Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Landbouwkwaliteit en voedselveiligheid vanaf 1945 (Stichting Nederlandse Vleeswarencontrole (NVK))

Type Archiefselectielijst
Publication 2007-05-23
State In force
Source BWB
artikelen 3
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Grondslag: Wijziging Rijksbotermerkenbeschikking 1967 art. I, 9.2 art.I (Stcrt. 1973, 64)

Opmerking: Hij zal tevens de plaats waar de woorden op wikkelpapieren worden gedrukt goedkeuren. Aan zodanige vergunning kunnen voorwaarde of beperkingen kunnen worden verbonden.

Waardering: B, 5

Handeling: Het houden van toezicht op het uitreiken en het gebruik van uitvoercertificaten door het ZKB, CVM en CZL

Periode: 1948–1982

Grondslag: Uitvoercontrolebeschikking 1958 kaas art. 23.2; Uitvoercontrolebeschikking 1960 melk en melkproducten artt. 11.2; Wijziging Uitvoercontrolebeschikking 1958 kaas art. 3; Wijziging Uitvoercontrolebeschikking 1958 kaas art. 1.b; Uitvoercontrolebeschikking 1948 melkpoeder art. 6; Wijziging Uitvoercontrolebeschikking 1948 melkpoeder art. 1; Wijziging Uitvoercontrolebeschikking 1948 melkpoeder art. 3.2d; Wijziging Uitvoercontrolebeschikking 1948 melkpoeder art. I.c; Uitvoercontrolebeschikking 1952 boter art.20.2

Product: Aanwijzing ambtenaren tot bijstand rijkszuivelinspecteur (Stcrt. 1955,79)

Opmerking: De Rijkszuivelinspecteur en de directeur van het veeteelt en zuivelwezen worden vanaf 1961 bijgestaan door daartoe aangewezen ambtenaren van de Algemene inspectiedienst. Het COKZ voert dit in mandaat uit namens de Minister.

Waardering: B+V

B, 1 voor beschikkingen, regelingen en eindrapportages

V 10 jaar voor overige neerslag

Handeling: Het houden van toezicht op drukkerijen waar etiketten en wikkelpapieren met het Rijksbotermerk en bijbehorende letters en nummers worden gedrukt

Periode: 1967–1982

Grondslag: Rijksbotermerkenbeschikking 1967 art. 22.1-2; Rijksbotermerkenbeschikking 1967 zoals gewijzigd (Stcrt. 1972, 98) art 29

Waardering: V 10 jaar

Handeling: Het beslissen of Rijkskaasmerken (op grond van een ontheffing) op kaas moeten worden aangebracht, en zo ja welke

Periode: 1970–1982

Grondslag: Kaascontrolebeschikking 1970 art. 16.4; Wijziging Kaascontrolebeschikking 1970, art.60.6

Waardering: V 10 jaar

Rijkszuivelstation te Leiden

Handeling: Het onderzoeken van zuivelproducten naar de aanwezigheid van residuen van bestrijdingsmiddelen

Periode: 1970–

Bron: Begroting 1974–1975

Waardering: B+V

B, 5 voor eindrapportages

V ? jaar voor overige neerslag

Rijkszuivelstation

Handeling: Het goedkeuren van methoden voor onderzoek ter beoordeling of hulpstoffen, kaas of randenkaas aan de bij of krachtens deze beschikking gestelde eisen voldoen

Periode: 1970–1982

Grondslag: Kaascontrolebeschikking 1970 art. 55

De formele bevoegdheid ligt bij de directeur.

Waardering: V 10 jaar

Voedselvoorzieningsin- en verkoopbureau

Handeling: Het zorgdragen voor uitbetaling van tegemoetkomingen aan gedupeerde boeren als gevolg van maatregelen die genomen zijn naar aanleiding van crises en calamiteiten waarbij de voedselveiligheid in het geding was

Periode: 1989–1989

Grondslag: Tijdelijke regeling tegemoetkoming dioxine art. 6.1

Opmerking: is van de verhoogde concentraties van dioxine die zijn geconstateerd in melk.

Waardering: V 10 jaar

Wetenschappelijke Commissie Productveiligheid van Voedingsmiddelen

Handeling: Het gevraagd of uit eigen beweging de Minister van LNV van advies dienen over de aanpak van eventuele problemen die samenhangen met de veiligheid van levensmiddelen en met potentiële bedreigingen van de veiligheid van productieketens van voedingsmiddelen.

Periode: 1990–

Bron: Beleidsinformatie 1990, nummer 19, p. 5

Waardering: B, 5

Deel 3. Handelingen van overige actoren

Baconcontrole-instelling

Handeling: Het beslissen over aansluiting van baconbedrijven

Periode: 1930–1978

Grondslag: KB tot uitvoering van artikel 7, houdende bepalingen, waaraan een baconcontrole-instelling moet voldoen om onder rijkstoezicht te worden geplaatst (Landbouwuitvoerbesluit bacon) art. 18

Opmerking: De formele bevoegdheid voor het nemen van de beslissing ligt bij het bestuur. Het bestuur beslist binnen 14 dagen en kan de aansluiting weigeren zonder opgaaf van redenen.

Waardering: V 1 jaar

Commissie van Beroep inzake Keuringen

Handeling: Het beslissen op beroepen tegen besluiten van keuringsinstellingen

Periode: 1967–

Grondslag: Zaaizaad- en plantgoedwet, art. 88.g

Waardering: V 5 jaar

Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK)

Handeling: Het voeren van interdepartementaal overleg over de mogelijke consequenties voor de Nederlandse landbouw door calamiteiten en crises waarbij de voedselveiligheid in het geding is

Periode: 1945–

Bron: Berenschot p. 1 bijlage Evaluatierapport ‘Tsjernobyl’

Opmerking: Voorbeelden van calamiteiten zijn; dioxineverontreiniging in zuivelproducten en loodvergiftiging bij koeien. Voorbeelden van crises zijn; kernongeval Tsjernobyl. Voorbeeld van zo’n overleg is de Bestuurlijke Coördinatiegroep BCG (coördinatie door VROM).

Waardering: B, 6

Handeling: Het voeren van onderling overleg inzake het geven van een opdracht voor een evaluatieonderzoek naar het handelen van de overheid tijdens de Tjernobylcrisis

Periode: 1986–

Bron: Evaluatierapport ‘Tsjernobyl’: rapport inzake het optreden van de rijksoverheid naar aanleiding van het ongeval in de kerncentrale van Tsjernobyl p. 1

Opmerking: Overleg vindt plaats met de Secretarissen-Generaal van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV)Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM), Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW), Economische Zaken (EZ), en van Verkeer en Waterstaat.

Waardering: B, 6

Minister van Buitenlandse Zaken

Handeling: Het benoemen van een vertegenwoordiger in de UPOV-Raad en een plaatsvervanger

Periode: 1961–

Grondslag: Internationaal Verdrag tot Bescherming van Kweekproducten (herzien) art. 16.2

Waardering: V 5 jaar beëindiging of 10 jaar overlijden

Handeling: Het voorbereiden, mede-vaststellen en evalueren van het beleid op het gebied van de (agro)biotechnologie

Periode: 1977–

Product: (Beleids)nota’s: o.a. Nota ‘Leven in een duurzame toekomst’, juni 1993, uitgebracht mede namens EZ, VROM, WVC, OC&W, BuZa en SZW; Nota Wetenschap- en techniekcommunicatie, april 2000, uitgebracht met OC&W en EZ; Voortgangsrapportages (evaluatie) over biotechnologie en levensmiddelen, november 1996 en april 1999, uitgebracht door de Ministeries van LNV en VWS in nauwe betrokkenheid van de Ministeries van VROM en EZ (TK 1996–1997, 25 126 nr. 1; 1998–1999, 26 407 nr. 2).

– Strategisch Plan van Aanpak Biologische Diversiteit (II’95–‘96 24 400. XIV, nr. 37); Voortgangsverslag (1996) inzake Strategisch Plan van Aanpak Biologische Diversiteit (SPA Biodiversiteit) uitgebracht door Ministeries van LNV, VROM en BuZA, mede namens de Ministeries van V&W, OC&W en EZ (TK 1996–1997. 25 000 XIV, nr. 21)

Opmerking: Het gaat hierbij met name om het gebruik van biotechnologie in planten en voedingsmiddelen, de voedsel- en milieuveiligheid en de informatie daarover aan de consument.

Waardering: B, 1 en 2

Handeling: Het formuleren van hoofdlijnen en beginselen van het Nederlandse standpunt gericht op het EG-beleid ten aanzien van de (agro)biotechnologie

Periode: 1977–

Bron: Brief van de Ministers van LNV, VROM en OS aan de Voorzitter van de Tweede Kamer. Vergaderjaar 1996–1997, 25 000 XIV, nr. 21

Opmerking: Onder ander in het kader van het Verdrag inzake Biologische Diversiteit. In het kader van dit Verdrag was Nederland vertegenwoordigt bij conferenties over plantaardige genetische bronnen en agro- biodiversiteit

Waardering: B, 1

Minister van Financiën

Handeling: Het, in onderlinge overeenstemming aanwijzen van de plaatsen waar de ten uitvoer bestemde landbouwproducten moeten worden aangeboden

Periode: 1938–1973

Grondslag: Landbouwuitvoerwet 1938 art. 4

Product: Aanvulling uitvoercontrolebesluit 1948 kaas (Stb.1948, J419)

Waardering: V 2 jaar na opheffing of aanpassing beschikking

Handeling: Het overeenstemmen met de Ministers van Landbouw, van Welzijn Volksgezondheid en Sport, van Economische Zaken en van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu over de plaatsen waar de ten in- of uitvoer bestemde landbouwproducten krachtens landbouwkwaliteitsbesluiten moeten worden aangeboden

Periode: 1973–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet art.6.1

Waardering: V 2 jaar na opheffing of aanpassing beschikking

Minister van Justitie

Handeling: Het overeenstemmen met de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij met betrekking tot het aanwijzen van de ambtenaren van de Algemene Inspectiedienst van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, belast met de opsporing van overtredingen van voorschriften gesteld bij of krachtens de Landbouwkwaliteitswet voor zover deze overtredingen economische delicten zijn in de zin van artikel 1 van de Wet op de economische delicten

Periode: 1974–

Grondslag: Beschikking aanwijzing ambtenaren Algemene Inspectiedienst als opsporingsambtenaren (Landbouwkwaliteitswet) van 26 februari 1974, Stcrt. (art. 1-2)

Waardering: B, 5

B is voorstel van Justitie

Handeling: Het overeenstemmen met de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij en de staatssecretaris van Economische Zaken met betrekking tot het aanwijzen van de ambtenaren van de Keuringsdiensten van Waren belast met de opsporing van overtredingen van voorschriften gesteld bij of krachtens de Landbouwkwaliteitswet voor zover deze overtredingen economische delicten zijn in de zin van artikel 1 van de Wet op de economische delicten

Periode: 1979–

Grondslag: Beschikking aanwijzing ambtenaren Algemene Inspectiedienst als opsporingsambtenaren (Landbouwkwaliteitswet) van 15 mei 1979, Stcrt.115

Opmerking: Het gaat hier om ambtenaren van de Keuringsdiensten van Waren bedoeld in de artikelen 18.1 en 33 van de Warenwet (art. 1-2) ?

