Protocol betreffende een geval van staatloosheid

Type Verdrag
Publication 1937-07-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

DE GEVOLMACHTIGDEN, die namens hun onderscheidene Regeeringen dit Protocol onderteekenen,

Ten einde staatloosheid in een bijzonder geval te voorkomen,

ZIJN OMTRENT DE VOLGENDE BEPALINGEN OVEREENGEKOMEN:

Artikel 1

In een Staat, waar de nationaliteit niet wordt toegekend ten gevolge van het enkele feit van geboorte op het grondgebied, zal de persoon, die geboren is uit een moeder, die de nationaliteit van dezen Staat bezit, en uit een vader zonder nationaliteit of van onbekende nationaliteit, de nationaliteit van dit land bezitten.

Artikel 2

De Hooge Verdragsluitende Partijen komen overeen, in haar onderlinge betrekkingen met ingang van den datum van inwerkingtreding van dit Protocol de beginselen en regelen, die in bovenstaand artikel zijn nedergelegd, toe te passen.

Het nederleggen van bovenbedoelde beginselen en regelen in het Protocol beslist in geenen deele over de vraag of deze beginselen en regelen nu reeds al dan niet deel uitmaken van het internationale recht.

Bovendien is het wel verstaan, dat ten aanzien van ieder punt, dat niet valt onder de bovenstaande bepalingen, de beginselen en regelen van het internationale recht van kracht blijven.

Artikel 3

Niets in dit Protocol zal inbreuk maken op de bepalingen der verdragen, overeenkomsten of regelingen, die van kracht zijn tusschen de Hooge Verdragsluitende Partijen nopens de nationaliteit of hiermede verband houdende vragen.

Artikel 4

Bij het onderteekenen of bekrachtigen van dit Protocol of bij het toetreden hiertoe zal iedere Hooge Verdragsluitende Partij door middel van nadrukkelijke voorbehouden één of meer bepalingen van de artikelen 1 en 5 kunnen uitsluiten.

De aldus uitgesloten bepalingen zullen niet aan de Verdragsluitende Partij, die zoodanig voorbehoud heeft gemaakt, kunnen worden tegengeworpen, en ook niet door deze Partij tegen een andere Verdragsluitende Partij kunnen worden ingeroepen.

Artikel 5

Indien tusschen de Hooge Verdragsluitende Partijen eenig geschil rijst nopens de uitlegging of toepassing van dit Protocol en indien dit geschil niet op bevredigende wijze is opgelost kunnen worden langs diplomatieken weg, zal het worden geregeld overeenkomstig de bepalingen, die tusschen de partijen van kracht zijn met betrekking tot de beslechting van internationale geschillen.

In geval zoodanige bepalingen niet zouden bestaan tusschen de bij het geschil betrokken partijen, zullen zij het geschil onderwerpen aan een scheidsrechterlijke of rechterlijke procedure overeenkomstig de grondwettelijke voorschriften van ieder der partijen. Bij gebreke aan overeenstemming ten aanzien van de keuze van een ander gerecht, zullen zij het geschil onderwerpen aan het Permanente Hof van Internationale Justitie, indien zij alle partij zijn bij het Protocol van 16 December 1920 nopens dit Hof, en indien zij niet alle partij bij dit Protocol zijn, aan een scheidsgerecht, dat samengesteld zal worden overeenkomstig het Haagsche Verdrag van 18 October 1907 voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen.

Artikel 6

Dit Protocol zal kunnen worden onderteekend tot op 31 December 1930 namens ieder Lid van den Volkenbond of iederen Staat niet-Lid, die uitgenoodigd is tot de Eerste Codificatie-Conferentie of waaraan de Volkenbondsraad te dien einde een exemplaar van dit Protocol zal hebben toegezonden.

Artikel 7

Dit Protocol zal worden bekrachtigd en de bekrachtigingen zullen worden nedergelegd op het Secretariaat van den Volkenbond.

De Secretaris-Generaal zal van iedere nederlegging van een bekrachtiging mededeeling doen aan de Leden van den Volkenbond en aan de Staten niet-Leden bedoeld in artikel 6, met vermelding van den datum der nederlegging.

Artikel 8

Met ingang van 1 Januari 1931 zal ieder Lid van den Volkenbond en iedere Staat niet-Lid bedoeld in artikel 6, namens wien het Protocol op dien datum nog niet is onderteekend, tot het Protocol kunnen toetreden.

Deze toetreding zal geschieden door het nederleggen van een akte op het Secretariaat van den Volkenbond. De Secretaris-Generaal zal van iedere toetreding kennis geven aan alle Leden van den Volkenbond en aan alle Staten niet-Leden bedoeld in artikel 6, met vermelding van den datum, waarop de akte van toetreding is nedergelegd.

Artikel 9

Een proces-verbaal zal door den Secretaris-Generaal van den Volkenbond worden opgesteld, zoodra bekrachtigingen of toetredingen zullen zijn nedergelegd namens tien Leden van den Volkenbond of Staten niet-Leden.

Een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van dit proces-verbaal zal door den Secretaris-Generaal van den Volkenbond worden gezonden aan ieder Lid van den Volkenbond en aan iederen Staat niet-Lid bedoeld in artikel 6.

Artikel 10

Dit Protocol zal in werking treden op den negentigsten dag na den datum van het in artikel 9 bedoelde proces-verbaal ten aanzien van de Leden van den Volkenbond of Staten niet-Leden, namens wie bekrachtigingen of toetredingen op den datum van dit proces-verbaal zullen zijn nedergelegd.

