Verdrag betreffende de gedwongen of verplichte arbeid

Type Verdrag
Publication 2018-08-08
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Verdrag betreffende den gedwongen of verplichten arbeid.

De algemeene Conferentie van de Internationale Organisatie van den Arbeid, door den Raad van Beheer van het Internationaal Arbeidsbureau bijeengeroepen te Genève en aldaar bijeengekomen op 10 Juni 1930, in hare veertiende zitting, besloten hebbende verschillende voorstellen aan te nemen betreffende den gedwongen of verplichten arbeid, welk onderwerp begrepen is in het eerste punt van de agenda der zitting, en besloten hebbende, dat deze voorstellen den vorm zullen aannemen van een verdrag;

neemt heden, den 28sten Juni 1930, het volgende verdrag aan, dat genoemd zal worden het “Verdrag betreffende de gedwongen of verplichte arbeid, 1930”, ter bekrachtiging door de leden van de Internationale Arbeidsorganisatie, zulks overeenkomstig de bepalingen van het Statuut van de Internationale Arbeidsorganisatie:

Artikel 1
1.

Ieder lid van de Internationale Organisatie van den Arbeid, dat dit verdrag bekrachtigt, verbindt zich den gedwongen of verplichten arbeid in al zijn vormen binnen den kortst mogelijken termijn af te schaffen.

2.

Vervallen.

3.

Vervallen.

Artikel 2
1.

Voor de toepassing van dit verdrag duidt de uitdrukking „gedwongen of verplichte arbeid” aan: elken arbeid of dienst, welke van een persoon wordt gevorderd onder bedreiging met een of andere straf en waarvoor bedoelde persoon zich niet vrijwillig heeft aangeboden.

2.

De uitdrukking „gedwongen of verplichte arbeid” zal echter voor de toepassing van dit verdrag niet omvatten:

Artikel 3

Vervallen

Artikel 4

Vervallen

Artikel 5

Vervallen

Artikel 6

Vervallen

Artikel 7

Vervallen

Artikel 8

Vervallen

Artikel 9

Vervallen

Artikel 10

Vervallen

Artikel 11

Vervallen

Artikel 12

Vervallen

Artikel 13

Vervallen

Artikel 14

Vervallen

Artikel 15

Vervallen

Artikel 16

Vervallen

Artikel 17

Vervallen

Artikel 18

Vervallen

Artikel 19

Vervallen

Artikel 20

Vervallen

Artikel 21

Vervallen

Artikel 22

Vervallen

Artikel 23

Vervallen

Artikel 24

Vervallen

Artikel 25

Het onwettig eischen van gedwongen of verplichten arbeid zal gestraft moeten worden en elk lid, dat dit verdrag bekrachtigt, zal verplicht zijn om zorg te dragen, dat de straffen, bij de wet gesteld, inderdaad doeltreffend zijn en stipt worden toegepast.

Artikel 26
1.

Ieder lid van de Internationale Organisatie van den Arbeid, dat dit verdrag bekrachtigt, verbindt zich het toe te passen op de gebieden, onderworpen aan zijn souvereiniteit, rechtspraak, bescherming, suzereiniteit, voogdij of gezag, in de mate, waarin het het recht heeft verplichtingen betreffende vraagstukken van interne rechtspraak op zich te nemen. Indien echter dit lid gebruik wil maken van de bepalingen van artikel 35 van het Statuut van de Internationale Arbeidsorganisatie, moet het zijn bekrachtiging vergezeld doen gaan van een verklaring waaruit blijkt:

2.

De vorenbedoelde verklaring zal geacht worden een integreerend deel van de bekrachtiging uit te maken en zal gelijke gevolgen hebben. Ieder lid echter, dat zoodanige verklaring aflegt, zal de bevoegdheid hebben om bij een nieuwe verklaring afstand te doen van alle of van een deel der voorbehouden, onder 2°. en 3°. hiervoren genoemd, in de vroegere verklaring neergelegd.

Artikel 27

De officieele bekrachtigingen van dit verdrag, overeenkomstig het bepaalde in het Statuut van de Internationale Arbeidsorganisatie, zullen worden medegedeeld aan den Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau en door hem worden ingeschreven.

Artikel 28
1.

Dit verdrag zal slechts verbindend zijn voor de leden van de Internationale Organisatie van den Arbeid, die hunne bekrachtiging door den Directeur-Generaal hebben doen inschrijven.

2.

Het zal van kracht worden twaalf maanden, nadat de bekrachtigingen van twee leden door den Directeur-Generaal zullen zijn ingeschreven.

3.

Vervolgens zal dit verdrag voor ieder der andere leden in werking treden twaalf maanden na den datum, waarop de bekrachtiging van dat lid door het Internationaal Arbeidsbureau zal zijn ingeschreven.

Artikel 29

Zoodra de bekrachtigingen van twee leden der Internationale Organisatie van den Arbeid door het Internationaal Arbeidsbureau zijn ingeschreven, zal de Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau van dit feit mededeeling doen aan alle leden van de Internationale Organisatie van den Arbeid. Hij zal hen eveneens in kennis stellen met de inschrijvingen van de bekrachtigingen, die hem later door andere leden der Organisatie zullen worden medegedeeld.

Artikel 30
1.

Ieder lid, dat dit verdrag heeft bekrachtigd, kan het opzeggen na verloop van een termijn van tien jaren na den datum, waarop dit verdrag van kracht begint te worden, zulks bij een verklaring toegezonden aan den Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau en door dezen in te schrijven. De opzegging wordt eerst van kracht een jaar, nadat zij door het Internationaal Arbeidsbureau is ingeschreven.

2.

Ieder lid, dat dit verdrag heeft bekrachtigd, dat binnen den termijn van een jaar na verloop van den termijn van tien jaar, bedoeld in het vorig lid, geen gebruik maakt van de bevoegdheid tot opzegging voorzien in dit artikel, zal voor een nieuwen termijn van vijf jaren gebonden zijn en zal in het vervolg dit verdrag kunnen opzeggen na verloop van elken termijn van vijf jaren onder de voorwaarden bedoeld in dit artikel.

Artikel 31

Telkens wanneer de Raad van Beheer van het Internationaal Arbeidsbureau zulks nodig acht legt deze een verslag inzake de toepassing van dit Verdrag voor aan de Algemene Conferentie, en gaat na of het wenselijk is de kwestie van de gehele of gedeeltelijke herziening van het Verdrag op de agenda van de Conferentie te plaatsen.

Artikel 32
1.

Indien de Internationale Arbeidsconferentie een nieuw verdrag aanneemt, houdende gehele of gedeeltelijke wijziging van dit verdrag, zal de ratificatie door een lid van het nieuwe verdrag, houdende herziening, vanzelf medebrengen onmiddellijke opzegging van dit verdrag, niettegenstaande het bepaalde in artikel 30, onder voorbehoud evenwel, dat het nieuwe verdrag van kracht geworden is.

2.

Van den datum af, waarop het nieuwe verdrag, houdende herziening, van kracht geworden is, zal het onderhavige verdrag niet langer door de leden bekrachtigd kunnen worden.

3.

Het onderhavige verdrag zal echter van kracht blijven naar vorm en inhoud voor die leden, die bekrachtigd hebben en die het nieuwe verdrag, houdende herziening, niet bekrachtigen.

Artikel 33

Zoowel de Fransche als de Engelsche tekst van dit verdrag is authentiek.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.