Wijzigingsgeschiedenis
Wet van 23 april 1971, houdende regeling met betrekking tot de geneeskundige, tandheelkundige, verloskundige en farmaceutische voorziening ten behoeve van de bevolking voor het geval van oorlog, oorlogsgevaar, daaraan verwante of daarmede verband houdende buitengewone omstandigheden
5 versions
· 2021-07-01
2021-07-01
Noodwet Geneeskundigen — arts. 10, 11, 12 y 7 más
2014-01-06
Noodwet Geneeskundigen — arts. 13, 16, 17 y 2 más
Wijzigingen op 2014-01-06
@@ -14,13 +14,13 @@
- a. **Onze Minister**: Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
- b. **bevoegd gezag**: de Directeur-Generaal van de Volksgezondheid, of, voor zover krachtens [artikel 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=I&artikel=5&z=2009-07-01&g=2009-07-01), een andere autoriteit is aangewezen, deze autoriteit;
- b. **bevoegd gezag**: de Directeur-Generaal van de Volksgezondheid, of, voor zover krachtens [artikel 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=I&artikel=5&z=2014-01-06&g=2014-01-06), een andere autoriteit is aangewezen, deze autoriteit;
- c. **geneeskundige**: degene, ten aanzien van wie geen grond tot weigering van inschrijving in het desbetreffende overeenkomstig [artikel 3, eerste lid, van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006251&artikel=3) (**Stb**. 1993, 655) ingestelde register als onderscheidenlijk arts, tandarts, apotheker of verloskundige van toepassing is;
- d. inwoner van Nederland: degene, die als ingezetene in een basisadministratie persoonsgegevens is ingeschreven of behoort te zijn ingeschreven.
2. Voor de toepassing van het eerste lid, onder **c**, blijft het bepaalde in [artikel 8, vijfde lid, van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006251&artikel=8) buiten toepassing.
- d. inwoner van Nederland: degene, die als ingezetene in de basisregistratie personen is ingeschreven of behoort te zijn ingeschreven.
2. Voor de toepassing van het eerste lid, onder c, blijft het bepaalde in [artikel 8, vijfde lid, van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006251&artikel=8) buiten toepassing.
##### Artikel 2
@@ -34,7 +34,7 @@
##### Artikel 3
1. Onverminderd de [artikelen 7, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007981&artikel=7), en [8, eerste lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007981&artikel=8) kunnen, ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken, bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, één of meer van de paragrafen van [hoofdstuk II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II&z=2009-07-01&g=2009-07-01) van deze wet in werking worden gesteld.
1. Onverminderd de [artikelen 7, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007981&artikel=7), en [8, eerste lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007981&artikel=8) kunnen, ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken, bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, één of meer van de paragrafen van [hoofdstuk II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II&z=2014-01-06&g=2014-01-06) van deze wet in werking worden gesteld.
2. Wanneer het in het eerste lid bedoelde besluit is genomen, wordt onverwijld een voorstel van wet aan de Tweede Kamer gezonden omtrent het voortduren van de werking van de bij dat besluit in werking gestelde paragrafen.
@@ -64,7 +64,7 @@
##### Artikel 7
Bij algemene maatregel van bestuur worden de autoriteiten aangewezen, die, zolang de verbinding tussen Onze Minister en enig gebied verbroken is, in dat gebied met inachtneming van de bij de maatregel gestelde regelen de bij de [artikelen 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=8&z=2009-07-01&g=2009-07-01) en [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=9&z=2009-07-01&g=2009-07-01) aan Onze Minister toegekende bevoegdheden uitoefenen.
Bij algemene maatregel van bestuur worden de autoriteiten aangewezen, die, zolang de verbinding tussen Onze Minister en enig gebied verbroken is, in dat gebied met inachtneming van de bij de maatregel gestelde regelen de bij de [artikelen 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=8&z=2014-01-06&g=2014-01-06) en [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=9&z=2014-01-06&g=2014-01-06) aan Onze Minister toegekende bevoegdheden uitoefenen.
### Hoofdstuk II. Bepalingen voor buitengewone omstandigheden
@@ -74,9 +74,9 @@
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regelen gesteld omtrent het ten laste van de staat:
- a. toekennen, voor zover nodig, van een vergoeding aan een geneeskundige in verband met een hem krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2009-07-01&g=2009-07-01), opgelegde verplichting;
- b. treffen, voor zover nodig, van voorzieningen bij ziekte, ongeval, invaliditeit en overlijden, verband houdende met het nakomen van een krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2009-07-01&g=2009-07-01), aan een geneeskundige opgelegde verplichting.