Waardering: V 5/10 jaar

V 5 jaar na beéindiging of V 10 jaar na overlijden

Handeling: Het, in overeenstemming met de Minister van Landbouw, belasten van ambtenaren van de Algemene Inspectiedienst van het Ministerie van Landbouw met de opsporing van overtredingen van voorschriften gesteld bij of krachtens de Landbouwkwaliteitswet

Periode: 1974–

Grondslag: Regeling aanwijzing ambtenaren Algemene Inspectiedienst als opsporingsambtenaren (Landbouwkwaliteitswet) art. 1

Waardering: B, 5

Handeling: Het, in overeenstemming met de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij en de staatssecretaris van Economische Zaken, belasten van ambtenaren van de Keuringsdiensten van Waren met de opsporing van overtredingen van voorschriften gesteld bij of krachtens de Landbouwkwaliteitswet, voor zover deze overtredingen economische delicten zijn in de zin van artikel 1 van de Wet op de economische delicten

Periode: 1979–

Grondslag: Regeling aanwijzing ambtenaren Keuringsdiensten van Waren (Landbouwkwaliteitswet) art. 1

Waardering: B, 5

Handeling: Het goedkeuren van reglementen voor de tuchtrechtspraak die opgesteld zijn door de besturen van de uitvoercontrole-organen

Periode: 1946–

Grondslag: Landbouwuitvoerbesluit 1946 Algemene voorwaarden art. 4.2; Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet art.2

Waardering: B, 5

Handeling: Het goedkeuren van het behouden van een functie in het tuchtgerecht ondanks het zwagerschap

Periode: 1979–

Grondslag: Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet art. 8.4

Waardering: V 10 jaar

Handeling: Het vaststellen van voorschriften ten aanzien van het onteigenen van het kwekersrecht

Periode: 1942–1967

Grondslag: Kwekersbesluit 1941 art. 20.2

Opmerking: Indien het belang van de bodemcultuur in Nederland dit vereist.

Waardering: B, 5

Handeling: Het instellen van een Raad van Beroep voor het kwekersrecht

Periode: 1942–

Grondslag: Kwekersbesluit 1941 art. 23.1; Instellingsbesluit Raad van Beroep voor het Kwekersrecht; Reglement Raad van Beroep van de Stichting Nederlandse Algemene Kwaliteitsdienst Tuinbouw (Naktuinbouw), zoals goedgekeurd door de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij d.d. 16 juni 1994 art. 2.1

Opmerking: Bij deze Raad kan hoger beroep ingediend worden tegen de eindbeslissingen van de Raad voor het Kwekersrecht.

Waardering: B, 4

Handeling: Het benoemen van de voorzitter, leden en secretaris van de Raad van Beroep

Periode: 1942–

Grondslag: Kwekersbesluit 1941 art. 23.2; Zaaizaad- en plantgoedwet, art. 88.2f; Keuringswet tuinbouwzaden en plantgoed art. 3.1.2j; Reglement Raad van Beroep van de Stichting Nederlandse Algemene Kwaliteitsdienst Tuinbouw (Naktuinbouw), zoals goedgekeurd door de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij d.d. 16 juni 1994 art. 2.7

Opmerking: Tot 1967: tevens het regelen van de samenstelling en de werkwijze.

Waardering: V 7 jaar na administratieve afhandeling van het ontslag

Handeling: Het geven van voorschriften betreffende de procedure voor de Raad van Beroep voor het kwekersrecht, de berekening en het verhaal van de kosten van procedures

Periode: 1942–1967

Grondslag: Kwekersbesluit 1941 art. 23.3

Waardering: B, 5

Handeling: Het benoemen en ontslaan van niet tot de rechterlijke macht behorende personen (raden) en hun plaatsvervangers (plaatsvervangende raad) als deskundige leden.

Periode: 1942–

Grondslag: Kwekersbesluit 1941 art. 25.2,5; Zaaizaad- en plantgoedwet, art. 61

Opmerking: Tot 1969 gebeurde dit door de Kroon.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het stellen van regels voor vergoedingen van reis- en verblijfskosten en verdere vergoedingen voor deskundigen op kwekersgebied

Periode: 1942–1967

Grondslag: Kwekersbesluit 1941 art. 25.3

Product: Na inwerkingtreding nieuwe regels

Opmerking: Het gaat om deskundigen die niet tot de rechtelijke macht behoren.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het aanwijzen van ambtenaren van de Algemene Inspectiedienst van het Ministerie van Landbouw als ambtenaren belast met de opsporing van overtreding van de voorschriften, gesteld bij of krachtens de Zaaizaad- en plantgoedwet

Periode: 1969–1973

Grondslag: Beschikking aanwijzing opsporingsambtenaren art. 1

Opmerking: Voor zover het gaat om overtredingen die economische delicten zijn in de zin van artikel 1 van de Wet op de economische delicten.

Waardering: V 5 jaar

Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OC&W)

Handeling: Het voorbereiden, mede-vaststellen en evalueren van het beleid op het gebied van de (agro)biotechnologie

Periode: 1977–

Product: (Beleids)nota’s: o.a. Nota ‘Leven in een duurzame toekomst’, juni 1993, uitgebracht mede namens EZ, VROM, WVC, OC&W, BuZa en SZW; Nota Wetenschap- en techniekcommunicatie, april 2000, uitgebracht met OC&W en EZ; Voortgangsrapportages (evaluatie) over biotechnologie en levensmiddelen, november 1996 en april 1999, uitgebracht door de Ministeries van LNV en VWS in nauwe betrokkenheid van de Ministeries van VROM en EZ (TK 1996–1997, 25 126 nr. 1; 1998–1999, 26 407 nr. 2).

– Strategisch Plan van Aanpak Biologische Diversiteit (II’95–’96 24 400. XIV, nr. 37); Voortgangsverslag (1996) inzake Strategisch Plan van Aanpak Biologische Diversiteit (SPA Biodiversiteit) uitgebracht door Ministeries van LNV, VROM en BuZA, mede namens de Ministeries van V&W, OC&W en EZ (TK 1996–1997. 25 000 XIV, nr. 21)

Opmerking: Het gaat hierbij met name om het gebruik van biotechnologie in planten en voedingsmiddelen, de voedsel- en milieuveiligheid en de informatie daarover aan de consument.

Waardering: B, 1/2

Handeling: Het gezamenlijk aangaan van projecten op het gebied van o.a. biotechnologie

Periode: 1981–

Bron: Instellingsbesluit Programmacommissie Biotechnologie

Waardering: B, 5

Handeling: Het (mede)financieren van communicatie-activiteiten op het gebied van biotechnologie

Periode: 1993–

Bron: Beleidsnota Biotechnologie, p. 21

Waardering: V7 jaar

Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW)

Handeling: Het voordragen tot vaststelling, wijziging of intrekking van AMvB’s inzake de kwaliteit van landbouwproducten

Periode: 1973–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet art.2

Product: Landbouwkwaliteitsbesluiten

Opmerking: De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegendheid is alleen betrokken bij zaken die betrekking hebben op de veiligheid en gezondheid van betrokken medewerkers en eventueel hulpverleners.

Waardering: B, 1

Handeling: Het overeenstemmen met de Minister van Landbouw inzake diens voordracht van regels over de kwaliteit van landbouwproducten

Periode: 1973–

Grondslag:

Opmerking: Landbouwkwaliteitswet art.2.3

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegendheid is alleen betrokken bij zaken die betrekking hebben op de veiligheid en gezondheid van betrokken medewerkers en eventueel hulpverleners.

Waardering: B, 1

Handeling: Het goedkeuren van PBO-verordeningen aangaande de kwaliteit van landbouwproducten

Periode: 1962–1975

Grondslag: Uitvoercontrolebesluit 1963 tuinbouwproducten art. 6.1; Wijziging van 1963 Uitvoercontrolebesluit 1954 aardappelen, art. 1D. 3b.1; Uitvoercontrolebesluit eieren 1962 art. 7.1; Landbouwkwaliteitswet artt.4.2 en 5.3; Uitvoercontrolebesluit haring 1964 art. 7.1

Product: Uitvoercontrolebeschikking haring 1964 (Stcrt. 1964, 102); PBO-verordeningen

Opmerking: De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegendheid is alleen betrokken bij zaken die betrekking hebben op de veiligheid en gezondheid van betrokken medewerkers en eventueel hulpverleners.

Waardering: B, 5

Handeling: Het voeren van interdepartementaal overleg over de mogelijke consequenties voor de Nederlandse landbouw door calamiteiten en crises waarbij de voedselveiligheid in het geding is

Periode: 1945–

Bron: Berenschot p. 1 bijlage Evaluatierapport ‘Tsjernobyl’

Opmerking: Voorbeelden van calamiteiten zijn; dioxineverontreiniging in zuivelproducten en loodvergiftiging bij koeien. Voorbeelden van crises zijn; kernongeval Tsjernobyl. Voorbeeld van zo’n overleg is de Bestuurlijke Coördinatiegroep BCG (coördinatie door VROM).

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegendheid is alleen betrokken bij zaken die betrekking hebben op de veiligheid en gezondheid van betrokken medewerkers en eventueel hulpverleners.

Waardering: B, 6

Handeling: Het voeren van onderling overleg inzake het geven van een opdracht voor een evaluatieonderzoek naar het handelen van de overheid tijdens de Tjernobylcrisis

Periode: 1986–

Bron: Evaluatierapport ‘Tsjernobyl’: rapport inzake het optreden van de rijksoverheid naar aanleiding van het ongeval in de kerncentrale van Tsjernobyl p. 1

Opmerking: Overleg vindt plaats met de Secretarissen-Generaal van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV)Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM), Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), Economische Zaken (EZ), Verkeer en Waterstaat en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK).

Waardering: B, 6

Minister van Verkeer en Waterstaat

Handeling: Het voeren van interdepartementaal overleg over mogelijke consequenties voor de Nederlandse landbouw door calamiteiten en crises waarbij de voedselveiligheid in het geding is

Periode: 1945–

Bron: Berenschot p. 1 bijlage Evaluatierapport ‘Tsjernobyl’

Opmerking: Voorbeelden van calamiteiten zijn; dioxineverontreiniging in zuivelproducten en loodvergiftiging bij koeien. Voorbeelden van crises zijn; kernongeval Tsjernobyl. Voorbeeld van zo’n overleg is de Bestuurlijke Coördinatiegroep BCG (coördinatie door VROM).

Waardering: B, 6

Handeling: Het in onderling overleg opstellen en uitvoeren van een (gecoordineerd) onderzoek naar de lange termijn effecten van straling op mens en milieu

Periode: 1945–

Bron: Evaluatieonderzoek ‘Tsjernobyl’: rapport inzake het optreden van de rijksoverheid naar aanleiding van het ongeval in de kerncentrale van Tsjernobyl, p. 14.

Opmerking: Onderling overleg vindt plaats met de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM) en de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV)

Waardering: B, 6

Handeling: Het voeren van onderling overleg inzake het geven van een opdracht voor een evaluatieonderzoek naar het handelen van de overheid tijdens de Tjernobylcrisis

Periode: 1986–

Bron: Evaluatierapport ‘Tsjernobyl’: rapport inzake het optreden van de rijksoverheid naar aanleiding van het ongeval in de kerncentrale van Tsjernobyl p. 1

Opmerking: Overleg vindt plaats met de Secretarissen-Generaal van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV)Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM), Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW), Economische Zaken (EZ), Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK).

Waardering: B, 6

Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS)

Handeling: Het voorbereiden, mede-vaststellen en evalueren van het beleid inzake landbouwkwaliteit en voedselveiligheid

Periode: 1945–

Product: Beleidsnota’s, beleidsnotities, rapporten, adviezen, evaluaties, …

Opmerking: De eigenlijke vaststelling van het beleid vindt plaats in de Ministerraad.

