← Geldende tekst · Geschiedenis

Verdrag tussen de regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de regering van de Franse Republiek inzake de grensafbakening tussen het Koninkrijk der Nederlanden (Sint Maarten) en de Franse Republiek (Saint-Martin)

Geldende tekst a fecha 2023-05-26

De regering van het Koninkrijk der Nederlanden,

en

de regering van de Franse Republiek,

hierna te noemen de „partijen”,

Opnieuw het belang bevestigend dat zij hechten aan de van oudsher bestaande vriendschapsbanden en het goed nabuurschap tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Franse Republiek in het Caribisch gebied;

Zich bewust van de noodzaak hun gezamenlijke grens af te bakenen;

Onder verwijzing naar het Verdrag van Concordia (Sint Maarten) tot stand gekomen op 23 maart 1648;

Onder verwijzing naar het Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee, ondertekend te Montego Bay op 10 december 1982, waarbij het Koninkrijk der Nederlanden en de Franse Republiek partij zijn;

Gelet op het Verdrag tussen de regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de regering van de Franse Republiek inzake de maritieme afbakening in het Caribisch gebied, ondertekend te Philipsburg op 6 april 2016, en met name de artikelen 3 en 4 daarvan;

Zijn het volgende overeengekomen:

TITEL 1. ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

In dit Verdrag wordt verstaan onder:

Artikel 2. Doelstelling

Het doel van dit Verdrag is de afbakening van de loop van de grens tussen het Koninkrijk der Nederlanden (Sint Maarten) en de Franse Republiek (Saint-Martin), vanaf het einde van het oostelijke deel (punt D) tot en met het einde van het westelijke deel (punt C) van de afbakening die is overeengekomen in het Verdrag inzake maritieme afbakening.

TITEL 2. LOOP VAN DE GRENS

Artikel 3. Vaststelling van de loop van de grens

3.1. De loop van de grens wordt vastgesteld door de numerieke geografische coördinaten zoals vermeld in bijlage A bij dit Verdrag. De grens loopt in een rechte (geodetische) lijn tussen twee opeenvolgende punten.

3.2. De punten C en D van het Verdrag inzake maritieme afbakening zijn opgenomen in bijlage A en zijn gekoppeld aan de uiteinden van de loop van de grens zoals omschreven in het eerste lid van dit artikel.

3.3. Wat betreft de zeegrens worden de geografische coördinaten van de in dit Verdrag overeengekomen punten uitgedrukt volgens het geodetisch referentiesysteem WGS 84 (World Geodetic System 1984) dat zelf is afgestemd op het ITRS-systeem (International Terrestrial Reference System).

3.4. Wat betreft de landgrens worden de geografische coördinaten van de in dit Verdrag overeengekomen punten uitgedrukt volgens het ITRS-systeem (International Terrestrial Reference System).

3.5. De op grond van artikel 9 opgerichte commissie kan, rekening houdend met de Werbata-kaart of, aangaande Oyster Bay, met het beginsel van equidistantie, aan de partijen voorstellen doen voor aanpassingen van de numeriek weergegeven geografische coördinaten zoals vervat in bijlage A. De partijen kunnen, in onderlinge overeenstemming, deze voorstellen goedkeuren volgens de in artikel 16 voorziene procedure.

TITEL 3. BIJZONDERE BEPALINGEN BETREFFENDE OYSTER POND EN DE SIMPSON BAY-LAGUNE

Artikel 4. Status van de wateren van Oyster Pond

4.1. De wateren van Oyster Pond zijn aangewezen als binnenwateren.

4.2. Het recht van onschuldige doorvaart wordt erkend en gewaarborgd voor alle vaartuigen, ongeacht de nationaliteit ervan.

4.3. De afsluitingslijn van Oyster Pond wordt omschreven door een rechte (geodetische) lijn die de punten verbindt die worden aangeduid met de geografische coördinaten zoals vervat in bijlage B.

Artikel 5. Gemeenschappelijke bepalingen voor Oyster Pond en de Simpson Bay-lagune

5.1. Met in achtneming van de wet- en regelgeving die op het grondgebied van de betrokken partijen van kracht is, erkennen en waarborgen de partijen wederzijds, in Oyster Pond en in de Simpson Bay-lagune, met betrekking tot vaartuigen die hun vlag voeren het volgende:

5.2. Onverminderd de bepalingen van het tweede lid van artikel 4, zijn de bepalingen van het eerste lid van dit artikel niet van toepassing op oorlogsschepen van de partijen en andere staatsschepen die door een van de partijen voor andere dan commerciële doeleinden worden gebruikt, waarvoor de samenwerking onder andere regelingen of overeenkomsten valt.