- a. toekennen, voor zover nodig, van een vergoeding aan een geneeskundige in verband met een hem krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), opgelegde verplichting;
- b. treffen, voor zover nodig, van voorzieningen bij ziekte, ongeval, invaliditeit en overlijden, verband houdende met het nakomen van een krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), aan een geneeskundige opgelegde verplichting.
### Hoofdstuk IV. Voorziening tegen beschikkingen
@@ -92,7 +92,7 @@
1. Op een ingekomen bezwaarschrift, gericht tegen een beschikking van het bevoegd gezag, neemt dit, zo het terstond de aangevoerde bezwaren gegrond acht, zo spoedig mogelijk een beslissing.
2. Indien het bevoegd gezag niet terstond de aangevoerde bezwaren gegrond acht, brengt dit het bezwaarschrift onverwijld ter kennis van de in [artikel 5, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=I&artikel=5&z=2009-07-01&g=2009-07-01), bedoelde commissie. Deze brengt zo spoedig mogelijk advies uit.
2. Indien het bevoegd gezag niet terstond de aangevoerde bezwaren gegrond acht, brengt dit het bezwaarschrift onverwijld ter kennis van de in [artikel 5, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=I&artikel=5&z=2014-01-06&g=2014-01-06), bedoelde commissie. Deze brengt zo spoedig mogelijk advies uit.
3. Indien het bevoegd gezag zich met het door de commissie uitgebrachte advies kan verenigen, neemt het zo spoedig mogelijk dienovereenkomstig een beslissing.
@@ -100,7 +100,7 @@
##### Artikel 26
Een bezwaarschrift, gericht tegen een beschikking van Onze Minister of van Onze Minister van Sociale Zaken, wordt onverwijld ter kennis van de in [artikel 5, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=I&artikel=5&z=2009-07-01&g=2009-07-01), bedoelde commissie gebracht. Deze brengt zo spoedig mogelijk advies uit.
Een bezwaarschrift, gericht tegen een beschikking van Onze Minister of van Onze Minister van Sociale Zaken, wordt onverwijld ter kennis van de in [artikel 5, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=I&artikel=5&z=2014-01-06&g=2014-01-06), bedoelde commissie gebracht. Deze brengt zo spoedig mogelijk advies uit.
##### Artikel 27
@@ -110,7 +110,7 @@
1. Een door Onze Minister of Onze Minister van Sociale Zaken genomen beslissing wordt aan het bevoegd gezag medegedeeld.
2. Voordat een advies als bedoeld in [artikel 25, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=IV&artikel=25&z=2009-07-01&g=2009-07-01), of [artikel 26](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=IV&artikel=26&z=2009-07-01&g=2009-07-01), wordt uitgebracht, hoort de in [artikel 5, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=I&artikel=5&z=2009-07-01&g=2009-07-01), bedoelde commissie zo mogelijk de belanghebbende.
2. Voordat een advies als bedoeld in [artikel 25, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=IV&artikel=25&z=2014-01-06&g=2014-01-06), of [artikel 26](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=IV&artikel=26&z=2014-01-06&g=2014-01-06), wordt uitgebracht, hoort de in [artikel 5, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=I&artikel=5&z=2014-01-06&g=2014-01-06), bedoelde commissie zo mogelijk de belanghebbende.
### Hoofdstuk V. Registratie
@@ -132,7 +132,7 @@
- b. tot het overleggen van bescheiden, waarvan raadpleging naar zijn redelijk oordeel in het belang van de uitvoering van deze wet nodig is;
- c. tot het ondergaan van een onderzoek naar hun geschiktheid voor het verrichten van werkzaamheden ingevolge [hoofdstuk II, paragraaf 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&z=2009-07-01&g=2009-07-01).
- c. tot het ondergaan van een onderzoek naar hun geschiktheid voor het verrichten van werkzaamheden ingevolge [hoofdstuk II, paragraaf 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&z=2014-01-06&g=2014-01-06).
