Wijzigingsgeschiedenis

Besluit van 12 juli 1979, houdende regelen krachtens artikel 13, derde lid, Landbouwkwaliteitswet

7 versions · 2015-01-01
2015-01-01
Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet
2013-01-01
Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet — art. 20
2011-07-01
Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet
2007-09-28
Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet — arts. 12, 20
2003-11-19
Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet — arts. 12, 20
2002-01-01
Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet — arts. 1, 1, 2 y 17 más

Wijzigingen op 2002-01-01

@@ -185,81 +185,3 @@
2. Het treedt in werking met ingang van 1 januari 1980.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 1a
Dit besluit berust op [artikel 13, tweede lid, van de Landbouwkwaliteitswet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002755&artikel=13).
#### § 2. Samenstelling en bevoegdheid van het tuchtgerecht en het centraal tuchtgerecht
#### § 3. Rechtsgang van het tuchtrechtelijk geding
#### § 4. Bijzondere bepalingen ten aanzien van de rechtsgang van het tuchtrechtelijk geding in tweede aanleg
#### § 5. Overgangs- en Slotbepalingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 14a
1. De betrokkene kan, tenzij het tuchtgerecht beveelt dat hij in persoon zal verschijnen, zich op de terechtzitting doen vertegenwoordigen door een advocaat, indien deze aldaar verklaart daartoe bepaaldelijk gevolmachtigd te zijn, of door een daartoe bij bijzondere volmacht schriftelijk gemachtigde.
2. Het tuchtgerecht kan weigeren bepaalde personen, die geen advocaat zijn, als gemachtigde toe te laten. Bij zodanige weigering houdt het tuchtgerecht de zaak tot de volgende zitting aan.
3. Het tuchtgerecht stelt de betrokkene van de aanhouding en de reden daarvan in kennis en roept hem tevens op om op de voor de zaak bepaalde nadere zitting in persoon of bij een andere gemachtigde tegenwoordig te zijn.
4. De betrokkene kan zich te allen tijde door een raadsman doen bijstaan.
5. Het tuchtgerecht kan weigeren bepaalde personen, die geen advocaat zijn, als raadsman toe te laten. Bij zodanige weigering houdt het tuchtgerecht op verzoek van de betrokkene de zaak tot een volgende zitting aan.
##### Artikel 15a
Op verzoek van de betrokkene kan de voorzitter of elk van de leden die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten en omstandigheden waardoor de onpartijdigheid van het tuchtgerecht schade zou kunnen lijden. De [artikelen 513 tot en met 515 van het Wetboek van Strafvordering](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903&artikel=513) zijn van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 15b
Op grond van feiten en omstandigheden als bedoeld in [artikel 15a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003252&paragraaf=3&artikel=15a&z=2015-01-01&g=2015-01-01) kan de voorzitter of een lid die een zaak behandelt, verzoeken zich te mogen verschonen. De [artikelen 517, tweede en derde lid, tot en met 518 van het Wetboek van Strafvordering](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903&artikel=517) zijn van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 15c
1. Het tuchtgerecht kan ambtshalve of op verzoek van de betrokkene of de controle-instelling getuigen oproepen.
2. Ieder, die als getuige is opgeroepen, is verplicht voor het tuchtgerecht te verschijnen. Indien de getuige niet op de oproeping verschijnt, kan het tuchtgerecht de officier van justitie in het arrondissement waarin het tuchtgerecht zitting houdt, verzoeken de getuige ter terechtzitting van het tuchtgerecht te dagvaarden en daarbij te voegen een bevel tot medebrenging.
3. Met betrekking tot het horen van de getuigen en hun recht van verschoning zijn de [artikelen 217 tot en met 220 van het Wetboek van Strafvordering](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903&artikel=217) van overeenkomstige toepassing.
4. De voorzitter van het tuchtgerecht kan bepalen dat getuigen niet zullen worden gehoord dan na het afleggen van de eed of de belofte. Zij leggen in dat geval de eed of de belofte af dat zij zullen zeggen de gehele waarheid en niets dan de waarheid.
##### Artikel 17a
1. Het tuchtgerecht sluit het onderzoek ter zitting, wanneer het van oordeel is dat het is voltooid.
2. Voordat het onderzoek ter zitting wordt gesloten, hebben de betrokkene en de controle-instelling het recht voor het laatst het woord te voeren.
3. Zodra het onderzoek ter zitting is gesloten, deelt de voorzitter mee wanneer uitspraak zal worden gedaan
##### Artikel 18a
1. Het tuchtgerecht doet schriftelijk uitspraak.
2. De uitspraak houdt in de beslissing omtrent het opleggen van de tuchtrechtelijke maatregel, de gronden en de voorschriften waarop zij berust.
3. Het tuchtgerecht spreekt de beslissing, bedoeld in het tweede lid, in het openbaar uit.
4. In afwijking van het eerste lid kan het tuchtgerecht na sluiting van het onderzoek ter zitting onmiddellijk mondeling uitspraak doen.
5. Van de mondelinge uitspraak wordt door de secretaris een proces-verbaal opgemaakt.
6. De uitspraak wordt onverwijld aan de betrokkene en aan de controle-instelling gezonden.
##### Artikel 18b
1. Indien naar het oordeel van de voorzitter van het tuchtgerecht geen tuchtmaatregel of geen andere tuchtmaatregel dan een berisping of een geldboete van ten hoogste € 225 dient te worden opgelegd, kan de voorzitter de zaak zonder zitting afdoen. [Artikel 18a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003252&paragraaf=3&artikel=18a&z=2015-01-01&g=2015-01-01) is van overeenkomstige toepassing.
2. Tegen de uitspraak, bedoeld in het eerste lid, kan de betrokkene of de controle-instelling binnen zes weken na verzending van de uitspraak verzet doen. In dat geval vervalt de uitspraak en wordt de zaak verder overeenkomstig de [artikelen 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003252&paragraaf=3&artikel=14&z=2015-01-01&g=2015-01-01), [14a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003252&paragraaf=3&artikel=14a&z=2015-01-01&g=2015-01-01) en [15a tot en met 18a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003252&paragraaf=3&artikel=16&z=2015-01-01&g=2015-01-01) behandeld.
#### § 4. Bijzondere bepalingen ten aanzien van de rechtsgang van het tuchtrechtelijk geding in tweede aanleg
#### § 5. Overgangs- en Slotbepalingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
2002-01-01
Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet
original version Tekst op deze datum