Wijzigingsgeschiedenis
Besluit van 9 december 2002, houdende uitvoeringsvoorschriften krachtens de Opiumwet (Opiumwetbesluit)
15 versions
· 2023-01-01
2023-01-01
Opiumwetbesluit — art. 2
2022-11-29
Opiumwetbesluit
Wijzigingen op 2022-11-29
@@ -42,11 +42,11 @@
1. Het is verboden andere opiumwetmiddelen dan die, bedoeld in de de bijlagen bij dit besluit, voor te schrijven op recept, tenzij die worden voorgeschreven ten behoeve van proefpersonen in het kader van een onderzoek in de zin van de [Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0009408) dan wel ten behoeve van dieren in het kader van een onderzoek in de zin van de [Wet op de dierproeven](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003081).
2. Andere opiumwetmiddelen dan die, bedoeld in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&bijlage=1&z=2022-03-11&g=2022-03-11) bij dit besluit, worden slechts aangewend of toegediend in een instelling als bedoeld in [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=6&artikel=16&z=2022-03-11&g=2022-03-11), of in de praktijk van degene die zodanig middel voorschrijft, in het kader van een onderzoek als bedoeld in het eerste lid, met dien verstande dat zodanige middelen in het kader van een onderzoek in de zin van de [Wet op de dierproeven](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003081) uitsluitend worden toegediend of aangewend door de vergunninghouder in de zin van [die wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003081).
3. Het is een ieder, met uitzondering van een arts die in dienst is van of op een andere basis dan een dienstverband werkzaam is voor een behandeleenheid, verboden om een middel als bedoeld in [bijlage 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&bijlage=2&z=2022-03-11&g=2022-03-11) bij dit besluit voor te schrijven op recept.
4. Het is verboden een middel als bedoeld in [bijlage 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&bijlage=2&z=2022-03-11&g=2022-03-11) bij dit besluit voor te schrijven op recept ten behoeve van anderen dan de patiënten van een behandeleenheid.
2. Andere opiumwetmiddelen dan die, bedoeld in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&bijlage=1&z=2022-11-29&g=2022-11-29) bij dit besluit, worden slechts aangewend of toegediend in een instelling als bedoeld in [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=6&artikel=16&z=2022-11-29&g=2022-11-29), of in de praktijk van degene die zodanig middel voorschrijft, in het kader van een onderzoek als bedoeld in het eerste lid, met dien verstande dat zodanige middelen in het kader van een onderzoek in de zin van de [Wet op de dierproeven](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003081) uitsluitend worden toegediend of aangewend door de vergunninghouder in de zin van [die wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003081).
3. Het is een ieder, met uitzondering van een arts die in dienst is van of op een andere basis dan een dienstverband werkzaam is voor een behandeleenheid, verboden om een middel als bedoeld in [bijlage 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&bijlage=2&z=2022-11-29&g=2022-11-29) bij dit besluit voor te schrijven op recept.
4. Het is verboden een middel als bedoeld in [bijlage 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&bijlage=2&z=2022-11-29&g=2022-11-29) bij dit besluit voor te schrijven op recept ten behoeve van anderen dan de patiënten van een behandeleenheid.
##### Artikel 3
@@ -72,19 +72,19 @@
##### Artikel 4
1. Apothekers leveren opiumwetmiddelen uitsluitend af op een recept als bedoeld in [artikel 3, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2022-03-11&g=2022-03-11), of op een bestelling die voldoet aan het bij en krachtens [artikel 4, tweede lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001941&artikel=4) bepaalde.
2. Het eerste lid is niet van toepassing in de gevallen waarin de aflevering geen uitstel gedoogt en door de apotheker redelijkerwijs mag worden aangenomen dat gevaar voor misbruik niet bestaat.
3. Apotheekhoudende artsen leveren opiumwetmiddelen ten behoeve van de tot hun geneeskundige praktijk behorende personen slechts af op een recept als bedoeld in [artikel 3, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2022-03-11&g=2022-03-11).
1. Gevestigde apothekers leveren opiumwetmiddelen uitsluitend af op een recept als bedoeld in [artikel 3, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2022-11-29&g=2022-11-29), of op een bestelling die voldoet aan het bij en krachtens [artikel 4, tweede lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001941&artikel=4) bepaalde.
2. Het eerste lid is niet van toepassing in de gevallen waarin de aflevering geen uitstel gedoogt en door de gevestigde apotheker redelijkerwijs mag worden aangenomen dat gevaar voor misbruik niet bestaat.
3. Apotheekhoudende artsen leveren opiumwetmiddelen ten behoeve van de tot hun geneeskundige praktijk behorende personen slechts af op een recept als bedoeld in [artikel 3, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2022-11-29&g=2022-11-29).
##### Artikel 5
1. Gevestigde apothekers en apotheekhoudende artsen bewaren de recepten waarop een opiumwetmiddel is afgeleverd gescheiden van de andere recepten in de apotheek, gerangschikt achtereenvolgens op naam van degene die het heeft voorgeschreven, op naam van de substantie en op datum van aflevering. Ingeval het een preparaat betreft dat meer dan één substantie bevat, worden evenveel kopieën van het recept gemaakt als er substanties zijn.
2. De in het eerste lid bedoelde recepten worden gedurende de in dat lid genoemde periode door gevestigde apothekers en apotheekhoudende artsen ter beschikking van de regionale inspecteur gehouden.
