Overeenkomst inzake politieke dialoog en samenwerking tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Cuba, anderzijds

Type Verdrag
Publication 2016-12-12
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Het Koninkrijk België,

de Republiek Bulgarije,

de Tsjechische Republiek,

het Koninkrijk Denemarken,

de Bondsrepubliek Duitsland,

de Republiek Estland,

Ierland,

de Helleense Republiek,

het Koninkrijk Spanje,

de Franse Republiek,

de Republiek Kroatië,

de Italiaanse Republiek,

de Republiek Cyprus,

de Republiek Letland,

de Republiek Litouwen,

het Groothertogdom Luxemburg,

Hongarije,

de Republiek Malta,

het Koninkrijk der Nederlanden,

de Republiek Oostenrijk,

de Republiek Polen,

de Portugese Republiek,

Roemenië,

de Republiek Slovenië,

de Slowaakse Republiek,

de Republiek Finland,

het Koninkrijk Zweden,

het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland,

Verdragsluitende partijen bij het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, hierna de „lidstaten van de Europese Unie” genoemd, en

De Europese Unie,

enerzijds, en

De Republiek Cuba, hierna „Cuba” genoemd,

anderzijds,

Overwegende het verlangen van de partijen om hun banden te consolideren en te verdiepen door een versterking van de politieke dialoog, samenwerking, en economische en handelsbetrekkingen, in een geest van wederzijds respect en gelijkheid;

Nadruk leggend op het belang dat zij hechten aan een versterking van de politieke dialoog over bilaterale en internationale aangelegenheden;

Nadruk leggend op hun bereidheid samen te werken in internationale fora inzake kwesties van wederzijds belang;

Rekening houdend met hun engagement om het strategische partnerschap tussen de Europese Unie en Latijns-Amerika en het Caribisch gebied en de gezamenlijke strategie voor een partnerschap tussen de EU en het Caribisch gebied verder te bevorderen, met aandacht voor de wederzijdse voordelen van regionale samenwerking en integratie;

Herbevestigend dat de soevereiniteit, de territoriale integriteit en de politieke onafhankelijkheid van de Republiek Cuba moeten worden geëerbiedigd;

Herbevestigend dat zij zich engageren voor een versterking van een doeltreffend multilateralisme en van de rol van de Verenigde Naties alsook van alle beginselen en doelstellingen die zijn vervat in het Handvest van de Verenigde Naties;

Herbevestigend dat de universele mensenrechten zoals verwoord in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en andere relevante internationale instrumenten inzake de mensenrechten, gerespecteerd moeten worden;

Herinnerend aan hun engagement voor de erkende beginselen van democratie, goed bestuur en de rechtsstaat;

Herbevestigend dat zij zich engageren voor de bevordering van de internationale vrede en veiligheid en de vreedzame beslechting van geschillen, conform de beginselen van het recht en de internationale wetgeving;

Gezien hun engagement voor de internationale verplichtingen op het gebied van ontwapening en de non-proliferatie van massavernietigingswapens en overbrengingsmiddelen daarvoor, en voor samenwerking op dat gebied;

Gezien hun engagement voor de bestrijding van de onwettige handel in en de accumulatie van handvuurwapens en lichte wapens, volledig conform de verplichtingen uit hoofde van internationale instrumenten, en voor samenwerking op dat gebied;

Bevestigend hun engagement om alle vormen van discriminatie te bestrijden en uit te bannen, met inbegrip van discriminatie op grond van ras, huidskleur of etnische oorsprong, godsdienst of geloofsovertuiging, handicap, leeftijd of seksuele oriëntatie;

Wijzende op hun engagement voor inclusieve en duurzame ontwikkeling en voor samenwerking om de doelstellingen van de agenda voor duurzame ontwikkeling 2030 te verwezenlijken;

Erkennende dat Cuba een eiland en ontwikkelingsland is en rekening houdend met de respectieve ontwikkelingsstadia van de partijen;

Erkennende het belang van ontwikkelingssamenwerking voor ontwikkelingslanden, voor duurzame groei, duurzame ontwikkeling en de volledige verwezenlijking van de internationaal overeengekomen ontwikkelingsdoelstellingen;

Gebaseerd op het beginsel van gedeelde verantwoordelijkheid en overtuigd van het belang om de productie van, de handel in en het gebruik van drugs te voorkomen;

Herinnerend aan hun engagement voor de bestrijding van corruptie, witwassen, georganiseerde criminaliteit, de mensenhandel en de smokkel van migranten;

Erkennende de noodzaak van opgedreven samenwerking op het gebied van de bevordering van justitie, veiligheid van de burger en migratie;