##### Artikel 31
@@ -154,7 +154,7 @@
##### Artikel 32
1. Ieder die krachtens [artikel 30](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VI&artikel=30&z=2009-07-01&g=2009-07-01) is opgeroepen, is verplicht ter plaatse en ten tijde, bij de oproeping aangewezen, te verschijnen en desverlangd de in dat artikel, onder a tot en met c, bedoelde medewerking te verlenen. De verstrekking van de in dat artikel bedoelde inlichtingen dient volledig en naar waarheid te geschieden.
1. Ieder die krachtens [artikel 30](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VI&artikel=30&z=2014-01-06&g=2014-01-06) is opgeroepen, is verplicht ter plaatse en ten tijde, bij de oproeping aangewezen, te verschijnen en desverlangd de in dat artikel, onder a tot en met c, bedoelde medewerking te verlenen. De verstrekking van de in dat artikel bedoelde inlichtingen dient volledig en naar waarheid te geschieden.
2. Het bevoegd gezag is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van de in het eerste lid gestelde verplichtingen.
@@ -172,9 +172,9 @@
##### Artikel 35
1. Indien door een besluit als bedoeld in [artikel 3, derde en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=I&artikel=3&z=2009-07-01&g=2009-07-01), van deze wet dan wel bij een besluit als bedoeld in de [artikelen 7, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007981&artikel=7), en [8, tweede lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007981&artikel=8), de werking van een of meer der [paragrafen 1 tot en met 3 van hoofdstuk II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=1&z=2009-07-01&g=2009-07-01) wordt beëindigd, kan bij dat besluit worden bepaald, dat met betrekking tot geneeskundigen en rechtsbetrekkingen, de krachtens die paragrafen genomen maatregelen en het bij en krachtens die paragrafen bepaalde gedurende een bij dat besluit vast te stellen tijd van toepassing blijven.
2. Indien door een besluit als bedoeld in [artikel 3, derde en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=I&artikel=3&z=2009-07-01&g=2009-07-01), van deze wet dan wel bij een besluit als bedoeld in de [artikelen 7, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007981&artikel=7), en [8, tweede lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007981&artikel=8), de werking van [paragraaf 4 van hoofdstuk II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=4&z=2009-07-01&g=2009-07-01) wordt beëindigd, kan bij dat besluit met betrekking tot, op grond van die paragraaf verleende, van kracht zijnde vrijstellingen en ontheffingen worden bepaald, dat deze te hunnen aanzien gedurende een bij dat besluit vast te stellen tijd van toepassing blijven.
1. Indien door een besluit als bedoeld in [artikel 3, derde en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=I&artikel=3&z=2014-01-06&g=2014-01-06), van deze wet dan wel bij een besluit als bedoeld in de [artikelen 7, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007981&artikel=7), en [8, tweede lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007981&artikel=8), de werking van een of meer der [paragrafen 1 tot en met 3 van hoofdstuk II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=1&z=2014-01-06&g=2014-01-06) wordt beëindigd, kan bij dat besluit worden bepaald, dat met betrekking tot geneeskundigen en rechtsbetrekkingen, de krachtens die paragrafen genomen maatregelen en het bij en krachtens die paragrafen bepaalde gedurende een bij dat besluit vast te stellen tijd van toepassing blijven.
2. Indien door een besluit als bedoeld in [artikel 3, derde en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=I&artikel=3&z=2014-01-06&g=2014-01-06), van deze wet dan wel bij een besluit als bedoeld in de [artikelen 7, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007981&artikel=7), en [8, tweede lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007981&artikel=8), de werking van [paragraaf 4 van hoofdstuk II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=4&z=2014-01-06&g=2014-01-06) wordt beëindigd, kan bij dat besluit met betrekking tot, op grond van die paragraaf verleende, van kracht zijnde vrijstellingen en ontheffingen worden bepaald, dat deze te hunnen aanzien gedurende een bij dat besluit vast te stellen tijd van toepassing blijven.