TITEL 4. AFBAKENING VAN, TOEGANG TOT EN ONDERHOUD VAN DE GRENS

Artikel 6. Bepalingen inzake afbakening en onderhoud van de grens

6.1. De afbakening van de grens zoals die in dit Verdrag is vastgesteld dient zodanig te worden aangeduid en onderhouden dat de loop van de grens duidelijk vastligt en over de gehele lengte gemakkelijk kan worden gevolgd.

6.2. De afbakening van de landgrens op het land wordt verwezenlijkt door fysieke kenmerken (muren of muurtjes, monumenten, rivieren, wegen, kamlijnen, etc.) die reeds aanwezig zijn op de datum waarop dit Verdrag in werking treedt, en waarvan de beschrijving en de opsomming naderhand worden vastgelegd door de bij artikel 9 ingestelde commissie. Deze commissie heeft de bevoegdheid nieuwe grensmarkeringen vast te stellen of bestaande markeringen aan te passen of weg te halen, indien zij dit nodig acht.

6.3. Elke partij neemt, in het kader van haar wetgevende, regelgevende of administratieve bepalingen, met name wat betreft het deel van de afbakening op haar grondgebied, de noodzakelijke maatregelen om de bewaking en het onderhoud van de grensmarkeringen te waarborgen alsmede om de vernieling, het verval of het onjuiste gebruik van fysieke markeringen te voorkomen en, indien nodig, hier tegen op te treden.

6.4. Indien de bij artikel 9 ingestelde commissie zulks nodig acht kan een strook land van maximaal 4 meter breedte (2 meter aan weerszijde van de grens) permanent vrij van begroeiing worden gehouden om de toegang, bewaking en het onderhoud van de grens mogelijk te maken.

6.5. De partijen nemen elk de helft van de kosten die voortvloeien uit de afbakening en het onderhoud van de grens voor hun rekening. Wanneer er echter afbakeningswerkzaamheden noodzakelijk worden door het uitvoeren van werken die onder een concessie vallen, dan zijn de kosten die met deze werken verband houden voor rekening van de concessiehouder.

6.6. De partijen aanvaarden dat de uitrusting en het materiaal dat nodig is voor het onderhoud van de grens het grondgebied van de andere partij vrij kunnen binnenkomen op voorwaarde dat de uitrusting en ongebruikte materialen alsmede de vervoersmiddelen na afloop van de werkzaamheden weer terugkeren naar het grondgebied van de partij waar ze vandaan kwamen.

6.7. Het onderhoud van onroerende zaken die toebehoren aan natuurlijke of rechtspersonen anders dan de partijen (zoals monumenten, muren en muurtjes en andere kunstmatige bouwwerken) die in stand worden gehouden als markering van hun grondgebied door de partijen blijft voor rekening van de huidige eigenaren van die zaken. De eigenaren zijn gehouden deze zaken in goede staat te houden of terug te brengen, de technische voorschriften van de bij artikel 9 opgerichte commissie na te leven, de verantwoordelijke functionarissen van de partijen blijvend toegang te verlenen tot de grensmarkeringen en de wegen daarnaartoe, waaronder begrepen het vrij maken van het terrein wanneer de bij artikel 9 opgerichte commissie dit nodig acht, en deel te nemen aan of zich te laten vertegenwoordigen bij bezoeken aan genoemde markeringen wanneer dit door de verantwoordelijke functionarissen wordt vereist. Elke partij kan in de plaats treden van in gebreke blijvende eigenaren in geval van niet-naleving en vervolgens de namens hen gemaakte kosten bij hen terugvorderen.

6.8. De bepalingen van het zevende lid hebben geen betrekking op nieuwe markeringen die de bij artikel 9 opgerichte commissie kan vaststellen na de inwerkingtreding van dit Verdrag.

6.9. Nieuwe fysieke markeringen die worden geplaatst op de as van de grens zijn onverdeeld eigendom van de partijen. De overige nieuwe fysieke markeringen blijven eigendom van de partij op het grondgebied waarvan deze zijn neergezet.

Artikel 7. Toegang tot de grens

7.1. De partijen waarborgen vrije toegang tot de verkeerswegen, straten en paden die langs de grens lopen.

7.2. Onverminderd het eerste lid wordt een recht van toegang verleend aan functionarissen die belast zijn met een dienst van algemeen belang, indien de toegang tot de grens via een particuliere weg noodzakelijk is.

Artikel 8. Bouwwerken in de nabijheid van de grens

8.1. Er mag geen enkel nieuw bouwwerk verrijzen binnen twee meter aan weerszijde van de grens. Langs de waterlopen en wegen die de grens vormen, wordt deze afstand gemeten vanaf de bermen en de oevers.

