Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Vorstendom Andorra tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen en het voorkomen van het ontduiken en ontwijken van belasting (met Protocol)

Type Verdrag
Publication 2024-12-31
State In force
Source BWB
artikelen 30
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
1.

Niettegenstaande de bepalingen van het eerste, tweede en derde lid en met inachtneming van de bepalingen van artikel 5, zesde lid, van het Verdrag wordt een onderneming van een verdragsluitende staat die werkzaamheden verricht in de territoriale zee van de andere verdragsluitende staat of elk gebied buiten en grenzend aan zijn territoriale zee, waarbinnen de andere verdragsluitende staat in overeenstemming met het internationaal recht rechtsmacht heeft of soevereine rechten uitoefent, geacht ter zake van die werkzaamheden een bedrijf uit te oefenen door middel van een aldaar gelegen vaste inrichting, tenzij de werkzaamheden in kwestie in de andere staat worden verricht gedurende een tijdvak dat of tijdvakken die in een tijdvak van twaalf maanden in totaal minder dan 30 dagen voortduurt of voortduren.

2.

De werkzaamheden bedoeld in het eerste lid worden geacht niet te omvatten:

  • a). een van de werkzaamheden of een combinatie daarvan als genoemd in artikel 5, vierde lid, van het Verdrag;
  • b). sleep- of ankerwerkzaamheden door schepen die in de eerste plaats voor dat doel zijn ontworpen alsmede andere door dergelijke schepen verrichte werkzaamheden;
  • c). het vervoer van voorraden of personeel door schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer.
3.

Teneinde de duur vast te stellen van:

  • a). een plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie- of installatiewerkzaamheden ingevolge artikel 5, derde lid, van het Verdrag, wanneer een onderneming van een verdragsluitende staat in de andere verdragsluitende staat activiteiten uitoefent op een plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie- of installatiewerkzaamheden en die activiteiten worden uitgeoefend gedurende een of meer tijdvakken die in totaal langer duren dan dertig dagen zonder de termijn van twaalf maanden te overschrijden en op diezelfde plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie- of installatiewerkzaamheden gedurende verschillende tijdvakken, die elk langer duren dan 30 dagen, daarmee verband houdende werkzaamheden worden uitgeoefend door een of meer ondernemingen die nauw verbonden zijn met eerstgenoemde onderneming, worden die verschillende tijdvakken opgeteld bij het tijdvak gedurende welke de eerstgenoemde onderneming werkzaamheden uitgeoefend heeft op die plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie- of installatiewerkzaamheden; en
  • b). werkzaamheden ingevolge het eerste lid, wanneer een onderneming van een verdragsluitende staat in de andere verdragsluitende staat deze werkzaamheden uitoefent en daarmee verband houdende werkzaamheden in die andere staat gedurende verschillende tijdvakken worden uitgeoefend door een of meer ondernemingen die nauw verbonden zijn met de eerstgenoemde onderneming, worden die verschillende tijdvakken opgeteld bij het tijdvak gedurende welke de eerstgenoemde onderneming werkzaamheden heeft uitgeoefend in die andere verdragsluitende staat.

V. Ad Artikelen 5, 6, 7 en 13

Het is wel te verstaan dat rechten tot de exploratie en exploitatie van natuurlijke rijkdommen worden beschouwd als onroerende zaken die zijn gelegen in de verdragsluitende staat op wiens territoriale zee, en elk gebied buiten en grenzend aan zijn territoriale zee waarin deze staat, in overeenstemming met het internationale recht, rechtsmacht of soevereine rechten uitoefent, met inbegrip van de zeebodem en ondergrond daarvan, deze rechten van toepassing zijn en dat deze rechten geacht worden te behoren tot de activa van een vaste inrichting in die staat. Voorts is het wel te verstaan dat de hiervoor genoemde rechten ook omvatten rechten op belangen bij of voordelen uit vermogensbestanddelen die voortvloeien uit die exploratie of exploitatie.

VI. Ad Artikelen 8, 13 en 21

1.

Voor de toepassing van de artikelen 8, 13 en 21 wordt de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming van Koninklijke Luchtvaartmaatschappij N.V. (KLM N.V.) geacht in Nederland te zijn gelegen, zolang Nederland de uitsluitende heffingsbevoegdheid heeft ter zake van de onderneming van KLM N.V. uit hoofde van de Overeenkomst tussen de regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de regering van de Franse Republiek tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen.