##### Artikel 36
@@ -182,7 +182,7 @@
##### Artikel 37
1. Het bij of krachtens [artikel 8, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=8&z=2009-07-01&g=2009-07-01), [9, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=9&z=2009-07-01&g=2009-07-01), en [13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2009-07-01&g=2009-07-01), bepaalde is niet van toepassing ten aanzien van:
1. Het bij of krachtens [artikel 8, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=8&z=2014-01-06&g=2014-01-06), [9, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=9&z=2014-01-06&g=2014-01-06), en [13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), bepaalde is niet van toepassing ten aanzien van:
- a. de leden van de Hoge Colleges van Staat, Onze Ministers, de Staatssecretarissen en de leden van de rechterlijke macht met rechtspraak belast;
@@ -198,9 +198,9 @@
##### Artikel 38
1. Zolang één of meer paragrafen van [hoofdstuk II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II&z=2009-07-01&g=2009-07-01) in werking zijn, worden geneeskundigen zo mogelijk niet dan na overleg met het bevoegd gezag, op grond van het bij of krachtens een andere wet bepaalde verplicht tot het verrichten van werkzaamheden in het belang van de militaire of civiele verdediging.
2. Geneeskundigen, die verplicht zijn zodanige werkzaamheden te verrichten, zijn, zolang deze verplichting duurt, van een verplichting, welke hun krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2009-07-01&g=2009-07-01), is opgelegd, ontheven.
1. Zolang één of meer paragrafen van [hoofdstuk II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II&z=2014-01-06&g=2014-01-06) in werking zijn, worden geneeskundigen zo mogelijk niet dan na overleg met het bevoegd gezag, op grond van het bij of krachtens een andere wet bepaalde verplicht tot het verrichten van werkzaamheden in het belang van de militaire of civiele verdediging.
2. Geneeskundigen, die verplicht zijn zodanige werkzaamheden te verrichten, zijn, zolang deze verplichting duurt, van een verplichting, welke hun krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), is opgelegd, ontheven.
3. Het in het eerste lid bepaalde geldt niet bij een oproeping in militaire dienst.
@@ -208,19 +208,19 @@
##### Artikel 39
Overtreding van het bij [artikel 11, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=11&z=2009-07-01&g=2009-07-01), [13, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2009-07-01&g=2009-07-01),[19, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=19&z=2009-07-01&g=2009-07-01), [29, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=V&artikel=29&z=2009-07-01&g=2009-07-01), [29a, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=V&artikel=29a&z=2009-07-01&g=2009-07-01), [artikel 31a, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VI&artikel=31a&z=2009-07-01&g=2009-07-01), voor zover het betreft [artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=5:20) of [artikel 32, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VI&artikel=32&z=2009-07-01&g=2009-07-01), bepaalde, alsmede overtreding van het krachtens [artikel 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VII&artikel=36&z=2009-07-01&g=2009-07-01) bepaalde, voor zover zij daarbij is aangeduid als strafbaar feit, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste één maand of geldboete van de tweede categorie.
Overtreding van het bij [artikel 11, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=11&z=2014-01-06&g=2014-01-06), [13, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06),[19, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=19&z=2014-01-06&g=2014-01-06), [29, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=V&artikel=29&z=2014-01-06&g=2014-01-06), [29a, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=V&artikel=29a&z=2014-01-06&g=2014-01-06), [artikel 31a, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VI&artikel=31a&z=2014-01-06&g=2014-01-06), voor zover het betreft [artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=5:20) of [artikel 32, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VI&artikel=32&z=2014-01-06&g=2014-01-06), bepaalde, alsmede overtreding van het krachtens [artikel 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VII&artikel=36&z=2014-01-06&g=2014-01-06) bepaalde, voor zover zij daarbij is aangeduid als strafbaar feit, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste één maand of geldboete van de tweede categorie.
##### Artikel 40
Overtreding van het bij of krachtens [artikel 8, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=8&z=2009-07-01&g=2009-07-01),[9, eerste, tweede of derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=9&z=2009-07-01&g=2009-07-01),[11, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=11&z=2009-07-01&g=2009-07-01), [13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2009-07-01&g=2009-07-01), [15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=15&z=2009-07-01&g=2009-07-01), of [20, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=20&z=2009-07-01&g=2009-07-01), bepaalde, alsmede overtreding van het krachtens [artikel 12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=12&z=2009-07-01&g=2009-07-01), bepaalde, voor zover zij daarbij is aangeduid als strafbaar feit, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.
Overtreding van het bij of krachtens [artikel 8, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=8&z=2014-01-06&g=2014-01-06),[9, eerste, tweede of derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=9&z=2014-01-06&g=2014-01-06),[11, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=11&z=2014-01-06&g=2014-01-06), [13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), [15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=15&z=2014-01-06&g=2014-01-06), of [20, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=20&z=2014-01-06&g=2014-01-06), bepaalde, alsmede overtreding van het krachtens [artikel 12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=12&z=2014-01-06&g=2014-01-06), bepaalde, voor zover zij daarbij is aangeduid als strafbaar feit, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.
