8.

Niets in dit Verdrag kan zo worden uitgelegd dat het een staat die partij is belet zich te verlaten op informatie verkregen van andere staten of van de Organisatie of van andere internationale organisaties met betrekking tot de financiële positie van verzekeraars of van andere personen die de financiële zekerheid stellen voor de toepassing van dit Verdrag. In dergelijke gevallen wordt de staat die partij is die zich op dergelijke informatie verlaat niet ontheven van zijn verantwoordelijkheid als staat die het certificaat afgeeft.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.