Samenwerkingsovereenkomst inzake partnerschap en ontwikkeling tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Islamitische Republiek Afghanistan, anderzijds

Type Verdrag
Publication 2017-02-18
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

het Koninkrijk België,

de Republiek Bulgarije,

de Tsjechische Republiek,

het Koninkrijk Denemarken,

de Bondsrepubliek Duitsland,

de Republiek Estland,

Ierland,

de Helleense Republiek,

het Koninkrijk Spanje,

de Franse Republiek,

de Republiek Kroatië,

de Italiaanse Republiek,

de Republiek Cyprus,

de Republiek Letland,

de Republiek Litouwen,

het Groothertogdom Luxemburg,

Hongarije,

de Republiek Malta,

het Koninkrijk der Nederlanden,

de Republiek Oostenrijk,

de Republiek Polen,

de Portugese Republiek,

Roemenië,

de Republiek Slovenië,

de Slowaakse Republiek,

de Republiek Finland,

het Koninkrijk Zweden,

het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland,

Verdragsluitende partijen bij het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, hierna „de lidstaten” genoemd, en

De Europese Unie, hierna „de Unie” of „de EU”,

enerzijds, en

De Islamitische Republiek Afghanistan, hierna „Afghanistan” genoemd,

anderzijds,

hierna gezamenlijk „de partijen” genoemd,

Opnieuw bevestigend hun engagement voor de soevereiniteit, onafhankelijkheid en territoriale integriteit van Afghanistan;

Opnieuw bevestigend hun gehechtheid aan de beginselen van het internationaal recht, de doelstellingen en beginselen van het Handvest van de Verenigde Naties, de internationale verdragen en de resoluties van de VN-Veiligheidsraad;

Erkennend de historische, politieke en economische banden tussen de partijen;

Bevestigend hun verlangen de samenwerking op te drijven op basis van gedeelde waarden en tot wederzijds voordeel;

Overwegende de gedeelde beleidsdoelstellingen, waarden en verbintenissen van de partijen, met inbegrip van de eerbiediging van de democratische beginselen, de rechtsstaat, de mensenrechten en goed bestuur;

Erkennend dat deze beginselen onlosmakelijk verbonden zijn met ontwikkeling op de lange termijn;

Erkennend dat de bevolking van Afghanistan, bij wege van haar legitieme, democratische instellingen en in het kader van de grondwet van Afghanistan, de rechtmatige eigenaar en impulsgever is voor het proces van stabilisering, ontwikkeling en democratisering van het land;

Overwegende dat de Unie zich ertoe verbindt de inspanningen van Afghanistan te ondersteunen om de ontwikkeling te maximaliseren in de loop van het volgende decennium van verandering;

Onderstrepend de wederzijdse verbintenissen die zijn overeengekomen op de internationale Afghanistan-conferenties in Bonn in december 2011, Tokio in juli 2012 en Londen in december 2014;

Opnieuw bevestigend de verbintenis van Afghanistan om zijn bestuur te blijven verbeteren, alsook de verbintenis van de Unie om met Afghanistan een duurzame band aan te gaan;

Overwegende dat de partijen bijzonder belang hechten aan de omvattende aard van de betrekkingen die zij met deze overeenkomst willen bevorderen;

Opnieuw bevestigend hun streven om economische en sociale vooruitgang voor hun bevolking te bevorderen, alsook hun voornemen om hun betrekkingen op gebieden van wederzijds belang te consolideren, te verdiepen en te diversifiëren;

Erkennend dat overeenkomstig de grondwet van Afghanistan de emancipatie en de volledige deelname van vrouwen op gelijke basis in alle geledingen van de maatschappij, met inbegrip van participatie in de beleidsvorming in het politieke proces op alle niveaus, fundamenteel zijn voor de verwezenlijking van gelijkheid en vrede;

Erkennend het belang van ontwikkelingssamenwerking met ontwikkelingslanden, speciaal lage-inkomenslanden, landen die zich in de nasleep van een conflict bevinden, en landen zonder toegang tot de zee, met het oog op hun duurzame economische groei en ontwikkeling, voor een tijdige en volledige verwezenlijking van internationaal overeengekomen ontwikkelingsdoeleinden, met inbegrip van de millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling van de VN en eventuele daarop volgende ontwikkelingsijkpunten die voor Afghanistan zijn vastgesteld, en voor een betere integratie van Afghanistan in de regio;

Erkennend dat doeltreffende maatregelen getroffen moeten worden om de integriteit en verantwoordingsplicht te bevorderen, het correcte gebruik van overheidsmiddelen te garanderen en de corruptie te bestrijden;

Erkennend dat meer samenwerking tussen de partijen steun moet bieden aan de capaciteit van Afghanistan om de kwaliteit van zijn administratie en bestuur te verbeteren, alsook de transparantie en doeltreffendheid van het beheer van de overheidsfinanciën;

