Overeenkomst betreffende het Internationale Monetaire Fonds
De Regeringen namens welke deze Overeenkomst getekend is, komen overeen als volgt:
De Engelse tekst van de Overeenkomst is oorspronkelijk gepubliceerd in Stb. 1945/F 318. De vertaling is gepubliceerd in Stb. 1945/F 318. De Overeenkomst is in werking getreden op 27 december 1945, zie Trb. 1956/153. De Overeenkomst is gewijzigd volgens Trb. 1968/106.
artikel Inleidend
(i). Het Internationale Monetaire Fonds is opgericht en handelt in overeenstemming met de bepalingen van deze Overeenkomst zoals oorspronkelijk vastgesteld en later gewijzigd.
(ii). Ten einde het Fonds in staat te stellen tot zijn verrichtingen en transacties houdt het Fonds een Algemene Afdeling en een Bijzondere Trekkingsrechtenafdeling in stand. Het lidmaatschap van het Fonds verleent het recht tot deelneming in de Bijzondere Trekkingsrechtenafdeling.
(iii). De ingevolge deze Overeenkomst toegestane verrichtingen en transacties lopen via de Algemene Afdeling, die, in overeenstemming met de bepalingen van deze Overeenkomst, bestaat uit de Algemene Middelenrekening, de Bijzondere Aanwendingsrekening en de Investeringsrekening, met dien verstande dat verrichtingen en transacties betreffende bijzondere trekkingsrechten via de Bijzondere Trekkingsrechtenafdeling lopen.
Artikel I. Doelstellingen
De doelstellingen van het Internationale Monetaire Fonds zijn:
- (i). Het bevorderen van internationale samenwerking op monetair gebied door een permanente instelling, die het apparaat voor overleg en samenwerking inzake internationale monetaire problemen verschaft.
- (ii). Het vergemakkelijken van de uitbreiding en de evenwichtige groei van de internationale handel en daardoor het bijdragen tot de bevordering en instandhouding van een hoog niveau van werkgelegenheid en van reëel inkomen, alsmede tot de ontwikkeling van de produktieve middelen van alle leden: dit zijn de voornaamste doelstellingen van het economische beleid.
- (iii). Het bevorderen van koersstabiliteit, het handhaven van ordelijke wisselkoers-arrangementen tussen de leden en het voorkomen van concurrerende depreciatie van de wisselkoersen.
- (iv). Het medewerken aan de totstandbrenging van een multilateraal betalingssysteem ten behoeve van lopende transacties tussen de leden en aan het uit de weg ruimen van deviezenbeperkingen die de groei van de wereldhandel belemmeren.
- (v). Het wekken van vertrouwen bij de leden door hun de algemene middelen van het Fonds onder behoorlijke waarborgen tijdelijk ter beschikking te stellen, waardoor hun gelegenheid wordt gegeven geen storingen in hun betalingsbalans te herstellen zonder hen te nopen tot maatregelen die zeer nadelige gevolgen hebben voor de nationale of internationale welvaart.
- (vi). In overeenstemming met het bovenstaande, het verkorten van de duur en het verminderen van de mate van onevenwichtigheid in de internationale betalingsbalansen der leden.
Het Fonds zal zich in zijn gehele beleid en in al zijn beslissingen laten leiden door de doelstellingen in dit artikel tot uitdrukking gebracht.
Artikel II. Lidmaatschap
Sectie 1. Oorspronkelijke leden
De oorspronkelijke leden van het Fonds zijn die der op de Monetaire en Financiële Conferentie der Verenigde Naties vertegenwoordigde landen, welker regeringen vóór 31 december 1945 het lidmaatschap aanvaarden.
Sectie 2. Andere leden
Het lidmaatschap staat open voor andere landen op die tijdstippen en in overeenstemming met die voorwaarden die door de Raad van Bestuur kunnen worden gesteld. Deze voorwaarden, met inbegrip van de voorwaarden voor bijdragen, zijn gebaseerd op beginselen die verenigbaar zijn met die welke worden toegepast op andere landen die reeds lid zijn.
