Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Aruba, en de Verenigde Mexicaanse Staten inzake de uitwisseling van informatie betreffende belastingen
Het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Aruba,
en
de Verenigde Mexicaanse Staten
Geleid door de wens de uitwisseling van informatie betreffende belastingen te vergemakkelijken;
Zijn het volgende overeengekomen:
Artikel 1. Doelstelling en reikwijdte van dit Verdrag
De bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende partijen verlenen elkaar bijstand door middel van de uitwisseling van informatie die naar verwachting van belang zal zijn voor de toepassing en handhaving van de nationale wetten van de verdragsluitende partijen die betrekking hebben op de belastingen waarop dit Verdrag van toepassing is. Deze informatie omvat informatie die naar verwachting van belang zal zijn voor de bepaling, vaststelling en inning van deze belastingen, de invordering en tenuitvoerlegging van belastingvorderingen of het onderzoek naar of de vervolging van belastingzaken. Informatie wordt uitgewisseld in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag en wordt vertrouwelijk behandeld op de wijze voorzien in artikel 8. De uit hoofde van de wetgeving of de bestuursrechtelijke praktijk van de aangezochte patij aan personen toegekende rechten en waarborgen blijven van toepassing voor zover zij de doeltreffende uitwisseling van informatie niet onnodig verhinderen of vertragen.
Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, is dit Verdrag uitsluitend van toepassing op Aruba.
Artikel 2. Rechtsmacht
De aangezochte partij is niet verplicht informatie te verstrekken die noch in het bezit is van haar autoriteiten, noch in het bezit of in de macht van personen die onder haar territoriale rechtsmacht vallen.
Artikel 3. Interpretatie
Bij de interpretatie van de bepalingen van dit Verdrag die identiek zijn aan de bepalingen van het modelverdrag tot uitwisseling van informatie betreffende belastingaangelegenheden van 2002 van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO-modelverdrag) kunnen de bevoegde autoriteiten de commentaren bij dat model in aanmerking nemen.
Artikel 4. Belastingen waarop het Verdrag van toepassing is
De bestaande belastingen waarop dit Verdrag van toepassing is betreffen belastingen van elke soort en benaming in beide verdragsluitende staten.
Dit Verdrag is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die na de datum van ondertekening van dit Verdrag naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven. De bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende partijen doen elkaar mededeling van alle wezenlijke wijzigingen die zijn aangebracht in de belastingheffing en daarmee samenhangende maatregelen ten behoeve van het verzamelen van informatie waarop dit Verdrag van toepassing is.
Het Verdrag is niet van toepassing op belastingen die worden geheven door staten, gemeenten of andere staatkundige onderdelen of op bezittingen van een verdragsluitende partij.
Artikel 5. Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van dit Verdrag, tenzij anders is bepaald:
- a. wordt verstaan onder de uitdrukking „verdragsluitende partij” Mexico of het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Aruba, al naargelang de context vereist;
- b. wordt verstaan onder de uitdrukking „Aruba” dat deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat is gelegen in de Caribische Zee en bestaat uit het grondgebied Aruba met inbegrip van de territoriale wateren daarvan en het deel van de zeebodem en de ondergrond ervan waarover het Koninkrijk der Nederlanden soevereine rechten heeft in overeenstemming met het internationale recht;
- c. wordt verstaan onder de uitdrukking „Mexico” de Verenigde Mexicaanse Staten; gebezigd in aardrijkskundige zin omvat dit het grondgebied van de Verenigde Mexicaanse Staten, alsmede de geïntegreerde onderdelen van de Federatie, de eilanden met inbegrip van de riffen en klippen in de aangrenzende wateren, de eilanden Guadalupe en Revillagigedo, het continentaal plat, de zeebodem en de ondergrond van de eilanden, klippen en riffen, de wateren van de territoriale zeeën en de binnenwateren en voorts de gebieden waar Mexico in overeenstemming met het internationale recht zijn soevereine rechten van exploratie en exploitatie van de natuurlijke hulpbronnen van de zeebodem, de ondergrond en de daarboven gelegen wateren kan uitoefenen, alsmede het luchtruim van het nationaal grondgebied in de mate en onder de voorwaarden vastgesteld krachtens het internationaal recht;