Onder deze handeling valt ook:

– het voeren van overleg met andere betrokken actoren op het gebied van de landbouwkwaliteit

– het voorbereiden van een standpunt ter inbrenging in de Ministerraadsvergaderingen voor beraad en besluitvorming betreffende de landbouwkwaliteit

– het voeren van overleg met en het leveren van bijdragen aan het overleg met het Staatshoofd betreffende de landbouwkwaliteit

– het aan externe adviescommissies verzoeken om advies over de landbouwkwaliteit

– het informeren (voorlichten) van het Kabinet van de Koningin over ontwikkelingen op het gebied van de landbouwkwaliteit

– het voorbereiden en vaststellen van het voorlichtingsbeleid (voorlichting als beleidsinstrument).

Waardering: B, 1/2

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van wet- en regelgeving op het gebied van de landbouwkwaliteit

Periode: 1945–

Product: Boterwet; Wet op de Rijksbotermerken; Wet, houdende bepalingen betreffende het merken van kaas; Haringwet; Landbouwuitvoerwet; Landbouwkwaliteitswet

Waardering: B, 1

Handeling: Het instellen, instrueren en opheffen van commissies en werkgroepen ter voorbereiding van het beleid inzake landbouwkwaliteit en voedselveiligheid

Periode: 1945–

Product: Wetten, algemene maatregelen van bestuur, koninklijke besluiten

Opmerking: Een voorbeeld hiervan is het Comité van levensmiddelen toevoegingen (1961).

Waardering: B, 4

Handeling: Het benoemen en ontslaan van leden van commissies en werkgroepen ter voorbereiding van het beleid inzake landbouwkwaliteit en voedselveiligheid

Periode: 1945–

Bron: Begrotingen

Waardering: V 10 jaar na onslag

V 75 jaar na geboorte voor documenten waaruit pensioenaanspraken volgen

Handeling: Het opstellen van periodieke verslagen inzake landbouwkwaliteit en voedselveiligheid

Periode: 1945–

Product: Series, jaarverslagen, kwartaalverslagen, maandverslagen

Opmerking: Het betreft hier ook de verslaglegging waarvoor geen grondslag kan worden aangewezen in de voor het landbouwkwaliteits specifieke wet- en regelgeving. Wat betreft voedselveiligheid vindt rapportage plaats in geval van ernstige ongeregeldheden.

Waardering: B, 3

Handeling: Het beantwoorden van Kamervragen inzake landbouwkwaliteit en voedselveiligheid en het anderszins informeren van leden van of commissies uit het parlement

Periode: 1945–

Product: Brieven, notities, …

Waardering: B, 2/3

Handeling: Het informeren van de Nationale Ombudsman en parlementaire onderzoekscommissies naar aanleiding van klachten over de gevolgen of de uitvoering van het beleid inzake landbouwkwaliteit en voedselveiligheid

Periode: 1945–

Product: Brieven, notities, …

Opmerking: Zie ook PIVOT-rapport Behoorlijk behandeld over de Nationale Ombudsman. Parlementair onderzoek gebeurt meestal door de Commissies voor de Verzoekschriften.

Waardering: B, 3

Handeling: Het beslissen op beroepschriften naar aanleiding van beschikkingen inzake Landbouwkwaliteit en voedselveiligheid en het voeren van verweer in beroepschriftprocedures voor administratiefrechtelijke organen

Periode: 1945–

Product: Beschikkingen en verweerschriften

Opmerking: Zie ook PIVOT-rapport Drie maal ’s Raads recht over de Raad van State.

De Minister van VWS is verantwoordelijk voor de eindproducten Warenwet en als zodanig ook voor deze handeling als het gaat om voedselveiligheid.

Waardering: B, 3

Handeling: Het mede-voorbereiden van het vaststellen, wijzigen en intrekken van internationale regelingen op het gebied van de landbouwkwaliteit en voedselveiligheid, inzake het presenteren van Nederlandse standpunten in intergouvernementele organisaties

Periode: 1945–

Product: Internationale regelingen, nota’s, notities, rapporten

Waardering: B, 1/2

Handeling: Het beantwoorden van vragen van individuele burgers, bedrijven en instellingen inzake landbouwkwaliteit en voedselveiligheid

Periode: 1945–

Product: Brieven, notities

Waardering: V 2 jaar

Handeling: Het uitvoeren van voorlichtingsactiviteiten op het terrein van landbouwkwaliteit en voedselveiligheid

Periode: 1945–

Product: Voorlichtingsmateriaal

Opmerking: Voorbeelden hiervan zijn de voorlichtingscampagnes van het Voedingscentrum.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het voorbereiden van interdepartementaal overleg ten aanzien van landbouwkwaliteit en voedselveiligheid en het opstellen van verslagen van de geleverde inbreng

Periode: 1945–

Opmerking: Het gaat erom dat daarvoor een andere Minister primair verantwoordelijk is. Niet te verwarren met verderop in dit rapport voorkomende vergelijkbare handelingen, waarvan de neerslag wel bewaard wordt. Er is regelmatig overleg met het Ministerie van LNV

Waardering: V 10 jaar

Handeling: Het voorbereiden van bijdragen aan expertgroepen van de Europese Commissie inzake de Landbouwkwaliteit en Voedselveiligheid en het opstellen van verslagen over de geleverde bijdrage

Periode: 1958–

Waardering: B, 1

Handeling: Het opstellen van concept-informatiefiches over voorstellen, mededelingen en Groenboeken van de Europese Commissie op het gebied van de landbouwkwaliteit en voedselveiligheid

Periode: 1958–

Product: Concept-fiches; documentatie over het onderhandelingsproces

Opmerking: De interdepartementale WBNC stelt de informatiefiches vast ( de handeling is opgenomen in het concept-RIO ‘Gedane Buitenlandse Zaken’.

Waardering: V 10 jaar na vaststelling informatiefiche

Handeling: Het voorbereiden van vergaderingen van Raadswerkgroepen met betrekking tot de landbouwkwaliteit en voedselveiligheid en het opstellen van verslagen van deze vergaderingen

Periode: 1958–

Product: Documentatie over verantwoording onderhandelingsproces

Opmerking: Als onderdeel van de departementale standpuntbepaling kan overleg gevoerd worden met maatschappelijke groeperingen, zoals het georganiseerde bedrijfsleven. De handeling leidt bij het eerstverantwoordelijke Ministerie met name tot instructies; bij de overige betrokken Ministeries tot departementale standpunten.

Waardering: B, 1

Handeling: Het voorbereiden van vergaderingen van ad hoc groepen Raden/Attaches met betrekking tot de landbouwkwaliteit en voedselveiligheid en het opstellen van verslagen van deze vergaderingen

Periode: 1958–

Product: Documentatie over verantwoording onderhandelingsproces

Opmerking: Als onderdeel van de departementale standpuntbepaling kan overleg gevoerd worden met maatschappelijke groeperingen, zoals het georganiseerde bedrijfsleven. De handeling leidt bij het eerstverantwoordelijke Ministerie met name tot instructies; bij de overige betrokken Ministeries tot departementale standpunten.

Waardering: B, 1

Handeling: Het voorbereiden van vergaderingen van het Coreper met betrekking tot de landbouwkwaliteit en het opstellen van verslagen van deze vergaderingen

Periode: 1958–

Product: Documentatie over verantwoording onderhandelingsproces

Opmerking: Als onderdeel van de departementale standpuntbepaling kan overleg gevoerd worden met maatschappelijke groeperingen, zoals het georganiseerde bedrijfsleven. De instructies voor de Nederlandse vertegenwoordiger in het Coreper (de PV) worden vastgesteld in interdepartementaal overleg onder leiding van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. De handeling leidt bij het eerstverantwoordelijke Ministerie met name tot concept-instructies; bij de overige betrokken Ministeries tot departementale standpunten.

Waardering: B, 1

Handeling: Het voorbereiden van vergaderingen van ad hoc High Level groepen met betrekking tot de landbouwkwaliteit en voedselveiligheid en het opstellen van verslagen van deze vergaderingen

Periode: 1958–

Product: Documentatie over verantwoording onderhandelingsproces

Opmerking: Als onderdeel van de departementale standpuntbepaling kan overleg gevoerd worden met maatschappelijke groeperingen, zoals het georganiseerde bedrijfsleven. De handeling leidt bij het eerstverantwoordelijke Ministerie met name tot concept-instructies; bij de overige betrokken Ministeries tot departementale standpunten.

Waardering: B, 1

Handeling: Het opstellen van departementale standpunten inzake agendapunten van Raadsvergaderingen met betrekking tot de landbouwkwaliteit en voedselveiligheid en het opstellen van verslagen van Raadsvergaderingen

Periode: 1958–

Product: Documentatie over verantwoording onderhandelingsproces

Opmerking: Nationale standpunten en onderhandelingsposities inzake agendapunten van Raadsvergaderingen komen tot stand in de Coördinatiecommissie voor Europese Integratie- en Associatieproblemen (CoCo). Hier wordt hier de lange termijn strategie besproken die van invloed is op het voedselveiligheidsbeleid.

Waardering: B,1

Handeling: Het opstellen van departementale standpunten inzake algemene en op langere termijn spelende zaken van EU-belang inzake landbouwkwaliteit en voedselveiligheid

Periode: 1993–

Product: Documentatie over verantwoording onderhandelingsproces

Opmerking: Overleg hierover in de Coördinatiecommissie op Hoog Ambtelijk Niveau (CoCoHan) leidt tot algemene rapporten aan de betrokken Ministers

Waardering: B, 1

Handeling: Het rapporteren over de implementatie van Europese (of internationale) regels in bestaande of nieuwe wet- en regelgeving op nationaal niveau op het gebied van de landbouwkwaliteit en voedselveiligheid

Periode: 1940–

Product: Rapport

Waardering: B, 3

Handeling: Het opstellen en wijzigen van standpunten inzake door de Europese Commissie voorgestelde uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de landbouwkwaliteit en voedselveiligheid, die besproken worden in een raadgevend comité, een beheerscomité of een reglementeringscomité, en het opstellen van verslagen van vergaderingen van deze comités

Periode: 1958–

Product: Documentatie over verantwoording onderhandelingsproces

Opmerking: Als onderdeel van de departementale standpuntbepaling kan overleg gevoerd worden met maatschappelijke groeperingen, zoals het georganiseerde bedrijfsleven. Wanneer meerdere departementen betrokken zijn leidt het eerstverantwoordelijke Ministerie het coördinatieoverleg. Onder deze handeling valt ook het opstellen van instructies voor de Nederlandse vertegenwoordiging in de comités.

Waardering: B+V

B, 1 indien de Minister van VWS de eerst verantwoordelijke is.

V 10 jaar in alle andere geballen

Handeling: Het geven van aanwijzingen aan uitvoeringsorganen over de toepassing van internationale verdragen of verordeningen inzake de landbouwkwaliteit

Periode: 1940–

Product: Circulaires

Waardering: B, 5

Handeling: Het voordragen aan de Europese Commissie van deskundigen belast met de controle op de naleving van de bepalingen van communautaire besluiten betreffende de landbouwkwaliteit

Periode: 1958–

Grondslag: Richtlijnen

Product: Besluit

Waardering: V 10 jaar na wijziging of intrekking

Handeling: Het aanwijzen van regeringsvertegenwoordigers in commissies of werkgroepen van de Europese Unie inzake de landbouwkwaliteit en voedselveiligheid

Periode: 1958–

Waardering: B+V

B, 2

V 10 jaar na onslag uit commissie of werkgroep. Op deze handeling kan het uitzonderingscriterim worden toegepast, bijvoorbeeld voor politiek belangrijke personen

Handeling: Het inwerking stellen van de nodige wettige en bestuursrechtelijke bepalingen om datgene dat bij of krachtens de EEG richtlijnen en de daarbijbehorende bijlagen op het gebied van de landbouwkwaliteit en voedselveiligheid bepaald is toe te passen

Periode: 1968–

Grondslag: EEG richtlijn indeling onbewerkt hout art. 7

Opmerking: De Commissie voor Europese Gemeenschappen wordt hiervan in kennis gesteld.