Artikel III. Quota en bijdragen
Sectie 1. Quota en betaling van bijdragen
Ieder lid krijgt een quotum toegewezen, uitgedrukt in bijzondere trekkingsrechten. De quota van de op de Monetaire en Financiële Conferentie der Verenigde Naties vertegenwoordigde leden die vóór 31 december 1945 het lidmaatschap aanvaarden, zijn die welke in Schema A zijn vermeld. De quota van andere leden worden vastgesteld door de Raad van Bestuur. De bijdrage van ieder lid dient gelijk te zijn aan zijn quotum en in haar geheel te worden betaald aan het Fonds bij de hiertoe aangewezen instantie van deponering.
Sectie 2. Aanpassing der quota
- (a). De Raad van Bestuur onderwerpt met tussenpozen van niet langer dan vijf jaar de quota der leden aan een algemene beoordeling en stelt, indien hij dit wenselijk acht, aanpassing daarvan voor. Hij kan ook, indien hij dit juist acht, de aanpassing van elk bepaald quotum op verzoek van het betrokken lid op ieder ander tijdstip in overweging nemen.
- (b). Het Fonds kan te allen tijde een verhoging voorstellen van de quota van die leden van het Fonds die lid waren op 31 augustus 1975, zulks naar verhouding van hun quota op die datum en tot een cumulatief bedrag dat niet hoger is dan de bedragen die krachtens het bepaalde in artikel V, sectie 12 (f) (i) en (j) worden overgemaakt van de Bijzondere Aanwendingsrekening naar de Algemene Middelenrekening.
- (c). Een meerderheid van vijfentachtig procent van het totale stemmenaantal is nodig voor enige wijziging in de quota.
- (d). Het quotum van een lid wordt eerst gewijzigd wanneer het lid hiermee heeft ingestemd en betaling heeft plaatsgevonden, tenzij betaling wordt geacht te zijn verricht in overeenstemming met het bepaalde in sectie 3 (b) van dit artikel.
Sectie 3. Betalingen indien quota worden gewijzigd
- (a). Ieder lid dat instemt met een verhoging van zijn quotum krachtens het bepaalde in sectie 2 (a) van dit artikel, betaalt binnen een door het Fonds bepaald tijdvak vijfentwintig procent van de verhoging in bijzondere trekkingsrechten aan het Fonds, maar de Raad van Bestuur kan voorschrijven dat deze betaling, op dezelfde basis voor alle leden, geheel of gedeeltelijk kan worden verricht in de door het Fonds gespecificeerde valuta's van andere leden, zulks met hun instemming, of in de valuta van het lid zelf. Een niet-participant dient in de door het Fonds gespecificeerde valuta's van andere leden, met hun instemming, een percentage van de verhoging te betalen dat overeenkomt met het percentage dat door participanten dient te worden betaald in bijzondere trekkingsrechten. Het resterende deel van de verhoging dient door het lid te worden voldaan in zijn eigen valuta. Het bezit van het Fonds aan de valuta van een lid mag niet, als gevolg van betalingen door andere leden uit hoofde van deze bepaling, hoger worden dan het niveau waarboven ingevolge artikel V, sectie 8 (b) (ii) provisies zouden worden geheven.
- (b). Ieder lid dat instemt met een verhoging van zijn quotum krachtens het bepaalde in sectie 2 (b) van dit artikel, wordt geacht aan het Fonds als bijdrage een bedrag te hebben betaald, gelijk aan een zodanige verhoging.
- (c). Indien een lid met een verlaging van zijn quotum instemt, betaalt het Fonds binnen zestig dagen aan het lid een bedrag gelijk aan de verlaging uit. De betaling wordt verricht in de valuta van het lid en tot zulk een bedrag aan bijzondere trekkingsrechten of in de door het Fonds gespecificeerde valuta's van andere leden, met hun instemming, als nodig is om te voorkomen dat het bezit van het Fonds aan die valuta daalt tot onder het nieuwe quotum, met dien verstande dat het Fonds in uitzonderlijke omstandigheden zijn bezit aan de valuta kan verlagen tot onder het nieuwe quotum door betaling aan het lid in zijn eigen valuta.