Opnieuw bevestigend het belang van coördinatie in de relevante regionale en multilaterale fora, meer bepaald wat betreft de aanpak door de partijen van mondiale problemen en regionale economische samenwerking;

Erkennend dat terrorisme een bedreiging is voor hun bevolkingen en hun gemeenschappelijke veiligheid, en uitdrukking gevend aan hun volledige engagement voor de bestrijding van alle vormen van terrorisme, voor het opzetten van doeltreffende internationale samenwerking en instrumenten voor de uitbanning van terrorisme overeenkomstig het internationaal recht, met inbegrip van de mensenrechten en het humanitaire recht;

Opnieuw bevestigend hun gezamenlijk engagement voor de bestrijding van de georganiseerde misdaad, met inbegrip van mensenhandel, migrantensmokkel en drugshandel, ook door middel van regionale en internationale mechanismen;

Erkennend de bedreiging voor de gezondheid en de veiligheid die uitgaat van verboden verdovende middelen en de noodzaak van een gecoördineerde regionale en internationale samenwerking om de teelt, productie, facilitering en consumptie van, handel in en vraag naar drugs alsook het oneigenlijke gebruik van drugsprecursoren tegen te gaan, en tevens erkennend het belang van alternatieve middelen van bestaan voor de papavertelers in dit verband;

Erkennend de noodzaak om internationale ontwapenings- en non-proliferatie-verbintenissen te respecteren;

Overwegende dat het Internationaal Strafhof een belangrijke ontwikkeling voor vrede en internationale gerechtigheid is, waarmee wordt gestreefd naar effectieve vervolging van de ernstigste misdrijven die de internationale gemeenschap aangaan;

Erkennend dat handel en buitenlandse directe investeringen een aanzienlijke rol zullen spelen in de ontwikkeling van Afghanistan en dat de partijen bijzonder belang hechten aan de beginselen en voorschriften van de internationale handel, die onder meer zijn vervat in de Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie (WTO);

Uitdrukking gevend aan hun volledig engagement om duurzame ontwikkeling over de hele lijn te bevorderen, met inbegrip van milieubescherming en doeltreffende samenwerking voor de aanpak van de klimaatverandering, alsook de doeltreffende bevordering en tenuitvoerlegging van internationaal erkende arbeidsnormen;

Onderstrepend het belang van samenwerking inzake migratie,

Erkennend dat bijzondere aandacht nodig is voor de situatie en de grondrechten van vluchtelingen en intern ontheemden, met inbegrip van hun veilige, ordelijke en vrijwillige terugkeer;

Wijzend op het feit dat, als de partijen in het kader van deze overeenkomst besluiten tot het aangaan van specifieke overeenkomsten op het gebied van vrijheid, veiligheid en recht, die door de Unie zouden worden gesloten krachtens titel V van het derde deel van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, de bepalingen van dergelijke toekomstige specifieke overeenkomsten niet bindend zullen zijn voor het Verenigd Koninkrijk en/of Ierland, tenzij de Unie, samen met het Verenigd Koninkrijk en/of Ierland wat betreft hun respectieve vorige bilaterale betrekkingen, Afghanistan ervan in kennis stelt dat het Verenigd Koninkrijk en/of Ierland gebonden zijn door dergelijke toekomstige specifieke overeenkomsten als deel van de Unie, overeenkomstig Protocol nr. 21 betreffende de positie van het Verenigd Koninkrijk en Ierland ten aanzien van de ruimte van vrijheid, veiligheid en recht, dat aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is gehecht. Evenzo zijn latere interne maatregelen van de Unie die met het oog op de uitvoering van deze overeenkomst krachtens voornoemde titel V zouden worden genomen, niet bindend voor het Verenigd Koninkrijk en/of Ierland, tenzij deze laatsten hun wens te kennen hebben gegeven deel te nemen aan deze maatregelen of deze te aanvaarden overeenkomstig Protocol nr. 21. Voorts wijzende op het feit dat dergelijke toekomstige overeenkomsten of dergelijke latere interne maatregelen van de Unie zouden komen te vallen onder Protocol nr. 22 betreffende de positie van Denemarken dat gehecht is aan voornoemde Verdragen,

Zijn het volgende overeengekomen:

TITEL I. AARD EN TOEPASSINGSGEBIED

Artikel 1. Toepassingsgebied en doelstellingen
1.

Er wordt tussen de partijen een partnerschap ingesteld, binnen de grenzen van hun respectieve bevoegdheden, overeenkomstig hun respectieve regelgeving, procedures en middelen, en met volledige eerbiediging van de internationale regels en normen.

2.

Dit partnerschap heeft tot doel de dialoog en de samenwerking te versterken, met het oog op:

3.

In deze context moet bijzondere aandacht gaan naar capaciteitsopbouw ter ondersteuning van de ontwikkeling van de Afghaanse instellingen en om te garanderen dat Afghanistan ten volle kan gebruikmaken van de kansen die in het kader van deze overeenkomst worden geboden door de grotere samenwerking.

4.

