Europese Overeenkomst houdende aanvulling van het Verdrag nopens het Wegverkeer en het Protocol nopens de verkeerstekens, ondertekend te Genève op 19 september 1949
Artikel 1
De ondergetekenden, behoorlijk gemachtigd, zijn overeengekomen om het Verdrag nopens het wegverkeer en het Protocol nopens de verkeerstekens van 19 September 1949 aan te vullen wat betreft de volgende punten:
Voertuigen mogen vluchtheuvels links of rechts voorbijrijden behalve ingeval:
- 1). een op de vluchtheuvel aangebrachte pijl de zijde aanduidt waarlangs moet worden voorbijgereden;
- 2). de vluchtheuvel gelegen is in de as van een rijbaan met verkeer in twee richtingen, in welk geval de vluchtheuvel rechts moet worden voorbijgereden in de landen waar het verkeer rechts houdt en links in de landen waar het verkeer links houdt.
-
- Aan invaliden uitgereikte rijbewijzen waarop een aantekening voorkomt dat zij slechts geldig zijn voor voertuigen die speciaal zijn gebouwd met het oog op de invaliditeit, vormen een categorie rijbewijzen in de zin van artikel 24, eerste lid.
-
- Deze aantekening moet, in rode inkt, het woord „RESTREINT” bevatten alsmede het inschrijvingsnummer van het voertuig dat speciaal is uitgerust met het oog op de invaliditeit van de bestuurder.
Met een hulpmotor uitgeruste rijwielen worden niet als motorrijtuigen beschouwd op voorwaarde dat zij de normale kenmerkende eigenschappen van het rijwiel hebben wat hun gebruiksmogelijkheden betreft.
- (a). De symbolen bedoeld in artikel 5, eerste lid, zullen internationaal worden aanvaard.
- (b). Aanvullende aanduidingen zullen slechts zijn toegestaan om de interpretatie van het teken te vergemakkelijken of de betekenis ervan duidelijker aan te geven.
- (c). De Overeenkomstsluitende Partijen verbinden zich alle nieuwe symbolen welke zij voornemens zijn vast te stellen, aan een Comité voor te leggen dat zal worden opgericht onder de auspiciën van de Economische Commissie voor Europa of van enig ander lichaam dat in de plaats van deze Commissie zou komen, en waarin zij zijn vertegenwoordigd, ten einde een voorafgaande overeenstemming te bereiken alvorens deze nieuwe symbolen aan de Secretaris-Generaal der Verenigde Naties mede te delen overeenkomstig het bepaalde in lid 5.
De grenzen van werken op de weg dienen door middel van hekken met afwisselend rood en wit geschilderde strepen en bovendien 's nachts door middel van rode lampen of rood reflecterende materialen te worden aangeduid.
Het gebruiken van het in artikel 25, eerste lid, bedoelde symbool in het teken „ANDER GEVAAR” is verplicht.
De uitgesneden rode driehoek mag niet worden gebruikt om de verschillende gevaren bedoeld in de artikelen 12 tot 25 aan te duiden.
Het opnemen van het woord „STOP” in het teken „STOP BIJ KRUISPUNT” is verplicht.
-
- Het rode licht moet steeds boven en het groene licht steeds beneden zijn geplaatst.
-
- Voor zoveel rekening wordt gehouden met een aanvullend teken om de betekenis van de lichten onafhankelijk van hun stand te verduidelijken, dient dit teken te bestaan uit een ondoorschijnende horizontale balk dwars door het rode licht.
- (a). Het aanvullende verkeersteken ter aanduiding van de routes der internationale hoofd verkeerswegen (wegen welke in overeenstemming met de andere Overeenkomstsluitende Staten door de Staat op wiens grondgebied zij zijn gelegen, als zodanig zijn aangegeven om de continuïteit van de verbindingen en de uniformiteit van de technische kenmerken te verzekeren) heeft een rechthoekige vorm.
- (b). Het teken, bestaande uit een wit opschrift op een donkergroene achtergrond, draagt de letter E gevolgd door het nummer van de route in Arabische cijfers.
- (c). Het teken kan op andere tekens worden aangebracht of er mede gecombineerd worden.
- (d). De afmetingen zijn zodanig, dat de aanduiding gemakkelijk door de bestuurders van zeer snel rijdende voertuigen kan worden waargenomen.
Artikel 2
Deze Overeenkomst staat tot 30 Juni 1951 open voor ondertekening en na die datum voor toetreding door de landen die aan de werkzaamheden van de Economische Commissie voor Europa deelnemen en Partij zijn bij het Verdrag nopens het wegverkeer en bij het Protocol nopens de verkeerstekens van 19 September 1949.
De akten van toetreding en eventueel de akten van bekrachtiging worden nedergelegd bij de Secretaris-Generaal der Verenigde Naties, die daarvan mededeling doet aan al de landen bedoeld onder het eerste lid van dit artikel.
Artikel 3
Deze Overeenkomst mag worden opgezegd met inachtneming van een opzeggingstermijn van zes maanden aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties, die daarvan mededeling doet aan de andere Overeenkomstsluitende Partijen. Na het verstrijken van de termijn van zes maanden houdt de Overeenkomst op van kracht te zijn voor de Overeenkomstsluitende Partij die haar heeft opgezegd.
Artikel 4
De Overeenkomst eindigt indien het aantal Overeenkomstsluitende Partijen op enig ogenblik minder dan drie bedraagt.
Artikel 5
Ieder geschil tussen twee of meer Overeenkomstsluitende Partijen met betrekking tot de uitlegging of toepassing van deze Overeenkomst, hetwelk de Partijen niet door onderhandeling of anderszins kunnen oplossen, kan door elk van de Overeenkomstsluitende Partijen ter beslissing aanhangig gemaakt worden bij een arbitrage-commissie, waarvoor elk van de Overeenkomstsluitende Partijen een lid aanwijst en waarvan de Voorzitter door de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties wordt aangewezen.
Artikel 6
Het origineel van deze Overeenkomst wordt nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties, die aan elk van de in artikel 2, eerste lid, bedoelde landen een gewaarmerkt afschrift ervan doet toekomen.
De Secretaris-Generaal is gemachtigd deze Overeenkomst bij het in werking treden ervan te registreren.
IN FAITH WHEREOF the undersigned representatives, having communicated their full powers, found in good and due form, have signed this Agreement.
DONE at Geneva, in a single copy, in the English and French languages, both texts being equally authentic, this sixteenth day of September, one thousand nine hundred and fifty.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.