Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Aruba, en de Bondsrepubliek Duitsland inzake de uitwisseling van informatie betreffende belastingen, met inbegrip van strafrechtelijke belastingzaken, met Protocol
Het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Aruba,
en
de Bondsrepubliek Duitsland
Overwegend dat de verdragsluitende partijen de voorwaarden voor de uitwisseling van informatie betreffende belastingen wensen te verbeteren en te vergemakkelijken;
Overwegend dat de verdragsluitende partijen erkennen dat in het navolgende Verdrag uitsluitend de verplichtingen van de verdragsluitende partijen zijn vervat:
Zijn het volgende overeengekomen:
Artikel 1. Reikwijdte van het Verdrag
De bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende partijen verlenen elkaar bijstand door middel van de uitwisseling van informatie die naar verwachting van belang zal zijn voor de toepassing of handhaving van de onderscheiden wetten van de verdragsluitende partijen die betrekking hebben op de belastingen waarop dit Verdrag van toepassing is, met inbegrip van informatie die naar verwachting van belang zal zijn voor de bepaling, vaststelling en inning van deze belastingen, de invordering en tenuitvoerlegging van belastingvorderingen of het onderzoek naar of vervolging van belastingzaken, met inbegrip van strafrechtelijke belastingzaken. De uit hoofde van de wetten of de bestuursrechtelijke praktijk van de aangezochte verdragsluitende partij aan personen toegekende rechten en waarborgen blijven van toepassing voor zover zij de doeltreffende uitwisseling van informatie niet onnodig verhinderen of vertragen.
Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, is dit Verdrag uitsluitend van toepassing op Aruba.
Artikel 2. Rechtsmacht
Een aangezochte verdragsluitende partij is niet verplicht informatie te verstrekken die noch in het bezit is van haar autoriteiten, noch in het bezit van of beschikbaar voor personen die onder haar territoriale rechtsmacht vallen.
Artikel 3. Belastingen waarop het Verdrag van toepassing is
Dit Verdrag is van toepassing op de volgende belastingen:
- a. wat de Bondsrepubliek Duitsland betreft: met inbegrip van de daarover geheven toeslagen;
- –. de inkomstenbelasting (Einkommensteuer);
- –. de vennootschapsbelasting (Körperschaftsteuer);
- –. de ondernemingsbelasting (Gewerbesteuer);
- –. de vermogensbelasting (Vermögensteuer);
- –. de successiebelasting (Erbschaftsteuer);
- –. de belasting over de toegevoegde waarde (Umsatzsteuer); en
- –. de assurantiebelasting (Versicherungsteuer);
- b. wat Aruba betreft:
- –. de inkomstenbelasting;
- –. de loonbelasting;
- –. de winstbelasting;
- –. de successiebelasting;
- –. de belasting op bedrijfsomzetten; en
- –. de dividendbelasting.
Indien de verdragsluitende partijen zulks overeenkomen, is dit Verdrag ook van toepassing op alle identieke of in wezen gelijksoortige belastingen die na de datum van ondertekening van dit Verdrag naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven. De bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende partijen doen elkaar mededeling van alle wezenlijke wijzigingen die zijn aangebracht in de belastingheffing en daarmee samenhangende maatregelen ten behoeve van het verzamelen van informatie waarop dit Verdrag van toepassing is.
