← Geldende tekst · Geschiedenis

Verdrag inzake de Internationale Organisatie voor Maritieme Navigatie Ondersteunende Dienstverlening

Geldende tekst a fecha 2024-08-22

Preambule

De Staten die Partij zijn bij dit Verdrag,

In herinnering roepend dat de Internationale Associatie van Vuurtorenautoriteiten op 1 juli 1957 werd opgericht en in 1998 werd hernoemd tot de Internationale Associatie voor Maritieme Navigatie Ondersteunende Dienstverlening en Vuurtorenautoriteiten;

Erkennend de rol van de Internationale Associatie van Maritieme Navigatie Ondersteunende Dienstverlening en Vuurtorenautoriteiten bij de verbetering en voortdurende harmonisatie van maritieme navigatie ondersteunende dienstverlening voor de veilige, economische en doeltreffende verplaatsing van schepen ten behoeve van de maritieme gemeenschap en de bescherming van het milieu;

Overwegend de bepalingen van het Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee, 1982, en het Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee, 1974, zoals gewijzigd; en

Voorts overwegend dat het ontwikkelen, verbeteren en harmoniseren van maritieme navigatie ondersteunende dienstverlening ten behoeve van de maritieme gemeenschap en de bescherming van het milieu het beste gecoördineerd kan worden door internationale organisaties;

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel 1. Oprichting
1.

De Internationale Organisatie voor Maritieme Navigatie Ondersteunende Dienstverlening (hierna de „Organisatie”) wordt hierbij opgericht als intergouvernementele organisatie naar internationaal recht.

2.

De Organisatie heeft een raadgevend en technisch karakter.

3.

De Organisatie heeft haar zetel in Frankrijk, tenzij de Algemene Vergadering anders heeft besloten.

4.

Het functioneren van de Organisatie wordt nader vastgelegd in het Algemeen Reglement, waarop de bepalingen van dit Verdrag van toepassing zijn maar dat er geen integrerend deel van uitmaakt. In geval van verschillen tussen dit Verdrag en het Algemeen Reglement of andere basisdocumenten inzake het bestuur van de Organisatie, is dit Verdrag doorslaggevend.

Artikel 2. Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:

Artikel 3. Doel en doelstellingen

Het doel van de Organisatie is het bijeenbrengen van overheden en organisaties die betrokken zijn bij de regelgeving, de levering, het onderhoud of de exploitatie van maritieme navigatie ondersteunende dienstverlening teneinde de volgende doelstellingen te bevorderen:

Artikel 4. Taken

Teneinde het doel en de doelstellingen die in artikel 3 zijn vervat te verwezenlijken, heeft de Organisatie de volgende taken:

Artikel 5. Lidmaatschap
1.

De Organisatie bestaat uit Lidstaten, Geassocieerde Leden en Geaffilieerde Leden.

2.

Een Lidstaat die verantwoordelijk is voor de internationale betrekkingen van een grondgebied of groep grondgebieden kan een geassocieerd lidmaatschap aanvragen voor dit grondgebied of deze groep grondgebieden door middel van een schriftelijke kennisgeving aan de Secretaris-Generaal.

3.

De Raad kan verlangen of een Lidstaat kan verzoeken dat aspecten van een aanvraag tot geaffilieerd lidmaatschap worden beoordeeld door de Lidstaat of Lidstaten waar de aanvrager zijn activiteiten uitoefent of zijn voornaamste plaats van bedrijfsuitoefening of zetel is gevestigd. De Raad houdt rekening met de opvattingen van de aanvragende en beoordelende Lidstaten wanneer zij beslist over een geaffilieerd lidmaatschap.

Artikel 6. Organen
1.

De Organisatie heeft de volgende organen:

2.

De Organisatie heeft een voorzitter en een vicevoorzitter. De voorzitter, of in zijn afwezigheid, de vicevoorzitter zit de Algemene Vergadering en de Raad voor.

3.

In het Algemeen Reglement en het Financieel Reglement wordt het reglement van orde vastgelegd dat op elk orgaan van toepassing is en dat leidend is in het dagelijks bestuur van de Organisatie.

Artikel 7. De Algemene Vergadering
1.

De Algemene Vergadering is het belangrijkste besluitvormende orgaan van de Organisatie en beschikt over alle bevoegdheden van de Organisatie, tenzij anders is bepaald in dit Verdrag.

2.

De Algemene Vergadering bestaat uitsluitend uit Lidstaten. Ook Geassocieerde Leden en Geaffilieerde Leden mogen deelnemen.

