Algemeen Verdrag tussen Nederland en Frankrijk inzake de sociale zekerheid

Type Verdrag
Publication 1952-06-27
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden

en

De President der Franse Republiek

wensende de rechten, voortvloeiende uit de wetten betreffende de sociale zekerheid, van kracht in beide verdragsluitende landen, te waarborgen voor de onderdanen, op wie die wetten van toepassing zijn of van toepassing zijn geweest, hebben besloten een verdrag te sluiten en hebben daartoe tot Hun Gevolmachtigden benoemd, te weten:

Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden:

Mr. D. U. Stikker, Hoogstderzelver Minister van Buitenlandse Zaken, en

Mr. A, M. Joekes, Hoogstderzelver Minister van Sociale Zaken;

De President der Franse Republiek:

Z.E. Jean-Paul Garnier, Buitengewoon en Gevolmachtigd Ambassadeur van Frankrijk te 's-Gravenhage, en

Z.E. Pierre Segelle, Minister van Arbeid en Sociale Zekerheid,

die, na elkander hun in goede en behoorlijke vorm bevonden volmachten te hebben overgelegd, zijn overeengekomen nopens de volgende bepalingen:

TITEL I. Algemene beginselen

Artikel 1
1.

Nederlandse of Franse onderdanen, die in loondienst zijn of die bij de wettelijke regelingen inzake sociale zekerheid, bedoeld in artikel 2 van dit verdrag, met in loondienst zijnde personen zijn gelijkgesteld, zijn onderscheidenlijk onderworpen aan bedoelde in Frankrijk of Nederland van toepassing zijnde wettelijke regelingen en ontlenen daaraan rechten onder dezelfde voorwaarden als de onderdanen van elk van beide landen.

2.

Nederlandse onderdanen, niet bedoeld in lid 1 van dit artikel, hebben onder dezelfde voorwaarden als Franse onderdanen aanspraak op gezinstoelagen overeenkomstig de in Frankrijk van toepassing zijnde wettelijke regelingen, bedoeld in artikel 2.

Artikel 2
1.

De wettelijke regelingen inzake sociale zekerheid, waarop dit verdrag van toepassing is, omvatten:

2.

Dit verdrag is eveneens van toepassing op alle wetten of regelingen, welke de wetten of regelingen, genoemd in het eerste lid van dit artikel, hebben gewijzigd of aangevuld of zullen wijzigen of aanvullen, met dien verstande evenwel, dat dit verdrag slechts van toepassing is:

Artikel 3
1.

Loonarbeiders en bij de in elk van beide verdragsluitende landen toepasselijke wetgevingen met loonarbeiders gelijkgestelden, die in een van die landen werkzaam zijn, zijn onderworpen aan de wettelijke regelingen, van kracht in het land, waar zij hun arbeid verrichten.

2.

Op het beginsel, vervat in het eerste lid van dit artikel, gelden de volgende uitzonderingen:

3.

Nederlandse onderdanen, niet zijnde loonarbeiders of met dezen gelijkgestelden, zijn onderworpen aan de Franse wetgeving inzake de gezinstoelagen, indien zij in Frankrijk hun hoofdberoep uitoefenen. In geval zij geen enkel beroep uitoefenen, zijn zij onderworpen aan de Franse wetgeving inzake de gezinstoelagen, indien zij in Frankrijk hun gewone verblijfplaats hebben.

4.

De hoogste administratieve autoriteiten van de verdragsluitende Staten kunnen in gemeen overleg uitzonderingen vaststellen op de regels van lid 1 en 3 van dit artikel. Zij kunnen eveneens overeenkomen, dat de uitzonderingen, bedoeld in het tweede lid, in bepaalde bijzondere gevallen buiten toepassing zullen blijven.

Artikel 4
1.

Het bepaalde in het eerste lid van artikel 3 is van toepassing op loonarbeiders en met dezen gelijkgestelden, ongeacht hun nationaliteit, die werkzaam zijn in de diplomatieke of consulaire diensten van Frankrijk of Nederland of die in persoonlijke dienst zijn van ambtenaren der diplomatieke of consulaire diensten van deze landen. Het bepaalde in de vorige volzin is evenwel niet van toepassing op diplomatieke en consulaire beroepsambtenaren en de beambten, behorende tot hun staf.

2.

Het bepaalde in artikel 3, tweede lid, onder a, kan bij nadere overeenkomst tussen de Regeringen der verdragsluitende landen van toepassing worden verklaard op personen in diplomatieke of consulaire dienst van Nederland of Frankrijk, die de nationaliteit bezitten van het land, in welks dienst zij werkzaam zijn en die niet definitief gevestigd zijn in het land, waar zij werkzaam zijn, zelfs indien verwacht kan worden, dat hun werkzaamheid in dat land langer dan zes maanden zal duren.