Waardering: B, 5

Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de aanpassing van de nationale wet- en regelgeving ten aanzien van landbouwproducten

Periode: 1973–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsbesluit onbewerkt hout art. 4.1

Opmerking: Krachtens de EEG richtlijn 68/89. Indien de regels betrekking hebben op een bepaling die de handel raakt verleent de Minister van Landbouw deze alleen in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken

Waardering: B, 1

Handeling: Het bepalen van de plaatsen waar de ten in- of uitvoer bestemde landbouwproducten krachtens landbouwkwaliteitsbesluiten moeten worden aangeboden

Periode: 1973–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet art.6.1

Waardering: V 10 jaar

Handeling: Het voordragen tot vaststelling, wijziging of intrekking van AMvB’s inzake de kwaliteit van landbouwproducten

Periode: 1973–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet art.2

Product: Landbouwkwaliteitsbesluiten

Waardering: B, 1

Handeling: Het stellen van nadere regels inzake de kwaliteit van landbouwproducten

Periode: 1973–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet art.4.2; Landbouwkwaliteitsbesluiten; Landbouwkwaliteitsbeschikkingen

Product: Verordeningen; landbouwkwaliteitsbeschikkingen en landbouwkwaliteitsregelingen

Opmerking: Deze regels hebben ondermeer betrekking op de hoedanigheid, de sortering, de verzorging de aanduiding, de verpakking van landbouwproducten.

Waardering: B, 5

Handeling: Het overeenstemmen met de Minister van Landbouw inzake diens voordracht van regels over de kwaliteit van landbouwproducten

Periode: 1973–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet art.2.3

Waardering: B, 1

Handeling: Het vaststellen van een beschikking krachtens een Landbouwkwaliteitsbesluit die de gevallen bepaalt waarin de Minister van Economische Zaken betrokken moet worden bij de vaststelling van nadere regels

Periode: 1973–

Grondslag: Besluit uitvoeringsregelen 13 november 1973, Stb 587, art.1

Product: Beschikking

Opmerking: Het gaat om de volgende regels;

– bindende regels inhoudt voor degenen, die ondernemingen drijven op het gebied van de detailhandel of het ambacht;

– de mededeling beperkt tussen degenen, die ondernemingen drijven op het gebied van de industrie of de handel;

– met betrekking tot voor rechtstreekse menselijke consumptie bestemde producten bindende regelen stelt, waarvan is aan te nemen dat zij in belangrijke mate van invloed zijn op de omvang of de hoedanigheid van het aanbod.

Waardering: B, 5

Handeling: Het toelaten van bestanddelen in kaaskorstbehandelingsmiddelen

Periode: 1982–1998

Grondslag: Landbouwkwaliteitsregeling kaasproducten art. 25.3a

Waardering: V 20 jaar na intrekking of vervallen verklaren

Handeling: Het verlenen van toestemming inzake het toevoegen van vitaminen in zuigelingenvoeding

Periode: 1984–1994

Grondslag: Landbouwkwaliteitsregeling zuigelingenvoeding artt. 6.1 en 21.1

Waaredering: B, 5

Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het verhandelen van grondstoffen voor zuigelingenvoeding

Periode: 1984–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsbesluit zuigelingenvoeding art.6.2

Product: Landbouwkwaliteitsregeling zuigelingenvoeding (Stcrt.1984, 197); Landbouwkwaliteitsregeling Zuigelingenvoeding 1994 (Stcrt.1994, 116)

Opmerking: Indien deze regels betrekking hebben op een bepaling die de gezondheid raakt verleent de Minister van Landbouw deze alleen in overeenstemming met de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Sport.

Waardering: B, 1

Handeling: Het, in onderlinge overeenstemming, aan de Ministerraad verslag uit brengen over de wenselijkheid van intrekking van het Landbouwkwaliteitsbesluit zuivelproducten

Periode: 1998–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsbesluit zuivelproducten art. 16

Opmerking: Dit gebeurt binnen zes jaar na inwerkingtreding van dit besluit.

De formele bevoegdheid ligt bij de staatssecretaris

Waardering: B, 3

Handeling: Het goedkeuren van PBO-verordeningen aangaande de kwaliteit van landbouwproducten

Periode: 1962–

Grondslag: Uitvoercontrolebesluit 1963 tuinbouwproducten art. 6.1; Wijziging van 1963 Uitvoercontrolebesluit 1954 aardappelen, art. 1D. 3b.1; Uitvoercontrolebesluit eieren 1962 art. 7.1; Landbouwkwaliteitswet artt.4.2 en 5.3; Uitvoercontrolebesluit haring 1964 art. 7.1

Product: Uitvoercontrolebeschikking haring 1964 (Stcrt. 1964, 102); PBO-verordeningen

Opmerking: Bij de handelingen waarbij de Minister van Volksgezondheid genoemd wordt treedt deze alleen als actor naar voren wanneer de regels de volksgezondheid raken.

Waardering: B, 5

Handeling: Het stellen van regels of het geven van aanwijzingen ten aanzien van verordeningen van productschappen inzake de kwaliteit van landbouwproducten

Periode: 1978–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsbesluit bacon art.5.2; Landbouwkwaliteitsbesluit bloembollen art. 6.2; Landbouwkwaliteitsbesluit boterproducten art. 7.2; Landbouwkwaliteitsbesluit gemedicineerd voeder art. 19.3; Landbouwkwaliteitsbesluit kaasproducten art. 7.2; Landbouwkwaliteitsbesluit poedervormige melkproducten art. 7.2; Landbouwkwaliteitsbesluit rauwe melk en zuivelbereiding art. 4.2; Landbouwkwaliteitsbesluit scharreleieren art. 3a.2; Landbouwkwaliteitsbesluit scharrelvarkensvlees en -vleeswaar art. 3.2 ; Landbouwkwaliteitsbesluit vis en visproducten art. 5.2; Landbouwkwaliteitsbesluit vleeswaren art. 4.3; Landbouwkwaliteitsbesluit zuigelingenvoeding art. 7.2; Landbouwkwaliteitsbesluit consumptieaardappelen art 4.2; Landbouwkwaliteitsbesluit groenten en fruit art.6.2

Opmerking: Bij de handelingen waarbij de Minister van Volksgezondheid genoemd wordt treedt deze alleen als actor naar voren wanneer de regels de volksgezondheid raken.

Waardering: B, 5

Handeling: Het verlenen van vrijstelling en ontheffing van hetgeen bij of krachtens landbouwkwaliteitsbesluiten bepaald is

Periode: 1973–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsbesluiten; landbouwkwaliteitsregelingen

Product: Regeling Vrijstelling aanbrengen Rijksbaconmerk (Stcrt. 1983, 209); Landbouwkwaliteitsregeling biologische productiemethode (Stb. 1992, 661); Vrijstelling Landbouwkwaliteitsbeschikking bloembollen (Stcrt. 1983, 167); Landbouwkwaliteitsbeschikking keuring bloembollen (Stcrt. 1981, 136); Vrijstelling verplichte aanduiding classificatie bloembollen leverbaar (Stcrt. 1984, 122); Vrijstellingsregeling Landbouwkwaliteitsregeling boterproducten (Stcrt. 1986, 96); Vrijstellingsregeling boterproducten (EEG) (Stcrt. 1987, 16); Vrijstellingsregeling halfvolle boter (Stcrt. 1988, 170); Vrijstellingsregeling halfvolle roomboter (Stcrt. 1990, 196); Vrijstellingsregels boterwikkels (Stcrt. 1994, 246); Vrijstellingsregeling bak- en braadboter EEG (Stcrt. 1985, 233); Vrijstellingsregeling pure butter ghee EEG (Stcrt. 1984, 171)

Opmerking: Indien zodanige vrijstelling of ontheffing betrekking heeft op een bepaling die de volksgezondheid raakt, verleent deze Minister slechts in overeenstemming met de Minister van Volksgezondheid. Indien deze nadere regels betrekking hebben op een bepaling die de handel raakt verleent de Minister van Landbouw deze alleen in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken (onbewerkt hout).

Waardering: V 10 jaar na intrekking of vervallen verklaren

Handeling: Het verlenen van vrijstelling van hetgeen bij of krachten het Landbouwkwaliteitsbesluiten is geregeld

Periode: 1983–1983

Grondslag: Vrijstellingsbeschikking kaasproducten 1983 art. 2; Regeling vrijstelling zuigelingenvoeding (EEG) artt. 1-2; Vrijstellingsregeling zuigelingenvoeding artt. 1-2; Regeling vrijstelling zuigelingenvoeding (proefverpakkingen) artt. 1-2

Opmerking: De formele bevoegdheid ligt bij de Staatssecretaris van VWS. Deze speelt alleen een rol bij regelingen voor zuigelingenvoeding.

Waardering: V 10 jaar na intrekking of vervallen verklaring

Handeling: Het verlenen van vrijstellingen en ontheffingen van hetgeen dat bij of krachtens de Landbouwkwaliteitsregeling rauwe melk en zuivelbereiding is bepaald

Periode: 1994–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsregeling rauwe melk en zuivelbereiding artt.8 en 9

Opmerking: De Minister van Volksgezondheid kan op basis van de Warenwet vrijstelling of ontheffing verlenen aan instellingen met een beperkte productie van melk ven geiten en ooien.

Waardering: V 10 jaar na intrekking of vervallen verklaren

Handeling: Het aan privaatrechtelijke instellingen en productschappen delegeren van de bevoegdheid tot het verlenen van vrijstellingen en ontheffingen van hetgeen bij of krachtens landbouwkwaliteitsbesluiten bepaald is geregeld

Periode: 1962–

Grondslag: Uitvoercontrolebesluiten; landbouwkwaliteitsbesluiten

Product: Landbouwkwaliteitsregelingen; Landbouwkwaliteitsbeschikkingen; Vrijstellingsregelingen

Opmerking: De ontheffingen kunnen verleend worden door organisaties die nauw betrokken zijn bij de regelgeving zoals bijvoorbeeld het COKZ en SKAL.

Waardering: B, 5

Handeling: Het delegeren van bevoegdheden aan productschappen tot het stellen van regels inzake de kwaliteit van landbouwproducten

Periode: 1979–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsbesluit bloembollen art. 6.1; Landbouwkwaliteitsbesluit boterproducten art. 7.1; Landbouwkwaliteitsbesluit etikettering rundvlees art. 4.1-2; Landbouwkwaliteitsbesluit gemedicineerd voeder art 10.2; Landbouwkwaliteitsbesluit kaasproducten art. 7.1; Landbouwkwaliteitsbesluit poedervormige melkproducten art. 7.1; Landbouwkwaliteitsbesluit rauwe melk en zuivelbereiding art. 4.1; Landbouwkwaliteitsbesluit scharreleieren art. 3a.1; Landbouwkwaliteitsbesluit scharrelvarkensvlees en -vleeswaar art. 3.1; Landbouwkwaliteitsbesluit vleeswaren art. 4.2; Landbouwkwaliteitsbesluit vis en visproducten art. 5.1; Landbouwkwaliteitsbesluit zuigelingenvoeding art. 7.1

Product: Landbouwkwaliteitsregeling overdracht bevoegdheden bloembollen (Stcrt. 1986, 97); Regeling houdende overdracht bevoegdheden scharreleieren en intrekking Landbouwkwaliteitsbeschikking productiemethoden scharreleieren (Stcrt.1989, 222); Landbouwkwaliteitsregeling overdracht bevoegdheden vleeswaren (Stcrt. 1981, 204)

Opmerking: De Minister kan bepalen dat voorschriften van productschappen, goedkeuring behoeven van een door hem aangewezen autoriteit

Indien de voorschriften betrekking hebben op een bepaling die de gezondheid raakt verleent de Minister van Landbouw deze alleen in overeenstemming met de Minister van Volksgezondheid.