3.

Elke Lidstaat wijst een van zijn afgevaardigden aan als zijn eerste afgevaardigde bij de Algemene Vergadering.

4.

Gewone zittingen van de Algemene Vergadering worden eenmaal in de drie jaar gehouden.

5.

Buitengewone zittingen van de Algemene Vergadering worden bijeengeroepen wanneer een derde van de Lidstaten de Secretaris-Generaal ervan in kennis stellen dat zij een zitting bijeen wensen te roepen, of op elk tijdstip indien de Raad dit noodzakelijk acht, met inachtneming van een termijn van negentig dagen.

6.

Een meerderheid van Lidstaten vormt een quorum voor de zittingen van de Algemene Vergadering.

7.

De Algemene Vergadering:

Artikel 8. De Raad
1.

De Raad is het uitvoerend orgaan van de Organisatie en is verantwoordelijk voor het leiden van de activiteiten van de Organisatie.

2.

De Raad bestaat uit de voorzitter en de vicevoorzitter en drieëntwintig andere Lidstaten.

3.

Leden van de Raad worden gekozen door middel van stemming tijdens elke reguliere zitting van de Algemene Vergadering in overeenstemming met het Algemeen Reglement. Leden van de Raad dienen, in beginsel, gekozen te worden uit verschillende delen van de wereld teneinde tot een wereldwijde vertegenwoordiging te komen.

4.

Tijdens de Raad worden de Lidstaten bij voorkeur vertegenwoordigd door een afgevaardigde van een nationale autoriteit die verantwoordelijk is voor de regelgeving, de levering, het onderhoud of de exploitatie van maritieme navigatie ondersteunende dienstverlening van die Lidstaat.

5.

Zeventien leden van de Raad, waarvan er ten minste een de voorzitter of vicevoorzitter moet zijn, vormen een quorum voor de zittingen van de Raad.

6.

De Raad komt ten minste eenmaal per jaar bijeen.

7.

Lidstaten die niet vertegenwoordigd zijn in de Raad mogen deelnemen aan de vergaderingen van de Raad, maar zijn niet gerechtigd een stem uit te brengen.

8.

De Raad:

9.

Leden van de Raad mogen, na de voorzitter en Secretaris-Generaal hiervan op de hoogte te hebben gesteld, Geaffilieerde Leden uitnodigen als technisch adviseur deel te nemen aan vergaderingen van de Raad om advies en ondersteuning te geven bij operationele en technische aangelegenheden.

Artikel 9. Commissies en subsidiaire organen
1.

Commissies en subsidiaire organen ondersteunen het doel en de doelstellingen van de Organisatie.

2.

De commissies:

Artikel 10. Het Secretariaat
1.

Het permanente Secretariaat van de Organisatie bestaat uit de Secretaris-Generaal en het personeel dat nodig is voor het werk van de Organisatie binnen het goedgekeurde begrotingskader.

2.

De Secretaris-Generaal wordt benoemd voor een termijn van drie jaar. De Secretaris-Generaal kan daarna worden herkozen voor ten hoogste twee aanvullende opeenvolgende termijnen van drie jaar elk.

3.

De Secretaris-Generaal is verantwoordelijk voor het dagelijks bestuur van de Organisatie, met inachtneming van de aanwijzingen van de Algemene Vergadering of de Raad.

4.

De Secretaris-Generaal is verantwoordelijk voor het sluiten van overeenkomsten met Staten en internationale organisaties, onder voorbehoud van goedkeuring van de Algemene Vergadering in overeenstemming met artikel 7.7.m.

5.

Het personeel van het Secretariaat wordt in overeenstemming met het personeelsreglement benoemd door de Secretaris-Generaal volgens de door hem bepaalde voorwaarden en uit te voeren taken.

6.

Het Secretariaat:

7.

Bij de vervulling van hun taken mogen de Secretaris-Generaal en het personeel geen instructies vragen of ontvangen van enige overheid of van enige andere bron buiten de Organisatie. Zij dienen zich te onthouden van elke handeling die hun status van internationale functionaris die alleen aan de Organisatie verantwoording verschuldigd is zou kunnen schaden. Elke Lidstaat verbindt zich er op zijn beurt toe het zuiver internationale karakter van de verantwoordelijkheden van de Secretaris-Generaal en het personeel te eerbiedigen en zal niet trachten hen te beïnvloeden bij uitoefening van hun verantwoordelijkheden.

Artikel 11. Stemmen
1.