##### Artikel 41
Opzettelijke overtreding van het krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2009-07-01&g=2009-07-01), of [20, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=20&z=2009-07-01&g=2009-07-01), bepaalde wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste één jaar of geldboete van de derde categorie.
Opzettelijke overtreding van het krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), of [20, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=20&z=2014-01-06&g=2014-01-06), bepaalde wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste één jaar of geldboete van de derde categorie.
##### Artikel 42
Met gevangenisstraf van ten hoogste één jaar of geldboete van de derde categorie wordt gestraft hij die, nadat hem krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2009-07-01&g=2009-07-01), een verplichting is opgelegd:
Met gevangenisstraf van ten hoogste één jaar of geldboete van de derde categorie wordt gestraft hij die, nadat hem krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), een verplichting is opgelegd:
- a. opzettelijk of ondanks waarschuwing roekeloos zich zelf, anderen of de eigendom van degene, in dienst van wie dan wel voor wie of bij wie hij ter vervulling van de hem opgelegde verplichting werkzaamheden moet verrichten, aan ernstig gevaar blootstelt, dan wel
@@ -228,9 +228,9 @@
##### Artikel 43
1. De feiten, strafbaar gesteld bij de [artikelen 39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VIII&artikel=39&z=2009-07-01&g=2009-07-01) en [40](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VIII&artikel=40&z=2009-07-01&g=2009-07-01), zijn overtredingen.
2. De feiten, strafbaar gesteld bij de [artikelen 41](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VIII&artikel=41&z=2009-07-01&g=2009-07-01) en [42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VIII&artikel=42&z=2009-07-01&g=2009-07-01), zijn misdrijven.
1. De feiten, strafbaar gesteld bij de [artikelen 39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VIII&artikel=39&z=2014-01-06&g=2014-01-06) en [40](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VIII&artikel=40&z=2014-01-06&g=2014-01-06), zijn overtredingen.
2. De feiten, strafbaar gesteld bij de [artikelen 41](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VIII&artikel=41&z=2014-01-06&g=2014-01-06) en [42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VIII&artikel=42&z=2014-01-06&g=2014-01-06), zijn misdrijven.
##### Artikel 44
@@ -242,7 +242,7 @@
##### Artikel 46
1. Met het opsporen van de feiten, bij deze wet strafbaar gesteld, zijn behalve de ambtenaren, aangewezen bij [artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903&artikel=141), belast de krachtens [artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VI&artikel=31&z=2009-07-01&g=2009-07-01) aangewezen ambtenaren, voor zover zij door Onze Minister van Justitie daartoe zijn aangewezen.
1. Met het opsporen van de feiten, bij deze wet strafbaar gesteld, zijn behalve de ambtenaren, aangewezen bij [artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903&artikel=141), belast de krachtens [artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=VI&artikel=31&z=2014-01-06&g=2014-01-06) aangewezen ambtenaren, voor zover zij door Onze Minister van Justitie daartoe zijn aangewezen.
2. Bij het opsporen van een bij deze wet strafbaar gesteld feit hebben de in het eerste lid bedoelde ambtenaren toegang tot elke plaats, voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is.
@@ -262,6 +262,188 @@
##### Artikel 50
Deze wet treedt, met uitzondering van [hoofdstuk II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II&z=2009-07-01&g=2009-07-01), in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het **Staatsblad**, waarin zij wordt geplaatst.
Deze wet treedt, met uitzondering van [hoofdstuk II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II&z=2014-01-06&g=2014-01-06), in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het **Staatsblad**, waarin zij wordt geplaatst.
Lasten en bevelen, dat deze in het **Staatsblad** zal worden geplaatst, en dat alle Ministeriële Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
#### § 1. Uitoefening van de praktijk
##### Artikel 8
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
1. Bij ministeriële regeling kan worden bepaald, dat het geneeskundigen in het algemeen, dan wel dat het geneeskundigen, behorende tot bij de regeling aangewezen categorieën, verboden is zonder vergunning van het bevoegd gezag:
- a. de uitoefening van de praktijk geheel of voor een deel te staken;
- b. zich ter uitoefening van de praktijk te vestigen;
- c. bij ontstentenis of afwezigheid van een geneeskundige diens praktijk langer dan een week waar te nemen.
