Regionale Overeenkomst inzake de erkenning van studies, diploma’s en graden op het gebied van het hoger onderwijs in Latijns-Amerika en in het Caraïbische gebied

Type Verdrag
Publication 2019-07-13
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Preambule

De staten die partij zijn bij deze Overeenkomst,

Overwegend de nauwe banden van saamhorigheid die hen verbinden en die op cultureel en onderwijsgebied tot uitdrukking komen in de vele bilaterale, sub-regionale en regionale overeenkomsten die zij met elkaar hebben gesloten, waaronder de Regionale Overeenkomst inzake de erkenning van studies en diploma’s op het gebied van het hoger onderwijs in Latijns-Amerika en in het Caraïbische gebied uit 1974;

Indachtig het bepaalde in het Handvest van de Verenigde Naties uit 1945, de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens uit 1948, het Internationaal Verdrag inzake economische, sociale en culturele rechten uit 1966, het Verdrag nopens de bestrijding van discriminatie in het onderwijs uit 1960, het Verdrag inzake technisch en beroepsonderwijs uit 1989, het Verdrag betreffende de status van vluchtelingen uit 1951 en het Protocol daarbij uit 1967;

Gelet op de Aanbeveling inzake wetenschap en wetenschappelijk onderzoekers uit 2017, de Aanbeveling inzake de erkenning van studies en kwalificaties in het hoger onderwijs uit 1993, de Aanbeveling inzake de status van onderwijzend personeel in het hoger onderwijs uit 1997, de Verklaring van Cartagena inzake vluchtelingen uit 1984 en de Richtsnoeren inzake ontheemding in eigen land uit 1998;

Herinnerend aan de beginselen vervat in de Verklaring van Buenos Aires uit 2017 en in de Overeenkomsten van Cochabamba uit 2018, aangenomen tijdens de eerste en tweede regionale bijeenkomst van de ministers van Onderwijs uit Latijns-Amerika en het Caraïbische gebied, die in respectievelijk de Argentijnse Republiek en de Plurinationale Staat Bolivia werden gehouden;

Erkennend de bijdragen van de lidstaten en geassocieerde leden van UNESCO die Latijns-Amerika en het Caraïbische gebied hebben vertegenwoordigd bij een van de volgende bijeenkomsten:

de eerste regionale intergouvernementele overlegbijeenkomst, die op 5 en 6 april 2018 in Buenos Aires, Argentinië, werd gehouden;

de tweede regionale intergouvernementele overlegbijeenkomst, die op 13 en 14 juni 2018 in Córdoba, Argentinië, werd gehouden; en

de internationale conferentie van staten ten behoeve van de aanneming van deze Overeenkomst, die van 11 tot en met 13 juli 2019 in Buenos Aires, Argentinië, werd gehouden;

In aanmerking nemend dat onderwijs een fundamenteel mensenrecht en een publiek goed is en derhalve dat er een noodzaak is inclusieve en gelijkwaardige toegang tot hoogwaardig onderwijs voor iedereen te waarborgen, vanaf de kinderopvang en het voorschools onderwijs tot en met het tertiair en hoger onderwijs, ongeacht sociale status, geslacht, nationaliteit, gemeenschap of groep of verschillen van welke aard dan ook;

Opnieuw hun verantwoordelijkheid bevestigend om inclusief onderwijs, gelijkwaardige kwaliteit van het hoger onderwijs en mogelijkheden voor een leven lang leren voor iedereen te bevorderen;

Erkennend dat het beheer en de sociale verdeling van kennis wezenlijke elementen zijn voor het bereiken van gelijkwaardigheid en inclusie en dat er behoefte is aan de ontwikkeling van gemeenschappelijke regionale ruimten voor hoger onderwijs;

Erkennend het belang van het ondersteunen, versterken en behouden van de wetenschappelijke, technologische en professionele capaciteiten van de staten die partij zijn die belangrijke factoren vormen bij duurzame ontwikkeling en bij hun soevereiniteit;

Ervan overtuigd dat de erkenning van studies, diploma's en graden op het gebied van het hoger onderwijs in Latijns-Amerika en het Caraïbische gebied, gebaseerd op heldere criteria, door het waarborgen van een grotere regionale mobiliteit van studenten, afgestudeerden, docenten en universitair onderzoekers, een passende en zeer positieve drijvende factor vormt voor het bevorderen van de internationaliseringsprocessen en het versnellen van de ontwikkeling van de regio, waarbij een rol is weggelegd voor het opleiden en volledig inzetten van de diensten van een toenemend aantal wetenschappers, technici en specialisten;