Artikel 4. Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van dit Verdrag, tenzij anders is bepaald:
- a. wordt verstaan onder de uitdrukking „Duitsland” de Bondsrepubliek Duitsland en wanneer zij in aardrijkskundige zin wordt gebezigd, het grondgebied van de Bondsrepubliek Duitsland alsmede de zeebodem, de ondergrond daarvan en de daarboven gelegen wateren die grenzen aan de territoriale zee, waar de Bondsrepubliek Duitsland soevereine rechten en rechtsmacht uitoefent in overeenstemming met het internationale recht en haar nationale wetgeving ten behoeve van de exploratie, exploitatie, het behoud en beheer van levende en niet-levende natuurlijke rijkdommen;
- b. wordt verstaan onder de uitdrukking „Aruba” het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat is gelegen in de Caribische Zee en bestaat uit het grondgebied van Aruba, met inbegrip van zijn territoriale zee en elk gebied buiten en grenzend aan zijn territoriale zee waarin het Koninkrijk der Nederlanden, in overeenstemming met het internationale recht, rechtsmacht of soevereine rechten uitoefent, evenwel met uitzondering van het deel dat betrekking heeft op Curaçao;
- c. wordt verstaan onder de uitdrukking „bevoegde autoriteit”:
- i. wat de Bondsrepubliek Duitsland betreft, het Federale Ministerie van Financiën of het orgaan waaraan het zijn bevoegdheden heeft gedelegeerd; en wat strafrechtelijke belastingzaken betreft, het Federale Ministerie van Justitie en Consumentenbescherming of het orgaan waaraan het zijn bevoegdheden heeft gedelegeerd;
- ii. wat Aruba betreft, de minister belast met Financiën of een bevoegde vertegenwoordiger van de minister;
- d. omvat de uitdrukking „persoon” een natuurlijke persoon, een lichaam en elke andere vereniging van personen;
- e. betekent de uitdrukking „lichaam” elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld;
- f. wordt verstaan onder de uitdrukking „beursgenoteerd lichaam” elk lichaam waarvan de voornaamste aandelencategorie aan een erkende effectenbeurs staat genoteerd, mits de ter beurze genoteerde aandelen direct door het publiek gekocht of verkocht kunnen worden. Aandelen kunnen „door het publiek” worden gekocht of verkocht, indien de aankoop of verkoop van aandelen niet impliciet of expliciet is voorbehouden aan een beperkte groep investeerders;
- g. wordt verstaan onder de uitdrukking „voornaamste aandelencategorie” de aandelencategorie of -categorieën die een meerderheid van het totale aantal stemmen en de waarde van het lichaam vertegenwoordigen;
- h. wordt verstaan onder de uitdrukking „erkende effectenbeurs” elke effectenbeurs die de bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende partijen zijn overeengekomen;
- i. wordt verstaan onder de uitdrukking „collectief beleggingsfonds of collectieve beleggingsregeling” elk gezamenlijk beleggingsinstrument, ongeacht de rechtsvorm. De uitdrukking „openbaar collectief beleggingsfonds of openbare collectieve beleggingsregeling” omvat elk collectief beleggingsfonds of elke collectieve beleggingsregeling, mits de eenheden, aandelen of andere belangen in het fonds of de regeling direct door het publiek kunnen worden gekocht, verkocht of afgelost. Eenheden, aandelen of andere belangen in het fonds of de regeling kunnen direct „door het publiek” worden gekocht, verkocht of afgelost, indien de aankoop, verkoop of aflossing niet impliciet of expliciet is voorbehouden aan een beperkte groep investeerders;
- j. wordt verstaan onder de uitdrukking „belasting” elke belasting waarop het Verdrag van toepassing is;
- k. wordt verstaan onder de uitdrukking „verzoekende verdragsluitende partij” de verdragsluitende partij die om informatie verzoekt;
- l. wordt verstaan onder de uitdrukking „aangezochte verdragsluitende partij” de verdragsluitende partij die verzocht wordt informatie te verstrekken;
- m. wordt verstaan onder de uitdrukking „maatregelen ten behoeve van het verzamelen van informatie” wetten en bestuursrechtelijke of gerechtelijke procedures die een verdragsluitende partij in staat stellen de verzochte informatie te verkrijgen en te verstrekken;
- n. wordt verstaan onder de uitdrukking „informatie” alle feiten, verklaringen, documenten of stukken ongeacht in welke vorm;
- o. wordt verstaan onder de uitdrukking „belastingzaken” alle belastingzaken met inbegrip van strafrechtelijke belastingzaken;
- p. wordt verstaan onder de uitdrukking „strafrechtelijke belastingzaken” belastingzaken waarbij sprake is van opzettelijke gedragingen die vervolgd kunnen worden krachtens de strafwetten van de verzoekende verdragsluitende partij;
- q. wordt verstaan onder de uitdrukking „strafwetten” alle strafrechtelijke bepalingen die krachtens de onderscheiden wetgeving van de verdragsluitende partijen als zodanig worden aangeduid, ongeacht of zij zijn opgenomen in belastingwetten, het wetboek van strafrecht of andere wetten.