3. Gevestigde apothekers verzenden kopieën van recepten als bedoeld in het eerste lid, die betrekking hebben op gevallen waarin een opiumwetmiddel in enig kwartaal is afgeleverd aan degene die het heeft voorgeschreven of aan een instelling als bedoeld in [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=6&artikel=16&z=2022-03-11&g=2022-03-11), op de eerste dag van het eerstvolgende kwartaal aan de regionale inspecteur.
2. De in het eerste lid bedoelde recepten worden door gevestigde apothekers en apotheekhoudende artsen ter beschikking van de regionale inspecteur gehouden.
3. Gevestigde apothekers verzenden kopieën van recepten als bedoeld in het eerste lid, die betrekking hebben op gevallen waarin een opiumwetmiddel in enig kwartaal is afgeleverd aan degene die het heeft voorgeschreven of aan een instelling als bedoeld in [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=6&artikel=16&z=2022-11-29&g=2022-11-29), op de eerste dag van het eerstvolgende kwartaal aan de regionale inspecteur.
##### Artikel 6
@@ -118,7 +118,7 @@
##### Artikel 8
1. De [artikelen 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2022-03-11&g=2022-03-11), [4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=3&artikel=4&z=2022-03-11&g=2022-03-11), [5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=3&artikel=5&z=2022-03-11&g=2022-03-11), [6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2022-03-11&g=2022-03-11), en [7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=3&artikel=7&z=2022-03-11&g=2022-03-11) zijn niet van toepassing ten aanzien van preparaten die geen andere substanties bevatten dan die, bedoeld in de bij de wet behorende [Lijst II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001941&bijlage=II), met uitzondering van de substanties:
1. De [artikelen 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2022-11-29&g=2022-11-29), [4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=3&artikel=4&z=2022-11-29&g=2022-11-29), [5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=3&artikel=5&z=2022-11-29&g=2022-11-29), [6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2022-11-29&g=2022-11-29), en [7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014405&hoofdstuk=3&artikel=7&z=2022-11-29&g=2022-11-29) zijn niet van toepassing ten aanzien van preparaten die geen andere substanties bevatten dan die, bedoeld in de bij de wet behorende [Lijst II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001941&bijlage=II), met uitzondering van de substanties:
amobarbital,
@@ -158,7 +158,7 @@
- h. mengsels van de preparaten als bedoeld onder a tot en met g met enig materiaal dat geen middel als bedoeld in [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001941&artikel=2) of [3 van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001941&artikel=3) bevat.
3. De in het eerste en tweede lid bedoelde preparaten worden door apothekers en apotheekhoudende artsen slechts afgeleverd op een recept.
3. De in het eerste en tweede lid bedoelde preparaten worden door gevestigde apothekers en apotheekhoudende artsen slechts afgeleverd op een recept.
### Hoofdstuk 4. Registratie toediening opiumwetmiddelen
@@ -224,7 +224,9 @@
- e. de Organisatie voor het verbod van Chemische wapens, voor zover het om het aanwezig hebben of vervoeren van opiumwetmiddelen gaat;
- f. behandeleenheden.
- f. behandeleenheden;
- g. het Nederlands Forensisch Instituut, voor zover het om het aanwezig hebben of vervoeren van opiumwetmiddelen gaat.
### Hoofdstuk 7. Overgangs- en slotbepalingen
@@ -280,6 +282,26 @@
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
## Bijlage 1. behorende bij het Opiumwetbesluit
- a. de volgende op [Lijst I van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001941&bijlage=I) vermelde middelen: acetylmethadol alfacetylmethadol alfentanil amfetamine bezitramide cocaïne codeïne dexamfetamine dextromoramide dextropropoxyfeen difenoxylaat dihydrocodeïne ethylmorfine fentanyl 4-hydroxyboterzuur hydrocodon hydromorfon metamfetamine metamfetamine racemaat methadon methylfenidaat morfine nicomorfine opium oxycodon pethidine piritramide remifentanil secobarbital sufentanil tapentadol Δ-9-tetrahydrocannabinol
- b. de middelen vermeld op [Lijst II van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001941&bijlage=II), met uitzondering van hasjiesj,
- c. de zouten, esters, ethers en enantiomeren van de bovengenoemde substanties,
- d. preparaten van vorenstaande opiumwetmiddelen, voor zover deze geen opiumwetmiddelen bevatten die niet in deze bijlage worden genoemd.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
##### Artikel 15a
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Hoofdstuk 6. Aangewezen instellingen
### Hoofdstuk 7. Overgangs- en slotbepalingen
## Bijlage 2. behorende bij het Opiumwetbesluit
- a. het op [Lijst I van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001941&bijlage=I) vermelde middel heroïne, diamorfine
2022-03-11
Opiumwetbesluit — arts. 4, 5, 8
2022-01-01
Opiumwetbesluit — arts. 4, 5, 8
2013-01-08
Opiumwetbesluit — arts. 4, 5, 8
2013-01-01
Opiumwetbesluit — arts. 4, 5, 8
2009-10-15
Opiumwetbesluit
2007-07-01
Opiumwetbesluit — arts. 2, 4, 5, 8
2007-01-01
Opiumwetbesluit — arts. 2, 4, 5, 8
2006-09-22
Opiumwetbesluit — arts. 2, 4, 5, 8
2006-01-01
Opiumwetbesluit — arts. 2, 4, 5, 8
2005-10-01
Opiumwetbesluit — arts. 2, 4, 5, 8
2005-07-01
Opiumwetbesluit — arts. 2, 4, 5, 8
2003-03-17
Opiumwetbesluit — arts. 26, 1, 1 y 27 más
2003-03-17
Opiumwetbesluit
original version
Tekst op deze datum