Zich bewust van de noodzaak om de doelstellingen van deze overeenkomst te bevorderen door dialoog en samenwerking met alle relevante belanghebbenden, met inbegrip van, waar passend, regionale en lokale besturen, het maatschappelijk middenveld en de particuliere sector;

Herinnerend aan hun internationale verbintenissen met betrekking tot sociale ontwikkeling, onder meer op het gebied van onderwijs, gezondheidszorg en arbeidsrechten, alsook milieu;

Herbevestigend het soevereine recht van de staten over hun natuurlijke hulpbronnen en hun verantwoordelijkheid om het milieu te beschermen overeenkomstig hun nationale wetgeving, de beginselen van het internationale recht en de verklaring van de Conferentie van de Verenigde Naties over duurzame ontwikkeling;

Herbevestigend het belang dat de partijen hechten aan de beginselen en regels ten aanzien van de internationale handel, met name die zijn opgenomen in de overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie van 15 april 1994 en de multilaterale overeenkomsten die zijn gehecht aan de WTO-overeenkomst, alsmede aan de noodzaak om deze op een transparante en niet-discriminerende wijze toe te passen;

Herhalend hun bezwaar tegen eenzijdige dwangmaatregelen met extraterritoriale gevolgen, in strijd met het internationaal recht en de beginselen van de vrije handel, en zich verbindend tot de afschaffing ervan;

Er nota van nemend dat, als de partijen in het kader van deze overeenkomst mochten besluiten tot het aangaan van specifieke overeenkomsten op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht, die door de Unie zouden worden gesloten krachtens titel V van het derde deel van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, de bepalingen van dergelijke toekomstige overeenkomsten niet bindend zijn voor het Verenigd Koninkrijk en/of Ierland, tenzij de Europese Unie, tegelijk met het Verenigd Koninkrijk en/of Ierland wat betreft hun respectieve voorafgaandelijke bilaterale betrekkingen, Cuba ervan in kennis stelt dat het Verenigd Koninkrijk en/of Ierland gebonden zijn door dergelijke overeenkomsten als deel van de Unie, overeenkomstig protocol 21 betreffende de positie van het Verenigd Koninkrijk en Ierland ten aanzien van de ruimte van vrijheid, veiligheid en recht, dat aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is gehecht. Evenzo zijn mogelijke latere interne maatregelen van de Europese Unie die met het oog op de uitvoering van deze overeenkomst krachtens titel V van het derde deel van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie worden genomen, niet bindend voor het Verenigd Koninkrijk en/of Ierland, tenzij deze laatsten hun wens te kennen hebben gegeven deel te nemen aan deze maatregelen of deze te aanvaarden overeenkomstig protocol 21. Voorts nota nemend van het feit dat dergelijke toekomstige overeenkomsten of dergelijke latere interne maatregelen van de Europese Unie zouden komen te vallen onder protocol 22 betreffende de positie van Denemarken dat gehecht is aan voornoemde Verdragen,

Zijn het volgende overeengekomen:

DEEL I. ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1. Beginselen
1.

De partijen bevestigen hun engagement voor een sterk en doeltreffend multilateraal systeem en de volledige eerbiediging en naleving van het internationaal recht en de doelstellingen en beginselen die zijn vervat in het Handvest van de Verenigde Naties („VN-Handvest”).

2.

Voorts beschouwen de partijen hun engagement voor de vastgestelde grondslag van de betrekkingen tussen de Europese Unie en Cuba, te weten gelijkheid, wederkerigheid en wederzijds respect, als een fundamenteel aspect van deze overeenkomst.

3.

De partijen komen overeen dat alle activiteiten in het kader van deze overeenkomst worden uitgevoerd overeenkomstig hun respectieve grondwettelijke beginselen, wettelijke kaders, wetgeving, normen en regelgeving, alsook de toepasselijke internationale instrumenten waarbij zij partij zijn.

4.

De partijen bevestigen hun verbintenis om duurzame ontwikkeling te bevorderen, hetgeen een leidend beginsel vormt voor de uitvoering van deze overeenkomst.

5.

De eerbiediging en bevordering van de democratische beginselen, de eerbiediging van alle mensenrechten en grondrechten die zijn vervat in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en de relevante internationale instrumenten inzake de mensenrechten en de bijbehorende facultatieve protocollen die van toepassing zijn op de partijen, en de eerbiediging van de rechtsstaat vormen een essentieel element van deze overeenkomst.

6.

In het kader van hun samenwerking erkennen de partijen dat alle volkeren het recht hebben hun politieke stelsel vrij te kiezen en in vrijheid te streven naar economische, sociale en culturele ontwikkeling.

Artikel 2. Doelstellingen

De partijen komen overeen dat deze overeenkomst de volgende doelstellingen heeft:

DEEL II. POLITIEKE DIALOOG

Artikel 3. Doelstellingen

De partijen komen overeen een politieke dialoog te voeren. De doelstellingen van deze dialoog zijn de volgende:

Artikel 4. Gebieden en modaliteiten
1.