2. Een vergunning kan onder beperkingen worden verleend. Aan een vergunning kunnen voorschriften worden verbonden.
4. [Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537¶graaf=4.1.3.3) is van toepassing op de vergunning, bedoeld in dit artikel.
#### § 2. Beperking van het beëindigen en aangaan van rechtsbetrekkingen
##### Artikel 9
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
1. Bij ministeriële regeling kan worden bepaald, dat het geneeskundigen in het algemeen, dan wel dat het geneeskundigen, behorende tot bij de regeling aangewezen categorieën, verboden is zonder vergunning van het bevoegd gezag een rechtsbetrekking, strekkende tot de uitoefening van hun beroepswerkzaamheden in dienst van of voor een ander:
- a. te beëindigen;
- b. aan te gaan.
2. Een krachtens het eerste lid, onder **a**, gesteld verbod geldt mede voor de wederpartij.
3. Een vergunning kan onder beperkingen worden verleend. Aan een vergunning kunnen voorschriften worden verbonden.
5. [Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537¶graaf=4.1.3.3) is van toepassing op de vergunning, bedoeld in dit artikel.
##### Artikel 10
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
Indien een rechtsbetrekking door één der partijen is beëindigd in strijd met een krachtens [artikel 9, eerste lid, onder **a**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=9&z=2014-01-06&g=2014-01-06), gesteld verbod of met een voorschrift, verbonden aan een krachtens dat lid verleende vergunning, kan de wederpartij gedurende zes maanden de nietigheid der beëindiging inroepen.
##### Artikel 11
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
1. Het is zowel de geneeskundige als de wederpartij verboden een rechtsbetrekking, aangegaan in strijd met een krachtens [artikel 9, eerste lid, onder **b**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=9&z=2014-01-06&g=2014-01-06), gesteld verbod of met een voorschrift, verbonden aan een krachtens dat lid verleende vergunning, te laten voortduren.
2. Ten aanzien van het beëindigen van zodanige rechtsbetrekking geldt een krachtens [artikel 9, eerste lid, onder **a**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=9&z=2014-01-06&g=2014-01-06), gesteld verbod niet.
3. De persoon, die zodanige rechtsbetrekking met de geneeskundige heeft aangegaan, is verplicht van de beëindiging van de rechtsbetrekking onverwijld aan het bevoegd gezag schriftelijk mededeling te doen.
##### Artikel 12
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
1. De [artikelen 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=9&z=2014-01-06&g=2014-01-06), [10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=10&z=2014-01-06&g=2014-01-06) en [11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=11&z=2014-01-06&g=2014-01-06) gelden niet ten aanzien van dienstbetrekkingen van geneeskundigen, die overheidswerknemer zijn in de zin van [artikel 2 van de Wet privatisering ABP](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007791&artikel=2).
2. Ten aanzien van zodanige dienstbetrekkingen kunnen regelen van overeenkomstige strekking worden gesteld bij algemene maatregel van bestuur.
3. Bij een algemene maatregel van bestuur als in het tweede lid bedoeld kunnen omtrent het vragen van voorziening tegen beschikkingen, krachtens die maatregelen genomen, en de rechtsgang ter zake, regelen worden gesteld in afwijking van [hoofdstuk IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=IV&z=2014-01-06&g=2014-01-06).
4. De voordracht tot een algemene maatregel van bestuur als in het tweede lid bedoeld wordt Ons gedaan door Onze Minister, te zamen met Onze Ministers, wie het mede aangaat.
#### § 3. Opleggen van verplichtingen
##### Artikel 13
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
1. Het bevoegd gezag kan aan geneeskundigen, die Nederlander dan wel inwoner van Nederland zijn, met uitzondering van de Nederlanders, woonachtig in de Nederlandse Antillen of Aruba, de verplichting opleggen:
- a. in een daartoe aangewezen gebied, al dan niet van een bepaalde plaats uit, de praktijk uit te oefenen;
- b. bij ontstentenis of afwezigheid van een geneeskundige diens praktijk, geheel of voor een deel en al dan niet van een bepaalde plaats uit, waar te nemen;
- c. anderszins alle of een deel van zijn beroepswerkzaamheden, al dan niet van een bepaalde plaats uit en al dan niet in dienst van of voor een ander, te verrichten;
- d. daartoe aangewezen werkzaamheden, welke niet behoren tot de beroepswerkzaamheden van een geneeskundige, in het belang van de geneeskundige, tandheelkundige, verloskundige of farmaceutische voorziening, al dan niet in dienst van of voor een ander, te verrichten;
- e. daartoe aangewezen werkzaamheden, bestaande in het volgen van een opleiding op geneeskundig, tandheelkundig, verloskundig of farmaceutisch gebied, bij een ander te verrichten.