Tenzij de context anders vereist, heeft elke in dit Verdrag niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking op het tijdstip waarop het verzoek werd gedaan, heeft volgens de wetgeving van de verdragsluitende partij die het verzoek heeft gedaan, waarbij elke betekenis volgens de toepasselijke belastingwetgeving van die verdragsluitende partij prevaleert boven een betekenis die volgens andere wetgeving van die verdragsluitende partij aan die uitdrukking wordt gegeven.
Artikel 5. Uitwisseling van informatie
De bevoegde autoriteit van een verdragsluitende partij verstrekt op verzoek van de andere verdragsluitende partij informatie ten behoeve van de in artikel 1 bedoelde doeleinden. Deze informatie wordt verstrekt ongeacht of de aangezochte verdragsluitende partij de informatie ten behoeve van haar eigen belastingheffing nodig heeft en of de te onderzoeken gedragingen strafbaar zouden zijn krachtens de wetgeving van de aangezochte verdragsluitende partij, indien zij op het grondgebied van de aangezochte verdragsluitende partij zouden hebben plaatsgevonden.
Indien de informatie in het bezit van de bevoegde autoriteit van de aangezochte verdragsluitende partij niet toereikend is om aan het verzoek om informatie te voldoen, treft de aangezochte verdragsluitende partij alle naar haar oordeel toepasselijke maatregelen inzake het verzamelen van informatie teneinde de verzoekende verdragsluitende partij de verzochte informatie te verstrekken, ongeacht het feit dat de aangezochte verdragsluitende partij ten behoeve van haar eigen belastingheffing op dat tijdstip niet over dergelijke informatie behoeft te beschikken.
Indien de bevoegde autoriteit van de verzoekende verdragsluitende partij daar specifiek om verzoekt, is de bevoegde autoriteit van de aangezochte verdragsluitende partij gehouden uit hoofde van dit artikel informatie te verstrekken, voor zover zulks is toegestaan in overeenstemming met haar nationale wetgeving, in de vorm van getuigenverklaringen en gewaarmerkte afschriften van originele stukken.
Elke verdragsluitende partij waarborgt dat haar bevoegde autoriteiten, in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag, over de bevoegdheid beschikken op verzoek het navolgende te verkrijgen en te verstrekken:
- a. informatie die berust bij banken, overige financiële instellingen en personen die bij wijze van vertegenwoordiging of als vertrouwenspersoon optreden, met inbegrip van gevolmachtigden en trustees;
- b. informatie met betrekking tot uiteindelijk gerechtigden tot lichamen, samenwerkingsverbanden en andere personen, met inbegrip van, in het geval van collectieve beleggingsfondsen of beleggingsregelingen, informatie over aandelen, eenheden en andere belangen; in het geval van trusts, informatie over instellers, trustees, borgen en begunstigden; en in het geval van stichtingen, informatie over de stichters, leden van het bestuur en begunstigden;
mits dit Verdrag daarnaast geen verplichting voor de verdragsluitende partijen schept informatie inzake de eigendom te verkrijgen of te verstrekken met betrekking tot beursgenoteerde lichamen of openbare collectieve beleggingsfondsen of openbare collectieve beleggingsregelingen, tenzij deze informatie kan worden verkregen zonder tot onevenredige moeilijkheden te leiden.
Verzoeken om informatie worden schriftelijk gedaan met daarin zo gedetailleerd mogelijk omschreven:
- a. de identiteit van de persoon op wie de controle of het onderzoek betrekking heeft;
- b. het tijdvak waarvoor om informatie wordt verzocht;
- c. de aard van de verzochte informatie en de vorm waarin de verzoekende verdragsluitende partij deze bij voorkeur wenst te ontvangen;
- d. het fiscale doel waarvoor om de informatie wordt verzocht;
- e. de redenen om aan te nemen dat de verzochte informatie naar verwachting van belang is voor de toepassing en handhaving van de belastingwetgeving van de verzoekende verdragsluitende partij, met betrekking tot de in onderdeel a van dit lid aangegeven persoon;
- f. de redenen om te veronderstellen dat de verzochte informatie zich bevindt in de aangezochte verdragsluitende partij of in het bezit is van of beschikbaar voor een persoon die zich in het rechtsgebied van de aangezochte verdragsluitende partij bevindt;
- g. de naam en adresgegevens, voor zover bekend, van personen van wie verondersteld wordt dat zij in het bezit zijn van de verzochte informatie;
- h. een verklaring dat het verzoek in overeenstemming is met de wetgeving en de bestuurlijke praktijk van de verzoekende verdragsluitende partij, dat indien de verzochte informatie zich in het rechtsgebied van de verzoekende verdragsluitende partij zou bevinden, de bevoegde autoriteit van de verzoekende verdragsluitende partij deze informatie volgens de wetten van de verzoekende verdragsluitende partij zou kunnen verkrijgen en dat het verzoek in overeenstemming is met dit Verdrag;
- i. een verklaring dat de verzoekende verdragsluitende partij op haar eigen grondgebied alles in het werk heeft gesteld om de informatie te verkrijgen, tenzij dit zou leiden tot onevenredige moeilijkheden.