Het bepaalde in de vorige volzin is eveneens van toepassing op ambtenaren in dienst van het ene land, die werkzaam zijn in het andere land en die niet zijn diplomatieke of consulaire beroepsambtenaren.

TITEL II. Bijzondere bepalingen

EERSTE HOOFDSTUK. Ziekteverzekering; moederschaps- en overlijdensuitkeringen

Artikel 5

Loonarbeiders en met dezen gelijkgestelden, die zich van Frankrijk naar Nederland begeven of omgekeerd, genieten evenals de indirect-verzekerden, die in het land van hun nieuwe plaats van tewerkstelling bij hen inwonen, de voordelen van de ziekteverzekering van dat land, voor zover:

Artikel 6

De indirect-verzekerden van een loonarbeider of een met deze gelijkgestelde, die gewoonlijk verblijven op het grondgebied van het ene land, terwijl de arbeider zijn werkzaamheid uitoefent op het grondgebied van het andere land, genieten de voordelen in natura ingevolge het stelsel van sociale verzekering, dat van toepassing is in het land van hun verblijfplaats, zulks ten laste van de organen van dat land, terwijl de verzekeringstijdvakken, welke door de arbeider in het andere land zijn vervuld, worden gelijkgesteld met verzekeringstijdvakken, vervuld in het land van de verblijfplaats van de indirect-verzekerden.

Het bepaalde in dit artikel vindt geen toepassing in geval degene, voor wie de voordelen worden aangevraagd, zijn gewone verblijfplaats in het betrokken land eerst na het ongeval, na de aanvang van de ziekte of na de vermoedelijke datum der conceptie heeft gevestigd.

Artikel 7

Loonarbeiders en met dezen gelijkgestelden, die zich van Frankrijk naar Nederland begeven of omgekeerd, genieten evenals de indirect-verzekerden, die in het land van hun nieuwe plaats van tewerkstelling bij hen inwonen, de voordelen van de in dat land geldende voorzieningen bij moederschap, voor zover:

Artikel 8

Loonarbeiders en met dezen gelijkgestelden, die zich van het ene land naar het andere begeven, hebben aanspraak op de uitkeringen bij overlijden, geregeld in de Franse of de Nederlandse wetgeving, overeenkomstig de wetgeving van net land van hun nieuwe plaats van tewerkstelling, voor zover:

TWEEDE HOOFDSTUK. Invaliditeitsverzekering

Artikel 9
1.

Voor loonarbeiders en met dezen gelijkgestelden, die achtereenvolgens of om beurten in beide verdragsluitende landen in een of meer stelsels van invaliditeitsverzekering zijn opgenomen geweest, worden de verzekeringstijdvakken, welke onder die stelsels vervuld zijn en de tijdvakken, welke krachtens die stelsels met tijdvakken van verzekering zijn gelijkgesteld, onder voorwaarde, dat zij niet met elkaar samenvallen, tezamen in aanmerking genomen zowel met het oog op de vaststelling van het recht op uitkering in geld of in natura als met het oog op het behoud of het terugverkrijgen van dat recht.

2.

De uitkeringen in geld ingevolge de invaliditeitsverzekering komen ten laste van het orgaan, dat bevoegd is overeenkomstig de wetgeving, welke van toepassing was op de belanghebbende op het tijdstip, waarop de ziekte of het ongeval voor het eerst geneeskundig is vastgesteld.

De uitkeringen worden gedaan overeenkomstig de bepalingen van vorenbedoelde wetgeving, waarbij rekening wordt gehouden met het totaal van de tijdvakken, gedurende welke de arbeiders achtereenvolgens of om beurten in beide verdragsluitende landen krachtens een of meer stelsels van invaliditeitsverzekering verzekerd zijn geweest, en de tijdvakken, welke krachtens bedoelde stelsels met tijdvakken van verzekering zijn gelijkgesteld. De tijdvakken, welke in Frankrijk vervuld zijn, worden met betrekking tot de Nederlandse wetgeving in voorkomend geval met tijdvakken, waarover premie is betaald, gelijkgesteld.

3.

Indien in het begin van het kalenderkwartaal, in de loop waarvan de ziekte is ontstaan, de invalide, die vroeger onderworpen was aan een stelsel van invaliditeitsverzekering van het andere land, niet sedert tenminste een jaar onderworpen was aan de wetgeving van het land, waar de ziekte is vastgesteld, ontvangt hij van het bevoegde orgaan van het andere land de uitkeringen in geld overeenkomstig de wetgeving van dat land. Deze bepaling is niet van toepassing indien de invaliditeit het gevolg is van een ongeval.

