Wijzigingsgeschiedenis

Besluit van 7 november 1972, houdende vaststelling van het Glasartikelenbesluit

7 versions · 2020-01-21
2020-01-21
Warenwetbesluit glasartikelen — arts. 1, 0, 4 y 21 más
2016-02-19
Warenwetbesluit glasartikelen — arts. 3, 7
2014-12-13
Warenwetbesluit glasartikelen — arts. 3, 7
2007-11-28
Warenwetbesluit glasartikelen — arts. 3, 7
2007-01-01
Warenwetbesluit glasartikelen — arts. 1, 1, 0 y 22 más

Wijzigingen op 2007-01-01

@@ -44,11 +44,11 @@
##### Artikel 3
1. Glasartikelen mogen niet worden aangeduid met de symbolen van een cirkel, vierkant of gelijkzijdige driehoek zonder vermelding, bij het symbool, van een der bij [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=2&z=1998-04-01&g=1998-04-01) toegelaten benamingen.
1. Glasartikelen mogen niet worden aangeduid met de symbolen van een cirkel, vierkant of gelijkzijdige driehoek zonder vermelding, bij het symbool, van een der bij [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=2&z=1998-04-01&g=2007-01-01) toegelaten benamingen.
2. Een symbool als in het eerste lid bedoeld mag uitsluitend worden gebezigd, indien het daarmee aangeduide glasartikel is vervaardigd uit glas als omschreven in de bepaling die in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&bijlage=I&z=1998-04-01&g=1998-04-01) bij het gebezigde symbool is genoemd.
2. Een symbool als in het eerste lid bedoeld mag uitsluitend worden gebezigd, indien het daarmee aangeduide glasartikel is vervaardigd uit glas als omschreven in de bepaling die in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&bijlage=I&z=1998-04-01&g=2007-01-01) bij het gebezigde symbool is genoemd.
3. Indien het overeenkomstig het tweede lid gebezigde symbool aangebracht is op het glasartikel of de verpakking daarvan, moet het zijn uitgevoerd als aangegeven in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&bijlage=I&z=1998-04-01&g=1998-04-01).
3. Indien het overeenkomstig het tweede lid gebezigde symbool aangebracht is op het glasartikel of de verpakking daarvan, moet het zijn uitgevoerd als aangegeven in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&bijlage=I&z=1998-04-01&g=2007-01-01).
##### Artikel 4
@@ -56,9 +56,9 @@
##### Artikel 5
1. Glasartikelen waarop is aangebracht hetzij een opschrift dat niet een bij [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=2&z=1998-04-01&g=1998-04-01) toegelaten benaming is doch waarin zodanige benaming of een bij [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=4&z=1998-04-01&g=1998-04-01) verboden benaming voorkomt, hetzij een opschrift, dat met een bij [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=2&z=1998-04-01&g=1998-04-01) toegelaten benaming of een bij [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=4&z=1998-04-01&g=1998-04-01) verboden benaming kan worden verward, alsmede glasartikelen aanwezig in een verpakking waarop een zodanig opschrift is aangebracht, moeten op het glasartikel onderscheidenlijk op de verpakking daarvan tevens zijn aangeduid met:
1. Glasartikelen waarop is aangebracht hetzij een opschrift dat niet een bij [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=2&z=1998-04-01&g=2007-01-01) toegelaten benaming is doch waarin zodanige benaming of een bij [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=4&z=1998-04-01&g=2007-01-01) verboden benaming voorkomt, hetzij een opschrift, dat met een bij [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=2&z=1998-04-01&g=2007-01-01) toegelaten benaming of een bij [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=4&z=1998-04-01&g=2007-01-01) verboden benaming kan worden verward, alsmede glasartikelen aanwezig in een verpakking waarop een zodanig opschrift is aangebracht, moeten op het glasartikel onderscheidenlijk op de verpakking daarvan tevens zijn aangeduid met:
- a. de bij [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=2&z=1998-04-01&g=1998-04-01) toegelaten benaming, voor zover het glasartikel vervaardigd is uit glas als omschreven in [artikel 2, onder **a**, **b**, **c**, 1° of **c**, 2°](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=2&z=1998-04-01&g=1998-04-01);
- a. de bij [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=2&z=1998-04-01&g=2007-01-01) toegelaten benaming, voor zover het glasartikel vervaardigd is uit glas als omschreven in [artikel 2, onder **a**, **b**, **c**, 1° of **c**, 2°](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=2&z=1998-04-01&g=2007-01-01);
- b. de benaming: gewoon glas of een andere benaming, waaruit de aard van het glas, waaruit het glasartikel is vervaardigd, blijkt, voor zover het glasartikel vervaardigd is uit ander glas dan bedoeld onder **a**.