De partijen komen overeen regelmatig een politieke dialoog te houden die plaatsvindt op het niveau van hoge ambtenaren en op politiek niveau en die alle aspecten van wederzijds belang op regionaal of internationaal niveau bestrijkt. De kwesties die in de politieke dialoog aan bod moeten komen, worden op voorhand door de partijen overeengekomen.

2.

De politieke dialoog tussen de partijen heeft tot doel de belangen en standpunten van beide partijen te verduidelijken en een gemeenschappelijke basis te vinden voor bilaterale samenwerkingsinitiatieven of voor multilaterale actie op de gebieden die in deze overeenkomst zijn vastgesteld, en op andere gebieden die in overleg tussen beide partijen daaraan kunnen worden toegevoegd.

3.

De partijen gaan, wanneer dat nodig is, specifieke dialogen aan op bepaalde gebieden, zoals onderling overeengekomen.

Artikel 5. Mensenrechten

Binnen het kader van de omvattende politieke dialoog komen de partijen overeen een mensenrechtendialoog op te zetten, met als doel de praktische samenwerking tussen de partijen zowel op multilateraal als op bilateraal niveau te bevorderen. De agenda voor elke dialoogsessie wordt door de partijen overeengekomen, is de weerspiegeling van hun respectieve belangstelling en beoogt op een evenwichtige manier burgerrechten en politieke rechten, en economische, sociale en culturele rechten aan te pakken.

Artikel 6. Illegale handel in handvuurwapens en lichte wapens en andere conventionele wapens
1.

De partijen erkennen dat de illegale productie en overdracht van en de illegale handel in handvuurwapens en lichte wapens en munitie daarvoor, alsmede buitensporige accumulatie, slecht beheer, inadequaat beveiligde voorraden en ongecontroleerde verspreiding ervan een ernstige bedreiging voor de vrede en de internationale veiligheid blijven vormen.

2.

De partijen komen overeen hun verplichtingen en verbintenissen op dit gebied uit hoofde van de toepasselijke internationale overeenkomsten en resoluties van de Verenigde Naties, alsook andere internationale instrumenten volledig na te komen en ten uitvoer te leggen, binnen het erkende kader van het actieprogramma van de Verenigde Naties ter voorkoming, bestrijding en uitbanning van alle illegale handel in handvuurwapens en lichte wapens in al zijn aspecten.

3.

De partijen bevestigen opnieuw het inherente recht op zelfverdediging uit hoofde van artikel 51 van het VN-Handvest; voorts bevestigen zij opnieuw het recht van elke staat om handvuurwapens en lichte wapens aan te maken, in te voeren en in bezit te houden met het oog op doeleinden van defensie en nationale veiligheid, alsook de capaciteit voor deelname aan vredeshandhavende operaties overeenkomstig het VN-Handvest en op basis van het besluit van elke der partijen.

4.

De partijen erkennen het belang van interne-controlesystemen voor de overdracht van conventionele wapens overeenkomstig de in lid 2 bedoelde internationale instrumenten. De partijen erkennen het belang van de toepassing van dergelijke controles op een verantwoorde manier, als bijdrage tot de internationale en regionale vrede, veiligheid en stabiliteit, tot het terugdringen van menselijk leed en ter voorkoming van illegale handel in conventionele wapens of hun verspreiding onder niet-geautoriseerde ontvangers.

5.

De partijen komen voorts overeen samen te werken op bilateraal, regionaal en internationaal niveau en de coördinatie, complementariteit en synergie te verzekeren in hun inspanningen voor passende wet- en regelgeving en procedures voor doeltreffende controle van de productie, uitvoer, invoer, overdracht of heroverdracht van handvuurwapens en lichte wapens en andere conventionele wapens en voor de preventie, bestrijding en uitbanning van de illegale wapenhandel, waardoor wordt bijgedragen tot het behoud van de internationale vrede en veiligheid. De partijen komen overeen een regelmatige politieke dialoog in te stellen om deze initiatieven te begeleiden en te consolideren, rekening houdend met de aard, de reikwijdte en de omvang van de illegale wapenhandel voor elke partij.

Artikel 7. Ontwapening en non-proliferatie van massavernietigingswapens
1.

De partijen bevestigen opnieuw hun verbintenis tot algemene en volledige ontwapening en zijn van oordeel dat de proliferatie van nucleaire, chemische en biologische wapens en overbrengingsmiddelen daarvoor, onder zowel overheids- als niet-overheidsactoren, een van de ernstigste bedreigingen voor de internationale vrede, stabiliteit en veiligheid vormt.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.