4.

In het geval dat de uitkeringen in geld, toegekend aan loonarbeiders of met dezen gelijkgestelden, bedoeld in het eerste lid van dit artikel, ten laste komen van een Frans orgaan, komen die uitkeringen in mindering op die, welke eventueel uit hoofde van het Nederlandse stelsel van invaliditeitsverzekering voor dezelfde invaliditeit krachtens de eigen Nederlandse wetgeving zouden kunnen worden verstrekt.

Artikel 10

Indien de verzekerde, na schorsing of intrekking van zijn invaliditeitsrente daarop opnieuw aanspraak kan maken, wordt de uitbetaling der rente hervat door het orgaan, dat de rente of schadeloosstelling oorspronkelijk had toegekend, indien de invaliditeit het gevolg is van de ziekte of het ongeval, op grond waarvan de rente oorspronkelijk was toegekend.

Artikel 11

Degenen, die in het genot zijn van een invaliditeitsrente ingevolge de Franse of de Nederlandse wetgeving en die hun verblijfplaats van het ene land naar het andere overbrengen, behouden, zolang zij in een van de verdragsluitende landen verblijven, hun aanspraak op die rente en op de toeslagen daarop onder dezelfde voorwaarden, alsof zij niet van verblijfplaats waren veranderd.

Artikel 12

Een invaliditeitsrente wordt in voorkomend geval omgezet in een ouderdomsrente onder de voorwaarden, geregeld in de wetgeving, krachtens welke zij werd toegekend. De hiernavolgende bepalingen van het derde hoofdstuk van deze titel zijn in voorkomend geval hierbij van toepassing.

Artikel 13

De hoogste administratieve autoriteiten van de verdragsluitende Staten zullen in gemeen overleg regelingen treffen voor de medische en administratieve controle van de invaliden.

DERDE HOOFDSTUK. Ouderdomsverzekering en verzekering bij overlijden (renten)

Artikel 14
1.

Voor loonarbeiders en met dezen gelijkgestelden, die achtereenvolgens of om beurten in beide verdragsluitende landen in een of meer stelsels van ouderdomsverzekering of verzekering bij overlijden (renten) zijn opgenomen geweest, worden de verzekeringstijdvakken, welke onder die stelsels vervuld zijn en de tijdvakken, welke krachtens die stelsels met tijdvakken van verzekering zijn gelijkgesteld, onder voorwaarde, dat zij niet met elkaar samenvallen, tezamen in aanmerking genomen zowel met het oog op de vaststelling van het recht op uitkering als met het oog op het behoud en het terugverkrijgen van dat recht. De tijdvakken, welke in Frankrijk vervuld zijn, worden met betrekking tot de Nederlandse wetgeving in voorkomend geval met tijdvakken, waarover premie is betaald, gelijkgesteld.

2.

Indien een bijzondere wetgeving of regeling van een van de verdragsluitende landen de toekenning van bepaalde voordelen afhankelijk stelt van voorwaarde, dat de verzekeringstijdvakken vervuld zijn in een beroep, waarvoor een bijzondere verzekeringsregeling geldt, worden voor de toekenning van die voordelen slechts medegerekend tijdvakken, welke vervuld zijn onder de overeenkomstige bijzondere regeling of regelingen van het andere land. Indien in een van de verdragsluitende landen voor dat beroep geen bijzondere regeling bestaat, worden de tijdvakken, welke in dat beroep onder een van de stelsels, bedoeld in lid 1 van dit artikel, vervuld zijn, niettemin tezamen in aanmerking genomen.

3.

De voordelen, waarop een verzekerde aanspraak kan maken vanwege elk der betrokken organen, worden, in beginsel, bepaald aan de hand van het bedrag der voordelen, waarop hij aanspraak zou hebben gehad, indien het totaal van de tijdvakken, bedoeld in lid 1 van dit artikel, onder de wetgeving van het betrokken land zou zijn vervuld, zulks in verhouding tot de duur der tijdvakken, onder die wetgeving vervuld.

Elk orgaan bepaalt overeenkomstig de eigen wetgeving en rekening houdend met het totaal van de verzekeringstijdvakken, zonder onderscheid in welk van beide verdragsluitende landen zij zijn vervuld, of belanghebbende voldoet aan de voorwaarden voor het hebben van aanspraak op de uitkeringen ingevolge die wetgeving.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.