@@ -70,7 +70,7 @@
##### Artikel 7
Voor zover voor de beoordeling of de aanduidingen van glasartikelen overeenstemmen met de in dit besluit gestelde regelen, de aard of samenstelling van het glas moet worden vastgesteld, moet worden gebruik gemaakt van de methoden van onderzoek, aangegeven in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&bijlage=II&z=1998-04-01&g=1998-04-01) van dit besluit, voor zover deze daartoe toereikend zijn.
Voor zover voor de beoordeling of de aanduidingen van glasartikelen overeenstemmen met de in dit besluit gestelde regelen, de aard of samenstelling van het glas moet worden vastgesteld, moet worden gebruik gemaakt van de methoden van onderzoek, aangegeven in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&bijlage=II&z=1998-04-01&g=2007-01-01) van dit besluit, voor zover deze daartoe toereikend zijn.
##### Artikel 8
@@ -80,13 +80,15 @@
## Bijlage I. behorende bij het Glasartikelenbesluit (Warenwet)
## Bijlage II. behorende bij het Glasartikelenbesluit (Warenwet)
## Bijlage I. behorende bij het Glasartikelenbesluit (Warenwet)
### Methoden van onderzoek, behorende bij het Glasartikelenbesluit (Warenwet).
### Methoden van onderzoek, behorende bij het Glasartikelenbesluit (Warenwet).
### 1. Chemische analyses
### 1.1. BaO en PbO
1.1.1. **Bepaling van het totaalgehalte: BaO** + **PbO**
1.1.1. **Bepaling van het totaalgehalte: BaO** + **PbO**
@@ -102,13 +104,13 @@
De filtraten worden gekookt en eventueel tot 300 ml ingedampt. Bij het koken wordt 10 ml van een 10% zwavelzuuroplossing toegevoegd. De oplossing wordt van het vuur genomen en men laat haar ten minste vier uur staan.
Door middel van filtreerpapier met dicht weefsel wordt gefiltreerd, waarna met koud water wordt gewassen. De neerslag wordt bij 1.050 °C gecalcineerd en het BaSO4wordt gewogen.
### 1.2. Bepaling van ZnO
De filtraten uit de afscheiding van het BaSO4 worden ingedampt tot op een volume van 200 ml. Bij aanwezigheid van methylrood wordt geneutraliseerd met ammoniak waarna 20 ml zwavelzuur 0,1 n wordt toegevoegd. Daarna wordt de pH op 2 gebracht door toevoeging van 0,1 n zwavelzuur of eventueel 0,1 n natriumhydroxyde en laat men de zinksulfide koud neerslaan door het doorvoeren van een zwavelwaterstofstroom. Gedurende vier uur laat men neerslaan, daarna wordt de neerslag opgevangen op een filtreerpapier met dicht weefsel. Men wast met koud water verzadigd met zwafelwaterstof. De neerslag op het filter wordt opgelost door er 25 ml van een warme 10% chloorwaterstofzuuroplossing over te gieten. Dan wordt het filter met kokend water gewassen totdat men een volume van ongeveer 150 ml verkrijgt. Men neutraliseert met ammoniak in aanwezigheid van lakmoespapier, waarna 1 tot 2 gram vaste urotropine wordt toegevoegd om de pH op ongeveer 5 vast te leggen. Men voegt een paar druppels van een vers bereide, waterige 0,5% dimethylphenoloranje-oplossing toe en titreert met een oplossing van complexon III 0,1 n totdat het rose omslaat naar citroengeel.
### 1.3. Bepaling van K2O
door neerslag en weging van kaliumtetraphenylboride.
door neerslag en weging van kaliumtetraphenylboride.
@@ -126,15 +128,49 @@
**Reagentia:** 6% oplossing van natriumtetraphenylboride: 1,5 gram van het reagens wordt opgelost in 250 ml gedestilleerd water. De dan overblijvende lichte troebelheid wordt verwijderd door toevoeging van 1 gram aluminiumhydroxyde. Gedurende vijf minuten roeren, daarna filtreren, waarbij de eerste 20 ml nogmaals gefiltreerd moeten worden. Wasoplossing van de neerslag: Men bereidt een weinig kaliumzout door neerslag in een oplossing van ongeveer 0,1 gram KCl op 50 ml HCl 0,1 n; hierin wordt al roerend de oplossing van tetraphenylboride toegevoegd totdat de neerslag beëindigd is. Filtreren op glasspecie en wassen met gedestilleerd water. Drogen in een droogtoestel bij omgevingstemperatuur, waarna 20 à 30 mg van dit zout wordt gebracht in 250 ml gedestilleerd water. Van tijd tot tijd roeren. Na 30 minuten wordt 0,5 à 1 gram aluminiumhydroxyde toegevoegd. Na enige minuten roeren wordt gefiltreerd.