2. Het in het eerste lid, onder **d** en **e**, bepaalde geldt niet ten aanzien van verloskundigen.
3. Een beschikking krachtens het eerste lid bevat een zo nauwkeurig mogelijke omschrijving van de opgelegde verplichting, alsmede van de plaats en tijd van aanvang en, indien mogelijk, van de waarschijnlijke duur van de werkzaamheden, welke uit de opgelegde verplichting voortvloeien. In voorkomend geval wijst zij voorts de natuurlijke of rechtspersoon aan, in wiens dienst dan wel voor of bij wie de werkzaamheden moeten worden verricht, en geeft zij daarbij aan in welke verhouding de geneeskundige tot die persoon zal staan.
4. De verplichtingen, die krachtens het eerste lid worden opgelegd, kunnen niet strekken tot het verrichten van werkzaamheden op plaatsen buiten Nederland.
5. De geneeskundige, die ten tijde van de oplegging der verplichting een rechtsbetrekking heeft, strekkende tot de uitoefening van zijn beroepswerkzaamheden in dienst van of voor een ander of tot het verrichten van andere werkzaamheden dan de beroepswerkzaamheden van een geneeskundige in dienst van een ander, is verplicht binnen driemaal vierentwintig uur aan zijn wederpartij mededeling te doen van de hem opgelegde verplichting.
##### Artikel 14
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
De verplichtingen, bedoeld in [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), kunnen niet worden opgelegd aan geneeskundigen, die:
- a. ingevolge een overeenkomst met een andere mogendheid of met een volkenrechtelijke organisatie van oplegging van zodanige verplichtingen uitgesloten zijn, of
- b. behoren tot bij algemene maatregel van bestuur daartoe aangewezen categorieën of krachtens zodanige maatregel daartoe zijn aangewezen.
##### Artikel 15
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
De overeenkomstig [artikel 13, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), aangewezen persoon is verplicht de geneeskundige de werkzaamheden, welke uit de opgelegde verplichting voortvloeien, te laten verrichten.
##### Artikel 16
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
1. Te rekenen van de dag, waarop een geneeskundige, aan wie krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), de verplichting is opgelegd werkzaamheden als bedoeld in dat lid te verrichten in dienst van dan wel voor of bij een ander, deze werkzaamheden verricht, bestaat tussen die geneeskundige en degene, in wiens dienst dan wel voor of bij wie de werkzaamheden moeten worden verricht een rechtsbetrekking, die voor de toepassing van wettelijke voorschriften geacht wordt een rechtsbetrekking te zijn uit een ter zake van een verhouding als aangegeven krachtens [artikel 13, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), aangegane overeenkomst.
2. De inhoud van de rechtsbetrekking is zoveel mogelijk gelijk aan de wettelijk geoorloofde inhoud van rechtsbetrekkingen uit ter zake gebruikelijke overeenkomsten. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen daaromtrent nadere regelen worden gesteld. Partijen bij de rechtsbetrekking zijn bevoegd gezamenlijk haar inhoud nader vast te stellen. Op verzoek van de meest gerede partij geschiedt de nadere vaststelling door het bevoegd gezag.
3. De rechtsbetrekking kan door partijen niet worden bëeindigd. Zij neemt van rechtswege een einde, zodra de geneeskundige van de opgelegde verplichting is ontslagen, of gaat behoren tot een der in [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=14&z=2014-01-06&g=2014-01-06) bedoelde categorieën.
##### Artikel 17
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
1. Zolang een geneeskundige door het voldoen aan een hem krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), opgelegde verplichting verhinderd is te voldoen aan de verplichtingen, welke op hem krachtens een bestaande rechtsbetrekking als bedoeld in [artikel 13, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), rusten, is deze rechtsbetrekking geschorst, doch kan zij door partijen niet worden beëindigd zonder vergunning van het bevoegd gezag.
2. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regelen worden gesteld omtrent de gevolgen van de schorsing voor de rechten en verplichtingen uit zodanige rechtsbetrekking.