- d. wordt verstaan onder de uitdrukking „bevoegde autoriteit”, in het geval van Mexico, het ministerie van Financiën en Overheidskrediet en in het geval van Aruba, de minister belast met Financiën of diens bevoegde vertegenwoordiger;
- e. wordt verstaan onder de uitdrukking „persoon” een natuurlijke persoon, een lichaam en elke andere vereniging van personen;
- f. wordt verstaan onder de uitdrukking „lichaam” elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld;
- g. wordt verstaan onder de uitdrukking „beursgenoteerd lichaam” elk lichaam waarvan de voornaamste aandelencategorie aan een erkende effectenbeurs staat genoteerd mits de ter beurze genoteerde aandelen direct door het publiek gekocht of verkocht kunnen worden. Aandelen kunnen „door het publiek” worden gekocht of verkocht indien de aankoop of verkoop van aandelen niet impliciet of expliciet is voorbehouden aan een beperkte groep investeerders;
- h. wordt verstaan onder de uitdrukking „voornaamste aandelencategorie” de aandelencategorie of -categorieën die een meerderheid van het totale aantal stemmen en de waarde van het lichaam vertegenwoordigen;
- i. wordt verstaan onder de uitdrukking „erkende effectenbeurs” elke effectenbeurs die de bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende partijen zijn overeengekomen;
- j. wordt verstaan onder de uitdrukking „collectief beleggingsfonds of collectieve beleggingsregeling” elk gezamenlijk beleggingsinstrument, ongeacht de rechtsvorm. De uitdrukking „openbaar collectief beleggingsfonds of openbare collectieve beleggingsregeling” omvat elk collectief beleggingsfonds of elke collectieve beleggingsregeling, mits de eenheden, aandelen of andere belangen in het fonds of de regeling direct door het publiek kunnen worden gekocht, verkocht of afgelost. Eenheden, aandelen of andere belangen in het fonds of de regeling kunnen direct „door het publiek” worden gekocht, verkocht of afgelost indien de aankoop, verkoop of aflossing niet impliciet of expliciet is voorbehouden aan een beperkte groep investeerders;
- k. wordt verstaan onder de uitdrukking „belasting” elke belasting waarop dit Verdrag van toepassing is;
- l. wordt verstaan onder de uitdrukking „verzoekende partij” de verdragsluitende partij die om informatie verzoekt;
- m. wordt verstaan onder de uitdrukking „aangezochte partij” de verdragsluitende partij die verzocht wordt informatie te verstrekken;
- n. wordt verstaan onder de uitdrukking „maatregelen ten behoeve van het verzamelen van informatie” wetten en bestuursrechtelijke of gerechtelijke procedures die een verdragsluitende partij in staat stellen de verzochte informatie te verkrijgen en te verstrekken;
- o. wordt verstaan onder de uitdrukking „informatie” alle feiten, verklaringen of stukken ongeacht in welke vorm;
- p. wordt verstaan onder de uitdrukking „strafwetten” alle strafrechtelijke bepalingen die krachtens de nationale wetgeving als zodanig worden aangeduid, ongeacht of zij zijn opgenomen in belastingwetten, het wetboek van strafrecht of andere wetten;
- q. wordt verstaan onder de uitdrukking „strafrechtelijke belastingzaken” belastingzaken waarbij sprake is van opzettelijke gedragingen die vervolgd kunnen worden krachtens de strafwetten van de verzoekende partij.
Wat betreft de toepassing van dit Verdrag, op enig moment, door een verdragsluitende partij heeft, tenzij de context anders vereist, elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking op dat tijdstip heeft volgens de wetgeving van die partij, waarbij elke betekenis volgens de toepasselijke belastingwetgeving van die partij prevaleert boven een betekenis die volgens andere wetgeving van die partij aan die uitdrukking wordt gegeven.