- (d). Een meerderheid van zeventig procent van het totale stemmenaantal is nodig voor enigerlei besluit uit hoofde van het bepaalde in (a) van deze sectie, met uitzondering van het vaststellen van een tijdvak en het specificeren van valuta's ingevolge die bepaling.
Sectie 4. Vervanging van valuta door waardepapieren
Het Fonds neemt van ieder lid in plaats van enig deel van de bijdrage in de eigen valuta van het lid aan de Algemene Middelenrekening, dat het Fonds naar zijn mening niet voor zijn verrichtingen en transacties nodig heeft, promessen of gelijksoortige schuldbekentenissen aan, uitgegeven door het lid of door de instantie van deponering, die door het lid ingevolge artikel XIII, sectie 2 aangewezen is. Deze waardepapieren zijn niet overdraagbaar, dragen geen rente en zijn op aanvraag tegen hun nominale waarde aflosbaar door creditering van de rekening van het Fonds bij de aangewezen instantie van deponering. Deze sectie is niet alleen van toepassing op de eigen valuta's tot betaling waarvan de leden zich hebben verbonden, maar ook op iedere valuta die uit anderen hoofde aan het Fonds is verschuldigd of door het Fonds is verkregen en die moet worden geboekt op de Algemene Middelenrekening.
Artikel IV. Verplichtingen ten aanzien van wisselkoers-arrangementen
Sectie 1. Algemene verplichtingen van leden
Erkennende dat het wezenlijke doel van het internationale monetaire stelsel is het bieden van een kader ter vergemakkelijking van het verkeer van goederen, diensten en kapitaal tussen landen en ter ondersteuning van een gezonde economische groei, en dat een hoofddoel is de voortgaande ontwikkeling van de ordelijke basisvoorwaarden die nodig zijn voor financiële en economische stabiliteit, verbindt ieder lid zich samen te werken met het Fonds en met de andere leden, om ordelijke wisselkoers-arrangementen te verzekeren en een stabiel stelsel van wisselkoersen te bevorderen. In het bijzonder zal ieder lid:
- (i). trachten zijn economische en financiële beleid te richten op het aanmoedigen van een ordelijke economische groei met een redelijke prijsstabiliteit, naar behoren rekening houdend met zijn omstandigheden;
- (ii). ernaar streven stabiliteit te bevorderen door het aanmoedigen van ordelijke economische en financiële basisvoorwaarden en van een monetair stelsel waarin geen erratische storingen optreden;
- (iii). niet overgaan tot manipulaties met de wisselkoersen of het internationale monetaire stelsel om een doeltreffende aanpassing van de betalingsbalans te verhinderen of een oneerlijk concurrentievoordeel te verkrijgen ten opzichte van andere leden; en
- (iv). een wisselkoersbeleid voeren dat verenigbaar is met de uit deze sectie voortvloeiende verbintenissen.
Sectie 2. Algemene wisselkoers-arrangementen
- (a). Ieder lid stelt, binnen dertig dagen na de datum van de tweede wijziging van deze Overeenkomst, het Fonds in kennis van de wisselkoers-arrangementen die het voornemens is toe te passen bij de nakoming van de krachtens sectie 1 van dit artikel op hem rustende verplichtingen en stelt het Fonds onverwijld in kennis van eventuele veranderingen in zijn wisselkoers-arrangementen.