8.2. De partijen kunnen, met wederzijdse instemming in het kader van de in artikel 9 voorziene commissie, instemmen met afwijkingen van de bepalingen voorzien in het eerste lid van dit artikel om rekening te houden met bijzondere bestaande situaties aan de grens, op voorwaarde dat de goedgekeurde bouwwerken de toegang tot en het onderhoud en de bewaking van de grens niet verhinderen.

8.3. De bepalingen van het eerste lid van dit artikel hebben geen betrekking op bouwwerken van de officiële diensten van een van de partijen, noch op publieke werken die zij heeft goedgekeurd.

8.4. Bestaande bouwwerken die zijn gebouwd onder de voorwaarden die zijn vastgelegd in de regelgeving die van toepassing is op het grondgebied van elk van de partijen, worden gedoogd in overeenstemming met verworven rechten. In geval van sloop of aanpassing, wordt de reconstructie of aanpassing uitsluitend toegestaan indien dit voldoet aan de regels van dit artikel, met inachtneming van de wet- en regelgeving van de betrokken partij. Dit is eveneens van toepassing op vervallen gebouwen.

Artikel 9. Gemengde commissie voor toezicht en onderhoud van de grens

9.1. Met het oog op de tenuitvoerlegging van dit Verdrag wordt er een gemengde commissie voor toezicht en onderhoud van de grens ingesteld (de commissie) bij de inwerkingtreding van dit Verdrag.

9.2. De commissie bestaat uit drie vertegenwoordigers van de partijen.

9.3. Elke delegatie kan door haar nodig geachte deskundigen benoemen.

9.4. Elke partij neemt de kosten van haar delegatie in de commissie voor haar rekening.

9.5. De commissie houdt haar bijeenkomsten beurtelings in het Koninkrijk der Nederlanden en de Franse Republiek, waarbij de ontvangende partij voorzitter is. De commissie komt ten minste eenmaal per jaar bijeen op verzoek van een van de delegaties.

9.6. De commissie neemt haar besluiten met eenparigheid van stemmen. Kwesties waarover in de commissie geen overeenstemming kan worden bereikt, worden ter overweging voorgelegd aan de ministeries van Buitenlandse Zaken van de partijen, die zich zullen inspannen om deze kwesties in onderling overleg op te lossen.

9.7. De commissie kan een reglement van orde vaststellen.

9.8. De commissie is belast met de volgende taken:

9.9. Van de bijeenkomsten van de partijen wordt een officieel verslag gemaakt, opgesteld in twee originele exemplaren, een in het Frans en een in het Engels, die voor de partijen zijn bestemd.

Artikel 10. Functionarissen die verantwoordelijk zijn voor het onderhoud van de grensmarkeringen

10.1. Het onderhoud, de vervaardiging, de installatie, de bewaking en de vervanging van fysieke grensmarkeringen die door elke partij in het kader van dit Verdrag zijn aangebracht, wordt toevertrouwd aan een verantwoordelijk functionaris die door de respectieve partij wordt benoemd.

10.2. De partijen stellen elkaar op de hoogte van de namen van hun verantwoordelijke functionarissen.

10.3. De verantwoordelijke functionarissen kunnen, voor de uitvoering van dit Verdrag, de grens vrij oversteken mits zij een door beide Staten erkend identiteitsbewijs bij zich dragen.

10.4. De verantwoordelijke functionarissen stellen tijdens een gezamenlijke inspectie een overzicht van uit te voeren werkzaamheden op ten behoeve van het onderhoud of de vervanging van fysieke grensmarkeringen; dit overzicht dient ook een schatting van de kosten van de werkzaamheden te bevatten.

10.5. De verantwoordelijke functionarissen laten, na instemming van de in artikel 9 bedoelde commissie, de werkzaamheden uitvoeren die de verantwoordelijkheid zijn van de partij onder wier gezag zij vallen of die deze partij dient uit te voeren voor rekening van de andere partij. In uitzonderlijke omstandigheden echter, wanneer de werkzaamheden duidelijk urgent zijn, kunnen de verantwoordelijke functionarissen op eigen initiatief de noodzakelijke voorzorgsmaatregelen treffen, mits zij de commissie hiervan zo spoedig mogelijk in kennis stellen.

10.6. De verantwoordelijke functionarissen stellen een jaarverslag op over de werkzaamheden die zijn uitgevoerd om de fysieke grensmarkeringen te onderhouden of te vervangen; dit rapport dient de kosten van de uitgevoerde werkzaamheden te vermelden.