Ten aanzien van ieder van de Leden of Staten niet-Leden, namens wie bekrachtigingen of toetredingen later zullen worden nedergelegd, zal het Protocol in werking treden op den negentigsten dag na den datum van het nederleggen van zijn bekrachtiging of van zijn toetreding.

Artikel 11

Van 1 Januari 1936 af zal ieder Lid van den Volkenbond en iedere Staat niet-Lid, ten aanzien van wien dit Protocol op dat oogenblik van kracht zal zijn, tot den Secretaris-Generaal van den Volkenbond een verzoek kunnen richten tot herziening van eenige of van alle bepalingen van dit Protocol. Indien een zoodanig verzoek, nadat het is medegedeeld aan de andere Leden of Staten niet-Leden, ten aanzien van wie het Protocol op dat oogenblik van kracht is, binnen den tijd van één jaar wordt ondersteund door minstens negen van deze Staten, zal de Raad van den Volkenbond beslissen, na overleg gepleegd te hebben met de Leden en de Staten niet-Leden bedoeld in artikel 6, of er aanleiding bestaat, een bijzondere conferentie te dien einde bijeen te roepen, of om deze herziening op de agenda te plaatsen van een volgende conferentie voor de codificatie van het internationale recht.

De Hooge Verdragsluitende Partijen komen overeen, dat in geval van herziening van dit Protocol de nieuwe Regeling zal kunnen bepalen, dat de inwerkingtreding hiervan zal kunnen medebrengen, dat ten aanzien van alle Partijen bij dit Protocol alle of eenige bepalingen er van vervallen.

Artikel 12

Dit Protocol kan worden opgezegd.

Deze opzegging zal schriftelijk aan den Secretaris-Generaal van den Volkenbond worden medegedeeld, die hiervan kennis zal geven aan alle Leden van den Volkenbond en aan de Staten niet-Leden bedoeld in artikel 6.

Deze opzegging zal alleen gevolg hebben ten aanzien van het Lid of van den Staat niet-Lid, die het Protocol zal hebben opgezegd, en wel één jaar na den datum, waarop deze opzegging door den Secretaris-Generaal zal zijn ontvangen.

Artikel 13
1.

Iedere Hooge Verdragsluitende Partij kan op het oogenblik van onderteekening, bekrachtiging of toetreding verklaren, dat zij door de aanvaarding van dit Protocol geen verplichting op zich neemt ten aanzien van alle of eenige van haar koloniën, protectoraten, overzeesche gebiedsdeelen, of gebiedsdeelen, die onder haar suzereiniteit of mandaat zijn geplaatst, of ook voor zoover betreft bepaalde deelen van de bevolkingen van zoodanige gebiedsdeelen; in dat geval zal dit Protocol niet toepasselijk zijn op de gebiedsdeelen of deelen van de bevolkingen, die in een zoodanige verklaring zijn genoemd.

2.

Iedere Hooge Verdragsluitende Partij kan later ten allen tijde ter kennis van den Secretaris-Generaal van den Volkenbond brengen, dat zij wenscht, dat dit Protocol toepasselijk zal zijn op alle of eenige gebiedsdeelen of deelen van de bevolkingen, die in de verklaring, bedoeld in het vorige lid, zijn genoemd. In dat geval zal het Protocol toepasselijk zijn op de gebiedsdeelen of deelen van de bevolkingen, die in deze mededeeling worden genoemd, zes maanden na de ontvangst van deze mededeeling door den Secretaris-Generaal van den Volkenbond.

3.

Iedere Hooge Verdragsluitende Partij kan ten allen tijde verklaren, dat zij de toepassing van dit Protocol op alle of eenige van haar koloniën, protectoraten, overzeesche gebiedsdeelen of gebiedsdeelen, die onder haar suzereiniteit of mandaat zijn geplaatst, of ook voor zoover betreft bepaalde deelen van de bevolkingen van zoodanige gebiedsdeelen wenscht te beëindigen; in dat geval zal het Protocol ophouden toepasselijk te zijn op de gebiedsdeelen of deelen van de bevolkingen, die in een zoodanige verklaring zijn genoemd, één jaar na de ontvangst van deze verklaring door den Secretaris-Generaal van den Volkenbond.

4.

Iedere Hooge Verdragsluitende Partij kan overeenkomstig artikel 6 van dit Protocol voorbehouden maken voor zoover betreft alle of eenige van haar koloniën, protectoraten of overzeesche gebiedsdeelen of gebiedsdeelen, die onder haar suzereiniteit of mandaat zijn geplaatst, of ook voor zoover betreft bepaalde deelen van de bevolkingen van zoodanige gebiedsdeelen, op het oogenblik van onderteekening, bekrachtiging of toetreding, of bij het doen van de mededeeling, bedoeld in lid 2 van dit artikel.

5.

De Secretaris-Generaal van den Volkenbond zal aan alle Leden van den Volkenbond en aan de Staten niet-Leden, bedoeld in artikel 6, de verklaringen en mededeelingen, die krachtens dit artikel ontvangen worden, mededeelen.

Artikel 14

Dit Protocol zal worden geregistreerd door den Secretaris-Generaal van den Volkenbond, zoodra het in werking zal zijn getreden.

Artikel 15

De Fransche en Engelsche teksten van dit Protocol zijn beide authentiek.

IN FAITH WHEREOF the Plenipotentiaries have signed the present Protocol.

DONE at The Hague on the twelfth day of April, one thousand nine hundred and thirty, in a single copy, which shall be deposited in the archives of the Secretariat of the League of Nations and of which certified true copies shall be transmitted by the Secretary-General to all the Members of the League of Nations and all the non-Member States invited to the First Conference for the Codification of International Law.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.