Waardering: B, 5

Handeling: Het goedkeuren van statuten en keuringsreglementen van controle-instellingen op het gebied van de landbouwkwaliteit alsmede de wijzigingen en aanvullingen hiervan

Periode: 1912–

Grondslag: Botermerkenbesluit 1912 art. 8; Landbouwuitvoerbesluit bacon art. 2b; Landbouwuitvoerbesluit 1946 Algemene voorwaarden art. 2.7; Landbouwuitvoerbesluit 1963 Algemene voorwaarden art. 2.g; Kaascontrolebeschikking 1970 art. 2.2; Botercontrolebeschikking 1967, art. 3.2; Rijksbotermerkenbeschikking 1951 art. 2.1; Rijkskaasmerkenbeschikking 1952; Rijkskaasmerkenbeschikking 1962 artt. 6.f en 8.2; Rijkskaasmerkenbeschikking 1970 art. 5.e; Landbouwkwaliteitswet art.10.3

Product: Goedkeuring keuringsreglement NBC (Stcrt. 1978, 77); Goedkeuring voorlopig reglement op de Tuchtrechtspraak KCB (Stcrt. 1978, 91); Goedkeuring voorlopig Tuchtbesluit (Stcrt. 1978, 94); Goedkeuring wijziging Reglement uitreiking merken bacon (Stcrt. 1989, 147); Controlereglement biologische productiemethoden (Stcrt. 1993, 140)

Waardering: B, 4

Handeling: Het stellen van regels voor het keuren van landbouwproducten, de methoden van monsterneming en onderzoek met betrekking tot de kwaliteit van landbouwproducten

Periode: 1973–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet art. 15.4; Landbouwkwaliteitsbesluit bacon art. 8; Landbouwkwaliteitsbesluit biologische productiemethode art.5; Landbouwkwaliteitsbesluit bloembollen art.7; Landbouwkwaliteitsbesluit boterproducten art. 10-11; Landbouwkwaliteitsbesluit consumptie-aardappelen art. 6; Landbouwkwaliteitsbesluit groenten en fruit art. 7; Landbouwkwaliteitsbesluit kaasproducten art. 10-11; Landbouwkwaliteitsbesluit poedervormige melkproducten art. 10-11; Landbouwkwaliteitswet vis en visproducten art. 8; Landbouwkwaliteitsbesluit scharreleieren art. 4.1; Landbouwkwaliteitsbesluit scharrelvarkensvlees en -vleeswaar art. 5; Landbouwkwaliteitsbesluit vleeswaren art. 5; Landbouwkwaliteitsbesluit zuigelingenvoeding art. 10-11; Landbouwkwaliteitsbesluit zuivelproducten artt. 4 en 5.1

Product: Landbouwkwaliteitsregeling boterproducten (Stcrt.1982, 145, Stcrt. 1982,145 bijlage); Landbouwkwaliteitsregeling kaasproducten (Stcrt. 1981, 251, Stcrt. 1981, 251 bijlage); Landbouwkwaliteitsregeling poedervormige melkproducten (Stcrt. 1983, 200); Landbouwkwaliteitsregeling zuigelingenvoeding bijlage (Stcrt.1984, 197); Landbouwkwaliteitsregeling zuigelingenvoeding 1994 bijlage (Stcrt. 1994, 116); Landbouwkwaliteitsregeling baconkeuring en -merken (Stcrt. 1978, 63); Landbouwkwaliteitsbeschikking keuring bloembollen (Stcrt. 1981, 136);Landbouwkwaliteitsregeling keuring bloembollen (Stcrt. 1986, 97); Landbouwkwaliteitsbeschikking keuring groenten en fruit (Stcrt. 1977, 182); Landbouwkwaliteitsregeling controle groenten en fruit 1993 (Stcrt. 1993. 60); Landbouwkwaliteitsbeschikking keuring en tekenen scharreleieren (Stcrt. 1979, 120); Landbouwkwaliteitsregeling scharreleierenkeuring en -merken (Stcrt.1993, 229); Landbouwkwaliteitsregeling vleeswarenkeuring en -merken (Stcrt. 1981, 204)

Waardering: B, 1/5

Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het verplicht stellen van bepaalde vermeldingen op de verpakking van zuigelingenvoeding

Periode: 1984–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsbesluit zuigelingenvoeding art.6.3

Product: Landbouwkwaliteitsregeling zuigelingenvoeding (Stcrt.1984, 197); Landbouwkwaliteitsregeling Zuigelingenvoeding 1994 (Stcrt.1994, 116)

Opmerking: Indien deze regels betrekking hebben op een bepaling die de gezondheid raakt verleent de Minister van Landbouw deze alleen in overeenstemming met de Minister van Volksgezondheid.

Waardering: B, 5

Handeling: Het vaststellen van een lijst van gemedicineerde voeders

Periode: 1978–1993

Grondslag: Landbouwkwaliteitsbesluit gemedicineerd voeder art. 10.1 en 10.3

Opmerking: In deze lijst worden aard en samenstelling van de gemedicineerde voeders omschreven. Hier wordt met name vermeld: De in de diervoeders door toevoeging van diergeneesmiddelen te verwerken werkzame stoffen, aangeduid met generieke benamingen of chemische formules,

De in de diervoeders te verwerken hoeveelheid aan werkzame stoffen.

Waardering: B, 5

Handeling: Het aanwijzen van ambtenaren die vergaderingen van de adviescommissie bij kunnen wonen

Periode: 1994–

Grondslag: Besluit Akk adviescommissie geografische aanduidingen, oorsprongsbenamingen en specificiteitscertificering art. 4

Opmerking: Deze ambtenaren hebben een raadgevende stem in de adviescommissie

Waardering: V 10 jaar na terugtreden

Handeling: Het vastleggen van afspraken inzake de toepassing en interpretaties van regelgeving gebaseerd op de Warenwet

Periode: 1945–

Product: Overeenkomst

Bron: Interview

Opmerking: De Minister van Volksgezondheid heeft het laatste woord indien het gaat om voorschriften uit de Warenwet (interpretatiezaken) en de Minister van Landbouw indien het gaat om voorschriften uit de Landbouwkwaliteitswet.

Waardering: B, 5

Handeling: Het deelnemen aan het Regulier Overleg Warenwet (ROW) alsmede het evalueren van de gang van zaken van het overleg

Periode: 1997–

Grondslag: Protocol van het Regulier Overleg Warenwet artt. 3.1c, 10

Product: Evaluatierapporten

Opmerking: Er zijn 2 vormen van overleg; een algemeen overleg over de hoofdlijnen van het beleid en de voorgenomen regelgeving; deskundigenoverleg over specifieke of meer technische regelgeving en beleidsvragen.

Waardering: B, 2/5

Handeling: Het in onderling overleg opstellen en vastleggen van normen over het nitraatgehalte in bladgroente

Periode: 1982–

Bron: Beleidsinformatie, 1992 jaargang 4 nummer 11 p. 5

Opmerking: De formele bevoegdheid ligt bij de Staatssecretaris

Waardering: B, 5

Waardering: Het vastleggen van afspraken inzake de afstemming van taken tussen de RVV en de IBG (voorheen KvW)

Periode: 1983–

Product: Overeenkomst

Bron: Interview (T. de Kok, directie Visserij)

Opmerking: IBG: Inspectie Gezondheidsbescherming van het Staatstoezicht op de Volksgezondheid. RVV Rijksdienst voor de keuring van Vee en Vlees. De Minister van Volksgezondheid heeft het laatste woord indien het gaat om voorschriften uit de Warenwet (interpretatiezaken) en is in staat om de RVV in deze te instrueren.

Waardering: B, 5

Handeling: Het voeren van interdepartementaal overleg over mogelijke consequenties voor de Nederlandse landbouw door calamiteiten en crises waarbij de voedselveiligheid in het geding is

Periode: 1945–

Bron: Berenschot p. 1 bijlage Evaluatierapport ‘Tsjernobyl’

Opmerking: Voorbeelden van calamiteiten zijn; dioxineverontreiniging in zuivelproducten en loodvergiftiging bij koeien. Voorbeelden van crises zijn; kernongeval Tsjernobyl. Voorbeeld van zo’n overleg is de Bestuurlijke Coördinatiegroep BCG (coördinatie door VROM).

Waardering: B, 6

Handeling: Het voeren van onderling overleg inzake het geven van een opdracht voor een evaluatieonderzoek naar het handelen van de overheid tijdens de Tjernobylcrisis

Periode: 1986–

Bron: Evaluatierapport ‘Tsjernobyl’: rapport inzake het optreden van de rijksoverheid naar aanleiding van het ongeval in de kerncentrale van Tsjernobyl p. 1

Opmerking: Overleg vindt plaats met de Secretarissen-Generaal van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM), Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV), Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW), Economische Zaken (EZ), Verkeer en Waterstaat en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK).

Waardering: B, 6

Handeling: Het stellen van regels inzake aanduidingen op het gebied van de voedselveiligheid, van levensmiddelen door middel van etiketten

Periode: 1979–

Grondslag: Geconserveerde-aardappelenbesluit art. 5

Waardering: B, 5

Handeling: Het instellen van alsmede participeren in de Beheerscommissie Voedselconsumptiepeiling

Periode: 1988–

Grondslag: Beschikking Instelling Beheerscommissie Voedselconsumptiepeiling

Art. 1

Opmerking: De commissie is ingesteld op 2 februari 1989 met terugwerkende kracht tot 1 december 1988. Beide Ministers financieren het beheer en zijn vertegenwoordigd in de commissie.

Waardering: B, 4/5

Handeling: Het voorbereiden, mede-vaststellen en evalueren van het beleid op het gebied van de (agro)biotechnologie

Periode: 1977–

Product: (Beleids)nota’s: o.a. Nota ‘Leven in een duurzame toekomst’, juni 1993, uitgebracht mede namens EZ, VROM, WVC, OC&W, BuZa en SZW; Nota Wetenschap- en techniekcommunicatie, april 2000, uitgebracht met OC&W en EZ; Voortgangsrapportages (evaluatie) over biotechnologie en levensmiddelen, november 1996 en april 1999, uitgebracht door de Ministeries van LNV en VWS in nauwe betrokkenheid van de Ministeries van VROM en EZ (TK 1996–1997, 25 126 nr. 1; 1998–1999, 26 407 nr. 2).

– Strategisch Plan van Aanpak Biologische Diversiteit (II’95–‘96 24 400. XIV, nr. 37); Voortgangsverslag (1996) inzake Strategisch Plan van Aanpak Biologische Diversiteit (SPA Biodiversiteit) uitgebracht door Ministeries van LNV, VROM en BuZA, mede namens de Ministeries van V&W, OC&W en EZ (TK 1996–1997. 25 000 XIV, nr. 21)

Opmerking: Het gaat hierbij met name om het gebruik van biotechnologie in planten en voedingsmiddelen, de voedsel- en milieuveiligheid en de informatie daarover aan de consument.