10.7. Van de in dit artikel voorziene werkzaamheden wordt een officieel verslag gemaakt, opgesteld in twee originele exemplaren, een in het Frans en een in het Engels, ondertekend door de verantwoordelijke functionarissen van de partijen. Dit verslag wordt verzonden gericht aan de bij artikel 9 ingestelde commissie en naar de partijen.

TITEL 5. GEVOLGEN VAN DE AFBAKENING VOOR EERDER ONTSTANE SITUATIES

Artikel 11. Situatie van natuurlijke en rechtspersonen

11.1. De partijen waarborgen dat zij de verworven rechten van natuurlijke en rechtspersonen die direct geraakt worden door de afbakening van de grens handhaven, in overeenstemming met de wet- en regelgeving die van kracht is op het grondgebied van de betrokken partijen.

11.2. De eigendommen, onderkomens die tijdelijk worden bewoond en overige zaken die in een van de hypotheek-, kadastrale of andere registers van de partijen dienen te worden ingeschreven, dienen krachtens de bepalingen van dit Verdrag binnen twee jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag bij de bevoegde autoriteit te worden geregistreerd.

11.3. In voorkomend geval worden de eigendommen in de hypotheek-, kadastrale of andere registers van de bevoegde autoriteit opgenomen en uit de registers van de andere partij geschrapt.

11.4. De activiteiten van natuurlijke en rechtspersonen die rechtstreeks door de afbakening van de grens worden getroffen, kunnen worden voortgezet in overeenstemming met de wet- en regelgeving die van kracht is op het grondgebied van de betrokken partijen.

Artikel 12. Afwikkeling van administratieve kwesties en situaties van natuurlijke en rechtspersonen

12.1. Binnen twaalf maanden na de inwerkingtreding van dit Verdrag regelt elke partij, voor zover mogelijk, de situaties van natuurlijke en rechtspersonen waarop deze overeenkomst van toepassing is, en de administratieve kwesties die verband houden met de in artikel 3 van dit Verdrag vastgestelde afbakening.

12.2. Elke partij kan elke situatie of kwestie uit hoofde van dit artikel voorleggen aan de in artikel 9 bedoelde commissie.

TITEL 6. GRENSOVERSCHRIJDENDE SAMENWERKING

Artikel 13. Grensoverschrijdende samenwerking

13.1. De partijen zijn het erover eens dat het nodig is om, in een grens-kaderovereenkomst, regelingen voor grensoverschrijdende samenwerking op gebieden van gemeenschappelijk belang te sluiten.

13.2. De partijen bevorderen mechanismen voor grensoverschrijdende samenwerking, met name op lokaal niveau.

TITEL 7. SLOTBEPALINGEN

Artikel 14. Regeling van geschillen

Elk geschil dat tussen de partijen kan ontstaan met betrekking tot de interpretatie of toepassing van dit Verdrag, wordt vreedzaam opgelost door middel van overleg en onderhandelingen, in overeenstemming met het internationaal recht.

Artikel 15. Wijziging

Dit Verdrag kan te allen tijde door middel van schriftelijke onderlinge overeenstemming tussen de partijen worden gewijzigd. Onverminderd artikel 16 treedt elke wijziging in werking in overeenstemming met de bepalingen van artikel 17.

Artikel 16. Bijlagen

16.1. De bijlagen A en B bij dit Verdrag maken integraal deel uit van het Verdrag.

16.2. De bijlagen A en B van dit Verdrag kunnen in onderlinge overeenstemming tussen de partijen worden gewijzigd door middel van een diplomatieke notawisseling.

16.3. De loop van de grens die overeenkomstig dit Verdrag is vastgesteld wordt ter illustratie weergegeven in de kaart vervat in bijlage C bij dit Verdrag.

16.4. Ten behoeve van de toepassing van artikel 3, vijfde lid, wordt een gewaarmerkte kopie van de Werbata-kaart als bijlage D toegevoegd aan dit Verdrag.

Artikel 17. Inwerkingtreding

Elke partij stelt de andere partij in kennis van de voltooiing van de voor de inwerkingtreding van dit Verdrag vereiste interne procedures. Dit Verdrag wordt van kracht op de eerste dag van de tweede maand na de datum van ontvangst van de laatste kennisgeving.

IN WITNESS WHEREOF, the undersigned, duly authorised by their respective governments, have signed this Agreement.

DONE at Belle Plaine / Belvédère, on May 26th 2023, in two originals, in the English and French language, both texts being equally authentic.

For the government of the Kingdom of the Netherlands,

SILVERIA ELFRIEDA JACOBS

For the government of the French Republic,

GÉRALD DARMANIN