- (b). In een internationaal monetair stelsel van het type zoals dit bestond op 1 januari 1976, kunnen wisselkoers-arrangementen omvatten: (i) de handhaving door een lid van een waarde voor zijn valuta uitgedrukt in het bijzondere trekkingsrecht of een andere eenheid, anders dan goud, die door het lid is gekozen, of (ii) samenwerkingsovereenkomsten door middel waarvan de leden de waarde van hun valuta's handhaven ten opzichte van de waarde van de valuta of valuta's van andere leden, of (iii) andere wisselkoers-arrangementen naar keuze van een lid.
- (c). Het Fonds kan, om aan te sluiten bij de ontwikkeling van het internationale monetaire stelsel, met een meerderheid van vijfentachtig procent van het totale stemmenaantal voorzien in algemene wisselkoersarrangementen, zonder het recht van de leden te beperken op wisselkoersarrangementen naar eigen keuze die verenigbaar zijn met de doelstellingen van het Fonds en de verplichtingen voortvloeiend uit sectie 1 van dit artikel.
Sectie 3. Toezicht op wisselkoers-arrangementen
- (a). Het Fonds houdt toezicht op het internationale monetaire stelsel ten einde de doeltreffende werking hiervan te verzekeren, en ziet erop toe dat ieder lid zich houdt aan de verplichtingen voortvloeiend uit sectie 1 van dit artikel.
- (b). Ten einde zijn onder letter (a) van deze sectie bedoelde functies te vervullen, oefent het Fonds strikt toezicht uit op het wisselkoersbeleid van de leden en stelt het specifieke beginselen vast als richtsnoer voor alle leden waar het dit beleid betreft. Ieder lid verschaft het Fonds de gegevens die nodig zijn voor een zodanig toezicht en pleegt, op verzoek van het Fonds, hiermede overleg over zijn wisselkoersbeleid. De door het Fonds vastgestelde beginselen dienen verenigbaar te zijn met de samenwerkingsovereenkomsten door middel waarvan de leden de waarde van hun valuta's handhaven ten opzichte van de waarde van de valuta of valuta's van andere leden, alsmede met andere wisselkoers-arrangementen naar keuze van een lid die verenigbaar zijn met de doelstellingen van het Fonds en met sectie 1 van dit artikel. Deze beginselen laten het binnenlandse sociale en politieke beleid van de leden onverlet en bij het toepassen van deze beginselen dient het Fonds naar behoren de omstandigheden van de leden in acht te nemen.
Sectie 4. Pari-waarden
Het Fonds kan met een meerderheid van vijfentachtig procent van het totale stemmenaantal bepalen dat de internationale economische situatie van dien aard is dat een wijd vertakt stelsel van wisselkoers-arrangementen op basis van stabiele, doch aanpasbare pari-waarden kan worden ingevoerd. Het Fonds bepaalt dit op basis van de fundamentele stabiliteit van de wereldeconomie en het houdt hiertoe rekening met ontwikkelingen in de prijzen en de groei van de economie van de leden. Het Fonds baseert zijn oordeel op de ontwikkeling van het internationale monetaire stelsel, daarbij in het bijzonder gelet op de herkomst van liquide middelen en, ten einde de doeltreffende werking van een stelsel van pari-waarden te verzekeren, gelet op regelingen krachtens welke zowel leden met een overschot, als die met een tekort op hun betalingsbalans onverwijld doeltreffende symmetrische maatregelen nemen om te komen tot een aanpassing, en tevens gelet op regelingen ten behoeve van interventie en de behandeling van onevenwichtigheden. Wanneer het Fonds tot dit oordeel is gekomen, brengt het de leden ter kennis dat het bepaalde in schema C van toepassing is.
Sectie 5. Verschillende valuta's binnen het grondgebied van een lid
- (a). Wanneer een lid uit hoofde van dit artikel maatregelen neemt ten aanzien van zijn valuta, worden deze geacht van toepassing te zijn op de afzonderlijke valuta's van alle grondgebieden waarvoor het lid deze Overeenkomst krachtens artikel XXXI, sectie 2 (g), heeft aanvaard, tenzij het lid verklaart dat zijn maatregelen van toepassing zijn op hetzij uitsluitend de valuta van het moederland, hetzij een of meer nader aangeduide afzonderlijke valuta's, dan wel op de valuta van het moederland en een of meer nader aangeduide afzonderlijke valuta's.