Waardering: B, 1/2

Handeling: Het formuleren van hoofdlijnen en beginselen van het Nederlandse standpunt gericht op het EG-beleid ten aanzien van de (agro)biotechnologie

Periode: 1977–

Bron: Brief van de Ministers van LNV, VROM en OS aan de Voorzitter van de Tweede Kamer. Vergaderjaar 1996–1997, 25 000 XIV, nr. 21

Opmerking: Onder ander in het kader van het Verdrag inzake Biologische Diversiteit. In het kader van dit Verdrag was Nederland vertegenwoordigt bij conferenties over plantaardige genetische bronnen en agro-biodiversiteit

Waardering: B, 1

Handeling: Het laten verrichten van (evaluatie)onderzoek naar ggo-vrije ketens van voedingsmiddelen

Periode: 1997–

Product: Onderzoeksopdracht en eindproduct

Bron: Brief van de Minister van LNV aan de Voorzitter van de vaste Tweede Kamer, vergaderjaar 1997–1998, 25 126, nr. 5

Opmerking: Een financiële bijdrage

hiervoor kan worden verkregen op grond van de Subsidieregeling Demonstratieprojecten Markt- en Concurrentiekracht, dat een onderdeel is van het Stimuleringskader LNV. Projecten die vallen binnen het onderwerp ‘ontwikkelen, opzetten en uitvoeren van herkenbare (gecertificeerde) ggo-vrije ketens’ komen in aanmerking voor subsidie. LASER voert de regeling uit. Zie hiervoor het Pivot-rapport Landbouwstructuurbeleid

Waardering: B+V

B, 5 voor onderzoeksopdracht en eindproduct

V 10 jaar voor overige neerslag

Handeling: Het verrichten van onderzoek naar de traceerbaarheid en handhaafbaarheid van ggo’s

Periode: 1997–

Bron: Brief van de Minister van LNV aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, biote02023

Waardering: B+V

B, 2/3 onderzoeksopdracht en eindrapport

V 10 jaar voor overige neerslag

Handeling: Het voeren van overleg met het Nederlandse voedingsbedrijfsleven en maatschappelijk organisaties over verbetering van transparante etikettering van producten die met gentechnologie zijn geproduceerd

Periode: 1996–

Bron: Beleidsnota Biotechnologie, p. 33

Waardering: B, 1

Handeling: Het stimuleren en faciliteren van de ontwikkeling van ggo-vrije ketens van levensmiddelen

Periode: 1997–

Bron: Brief van de Minister van LNV aan de Voorzitter van de vaste Tweede Kamer, vergaderjaar 1997–1998, 25 126, nr. 5

Opmerking: Subsidie wordt verstrekt middels De Subsidieregeling Demonstratieprojecten Markt- en Concurrentiekracht, dat een onderdeel is van het Stimuleringskader LNV. Projecten die vallen binnen het onderwerp ‘ontwikkelen, opzetten en uitvoeren van herkenbare (gecertificeerde) ggo-vrije ketens’ komen in aanmerking voor subsidie.

Waardering: B+V

B, 1 voor subsidieregeling en verslagen

V 10 jaar voor overige neerslag

Handeling: Het geven van voorlichting over toelatingsprocedures en achtergronden van de gehanteerde criteria inzake biotechnologie

Periode: 1990–

Product: Brochure over de milieuaspecten van genetisch gemodificeerde organismen.

N.B. Van het gedrukte voorlichtingsmateriaal wordt één exemplaar bewaard. De voorbereidende stukken worden vernietigd.

Bron: Beleidsnota Landbouwbiotechnologie p. 22

Opmerking: De brochure is opgesteld door de VCOGEM.

Waardering: B+V

B, 3

V 5 jaar na afronding

Handeling: Het geven van opdracht tot het organiseren van publiek debat over biotechnologie

Periode: 1993–

Bron: Beleidsnota Biotechnologie, p. 78

Opmerking: O.a: Debat Klonen en Kloneren (1999)

Waardering: B, 1

Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM)

Handeling: Het voorbereiden van interdepartementaal overleg ten aanzien van landbouwkwaliteit en voedselveiligheid en het opstellen van verslagen van de geleverde inbreng

Periode: 1986–

Opmerking: Voor dit overleg is een andere Minister primair verantwoordelijk. Er is regelmatig overleg met het Ministerie van LNV

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het voeren van interdepartementaal overleg over mogelijke consequenties voor de Nederlandse landbouw door calamiteiten en crises waarbij de voedselveiligheid in het geding is

Periode: 1986–

Bron: Berenschot p. 1 bijlage Evaluatierapport ‘Tsjernobyl’

Opmerking: Voorbeelden van calamiteiten zijn; dioxineverontreiniging in zuivelproducten en loodvergiftiging bij koeien. Voorbeelden van crises zijn; kernongeval Tsjernobyl. Voorbeeld van zo’n overleg is de Bestuurlijke Coördinatiegroep BCG (coördinatie door VROM).

Waardering: B, 6

Handeling: Het in onderling overleg opstellen en uitvoeren van een (gecoordineerd) onderzoek naar de lange termijn effecten van straling op mens en milieu

Periode: 1986–

Bron: Evaluatieonderzoek ‘Tsjernobyl’: rapport inzake het optreden van de rijksoverheid naar aanleiding van het ongeval in de kerncentrale van Tsjernobyl, p. 14.

Opmerking: Onderling overleg vindt plaats met de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV) en de Minister van Verkeer en Waterstaat

Waardering: B, 6

Handeling: Het voeren van onderling overleg inzake het geven van een opdracht voor een evaluatieonderzoek naar het handelen van de overheid tijdens de Tjernobylcrisis

Periode: 1986–1990

Bron: Evaluatierapport ‘Tsjernobyl’: rapport inzake het optreden van de rijksoverheid naar aanleiding van het ongeval in de kerncentrale van Tsjernobyl p. 1

Opmerking: Overleg vindt plaats met de Secretarissen-Generaal van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV)Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM), Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW), Economische Zaken (EZ), Verkeer en Waterstaat en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK).

Waardering: B, 6

Handeling: Het voorbereiden, mede-vaststellen en evalueren van het beleid op het gebied van de (agro)biotechnologie

Periode: 1977–

Product: (Beleids)nota’s: o.a. Nota ‘Leven in een duurzame toekomst’, juni 1993, uitgebracht mede namens EZ, VROM, WVC, OC&W, BuZa en SZW; Nota Wetenschap- en techniekcommunicatie, april 2000, uitgebracht met OC&W en EZ; Voortgangsrapportages (evaluatie) over biotechnologie en levensmiddelen, november 1996 en april 1999, uitgebracht door de Ministeries van LNV en VWS in nauwe betrokkenheid van de Ministeries van VROM en EZ (TK 1996–1997, 25 126 nr. 1; 1998–1999, 26 407 nr. 2).

– Strategisch Plan van Aanpak Biologische Diversiteit (II’95–’96 24 400. XIV, nr. 37); Voortgangsverslag (1996) inzake Strategisch Plan van Aanpak Biologische Diversiteit (SPA Biodiversiteit) uitgebracht door Ministeries van LNV, VROM en BuZA, mede namens de Ministeries van V&W, OC&W en EZ (TK 1996–1997. 25 000 XIV, nr. 21)

Opmerking: Het gaat hierbij met name om het gebruik van biotechnologie in planten en voedingsmiddelen, de voedsel- en milieuveiligheid en de informatie daarover aan de consument.

Waardering: B, 1/2

Handeling: Het formuleren van hoofdlijnen en beginselen van het Nederlandse standpunt gericht op het EG-beleid ten aanzien van de (agro)biotechnologie

Periode: 1977–

Bron: Brief van de Ministers van LNV, VROM en OS aan de Voorzitter van de Tweede Kamer. Vergaderjaar 1996–1997, 25 000 XIV, nr. 21

Opmerking: Onder ander in het kader van het Verdrag inzake Biologische Diversiteit. In het kader van dit Verdrag was Nederland vertegenwoordigt bij conferenties over plantaardige genetische bronnen en agro- biodiversiteit

Waardering: B, 1

Handeling: Het (mede) beslissen over het verlenen van vergunningen voor introducties van genetisch gemodificeerde organismen in het milieu en op de markt

Periode: 1993–

Grondslag: Besluit GGO, art 6

Opmerking: De Minister van VROM heeft hierin het primair bevoegd gezag.

Waardering: B, 5

Nederlandse Algemene Keuringsdienst voor Landbouwzaden en Aardappelpootgoed (NAK)

Voorheen Stichting Nederlandse Algemene Keuringsdienst voor Zaaizaad en Pootgoed van Landbouwgewassen (NAK) 1932–1967

Handeling: Het al dan niet uitbetalen van een kwekersvergoeding

Periode: 1944–1967

Grondslag: Beschikking van den Secretaris-Generaal van het Departement van Landbouw en Visscherij ter uitvoering van art. 16 van het Kwekersbesluit 1941 (Jaarcijnzenbeschikking landbouwgewassen) art. 4.3

Waardering: V 1 jaar

Handeling: Het de Secretaris-generaal van de Landbouw op de hoogte brengen van de stand van ieder kwekersvergoedingenfonds

Periode: 1944–1967

Grondslag: Beschikking betreffende het beheer van kwekersvergoedingenfondsen voor landbouwgewassen art. 8.1

Opmerking: Dit gebeurt drie maal per jaar.

Waardering: B+V

B, 3 alleen de medelingen aan de SG

V 1 jaar voor overige neerslag

Handeling: Het stellen van regelen omtrent de vorm en inhoud van de vergoedingen alsmede omtrent de tijdstippen waarop deze al dan niet worden uitbetaald

Periode: 1944–

Grondslag: Beschikking betreffende het beheer van kwekersvergoedingenfondsen voor landbouwgewassen art. 11.2

Waardering: B, 5

Handeling: Het oordelen over de rekening en de verantwoording van het boekjaar van het kwekersvergoedingenfonds

Periode: 1944–1967

Grondslag: Beschikking betreffende het beheer van kwekersvergoedingenfondsen voor landbouwgewassen art. 13.5

Opmerking: De formele bevoegdheid ligt bij de Commissie van kwekersaangelegenheden van de NAK.

Waardering: V 1 jaar

Handeling: Het namens de Raad voor het Kwekersrecht invorderen van de jaarcijnzen

Periode: 1944–1967

Grondslag: Beschikking van den Secretaris-Generaal van het Departement van Landbouw en Visscherij ter uitvoering van art. 16 van het Kwekersbesluit 1941 (Jaarcijnzenbeschikking landbouwgewassen) art. 4.1

Waardering: V 1 jaar

Handeling: Het jaarlijks vaststellen van het jaarcijnstarief

Periode: 1944–

Grondslag: Beschikking betreffende het beheer van kwekersvergoedingenfondsen voor landbouwgewassen art. 4.1

Opmerking: Jaarlijks voor 15 juli.

Waardering: B, 5

Handeling: Het geven van voorschriften met betrekking tot de keuring van teeltmateriaal

Periode: 1942–

Grondslag: Kwekersbesluit 1941 art. 48.5; Zaaizaad- en plantgoedwet, art. 91.1

Opmerking: Tot 1967: het vaststellen van keuringsreglementen. Deze voorschriften hebben betrekking op de gezondheid, de zuiverheid, de kwaliteit van teeltmateriaal, de sortering, de classificatie, de verzorging, de verpakking, de verlading en de aanduiding van het teeltmateriaal, het gebruik van de op het teeltmateriaal betrekking hebbende bescheiden en kentekenen, de technische inrichting en administratie van het bedrijf alsmede de technische bedrijfsvoering, het toezicht op de naleving van deze voorschriften en de keuring van het teeltmateriaal.