3. Een vergunning als in het eerste lid bedoeld kan onder beperkingen worden verleend. Aan zodanige vergunning kunnen voorschriften worden verbonden.
4. [Artikel 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=10&z=2014-01-06&g=2014-01-06) is van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 18
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
1. Aan een geneeskundige, als bedoeld in [artikel 12, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=2&artikel=12&z=2014-01-06&g=2014-01-06), wordt voor de tijd, gedurende welke hij door het voldoen aan een hem krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), opgelegde verplichting verhinderd is zijn bestaande dienstbetrekking te vervullen, in die dienstbetrekking verlof verleend. Bij algemene maatregel van bestuur worden hieromtrent nadere regelen gesteld.
2. De voordracht tot een algemene maatregel van bestuur als in het eerste lid bedoeld wordt Ons gedaan door Onze Minister van Binnenlandse Zaken, tezamen met Onze Minister en met Onze Ministers, wie het mede aangaat.
##### Artikel 19
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
1. Het bevoegd gezag kan een geneeskundige van een hem krachtens [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), opgelegde verplichting te allen tijde, hetzij ambtshalve, hetzij op verzoek van de geneeskundige of van de overeenkomstig het derde lid van dat artikel aangewezen persoon, ontslaan.
2. [Artikel 13, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), is met betrekking tot het ontslag van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 20
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
1. Bij ministeriële regeling kan worden bepaald, dat het geneeskundigen, aan wie ingevolge [artikel 13, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002758&hoofdstuk=II¶graaf=3&artikel=13&z=2014-01-06&g=2014-01-06), een verplichting kan worden opgelegd, verboden is het land te verlaten zonder door hem verleende vergunning.
2. Een vergunning kan onder beperkingen worden verleend. Aan een vergunning kunnen voorschriften worden verbonden.
4. [Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537¶graaf=4.1.3.3) is van toepassing op de vergunning, bedoeld in dit artikel.
#### § 4. Opheffing van wettelijke belemmeringen
##### Artikel 21
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
1. Onze Minister kan bij regeling onderscheidenlijk bij beschikking, ten aanzien van ondernemingen die werkzaam zijn op het gebied van de geneeskundige of farmaceutische voorziening en die hetzij behoren tot bij de regeling aangewezen categorieën, hetzij bij de beschikking afzonderlijk zijn aangewezen, vrijstelling, onderscheidenlijk ontheffing verlenen van verplichtingen en verboden, gesteld bij of krachtens wettelijke voorschriften ter zake van het tegengaan van gevaar, schade en hinder, teweeggebracht door inrichtingen.
2. Onze Minister kan bij regeling onderscheidenlijk bij beschikking, ten aanzien van ondernemingen die werkzaam zijn op het gebied van de geneeskundige of farmaceutische voorziening en die hetzij behoren tot bij de regeling aangewezen categorieën, hetzij bij de beschikking afzonderlijk zijn aangewezen, vrijstelling, onderscheidenlijk ontheffing verlenen van verplichtingen en verboden, gesteld bij of krachtens wettelijke voorschriften ter zake van de beperking van de arbeidsduur en van de veiligheid en de hygiëne bij de arbeid.
3. Een vrijstelling of ontheffing kan onder beperkingen, alsmede voorwaardelijk worden verleend; zij kan te allen tijde worden ingetrokken. Indien een vrijstelling of ontheffing voorwaardelijk is verleend, geldt zij slechts voor zover de gestelde voorwaarden worden nageleefd.
### Hoofdstuk III. Vergoedingen en sociale voorzieningen
### Hoofdstuk IV. Voorziening tegen beschikkingen
### Hoofdstuk V. Registratie
### Hoofdstuk VI. Ambtelijke bevoegdheden
### Hoofdstuk VII. Verdere bepalingen
### Hoofdstuk VIII. Bepalingen van strafrechtelijke aard
### Hoofdstuk IX. Slotbepalingen
Lasten en bevelen, dat deze in het **Staatsblad** zal worden geplaatst, en dat alle Ministeriële Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
2009-07-01
Noodwet Geneeskundigen — arts. 7, 25, 30 y 2 más
2001-09-01
Noodwet Geneeskundigen — arts. 7, 25, 30 y 7 más
2001-09-01
Noodwet Geneeskundigen
original version
Tekst op deze datum