Artikel 6. Uitwisseling van informatie
De bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende partijen wisselen informatie uit ten behoeve van de uitvoering en handhaving van hun binnenlandse wetgeving ter zake van de belastingen waarop dit Verdrag van toepassing is, met inbegrip van informatie ter bepaling, vaststelling en inning van die belastingen, de invordering en tenuitvoerlegging van belastingvorderingen of het onderzoek naar of vervolging van belastingzaken.
De wetgeving of praktijken van de aangezochte partij ter zake van de ontvangst en bekendmaking van de in dit Verdrag bedoelde informatie vormen geen beletsel voor of beperking van overeenkomstige maatregelen van de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij teneinde deze informatie te verkrijgen en te verstrekken:
- a. van tussenpersonen of personen die als vertegenwoordiger of vertrouwenspersoon optreden, alsmede van financiële entiteiten;
- b. met betrekking tot de identificatie van aandeelhouders of partners van een persoon of andere collectieve entiteit; of
- c. in het bezit van de bevoegde autoriteit.
De bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende partijen doen elkaar eigener beweging informatie toekomen die naar naar verwachting van belang zal zijn voor de doeleinden bedoeld in het eerste lid van dit artikel. De bevoegde autoriteiten bepalen welke informatie wordt uitgewisseld evenals de wijze waarop en de taal waarin dat geschiedt.
De bevoegde autoriteit van de aangezochte partij verstrekt op verzoek van de bevoegde autoriteit van de verzoekende partij informatie ten behoeve van de in het eerste lid van dit artikel bedoelde doeleinden. Indien de in de belastingadministratie van de aangezochte partij beschikbare informatie niet voldoende is om aan het verzoek te voldoen, treft die partij alle toepasselijke maatregelen ten behoeve van het verzamelen van informatie voorzien in haar nationale wetgeving om de verzoekende partij de verzochte informatie te verstrekken, waaronder onderzoek van de boeken, documenten, stukken of andere zaken die nuttig of essentieel kunnen zijn voor dat onderzoek.
Indien een verdragsluitende partij uit hoofde van het vierde lid van dit artikel verzoekt om informatie, verkrijgt de aangezochte partij de informatie op dezelfde wijze en verstrekt deze in dezelfde vorm als zou de belasting van de verzoekende partij de belasting van de aangezochte partij zijn en door de laatstgenoemde partij worden geheven.
Indien de bevoegde autoriteit van een verzoekende partij daar specifiek om verzoekt, is de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij gehouden de gevraagde informatie te verstrekken, voor zover zulks is toegestaan uit hoofde van haar nationale wetgeving met inachtneming van de volgende procedures en formaliteiten:
- a. de tijd en plaats aanduiden voor het afnemen van verklaringen of het overleggen van boeken, documenten, stukken en andere zaken;
- b. de oorspronkelijke boeken, documenten, stukken en andere zaken zonder wijziging veiligstellen voor onderzoek;
- c. echte en correcte afschriften van originelen (boeken, documenten, verklaringen en stukken) veiligstellen of overleggen;
- d. de echtheid van boeken, documenten, stukken en andere overgelegde zaken vaststellen;
- e. uitvoeren van andere maatregelen die niet in strijd zijn met de wetgeving en bestuursrechtelijke praktijk van de aangezochte partij; en
- f. verklaren dat de door de bevoegde autoriteit van de verzoekende partij verlangde procedures zijn gevolgd dan wel dat de verlangde procedures niet konden worden gevolgd, met uitleg van de reden daarvan.
De bepalingen van de voorgaande leden worden zodanig uitgelegd dat op een verdragsluitende partij de verplichting rust een verzoek naar beste kunnen uit te voeren en hierbij alle wettige middelen te gebruiken.
De aangezochte partij gaat met de nodige zorgvuldigheid te werk en reageert op een verzoek binnen zestig (60) dagen na de ontvangst van het verzoek.
Indien het onmogelijk blijkt binnen de daartoe aangegeven termijn te voldoen aan een verzoek, in het geval van moeilijkheden bij het verkrijgen van de informatie te of bij afwijzing van een verzoek, stelt de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij de bevoegde autoriteit van de verzoekende partij daarvan in kennis, onder vermelding van de mogelijke datum waarop het antwoord zou kunnen worden verzonden, de aard van de belemmeringen, de problemen bij het verkrijgen van de informatie of de redenen voor de afwijzing van het verzoek, al naar gelang van het geval.