Ervan overtuigd dat aan academische mobiliteit veel waarde wordt gehecht in de wereld van vandaag waar de uitwisseling en het gezamenlijk beheer van kennis van groot belang zijn voor het verbeteren van de kwaliteit van de instellingen voor hoger onderwijs en de opleiding van studenten, docenten en onderzoekers;

Opnieuw bevestigend de beginselen die zijn nedergelegd in overeenkomsten voor samenwerking op cultureel en onderwijsgebied die reeds tussen hen zijn gesloten en vastbesloten deze toe te passen op regionaal niveau, alsmede te overwegen nieuwe concepten toe te passen die zijn ontwikkeld in de aanbevelingen en conclusies die daarover zijn aangenomen door de relevante organen van de Organisatie van de Verenigde Naties voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur (UNESCO), met name het bevorderen van een leven lang leren, de democratisering van onderwijs, beoordeling ten behoeve van kwaliteitsborging, het aannemen en uitvoeren van onderwijsbeleid waarin rekening wordt gehouden met structurele, economische en technische transformaties, politieke en maatschappelijke verandering en de culturele en milieutechnische context;

Erkennend de noodzaak rekening te houden met de relevantie van nationale, sub-regionale en regionale systemen voor kwaliteitsborging en accreditatie van de leerresultaten in het hoger onderwijs;

Zich ervan bewust dat het gebruik van informatie- en communicatietechnologieën gevolgen heeft voor onderwijsmodellen, kennisoverdracht en leermethoden, waarmee innovatie mogelijk wordt en toegang tot hoogwaardig hoger onderwijs verbreed wordt;

Hoger onderwijs als publiek goed beschouwend, aangeboden door publieke en private instellingen, en zich bewust van de noodzaak de beginselen van academische vrijheid en van de autonomie van instellingen voor hoger onderwijs in stand te houden en te beschermen;

In het besef dat deze Overeenkomst inzake de erkenning van studies, diploma's en graden op het gebied van het hoger onderwijs een doeltreffend middel is voor het:

bevorderen van het optimaal gebruik van de leermogelijkheden die geboden worden door de hoger onderwijsstelsels in de regio;

waarborgen van een grotere mobiliteit van studenten, docenten en onderzoekers;

vergemakkelijken van de erkenning van studies, graden en beroepsdiploma's voor gebruik in overeenstemming met de nationale wetgeving;

verminderen van de moeilijkheden die bij de erkenning van diploma’s en graden worden ondervonden door personen die een studie in het hoger onderwijs hebben afgerond;

verminderen van de moeilijkheden die bij de erkenning worden ondervonden door personen die een studietijdvak waaraan een kwalificatie verbonden is binnen een programma op het gebied van hoger onderwijs hebben afgerond;

aanmoedigen van het behouden van gekwalificeerde werknemers in de regio en het verminderen van een braindrain;

uitbreiden van maatregelen om inclusie in het hoger onderwijs te verbeteren;

genereren en ondersteunen van een groter vertrouwen in de systemen voor beoordeling en accreditatie in het nationale hoger onderwijs;

bevorderen van het creëren en versterken van netwerken om de verbetering van de kwaliteit van het hoger onderwijs te ondersteunen;

stimuleren van het creëren en versterken van systemen voor kwaliteitsborging en accreditatie in de staten die partij zijn;

bevorderen van de initiatieven van regionale en sub-regionale netwerken voor de erkenning van studies via mechanismen die de kwaliteit ervan waarborgen;

bevorderen en verbeteren van internationale samenwerking en het delen van toegankelijke, actuele, betrouwbare, transparante en relevante informatie tussen belanghebbenden;

De internationalisering van hoger onderwijs beschouwend als een proces van de ontwikkeling en uitvoering van beleid en programma's om de internationale en interculturele dimensies te integreren in de missies, doelen en functies van instellingen voor hoger onderwijs;

Overtuigd van de noodzaak nationale systemen voor kwaliteitsborging en accreditatie te creëren en te versterken, die op regionaal, interregionaal en mondiaal niveau met elkaar verbonden zijn;