De bevoegde autoriteit van de aangezochte verdragsluitende partij bevestigt de ontvangst van het verzoek aan de bevoegde autoriteit van de verzoekende verdragsluitende partij en stelt alles in het werk om de verzochte informatie met zo min mogelijk vertraging aan de verzoekende verdragsluitende partij te doen toekomen.
Artikel 6. Spontane uitwisseling van informatie
De verdragsluitende partijen kunnen elkaar, zonder voorafgaand verzoek, de informatie verstrekken waarvan zij op de hoogte zijn en die naar verwachting van belang kan zijn in overeenstemming met artikel 1.
Artikel 7. Belastingcontrole in het buitenland
De aangezochte verdragsluitende partij kan vertegenwoordigers van de bevoegde autoriteit van de verzoekende verdragsluitende partij toestaan het grondgebied van de aangezochte verdragsluitende partij binnen te komen teneinde natuurlijke personen te ondervragen en stukken te onderzoeken met voorafgaande schriftelijke toestemming van de betrokken personen. De bevoegde autoriteit van de verzoekende verdragsluitende partij stelt de bevoegde autoriteit van de aangezochte verdragsluitende partij in kennis van het tijdstip en de locatie van de beoogde bijeenkomst met de betrokken natuurlijke personen.
Op verzoek van de bevoegde autoriteit van de verzoekende verdragsluitende partij kan de bevoegde autoriteit van de aangezochte verdragsluitende partij vertegenwoordigers van de bevoegde autoriteit van de verzoekende verdragsluitende partij toestaan aanwezig te zijn bij het daarvoor in aanmerking komende deel van een belastingcontrole in de aangezochte verdragsluitende partij.
Indien het in het tweede lid bedoelde verzoek wordt ingewilligd, stelt de bevoegde autoriteit van de aangezochte verdragsluitende partij die de controle uitvoert, de bevoegde autoriteit van de verzoekende verdragsluitende partij zo spoedig mogelijk in kennis van het tijdstip en de locatie van de controle, de autoriteit of functionaris die de controle zal uitvoeren en van de procedures en voorwaarden die bij de aangezochte verdragsluitende partij vereist zijn voor de uitvoering van de controle. Alle beslissingen met betrekking tot het uitvoeren van de belastingcontrole worden genomen door de aangezochte verdragsluitende partij die de controle uitvoert.
Artikel 8. Mogelijkheid een verzoek af te wijzen
De bevoegde autoriteit van de aangezochte verdragsluitende partij kan weigeren bijstand te verlenen:
- a. indien het verzoek niet in overeenstemming met dit Verdrag is gedaan; of
- b. indien openbaarmaking van de verzochte informatie in strijd zou zijn met de openbare orde van de aangezochte verdragsluitende partij (ordre public).
Dit Verdrag legt een aangezochte verdragsluitende partij niet de verplichting op:
- a. informatie te verstrekken waarop de bescherming van de vertrouwelijkheid van toepassing is of informatie te verstrekken waardoor een handelsgeheim, zakelijk geheim, industrieel, commercieel of beroepsgeheim of handelsproces zou worden onthuld, met dien verstande dat de in artikel 5, vierde lid, omschreven informatie niet uitsluitend op grond daarvan als een geheim of handelsproces mag worden aangemerkt; of
- b. bestuurlijke maatregelen te nemen die in strijd zijn met haar wetgeving en bestuurlijke praktijk, met dien verstande dat dit onderdeel de verplichtingen van een verdragsluitende partij uit hoofde van artikel 5, vierde lid, onverlet laat.
Een verzoek om informatie wordt niet geweigerd op grond van het feit dat de belastingvordering die aanleiding gaf tot het verzoek wordt betwist.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.