Wijzigingsgeschiedenis

Wet van 24 december 1970, tot tijdelijke verhoging of verlaging van belasting op grond van conjuncturele overwegingen

3 versions · 2019-01-01
2019-01-01
Conjunctuurwet — art. 3
2015-01-01
Conjunctuurwet — art. 3

Wijzigingen op 2015-01-01

@@ -16,15 +16,13 @@
4. Indien het voorstel wordt ingetrokken of indien een van de Kamers der Staten-Generaal tot het niet-aannemen van het voorstel besluit, wordt de beschikking tot verhoging of verlaging onverwijld ingetrokken.
5. Van de verhoging of verlaging van omzetbelasting krachtens het eerste lid, zijn uitgezonderd de tabaksprodukten als bedoeld in [artikel 29 van de Wet op de accijns](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005251&artikel=29) (**Stb.** 1991, 561) alsmede pruimtabak en snuiftabak als bedoeld in de [artikelen 11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005802&artikel=11) en [12 van de Wet op de verbruiksbelastingen van alcoholvrije dranken en van enkele andere produkten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005802&artikel=12) (**Stb.** 1992, 683).
5. Een verhoging of verlaging van belastingen als bedoeld in het eerste lid gaat voor de periode, waarin zij van kracht is, gepaard met een verlaging resp. verhoging van de rijksuitgaven tot een bedrag van ten minste één vijfde van het bedrag dat naar schatting met de wijziging van de belastingen is gemoeid. Het voorstel van wet als bedoeld in het derde lid gaat vergezeld van een nota, houdende een overzicht van de recente ontwikkeling van de rijksfinanciën, van de noodzakelijk geachte wijzigingen in de rijksuitgaven, alsmede van de voornemens ten aanzien van de financiering.
6. Een verhoging of verlaging van belastingen als bedoeld in het eerste lid gaat voor de periode, waarin zij van kracht is, gepaard met een verlaging resp. verhoging van de rijksuitgaven tot een bedrag van ten minste één vijfde van het bedrag dat naar schatting met de wijziging van de belastingen is gemoeid. Het voorstel van wet als bedoeld in het derde lid gaat vergezeld van een nota, houdende een overzicht van de recente ontwikkeling van de rijksfinanciën, van de noodzakelijk geachte wijzigingen in de rijksuitgaven, alsmede van de voornemens ten aanzien van de financiering.
7. De vermeerdering van de belastingopbrengst ten gevolge van een verhoging krachtens het eerste lid wordt niet aangewend voor uitgaven van het Rijk, de provincies en de gemeenten. De vermindering van de belastingopbrengst ten gevolge van een verlaging krachtens het eerste lid wordt niet ten laste van de uitgaven van het Rijk, de provincies en de gemeenten gebracht.
6. De vermeerdering van de belastingopbrengst ten gevolge van een verhoging krachtens het eerste lid wordt niet aangewend voor uitgaven van het Rijk, de provincies en de gemeenten. De vermindering van de belastingopbrengst ten gevolge van een verlaging krachtens het eerste lid wordt niet ten laste van de uitgaven van het Rijk, de provincies en de gemeenten gebracht.
##### Artikel 2
1. Onze Minister regelt de berekening van de krachtens [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002738&artikel=1&z=2001-01-01&g=2001-01-01) verhoogde of verlaagde belastingen, en wel op zodanige wijze dat voor de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting de verhoging of verlaging voor zoveel nodig naar tijdsgelang in aanmerking wordt genomen.
1. Onze Minister regelt de berekening van de krachtens [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002738&artikel=1&z=2015-01-01&g=2015-01-01) verhoogde of verlaagde belastingen, en wel op zodanige wijze dat voor de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting de verhoging of verlaging voor zoveel nodig naar tijdsgelang in aanmerking wordt genomen.
2. Onze Minister regelt voorts met betrekking tot de omzetbelasting en de belasting van personenauto's en motorrijwielen de door hem nodig geachte aanpassingen aan de verhoging of verlaging.
@@ -34,6 +32,6 @@
1. Deze wet treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van het **Staatsblad**, waarin zij wordt geplaatst.
2. Met betrekking tot een verhoging van de inkomstenbelasting, de loonbelasting, de vennootschapsbelasting, de bijzondere verbruiksbelasting van personenauto's en de accijns op benzine met een percentage van drie, die toepassing vindt met ingang van 1 januari 1971, blijft [artikel 1, eerste lid, tweede volzin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002738&artikel=1&z=2001-01-01&g=2001-01-01), buiten toepassing.
2. Met betrekking tot een verhoging van de inkomstenbelasting, de loonbelasting, de vennootschapsbelasting, de bijzondere verbruiksbelasting van personenauto's en de accijns op benzine met een percentage van drie, die toepassing vindt met ingang van 1 januari 1971, blijft [artikel 1, eerste lid, tweede volzin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002738&artikel=1&z=2015-01-01&g=2015-01-01), buiten toepassing.
Lasten en bevelen, dat deze in het **Staatsblad** zal worden geplaatst, en dat alle Ministeriële Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
2001-01-01
Conjunctuurwet
original version Tekst op deze datum