Waarde hechtend aan het belang van systemen voor de beoordeling en accreditatie van hoger onderwijs, alsmede van de leesbaarheid en transparantie van academische diploma's, graden en getuigschriften die worden afgegeven door universiteiten en instellingen voor hoger onderwijs van de staten die partij zijn bij deze Overeenkomst bij het vergemakkelijken van de erkenning ervan;

Vastbesloten hun samenwerking op dit gebied verder te ontwikkelen door een nieuwe regionale Overeenkomst om de rol van de hiervoor opgezette nationale en regionale organen te versterken en de rol ervan te erkennen;

Rekening houdend met de rol die door UNESCO op dit gebied wordt gespeeld, door het vergemakkelijken van het aannemen van regionale Overeenkomsten inzake de erkenning van studies, diploma's en graden op het gebied het hoger onderwijs;

Zijn het volgende overeengekomen:

HOOFDSTUK I. BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN

Artikel I. Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van deze Overeenkomst hebben de onderstaande begrippen de volgende betekenis:

Toegang: het recht van kandidaten die een studie hebben gevolgd en een diploma of graad hebben behaald om toelating tot het hoger onderwijs aan te vragen en hiervoor in aanmerking te komen.

Accreditatie: een beoordelingsproces dat is uitgevoerd door een bevoegde autoriteit en waarmee een programma op het gebied van hoger onderwijs of instelling voor hoger onderwijs erkend of gecertificeerd kan worden door aan passende normen voor kwaliteitsborging te voldoen.

Toelating: de handeling die of het stelsel dat het mogelijk maakt dat houders van kwalificaties een studie in het hoger onderwijs aan een bepaalde instelling en/of via een bepaald programma volgen.

Leven lang leren: alle leeractiviteiten door middel van formele, niet-formele of informele studies die gedurende het hele leven ontplooid worden en met als doel kennis, vaardigheden en competentie te verbeteren.

Open en afstandsonderwijs: manieren om hoger onderwijs aan te bieden via diverse vormen van scholing via persoonlijk contact, leren op afstand of niet-traditionele manieren van opleiding met gebruikmaking van informatie- en communicatietechnologieën (ICT), of een combinatie van het voorgaande.

Eerder verworven competenties: de kennis, vaardigheden en competentie die een persoon heeft opgedaan door formeel, niet-formeel of informeel leren, beoordeeld aan de hand van een gegeven reeks leerresultaten of normen.

Formeel leren: scholing opgebouwd uit activiteiten binnen een gestructureerde leeromgeving die worden aangeboden door een onderwijsinstelling die gemachtigd is deze leeractiviteiten aan te bieden.

Informeel leren: scholing door dagelijkse activiteiten die verband houden met werk, familie of ontspanning of andere informele activiteiten.

Niet-formeel leren: scholing binnen het kader van een onderwijs- of opleidingsinstelling die niet tot een formeel onderwijsstelsel behoort.

Kwaliteitsborging: een voortdurend en participatief proces van het beoordelen en verbeteren van de kwaliteit van een stelsel, instelling of programma op het gebied van hoger onderwijs door middel van aanvaardbare kwaliteitsnormen.

Bevoegde erkenningsautoriteiten: gouvernementele of niet-gouvernementele organen met bevoegdheden in het hoger onderwijs die officieel zijn erkend in overeenstemming met specifieke regelgeving, en die gemachtigd zijn om beslissingen te nemen over de erkenning van studies, diploma’s en graden die in het buitenland zijn behaald.

Kwalificatie die toegang geeft tot het hoger onderwijs: elke graad, elk diploma of ander getuigschrift die of dat is afgegeven door de bevoegde instanties in het land van oorsprong waaruit de voltooiing van een onderwijsprogramma blijkt en de houder van de kwalificatie het recht geeft in aanmerking te komen voor toelating tot het hoger onderwijs.

Secundair onderwijs: de fase van studies van welke aard dan ook, zoals omschreven door een staat die partij is, onmiddellijk voorafgaand aan het hoger onderwijs en die toereikend is om naar het hoger onderwijs te gaan.

Hoger onderwijs: elke vorm van scholing en onderzoek na het niveau van het secundair onderwijs, als zodanig wettelijk erkend, met inbegrip van universitair onderwijs en diverse vormen van tertiair onderwijs. Tot dit niveau kan iedereen toegang verkrijgen met de competenties die vereist zijn voor hoger onderwijs, ondersteund door een diploma, graad of getuigschrift verkregen na voltooiing van het secundair onderwijs of door andere mechanismen voor dit doel als vastgesteld door de betrokken staat die partij is.