Al het mogelijke wordt in het werk gesteld om de Algemene Vergadering en de Raad besluiten bij consensus te laten aannemen door de Lidstaten.

2.

Wanneer besluiten van de Algemene Vergadering of de Raad niet bij consensus kunnen worden aangenomen, worden zij aangenomen door een tweederdemeerderheid van de Lidstaten die aanwezig zijn en hun stem uitbrengen in een geheime stemming.

3.

Alleen Lidstaten hebben stemrecht. Elke Lidstaat heeft een stem, uitgezonderd zoals omschreven in artikel 13.4.

4.

De verkiezing van de voorzitter, vicevoorzitter en Secretaris-Generaal vindt plaats bij geheime stemming met een gewone meerderheid van de Lidstaten die aanwezig zijn en hun stem uitbrengen in overeenstemming met het Algemeen Reglement.

5.

De verkiezing van de Raad geschiedt met het hoogste aantal stemmen van de Lidstaten die aanwezig zijn en hun stem uitbrengen in een geheime stemming, in overeenstemming met het Algemeen Reglement.

Artikel 12. Talen

De officiële talen van de Organisatie zijn het Arabisch, het Chinees, het Engels, het Frans, het Russisch en het Spaans.

Artikel 13. Financiering
1.

De uitgaven in verband met het functioneren van de Organisatie worden betaald uit de financiële middelen die beschikbaar komen door:

2.

Elke Lidstaat betaalt contributie en elk Geassocieerde Lid en elk Geaffilieerd Lid betaalt jaarlijks lidmaatschapsgeld aan de Organisatie ter hoogte van het bedrag dat in overeenstemming met artikel 7.7.g is vastgesteld. De contributie wordt voor elke Lidstaat vastgesteld op hetzelfde bedrag.

3.

De contributies van Lidstaten en de lidmaatschapsgelden van Geassocieerde Leden en Geaffilieerde Leden zijn verschuldigd en dienen te worden betaald in overeenstemming met het Financieel Reglement.

4.

Een Lidstaat waarvan de contributie twee jaar achterstallig is, verliest, na schriftelijke kennisgeving door de Secretaris-Generaal, zijn stemrecht en het recht te worden gekozen in de Raad tot het moment waarop de verschuldigde contributie is betaald, in overeenstemming met het Financieel Reglement, tenzij de Algemene Vergadering afziet van deze bepaling.

5.

Na goedkeuring door de Raad van de door de accountant gecontroleerde jaarrekening van de Organisatie, wordt deze verspreid onder alle Lidstaten, Geassocieerde Leden en Geaffilieerde Leden in het jaarverslag.

Artikel 14. Rechtspersoonlijkheid, voorrechten en immuniteiten
1.

De Organisatie bezit internationale rechtspersoonlijkheid en heeft de bevoegdheid om:

2.

Op het grondgebied van elk van haar Lidstaten geniet de Organisatie, voor zover deze zijn voorzien in een overeenkomst met de desbetreffende Lidstaat, de voorrechten en immuniteiten die nodig kunnen zijn voor de uitoefening van haar taken en de verwezenlijking van haar doel en doelstellingen.

3.

Geen Lidstaat, Geassocieerd Lid of Geaffilieerd Lid is op grond van zijn rechtspositie of deelname in de Organisatie aansprakelijk voor het handelen, het nalaten te handelen of de verplichtingen van de Organisatie.

Artikel 15. Wijzigingen
1.

Elke Lidstaat kan aan de Secretaris-Generaal schriftelijk voorstellen doen tot wijziging van dit Verdrag.

2.

De Secretaris-Generaal stuurt de voorgestelde wijzigingen in de officiële talen aan alle Lidstaten ten minste zes maanden voordat zij door de Algemene Vergadering worden bestudeerd.

3.

De voorgestelde wijziging wordt bij stemming aangenomen door de Algemene Vergadering.

4.

Elke wijziging die overeenkomstig het derde lid wordt aangenomen, wordt door de Secretaris-Generaal toegezonden aan de Depositaris. Laatstgenoemde stelt alle Lidstaten in kennis van de aanneming van de wijziging.

5.

De wijziging treedt voor alle Lidstaten in werking zes maanden nadat de schriftelijke kennisgevingen van aanvaarding door twee derde van de Lidstaten door de Depositaris zijn ontvangen, uitgezonderd voor een Lidstaat die de Depositaris vóór de inwerkingtreding van deze wijziging ervan in kennis heeft gesteld dat de wijziging voor die Lidstaat uitsluitend in werking treedt na kennisgeving van aanvaarding op een later tijdstip.