Waardering: B+V

B, 5 voor reglement + goedkeuring Minister

V 5 jaar overige neerslag

Handeling: Het houden van toezicht op naleving van keuringsvoorschriften voor teeltmateriaal dat voor de uitvoer bestemd is

Periode: 1997–

Grondslag: Zaaizaad- en plantgoedwet, art. 91.2 zoals gewijzigd Stb. 1997, 510

Opmerking: Het Rijksproefstation voor de Zaadcontrole en de Plantenziektenkundige Dienst verrichten deze handeling niet meer sinds 1989

Waardering: B+V

B, 5 voor eindrapportages

V 5 jaar voor overige neerslag

Handeling: Het verlenen van toestemming tot aflevering van zowel in het binnenland als het buitenland geteeld voortkwekingsmateriaal van rassen alsmede het bepalen van de hoeveelheden hiervan en het stellen van voorwaarden hiervoor

Periode: 1942–1967

Grondslag: Beschikking van de secretaris generaal van het Departement van Landbouw en visserij met betrekking tot het verlenen van ontheffing van de keuring van voortkwekingsmateriaal van landbouwgewassen, krachtens artikel 39.2 van het Kwekersbesluit 1941, art. 2.2.a 5.b, 4.2; Beschikking van den Secretaris-Generaal van het Departement van Landbouw en Visscherij van 28 februari 1944 met betrekking tot het verlenen van ontheffing van de keuring van voortkwekingsmateriaal van landbouwgewassen krachtens artikel 39.2 van het Kwekersbesluit 1941 artt. 2.2a, 3.5b, 4.2

Opmerking: Het gaat om zowel in Nederland als in het buitenland geteeld voortkwekingsmateriaal van landbouwgewassen die al dan niet op de rassenlijst zijn geplaatst en die al dan niet bestemd zijn voor beproeving in de praktijk al dan niet gecertificeerd.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het nemen van monsters van buitenlands voortkwekingsmateriaal

Periode: 1942–1967

Grondslag: Beschikking van de secretaris generaal van het Departement van Landbouw en visserij met betrekking tot het verlenen van ontheffing van de keuring van voortkwekingsmateriaal van landbouwgewassen, krachtens artikel 39.2 van het Kwekersbesluit 1941, art. 3.1b, 3.2.c; Beschikking van den Secretaris-Generaal van het Departement van Landbouw en Visscherij van 28 februari 1944 met betrekking tot het verlenen van ontheffing van de keuring van voortkwekingsmateriaal van landbouwgewassen krachtens artikel 39.2 van het Kwekersbesluit 1941 art. 3.1c

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het bepalen van voorschriften ten aanzien van het afleveren van in Nederland geteeld

voortkwekingsmateriaal van een landbouwgewas dat bestemd is voor

beproeving in de praktijk

Periode: 1944–

Grondslag: Beschikking van den Secretaris-Generaal van het Departement van Landbouw en Visscherij van 28 februari 1944 met betrekking tot het verlenen van ontheffing van de keuring van voortkwekingsmateriaal van landbouwgewassen krachtens artikel 39.2 van het Kwekersbesluit 1941 art. 2.2b. Zaaizaad en plantgoedwet art.86

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het keuren van teeltmateriaal

Periode: 1942–

Grondslag: Kwekersbesluit 1941 art. 39.1; Verordening (Productschap voor Landbouwzaaizaden) zaden van groenvoedergewassen en suikerbietenzaad 1958 art. 5.1b,c, 5.2, 7.1b,c; Zaaizaadverordening 1958 (Productschap voor Landbouwzaaizaden) art. 4.1a , 4.1B,9; Ontheffingsbesluit Zaaigraanexport België 1967 art. 1

Product: Beschikking van den Secretaris-Generaal van het Departement van Landbouw en Visscherij van 2 October 1942 met betrekking tot het verlenen van ontheffing van de keuring van voortkwekingsmateriaal van landbouwgewassen, krachtens artikel 39.2 van het Kwekersbesluit

Kwekersbesluit 1941 (gedeeltelijk) (Stcrt. 1942, 192)

Opmerking: De Stichting Nederlandse Keuringsdienst voor Landbouwzaden en Aardappelpootgoed keurt alleen grassen waarvoor een rassenlijst is ingesteld. Goedgekeurd voortkwekingsmateriaal wordt voorzien van certificaten. Met het opheffen van de NAK-S in 1994 is ook het aansluitingsbesluit komen te vervallen.

Waardering: V 2 jaar minimum met een verlenging van 7 jaar

Handeling: Het vaststellen van tarieven voor keuring van en toezicht op kweekmateriaal

Periode: 1942–

Grondslag: Kwekersbesluit 1941 art. 51.1; NAK statuten

Product: Deze tarieven moeten na vaststelling aan de Secretaris-Generaal van het Ministerie van LNV worden voorgelegd.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het jaarlijks, op verzoek verstrekken, aan de houder van het kwekersrecht van opgaven van aangeslotenen, die teeltmateriaal van zijn ras hebben voortgebracht en het desgevraagd verlenen van medewerking bij de inning van de licentierechten

Periode: 1967–

Grondslag: Zaaizaad- en plantgoedwet, art. 89.2

Opmerking: Met het opheffen van de NAK-S in 1994 is ook het aansluitingsbesluit komen te vervallen.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het weigeren aan een bij haar aangeslotene de toelating tot het verkeer en het verbieden van verdere verhandeling van teeltmateriaal

Periode: 1967–

Grondslag: Zaaizaad- en plantgoedwet, art. 92.1

Opmerking: Het gaat om teeltmateriaal waarvan de keuringsinstelling heeft vastgesteld dat het niet behoort tot een groep van planten, als hoedanig het wordt aangeboden, of dat het niet voldoet aan de voorschriften zoals beschreven in ZPW art. 91.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het opschorten van de keuring van teeltmateriaal bij aangeslotenen

Periode: 1967–

Grondslag: Zaaizaad- en plantgoedwet, art. 92.3

Opmerking: Het gaat om een opschorting voor ten hoogste drie jaar, en vindt plaats indien op grond van de door een aangeslotene gevolgde werkwijze en de resultaten daarvan gebleken is, dat voortbrenging, bewaring en bewerking van teeltmateriaal niet op voldoende vakkundige wijze geschiedt.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het goedkeuren van overeenkomsten tussen een niet bij het NAK-G of NAK aangesloten koper teeltmateriaal van een wel bij de NAK-G/NAK aangesloten kweker

Periode: 1967–

Grondslag: Vrijstelling aansluiting NAK-G art. 2; Vrijstelling aansluiting NAK Wageningen art. 1

Opmerking: Indien deze zaden in gesloten verpakking geleverd worden en verder worden verhandeld op naam van de aangeslotenen. Vanaf 2000 is NAK-G, Naktuinbouw.

Waardering: 7 jaar

Handeling: Het goedkeuren en waarmerken van zaden als prebasiszaad of gecertificeerd zaad, alsmede van pootgoed als basispootgoed of gecertificeerd pootgoed en van handelszaad

Periode: 1967–

Grondslag: Besluit Categorieën Teeltmateriaal, art. 1.2

Opmerking: Het gaat om zaad dat is voortgebracht onder de verantwoordelijkheid van de kweker door middel van stelselmatige instandhouding met betrekking tot het ras en bestemd is voor de voortbrenging van prebasiszaad dan wel basiszaad. Basiszaad: van vlas, bieten, maïs en overige krachtens art 87 van de ZPW aangewezen rassen. Basispootgoed: knollen van aardappel. Gecertificeerd pootgoed: knollen van aardappel. Gecertificeerd zaad: van gerst, haver, tarwe, lupine, wikke, kapucijner, landbouwerwt, veldboon, olievlas, vezelvlas, bieten en overige krachtens art 87 van de ZPW aangewezen rassen.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het opstellen van de voorschriften m.b.t. de gezondheid, rasechtheid, raszuiverheid, kwaliteit, sortering, classificering, verpakking en van de keuringen van teeltmateriaal

Periode: 1967–

Grondslag: Besluit Verhandeling Teeltmateriaal Siergewassen artt. 2.2, 3.1; Besluit Verhandeling Teeltmateriaal Boomkwekerijgewassen artt. 2.2, 3.1; Besluit Verhandeling Teeltmateriaal Groente- en Bloemgewassen artt. 2.2,

3.1, 7; Besluit Verhandeling Teeltmateriaal Landbouwgewassen artt. 2.1-2, 3.1, 7

Product: Keuringsreglementen

Opmerking: Het bezit met het oog op verkoop, het aanbieden voor verkoop, het bedrijfsmatig in het verkeer brengen, verder verhandelen, invoeren, uitvoeren en ter uitvoer aanbieden van teeltmateriaal afkomstig van landbouwgewassen en tuinbouwgewassen is verboden, tenzij het materiaal voldoet aan de hier gestelde eisen.

Waardering: B, 5

Handeling: Het stellen van eisen voor de verpakking van het voortkwekingsmateriaal het voorschrijven van merken, etiketten, certificaten, sluitingen, plombes en andere bewijsstukken

Periode: 1942–

Grondslag: Kwekersbesluit 1941 art. 39.1; Beschikking houdende merken, certificaten, plombes en andere bewijsstukken art. 1968, 166; Uitvoering artikel 93 Zaaizaad- en plantgoedwet art. 2.1

Product: Keuringsreglementen

Waardering: B, 5

Productschappen van Vee, Vlees en EIeren

Handeling: Het stellen van eisen ten aanzien van de kwaliteit van landbouwproducten die voor de uitvoer bestemd zijn

Periode: 1954–1982

Grondslag: Landbouwuitvoerbesluit bacon art. 11; Botercontrolebeschikking 1957 art. 17; Botercontrolebeschikking 1967 art. 17; Uitvoercontrolebesluit 1963 tuinbouwproducten artt. 2 en 3; Uitvoercontrolebesluit 1954 aardappelen zoals gewijzigd in , 1963 (Stb.405) aardappelen, art. 3; Uitvoercontrolebesluit haring 1964 art.3

Product: Verordeningen; Uitvoercontrolebeschikking haring 1964 (Stcrt. 1964, 102)

Opmerking: De regels kunnen betrekking op de bereiding, kwaliteit, sortering en verpakking van landbouwproducten alsmede op het tijdstip van uitvoer.

De regels kunnen verschillend zijn naar gelang van de soort of bestemming van de landbouwproducten, alsmede van het land van invoer.

Waardering: B, 5

Handeling: Het adviseren van de Minister van landbouw inzake het stellen van regels voor de kwaliteit van landbouwproducten

Periode: 1956–

Grondslag: Landbouwuitvoerwet (1938); Landbouwuitvoerbesluiten; Landbouwkwaliteitswet; Landbouwkwaliteitsbesluiten; Landbouwkwaliteitsregelingen

Waardering: B, 1

Handeling: Het stellen van nadere regels inzake de kwaliteit van landbouwproducten

Periode: 1973–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet art.4.2; Landbouwkwaliteitsbesluiten; Landbouwkwaliteitsbeschikkingen

Product: Verordeningen; landbouwkwaliteitsbeschikkingen en landbouwkwaliteitsregelingen

Opmerking: Deze regels hebben ondermeer betrekking op de hoedanigheid, de sortering, de verzorging de aanduiding, de verpakking van landbouwproducten.