2.

De bepalingen van het eerste lid zijn eveneens van toepassing in elke situatie waarin de luchtvervoeractiviteiten van de huidige KLM N.V. geheel of grotendeels zouden worden voortgezet door een andere persoon. Voor de toepassing van dit Verdrag wordt deze persoon aangemerkt als een inwoner van Nederland.

VII. Ad Artikelen 10 en 13

In het geval van Nederland is het wel te verstaan dat inkomen dat wordt ontvangen in verband met de (gedeeltelijke) liquidatie van een lichaam of de inkoop van eigen aandelen door een lichaam wordt behandeld als inkomen uit aandelen.

VIII. Ad Artikelen 10 en 20

1.

Nederland zal niet worden belet om overeenkomstig zijn nationale wetgeving inkomen te belasten met betrekking tot een belang in een vrijgestelde beleggingsinstelling, maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot dit inkomen een inwoner is van Andorra, mag de aldus geheven belasting niet meer bedragen dan 15 percent van het brutobedrag van het inkomen.

2.

De bepalingen van artikel 10, derde lid, zijn niet van toepassing op dividenden betaald door of aan een persoon die een collectief beleggingsvehikel is.

3.

Het is wel te verstaan dat een persoon die voor de toepassing van de Nederlandse vennootschapsbelasting een fiscale beleggingsinstelling is wordt beschouwd als een collectief beleggingsvehikel.

IX. Ad Artikel 16

De bepalingen van artikel 16, eerste en tweede lid, zijn uitsluitend van toepassing indien het totale brutobedrag van deze inkomsten verkregen door de inwoner uit deze werkzaamheden, verricht in een belastingjaar van de andere verdragsluitende staat meer bedraagt dan een bedrag van EUR 10.000.

X. Ad Artikel 17

In het geval van lijfrente afkomstig uit Nederland wordt onder de uitdrukking lijfrente verstaan een lijfrente zoals genoemd in de Nederlandse Wet inkomstenbelasting 2001 of latere daaraan gelijke of grotendeels daaraan gelijke wetgeving die deze wet vervangt, waarvan de uitkeringen deel uitmaken van het belastbaar inkomen uit werk en woning.

XI. Ad Artikel 26

1.

Wat betreft de uitwisseling van informatie op verzoek, zoals voorzien in artikel 26 van het Verdrag, zijn de bepalingen van het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Vorstendom Andorra inzake de uitwisseling van informatie betreffende belastingzaken, ondertekend op 6 november 2009, van toepassing totdat het Verdrag in werking treedt. Vanaf die datum wordt elk verzoek om informatie gedaan uit hoofde van het Verdrag.

2.

Niettegenstaande de inwerkingtreding van het Verdrag, kunnen verzoeken om informatie worden gedaan met betrekking tot belastingtijdvakken waarvoor verzoeken om informatie zijn gedaan uit hoofde van het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Vorstendom Andorra inzake de uitwisseling van informatie betreffende belastingzaken, ondertekend op 6 november 2009.

XII. Inzake de bijstand bij de invordering van belastingen

In het geval ingevolge een Overeenkomst of Verdrag tot het vermijden van dubbele belasting gesloten met een ander land na de datum van ondertekening van dit Verdrag, Andorra ermee instemt in een dergelijke overeenkomst of dergelijk verdrag een artikel op te nemen dat vergelijkbaar is met artikel 27 van het OESO-model, dan zullen dezelfde bepalingen van toepassing zijn op de bijstand bij de invordering van belastingen tussen de verdragsluitende staten van dit Verdrag.

XIII. Inzake inkomensgerelateerde regelingen

De bepalingen van artikel 26 en, indien van toepassing, een artikel inzake bijstand bij de invordering van belastingen, zijn van ige toepassing op de inkomensgerelateerde regelingen van beide verdragsluitende staten.

IN WITNESS whereof the undersigned, duly authorised thereto by their respective Governments, have signed this Convention.

DONE in two originals at Marrakesh this day of 12 October 2023, in the Dutch, Catalan and English languages, all texts being equally authentic. In case of divergence of interpretation the English text shall prevail.

For the Kingdom of the Netherlands,

S.A.M. KAAG

For the Principality of Andorra,

R. LLADÓS BERNAUS

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)