6.

Niettegenstaande het vijfde lid kan de Algemene Vergadering bij consensus besluiten dat de wijziging voor alle Lidstaten in werking treedt zes maanden nadat de schriftelijke kennisgevingen van aanvaarding door twee derde van de Lidstaten door de Depositaris zijn ontvangen. Indien binnen deze termijn van zes maanden een Lidstaat een kennisgeving van terugtrekking uit de Organisatie doet vanwege een wijziging, treedt de opzegging, niettegenstaande artikel 21, in werking op de datum waarop deze wijziging in werking treedt.

7.

De Depositaris stelt de Lidstaten en de Secretaris-Generaal in kennis van de inwerkingtreding van de wijziging, onder vermelding van de datum van de inwerkingtreding ervan.

Artikel 16. Voorbehouden

Ten aanzien van dit Verdrag kan geen enkel voorbehoud worden gemaakt.

Artikel 17. Uitlegging en geschillen

Lidstaten verrichten alle mogelijke inspanningen om geschillen over de uitlegging of toepassing van dit Verdrag te voorkomen en stellen alles in het werk om geschillen langs vreedzame weg te regelen waaronder mogelijk door middel van overleg en onderlinge onderhandelingen en op iedere andere wijze die de partijen bij het geschil overeenkomen.

Artikel 18. Ondertekening, bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring en toetreding
1.

Dit Verdrag staat open voor ondertekening door elke Staat die lid is van de Verenigde Naties te Parijs vanaf 27 januari 2021 en blijft openstaan voor ondertekening tot 26 januari 2022.

2.

Dit Verdrag dient door de ondertekenende Staten te worden bekrachtigd, aanvaard of goedgekeurd.

3.

Dit Verdrag staat open voor toetreding door elke Staat die lid is van de Verenigde Naties die dit Verdrag niet heeft ondertekend vanaf de dag na de datum waarop het Verdrag voor ondertekening gesloten is.

4.

De akten van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding worden nedergelegd bij de Depositaris, die alle Staten die dergelijke akten hebben nedergelegd bij de Depositaris en de Secretaris-Generaal daarvan in kennis stelt.

Artikel 19. De Depositaris

De Franse Republiek treedt op als Depositaris voor dit Verdrag. Dit Verdrag wordt geregistreerd in overeenstemming met de bepalingen van artikel 102 van het Handvest van de Verenigde Naties.

Artikel 20. Inwerkingtreding
1.

Dit Verdrag treedt in werking op de negentigste dag na de datum van de nederlegging van de dertigste akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding.

2.

Ten aanzien van iedere Staat die dit Verdrag bekrachtigt, aanvaardt, goedkeurt of ertoe toetreedt na de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag, treedt dit Verdrag in werking op de dertigste dag na de datum van nederlegging van zijn akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding.

3.

De overgangsregeling die van toepassing is na inwerkingtreding van dit Verdrag is vervat in de Bijlage.

Artikel 21. Opzegging
1.

Elke Lidstaat kan dit Verdrag opzeggen door middel van een kennisgeving aan de Depositaris, met inachtneming van een opzegtermijn van ten minste twaalf maanden, die alle Lidstaten en de Secretaris-Generaal onverwijld op de hoogte stelt van deze kennisgeving.

2.

De kennisgeving van opzegging kan te allen tijde worden nedergelegd na het verstrijken van zes maanden te rekenen vanaf de datum waarop dit Verdrag in werking is getreden.

3.

De terugtrekking wordt van kracht op 31 december van het jaar volgend op dat waarin de kennisgeving van opzegging is nedergelegd.

Artikel 22. Beëindiging
1.

Dit Verdrag kan worden beëindigd door een stemming door de Algemene Vergadering, waarbij deze stemming ten minste zes maanden van tevoren wordt aangekondigd.

2.

De datum van beëindiging is twaalf maanden na de datum van bovengenoemd besluit; in de tussenliggende periode is de Raad verantwoordelijk voor de liquidatie van de Organisatie in overeenstemming met het Algemeen Reglement.

IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorized by their respective governments, have signed the present Convention.

DONE at Paris on 27 January 2021 in the Arabic, Chinese, English, French, Russian and Spanish languages, each text being equally authentic, an original of which shall be deposited in the archives of the Depositary. The Depositary shall transmit certified copies thereof to all the signatory and acceding governments and to the Secretary-General of the Organization.