Indien ingevolge de bepalingen van dit artikel om informatie wordt verzocht door een verdragsluitende partij, verkrijgt de aangezochte partij de informatie, ongeacht het feit dat deze informatie op dat moment niet nodig hoeft te zijn voor de belastingheffing van deze partij, en verstrekt haar op dezelfde wijze als zou de belasting van de verzoekende partij de belasting van de aangezochte partij zijn en worden toegepast door de laatstgenoemde partij.
De uit hoofde van dit Verdrag verkregen informatie wordt louter op grond van de ontvangst ervan door de verzoekende partij geacht correct te zijn, tenzij bewijs tot het tegendeel wordt verstrekt.
Artikel 7. Mogelijkheid een verzoek af te wijzen
Van de aangezochte partij kan niet worden verlangd dat zij informatie verkrijgt of verstrekt die de verzoekende partij krachtens haar eigen wetgeving niet zou kunnen verkrijgen ten behoeve van de toepassing of handhaving van haar eigen belastingwetten. De bevoegde autoriteit van de aangezochte partij kan weigeren bijstand te verlenen indien het verzoek niet in overeenstemming met dit Verdrag is gedaan.
De bepalingen van dit Verdrag mogen een verdragsluitende partij niet verplichten informatie te verstrekken waardoor een handelsgeheim, zakelijk geheim, industrieel, commercieel of beroepsgeheim of handelsproces zou worden onthuld. Niettegenstaande het voorgaande, zal de informatie zoals bedoeld in artikel 6, tweede lid, niet als geheim of handelsproces worden behandeld uitsluitend op grond van het feit dat zij aan de in dat lid gestelde criteria voldoet.
De bepalingen van dit Verdrag mogen een verdragsluitende partij niet verplichten informatie te verkrijgen of te verstrekken waardoor vertrouwelijke communicatie tussen een cliënt en een advocaat of een andere erkende juridische vertegenwoordiger zou worden onthuld indien dergelijke communicatie:
- a. plaatsvindt ten behoeve van het verzoeken om of verstrekken van juridisch advies; of
- b. plaatsvindt ten behoeve van bestaande of mogelijk in te stellen gerechtelijke procedures.
De aangezochte partij kan een verzoek om informatie afwijzen indien openbaarmaking van de informatie in strijd zou zijn met de openbare orde (ordre public).
Een verzoek om informatie wordt niet geweigerd op grond van het feit dat de belastingvordering die aanleiding gaf tot het verzoek wordt betwist door de betaler van de belasting.
De aangezochte partij kan een verzoek om informatie afwijzen indien de informatie door de verzoekende partij wordt gevraagd teneinde een bepaling van de belastingwetgeving van de verzoekende partij toe te passen of te handhaven die, of een daarmee verband houdend vereiste dat, discriminatie inhoudt van een onderdaan van de aangezochte partij ten opzichte van een onderdaan van de verzoekende partij die zich in dezelfde omstandigheden bevindt.
Artikel 8. Vertrouwelijkheid
Alle uit hoofde van dit Verdrag door een verdragsluitende partij ontvangen informatie wordt vertrouwelijk behandeld en wordt uitsluitend ter kennis gebracht van personen of autoriteiten (met inbegrip van gerechtelijke en bestuursrechtelijke instanties) die onder de rechtsmacht van de desbetreffende verdragsluitende partij vallen en betrokken zijn bij de vaststelling of inning van, de tenuitvoerlegging of vervolging ter zake van, of de beslissing in beroepszaken betrekking hebbende op de belastingen waarop dit Verdrag van toepassing is. Deze personen of autoriteiten mogen uitsluitend voor deze doeleinden van deze informatie gebruikmaken. Zij mogen de informatie bekendmaken in openbare rechtszittingen of in gerechtelijke beslissingen. De informatie mag zonder de uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de bevoegde autoriteit van de aangezochte partij niet worden bekendgemaakt aan een andere persoon, entiteit, autoriteit of gerechtelijke instantie.
Artikel 9. Kosten
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.