De partijen moedigen contacten aan tussen parlementsleden, leden van maatschappelijke organisaties en deskundigen om de doelstellingen van deze overeenkomst te bevorderen, meer bepaald ter ondersteuning van parlementaire en andere democratische instellingen.

5.

De partijen streven naar beter wederzijds begrip, onder meer door middel van samenwerking tussen entiteiten, zoals denktanks, de academische wereld, bedrijven en de media, in de vorm van seminars, conferenties, contacten tussen jongeren en andere activiteiten.

Artikel 2. Algemene beginselen
1.

De partijen bevestigen dat zij de waarden delen die zijn vastgelegd in het Handvest van de Verenigde Naties.

2.

De partijen erkennen dat de bevolking van Afghanistan, bij wege van haar legitieme, democratische instellingen en in het kader van de grondwet van Afghanistan, de rechtmatige eigenaar en impulsgever is voor het proces van stabilisering, ontwikkeling en democratisering van het land.

3.

De eerbiediging van de democratische beginselen en de rechten van de mens, zoals deze zijn vastgelegd in de Universele Verklaring van de rechten van de mens en andere desbetreffende internationale mensenrechteninstrumenten, en van het beginsel van de rechtsstaat, ligt ten grondslag aan het binnenlandse en het buitenlandse beleid van de partijen en is een essentieel element van deze overeenkomst.

4.

De partijen bevestigen hun engagement om verder samen te werken tot de volledige realisering van internationaal overeengekomen ontwikkelingsdoelstellingen, met inbegrip van de millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling, zoals die door Afghanistan zijn aangenomen, en eventuele latere ontwikkelingsdoelstellingen. Hiermede wordt de verantwoordelijkheid erkend van Afghanistan om zijn plannen voor economische en sociale ontwikkeling en voor relevant ontwikkelingsbeleid voor te bereiden en ten uitvoer te leggen, met inbegrip van de nationale prioriteitenprogramma's. De partijen bevestigen in deze context opnieuw hun gehechtheid aan een hoog niveau van milieubescherming, een inclusieve maatschappij en gelijkheid tussen mannen en vrouwen.

5.

De partijen bevestigen opnieuw hun gehechtheid aan de beginselen van goed bestuur, met inbegrip van de onafhankelijkheid van parlementen en het gerecht en de strijd tegen corruptie op alle niveaus.

6.

De partijen komen overeen dat de samenwerking in het kader van deze overeenkomst zal geschieden overeenkomstig hun eigen wet- en regelgeving.

TITEL II. POLITIEKE SAMENWERKING

Artikel 3. Politieke dialoog

Er wordt tussen de partijen een regelmatige politieke dialoog ingesteld die indien passend op ministerieel niveau kan plaatsvinden. Deze dialoog versterkt de betrekkingen tussen de partijen, vormt een bijdrage tot de ontwikkeling van een partnerschap en versterkt het wederzijdse begrip en de solidariteit. De partijen versterken hun politieke dialoog ter ondersteuning van hun gezamenlijke belangen, met inbegrip van hun respectieve standpunten binnen regionale en internationale fora.

A. SAMENWERKING TEN BEHOEVE VAN DE MENSENRECHTEN, GELIJKHEID TUSSEN MANNEN EN VROUWEN EN MAATSCHAPPELIJKE ORGANISATIES

Artikel 4. Mensenrechten
1.

Overeenkomstig artikel 1, lid 2, onder c), en artikel 2, lid 3, komen de partijen overeen samen te werken aan de bevordering en effectieve bescherming van de mensenrechten, ook, waar passend, met betrekking tot de ratificering en tenuitvoerlegging van internationale mensenrechteninstrumenten. In de loop van hun politieke dialoog evalueren de partijen de uitvoering van dit artikel.

2.

De in lid 1 bedoelde samenwerking kan onder meer betrekking hebben op:

Artikel 5. Gelijkheid van mannen en vrouwen
1.

De partijen werken samen aan versterking van beleidsmaatregelen en programma's inzake gelijkheid van mannen en vrouwen, alsook aan institutionele en bestuurlijke capaciteitsopbouw en steun voor de uitvoering van strategieën inzake de gelijkheid van mannen en vrouwen, met inbegrip van de rechten en de emancipatie van vrouwen, met het oog op een evenwaardige deelname van mannen en vrouwen in alle sectoren van het economische, culturele, politieke en sociale leven. Meer bepaald richt zich de samenwerking op een betere toegang voor vrouwen tot de middelen die nodig zijn om hun grondrechten ten volle uit te oefenen, meer bepaald onderwijs.

2.

De partijen bevorderen de totstandkoming van een passend kader om:

Artikel 6. Maatschappelijk middenveld
1.

De partijen erkennen de rol en mogelijke bijdrage van organisaties uit het maatschappelijk middenveld, met name academici, aan de dialoog en het samenwerkingsproces uit hoofde van deze overeenkomst en komen overeen een effectieve dialoog met maatschappelijke organisaties en hun actieve deelname te stimuleren.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.