Beoordeling van instellingen of programma's: het proces waarin de kwaliteit van het onderwijs van een instelling of programma op het gebied van hoger onderwijs wordt bepaald.

Beoordeling van kwalificaties: de schriftelijke evaluatie door een bevoegde instantie van de certificering van buitenlandse kwalificaties behaald door een persoon.

Instelling voor hoger onderwijs: een instelling die hoger onderwijs verzorgt en door de bevoegde autoriteiten van een staat die partij is, is erkend als deel uitmakend van zijn stelsel van hoger onderwijs en die gemachtigd is diploma's, graden en getuigschriften af te geven op het niveau van hoger onderwijs.

Kwalificatiekader: een systeem voor de classificatie, publicatie en organisatie van kwalificaties van een hoog niveau aan de hand van een reeks criteria.

Academische mobiliteit: de verplaatsing van personen buiten hun eigen land met als doel te studeren, onderzoek te verrichten, te doceren of andere academische activiteiten te verrichten.

Studietijdvak: elke component van een programma voor hoger onderwijs die is geëvalueerd en gedocumenteerd en waarmee, hoewel op zichzelf geen volledig studieprogramma, een aanzienlijke mate van kennis of vaardigheden wordt verworven.

Vluchteling: elke persoon die zich uit gegronde vrees voor vervolging wegens zijn ras, godsdienst, nationaliteit, het behoren tot een bepaalde sociale groep of zijn politieke overtuiging, bevindt buiten het land waarvan hij of zij de nationaliteit bezit, en die de bescherming van dat land niet kan of, vanwege bovenbedoelde vrees, niet wil inroepen, of die, indien hij of zij geen nationaliteit bezit en ten gevolge van bovenbedoelde gebeurtenissen verblijft buiten het land waar hij of zij vroeger zijn of haar gewone verblijfplaats had, daarheen niet kan of, vanwege bovenbedoelde vrees, wil terugkeren.

Ontheemde personen: personen of groep personen die zijn gedwongen of zich genoodzaakt zien om hun huis of gewone verblijfplaats te verlaten, met name als gevolg van of om te ontkomen aan de gevolgen van gewapende conflicten, een toestand van algemeen geweld, schendingen van mensenrechten of natuurlijke of door mensen veroorzaakte rampen, en die niet een internationaal erkende staatsgrens zijn overgestoken.

Erkenning: een administratieve handeling door een bevoegde erkenningsautoriteit ter onderschrijving, binnen het regelgevingskader van elke staat die partij is, van de officiële status en het academisch niveau en de waarde van een diploma, graad of getuigschrift van een buitenlandse onderwijskwalificatie of van eerder verworven competenties of van deelstudies; door deze handeling ontstaan er academische rechten die gelijk zijn aan de rechten van nationale onderdanen met soortgelijke diploma's, graden of getuigschriften; deze rechten hebben betrekking op:

Leerresultaten: beschrijving van hetgeen een persoon geacht wordt te kennen, te begrijpen en aan te kunnen tonen na het afronden van een leerproces.

Studiepuntenstelsel: een gereguleerde wijze van het beschrijven van een onderwijsprogramma door het toekennen van studiepunten aan de onderdelen ervan, gebaseerd op verschillende parameters, zoals de studielast van de student, leerresultaten en persoonlijke contacturen.

Diplomasupplement: een referentiedocument waarin een omschrijving wordt gegeven van de aard, het niveau, de context, de inhoud en de status van de studie die met succes is afgerond door de persoon van wie de naam op het originele diploma staat vermeld waaraan het supplement is gehecht.

Graad, getuigschrift of diploma: een document dat een officieel bewijs vormt van de kwalificaties die een persoon heeft behaald na het doorlopen van een deel van een opleiding of een volledige opleiding.

HOOFDSTUK II. DOELSTELLINGEN VAN DE OVEREENKOMST

Artikel II. Doelstellingen

De staten die partij zijn verbinden zich ertoe alle nodige maatregelen te nemen om de in dit artikel II vervatte doelstellingen geleidelijk te verwezenlijken, in samenwerking met andere staten die partij zijn in de regio door middel van bilaterale, sub-regionale of regionale overeenkomsten, teneinde:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.