### 1.4. Toleranties
± 0,1 in absolute waarde voor elke bepaling.
± 0,1 in absolute waarde voor elke bepaling.
### 2. Fysische bepalingen
### 2. Fysische bepalingen
Methode met behulp van de hydrostatische balans op ± 0,01 nauwkeurig. Een monster van ten minste 20 gram wordt gewogen in de buitenlucht alsmede ondergedompeld in gedestilleerd water bij 20° C.
### 2.2. Brekingsindex
De brekingsindex wordt gemeten met een refractometer op ± 0,001 nauwkeurig.
### 2.3. Microhardheid
De Vickers hardheid wordt gemeten volgens de norm ASTM E 92-65 (herziening 1965) waarbij wordt uitgegaan van een last van 50 gram en het gemiddelde van 15 bepalingen wordt genomen.
Onze Minister van Volksgezondheid en Milieuhygiëne is belast met de uitvoering van dit besluit, dat met de nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 7a
Een wijziging van bijlage I van richtlijn 1969/493/EEG gaat voor de toepassing van [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=2&z=2007-11-28&g=2007-01-01) en [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002841&artikel=4&z=2007-11-28&g=2007-01-01) gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven, tenzij bij ministerieel besluit, dat in de Staatscourant wordt bekendgemaakt, een ander tijdstip wordt vastgesteld.
## Bijlage II. behorende bij het Glasartikelenbesluit (Warenwet)
### 1.1. BaO en PbO
Door middel van filtreerpapier met dicht weefsel wordt gefiltreerd, waarna met koud water wordt gewassen. De neerslag wordt bij 1.050 °C gecalcineerd en het BaSO4wordt gewogen.
### 1.2. Bepaling van ZnO
De filtraten uit de afscheiding van het BaSO4 worden ingedampt tot op een volume van 200 ml. Bij aanwezigheid van methylrood wordt geneutraliseerd met ammoniak waarna 20 ml zwavelzuur 0,1 n wordt toegevoegd. Daarna wordt de pH op 2 gebracht door toevoeging van 0,1 n zwavelzuur of eventueel 0,1 n natriumhydroxyde en laat men de zinksulfide koud neerslaan door het doorvoeren van een zwavelwaterstofstroom. Gedurende vier uur laat men neerslaan, daarna wordt de neerslag opgevangen op een filtreerpapier met dicht weefsel. Men wast met koud water verzadigd met zwafelwaterstof. De neerslag op het filter wordt opgelost door er 25 ml van een warme 10% chloorwaterstofzuuroplossing over te gieten. Dan wordt het filter met kokend water gewassen totdat men een volume van ongeveer 150 ml verkrijgt. Men neutraliseert met ammoniak in aanwezigheid van lakmoespapier, waarna 1 tot 2 gram vaste urotropine wordt toegevoegd om de pH op ongeveer 5 vast te leggen. Men voegt een paar druppels van een vers bereide, waterige 0,5% dimethylphenoloranje-oplossing toe en titreert met een oplossing van complexon III 0,1 n totdat het rose omslaat naar citroengeel.
### 1.3. Bepaling van K2O
**Werkwijze:** Van de chloorwaterstofoplossing voor de ontsluiting neemt men een hoeveelheid af overeenkomend met circa 10 mg K2O. Deze hoeveelheid wordt verdund tot ongeveer 100 ml waarna de reageeroplossing, namelijk 10 ml op 5 mg geschat K2O, onder matig roeren wordt toegevoegd. Ten hoogste 15 minuten laten staan, daarna filtreren met behulp van een getareerde, gesinterde filtreerdegel nr. 3 of 4. Wassen met een wasoplossing. 30 minuten drogen bij 120 °C. De omzettingsfactor voor K2O = 0,13143.
### 1.4. Toleranties
± 0,1 in absolute waarde voor elke bepaling.
Wanneer een analyse binnen deze toleranties een waarde oplevert die lager ligt dan de vastgestelde limieten (30, 24 of 10%) dan moet het gemiddelde worden genomen van ten minste drie analyses. Is de analysewaarde gelijk aan of hoger dan 29,95, 23,95 resp. 9,95, dan moet het glas worden ondergebracht in de categorieën overeenkomend met 30, 24 resp. 10%.
### 2. Fysische bepalingen
### 2.1. Volumieke massa
1998-04-01
Warenwetbesluit glasartikelen — arts. 1, 3, 6 y 2 más
1998-04-01
Warenwetbesluit glasartikelen
original version Tekst op deze datum