Verdrag betreffende de pensioenen van zeelieden

Type Verdrag
Publication 1964-11-13
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie, door de Raad van Beheer van het Internationaal Arbeidsbureau bijeengeroepen te Seattle en aldaar bijeengekomen op 6 Juni 1946 in haar achtentwintigste zitting,

besloten hebbende verschillende voorstellen aan te nemen betreffende de pensioenen van zeelieden, welk onderwerp in het tweede punt van de agenda der zitting begrepen is;

besloten hebbende, dat deze voorstellen de vorm zullen aannemen van een internationaal Verdrag;

neemt heden, de 28ste Juni 1946, het volgende Verdrag aan, dat genoemd zal worden „Verdrag betreffende de pensioenen van zeelieden, 1946”.

Artikel 1

Voor de toepassing van dit Verdrag wordt onder de uitdrukking „zeelieden” verstaan iedere persoon, die werkzaam is aan boord of in dienst is van een schip, geen oorlogsschip zijnde, en ingeschreven in een gebied, waarvoor dit Verdrag van kracht is.

Artikel 2
1.

Elk Lid van de Internationale Arbeidsorganisatie waarvoor dit Verdrag van kracht is, moet in overeenstemming met zijn nationale wetgeving een stelsel van pensioenen voor zeelieden, die uit de zeedienst ontslag nemen, vaststellen of doen vaststellen.

2.

Het stelsel kan die uitzonderingen bevatten, welke het Lid noodzakelijk acht, voor zoveel betreft:

Artikel 3
1.

Het pensioenstelsel zal aan een van de volgende regelen moeten voldoen:

2.

De zeelieden mogen te samen niet meer dan de helft van de kosten dragen, die krachtens de regeling der pensioenen betaald moeten worden.

Artikel 4
1.

De regeling moet passende bepalingen inhouden voor het handhaven van de aanspraken van de verzekerden, die ophouden onder de toepassing der regeling te vallen, of voor de betaling van een uitkering aan die personen, als tegenprestatie voor de op hun rekening geboekte bijdragen.

2.

De regeling moet een recht van beroep kennen voor elk geschil ter zake van de toepassing.

3.

De regeling kan een voorziening treffen voor het geheel of gedeeltelijk vervallen van het recht op pensioen of schorsing daarvan in gevallen, waarin de betrokkene frauduleus gehandeld heeft.

4.

De reders en de zeelieden, die bijdragen in de kosten der pensioenen krachtens deze regeling te betalen, moeten het recht hebben om door middel van hun vertegenwoordigers aan de uitvoering deel te nemen.

Artikel 5

De officiële bekrachtigingen van dit Verdrag zullen worden medegedeeld aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau en door hem worden geregistreerd.

Artikel 6
1.

Dit Verdrag zal slechts verbindend zijn voor de Leden van de Internationale Arbeidsorganisatie, die hun bekrachtigingen door de Directeur hebben doen registreren.

2.

Het zal van kracht worden zes maanden, nadat de bekrachtigingen van vijf van de volgende landen zullen zijn geregistreerd: Verenigde Staten van Amerika, Argentinië, Australië, België, Brazilië, Canada, Chili, China, Denemarken, Finland, Frankrijk, Verenigd Koninkrijk van Groot-Britannië en Noord-Ierland, Griekenland, Ierland, India, Italië, Joegoslavië, Nederland, Noorwegen, Polen, Portugal, Turkije en Zweden, met dien verstande, dat van die vijf landen er ten minste drie over een koopvaardijvloot beschikken met een bruto tonnenmaat van ten minste een millioen registerton. Deze bepaling heeft ten doel de bekrachtiging van dit Verdrag door de Staten-Leden te vergemakkelijken, aan te moedigen en te bespoedigen.

3.

Vervolgens zal dit Verdrag voor ieder der andere Leden in werking treden zes maanden na de datum, waarop de bekrachtiging van dat Lid zal zijn geregistreerd.

Artikel 7
1.

Ieder Lid, dat dit Verdrag heeft bekrachtigd, kan het opzeggen na verloop van een termijn van tien jaren na de datum, waarop dit Verdrag van kracht is geworden, zulks bij een verklaring, toegezonden aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau en door deze in te schrijven. De opzegging wordt eerst van kracht een jaar, nadat zij is geregistreerd.

2.

Ieder Lid, dat dit Verdrag heeft bekrachtigd en binnen een jaar na verloop van de termijn van tien jaren, bedoeld in het vorig lid, geen gebruik maakt van de bevoegdheid tot opzegging voorzien in dit artikel, zal voor een nieuwe termijn van tien jaren gebonden zijn en zal in het vervolg dit Verdrag kunnen opzeggen na verloop van elke termijn van tien jaren, onder de voorwaarden, bedoeld in dit artikel.

Artikel 8
1.

De Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau zal aan alle Leden der Organisatie mededeling doen van de registratie van alle bekrachtigingen en opzeggingen, welke hem door de Leden der Organisatie zullen worden medegedeeld.

2.

Bij de mededeling aan de Leden der Organisatie van de registratie van de laatste bekrachtiging, nodig voor het van kracht worden van het Verdrag, zal de Directeur-Generaal de aandacht van de Leden der Organisatie vestigen op de datum, waarop dit Verdrag van kracht zal worden.

Artikel 9

De Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau zal aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties ter registratie overeenkomstig het bepaalde in artikel 102 van het Handvest der Verenigde Naties, mededeling doen van de volledige bijzonderheden betreffende alle bekrachtigingen en opzeggingen, welke hij overeenkomstig de voorgaande artikelen heeft geregistreerd.

Artikel 10

Telkens wanneer de Raad van Beheer van het Internationaal Arbeidsbureau zulks nodig acht legt deze een verslag inzake de toepassing van dit Verdrag voor aan de Algemene Conferentie, en gaat na of het wenselijk is de kwestie van de gehele of gedeeltelijke herziening van het Verdrag op de agenda van de Conferentie te plaatsen.

Artikel 11
1.

Indien de Conferentie een nieuw Verdrag aanneemt, houdende gehele of gedeeltelijke wijziging van het onderhavige Verdrag, zal tenzij het nieuwe Verdrag anders bepaalt:

2.

Het onderhavige Verdrag zal echter van kracht blijven naar vorm en inhoud voor die Leden, die het bekrachtigd hebben en die het nieuwe Verdrag, houdende herziening, niet bekrachtigen.

Artikel 12

Zowel de Franse als de Engelse tekst van dit Verdrag is authentiek.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.