- (b). Indien het Fonds maatregelen neemt krachtens dit artikel, worden deze geacht betrekking te hebben op alle valuta's van een lid, zoals bedoeld in letter (a) van deze sectie, tenzij het Fonds anders verklaart.
Artikel V. Verrichtingen en transacties van het Fonds
Sectie 1. Instanties die met het Fonds in verbinding kunnen treden
Ieder lid treedt slechts in verbinding met het Fonds door middel van zijn Ministerie van Financiën, Centrale Bank, egalisatiefonds of andere soortgelijke met de schatkist in verband staande instantie, terwijl het Fonds slechts met of door middel van dezelfde instanties met de leden in verbinding treedt.
Sectie 2. Beperking van de verrichtingen en transacties van het Fonds
- (a). Tenzij in deze Overeenkomst anders is bepaald, blijven de transacties voor rekening van het Fonds beperkt tot transacties, die ten doel hebben aan een lid, op diens verlangen, bijzondere trekkingsrechten of de valuta's van andere leden uit de algemene middelen van het Fonds, geboekt op de Algemene Middelenrekening, te verstrekken, in ruil voor de valuta van het lid dat de aankoop wenst te doen.
- (b). Op verzoek kan het Fonds besluiten financiële en technische diensten te verlenen, waaronder begrepen de administratie van door leden bijgedragen middelen, die verenigbaar zijn met de doelstellingen van het Fonds. Verrichtingen die te maken hebben met de uitvoering van zodanige financiële diensten komen niet voor rekening van het Fonds. Diensten uit hoofde van deze alinea leggen geen enkele verplichting op aan een lid zonder diens toestemming.
Sectie 3. Voorwaarden, die het gebruik van de algemene middelen van het Fonds beheersen
- (a). Het Fonds stelt een beleid vast ten aanzien van het gebruik van zijn algemene middelen, waaronder begrepen een beleid inzake bijstandsarrangementen of soortgelijke arrangementen, en kan een speciaal beleid vaststellen voor bijzondere betalingsbalans vraagstukken, dat de leden helpt bij het oplossen van hun betalingsbalansvraagstukken, op een wijze die verenigbaar is met de bepalingen van deze Overeenkomst, en dat toereikende waarborgen biedt voor het tijdelijk gebruik van de algemene middelen van het Fonds.
- (b). Een lid heeft het recht onder de volgende voorwaarden de valuta's van andere leden te kopen van het Fonds in ruil voor een equivalent bedrag aan zijn eigen valuta:
- (i). dat het gebruik van de algemene middelen van het Fonds door een lid in overeenstemming is met de bepalingen van deze Overeenkomst en het krachtens deze bepalingen vastgestelde beleid;
- (ii). dat het lid verklaart dat hij de aankoop moet doen om wille van zijn betalingsbalans of zijn reservepositie dan wel ontwikkelingen in zijn reserves;
- (iii). dat de voorgestelde aankoop een aankoop in de reservetranche is, of er niet toe zou leiden dat het bezit van het Fonds aan de valuta van het kopende lid meer zou gaan bedragen dan 200 procent van zijn quotum;
- (iv). dat het Fonds niet krachtens sectie 5 van dit artikel, artikel VI, sectie 1, of artikel XXVI, sectie 2(a), op een eerder tijdstip heeft verklaard dat het lid dat de aankoop wenst te doen onbevoegd is tot het gebruik van de algemene middelen van het Fonds.
- (c). Het Fonds onderzoekt een verzoek tot aankoop om te bepalen of de voorgestelde aankoop verenigbaar is met de bepalingen van deze Overeenkomst en het krachtens deze bepalingen vastgestelde beleid, met dien verstande dat verzoeken om aankopen in de reservetranche niet op bezwaren zullen stuiten.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.