Waardering: B, 5

Handeling: Het geven van nadere voorschriften omtrent hetgeen bij of krachtens landbouwkwaliteitsverordeningen is bepaald

Periode: 1977–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsverordeningen

Opmerking: Deze regels hebben betrekking op de bereiding, de bewaring van vleeswaren en het gebruik van toevoegingen, grond- of hulpstoffen en kunnen voorschriften inhouden inzake de inrichting en het gebruik van bedrijfsgebouwen en vervoermiddelen. Deze regels mogen alleen gesteld worden voorzover zij de gezondheid niet raken. (opmerking vleeswaren).

Waardering: B, 5

Handeling: Het stellen van regels inzake de indeling van bacon in een kwaliteitsklasse alsmede de aanvullende eisen waaraan bacon met een merk moet voldoen

Periode: 1978–1998

Grondslag: Landbouwkwaliteitsbesluit Bacon artt. 4.1-2 en 5.1

Product: Landbouwkwaliteitsverordening baconcuts en prepacked bacon (Vb.Bo 1978-afl 12).

Opmerking: Bacon krijgt een merk na indeling in een kwaliteitsklasse. De aanvullende eisen hebben betrekking op de bereiding, de sortering en indeling, de vorm, de verpakking en de aanduidingen van kwaliteit en aard van het product. Deze regels hebben betrekking op de bereiding en bewaring van bacon en op het gebruik van toevoegingen, grond- of hulpstoffen. Ze kunnen ook voorschriften inhouden inzake de inrichting en het gebruik van bedrijfsgebouwen en vervoermiddelen.

Waardering: B, 5

Handeling: Het geven van nadere voorschriften omtrent de kwaliteitseisen van baconcuts en prepacked bacon

Periode: 1978–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsverordening baconcuts en prepacked bacon 1978 art.4

Product: Uitvoeringsbesluit baconpekels, baconcuts en prepacked bacon 1979 (Vb.bo1979-19); Uitvoeringsbesluit Landbouwkwaliteitsverordening baconcuts en prepacked bacon 1986 (procesregistratie) (Vb.bo1987-18)

Opmerking: De wettelijke bevoegdheid ligt bij de voorzitter.

Waardering: B, 5

Handeling: Het stellen van nadere regels inzake de aanduiding en de productiewijze van scharreleieren

Periode: 1989–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsregeling productiemethoden scharreleieren art. 2

Opmerking: Deze regels hebben betrekking op de hoedanigheid, de sortering, de verzorging de aanduiding, de verpakking van scharreleieren alsmede op de inrichting en het gebruik van de ruimte bestemd voor kippen, die deze eieren voortbrengen als de voeding, drenking en verzorging van de kippen.

Waardering: B, 5

Handeling: Het vorderen van de medewerking van het Bedrijfschap voor de Groothandel in Eieren tot het stellen van regels voor de kwaliteit van eieren voor de uitvoer bestemd

Periode: 1962–1969

Grondslag: Uitvoercontrolebesluit Eieren 1962 art. 6.2

Waardering: B, 5

Handeling: Het adviseren van de Minister van LNV en overige Ministers die bemoeienis hebben met de kwaliteit van landbouwproducten over de regels ter bevordering van de afzet betreffende de kwaliteit van producten

Periode: 1973–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet art. 2.3

Opmerking: Het gaat om productschappen, bedrijfschappen en andere organisaties die bij de te regelen materie betrokken zijn.

Waardering: B, 5

Handeling: Het mededelen aan de Directeur-Generaal Landbouw, Natuurbeheer en Visserij van de besluiten tot het verlenen van ontheffingen

Periode: 1978–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsregeling vrijstelling en ontheffing vleeswaren 1978 art. 3.2; Landbouwkwaliteitsregeling vrijstelling en ontheffing vleeswaren 1981 art. 3.2

Waardering: V 10 jaar

Handeling: Het verlenen of intrekken van vrijstellingen en ontheffingen van hetgeen bij of krachtens landbouwkwaliteitsbesluiten en verordeningen bepaald is

Periode: 1978–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsregeling vrijstellingen, ontheffing en nadere voorschriften bacon art. 2; Landbouwkwaliteitsverordening baconcuts en prepacked bacon 1978 art. 4; Vrijstelling Landbouwkwaliteitsbeschikking bloembollen artt. 1 en 2; Landbouwkwaliteitsregeling vrijstelling en ontheffing vleeswaren art. 2; Landbouwkwaliteitsregeling overdracht bevoegdheden bloembollen art. 3; Verordening PVS kwaliteitsvoorschriften bloembollen art. 3; Verordening Vvr gemedicineerd voeder art. 10; Landbouwkwaliteitsbeschikking ontheffingen gemedicineerd voeder artt. 2 en 3; Landbouwkwaliteitsbeschikking vrijstelling bepaalde keuringsvoorschriften groenten en fruit art. 2; Landbouwkwaliteitsregeling vrijstellingen, ontheffingen en nadere voorschriften groenten en fruit art. 2; Verordening P.G.F. 1977. Kwaliteitsvoorschriften groenten en fruit art. 4; Landbouwkwaliteitsverordening PGF. 1991 groenten en fruit art. 4; Landbouwkwaliteitsregeling overdracht bevoegdheden bloembollen art. 3; Zuivelverordening 1993, inrichtingseisen zuivelbereiding art. 8; Landbouwkwaliteitsverordening 1994, uitbetaling van boerderijmelk naar kwaliteit art.3.2; Landbouwkwaliteitsverordening 1994, uitbetaling van boerderijmelk naar kwaliteit art. 14; Landbouwkwaliteitsregeling productiemethoden scharreleieren art.3; Landbouwkwaliteitsregeling scharreleierenkeuring en -merken art. 4; Landbouwkwaliteitsregeling vrijstellingen en ontheffingen vleeswaren art. 2; Landbouwkwaliteitsverordening rookworst art. 4; Landbouwkwaliteitsregeling uitbetaling van boerderijmelk naar kwaliteit art. 3.

Opmerking: Deze vrijstellingen en ontheffingen gelden alleen voor zover zij de gezondheid niet raken. De vrijstellingen en ontheffingen hebben betrekking op de vaststelling van merken, tekenen en bewijsstukken, de presentatie, de indeling in kwaliteitsklassen, de sortering, de oorsprong, het gewicht, de soort, de aanduiding, de verpakking en de bewerkingswijze.

Waardering: V 5 jaar na vervaldatum vrijstelling/ontheffing. Voor zocver geen precedenten werking

Handeling: Het verlenen van vrijstellingen en ontheffingen van hetgeen dat bij of krachtens de Vrijstelling Landbouwkwaliteitsbesluit scharreleieren is bepaald met betrekking tot het bezigen van kwaliteitsmerken, tekenen en bewijsstukken

Periode: 1992–

Grondslag: Vrijstelling Landbouwkwaliteitsbesluit scharreleieren art.1.1

Waardering: V 5 jaar na vervaldatum vrijstelling/ontheffing. Voor zocver geen precedenten werking

Handeling: Het vaststellen van onderscheidingen, aanduidingen en eisen van hoedanigheid en herkomst van eieren voor de uitvoer bestemd

Periode: 1962–1969

Grondslag: Uitvoercontrolebesluit Eieren 1962 art. 6.2-3

Product: Verordeningen

Opmerking: Het bedrijfschap stelt deze vast na overleg met het Landbouwschap en het Productschap voor Pluimvee en Eieren.

Waardering: B, 5

Handeling: Het benoemen van leden en plaatsvervangende leden van de Adviescommissie Geografische Aanduidingen

Periode: 1994–

Grondslag: Besluit Akk adviescommissie geografische aanduidingen, oorsprongsbenamingen en specificiteitscertificering art. 3.1

Opmerking: De genoemde organisaties benoemen ieder één lid voor de adviescommissie. Het gaat om de Productschappen voor: Bier, Groenten en Fruit, Margarine, Vetten en Oliën, Pluimvee en Eieren, Vee en Vlees, Vis en Visproducten, Zuivel

Waardering: V 10 jaar

Stichting Nederlandse Vleeswarencontrole (NVK)

Handeling: Het stellen van eisen ten aanzien van de kwaliteit van landbouwproducten die voor de uitvoer bestemd zijn

Periode: 1930–1982

Grondslag: Landbouwuitvoerbesluit bacon art. 11; Botercontrolebeschikking 1957 art. 17; Botercontrolebeschikking 1967 art. 17; Uitvoercontrolebesluit 1963 tuinbouwproducten artt. 2 en 3; Uitvoercontrolebesluit 1954 aardappelen zoals gewijzigd in , 1963 (Stb.405) aardappelen, art. 3; Uitvoercontrolebesluit haring 1964 art.3

Product: Verordeningen; Uitvoercontrolebeschikking haring 1964 (Stcrt. 1964, 102)

Opmerking: De regels kunnen betrekking op de bereiding, kwaliteit, sortering en verpakking van landbouwproducten alsmede op het tijdstip van uitvoer. De regels kunnen verschillend zijn naar gelang van de soort of bestemming van de landbouwproducten, alsmede van het land van invoer.

Waardering: B, 5

Handeling: Het adviseren van de Minister van landbouw inzake het stellen van regels voor de kwaliteit van landbouwproducten

Periode: 1981–

Grondslag: Landbouwuitvoerwet (1938); Landbouwuitvoerbesluiten; Landbouwkwaliteitswet; Landbouwkwaliteitsbesluiten; Landbouwkwaliteitsregelingen

Waardering: B, 1

Handeling: Het stellen van regels inzake zekerheidsstellingen ten aanzien van de juiste naleving van de uit de Landbouwuitvoerwet 1938 voortvloeiende verplichtingen

Periode: 1946–1964

Grondslag: Landbouwuitvoerbesluit 1946 Algemene voorwaarden art. 13.1

Waardering: B+V

B, 5 voor alle eindrapportages

V 5 jaar voor alle overige producten

Handeling: Het voordragen voor benoeming van voorzitters van controle-instellingen op het gebied van de landbouwkwaliteit aan de Minister van Landbouw

Periode: 1981–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsbesluit Bacon art. 10.2; Landbouwkwaliteitsbesluit scharrelvarkensvlees en -vleeswaar art. 7.2; Landbouwkwaliteitsbesluit vleeswaren art .9.2; Landbouwkwaliteitsbesluit biologische productiemethode art. 9.2; Landbouwkwaliteitsbesluit bloembollen art 12.2; Landbouwkwaliteitsbesluit boterproducten art 14.2; Landbouwkwaliteitsbesluit groenten en fruit art. 12.2; Statuten en keuringsreglement Kwaliteits-Controlebureau voor Groenten en Fruit art. 14.1; Landbouwkwaliteitsbesluit kaasproducten art. 14.2; Landbouwkwaliteitsbesluit poedervormige melkproducten art. 14.2; Landbouwkwaliteitsbesluit scharreleieren art. 7.2; Landbouwkwaliteitsbesluit zuigelingenvoeding art. 13.2; Landbouwkwaliteitsbesluit gemedicineerd voeder art. 18.2

Waardering: V 2 jaar

Handeling: Het opstellen van jaarverslagen

Periode: 1930–1978

Grondslag: Botermerkenbesluit 1912 art. 26; Landbouwuitvoerbesluit bacon art. 14

Product: Jaarverslagen

Waardering: B, 3

Handeling: Het aan ambtenaren toekennen van bevoegdheden die noodzakelijk zijn voor de controle van landbouwproducten

Periode: 1930–1978

Grondslag: Landbouwuitvoerbesluit bacon art. 9

Opmerking: Het gaat om ambtenaren belast met het Rijkstoezicht.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het aan de Minister meedelen van de namen van de aangeslotenen en van diegene van wie de aansluiting geweigerd of geschorst is

Periode: 1930–1978

Grondslag: KB tot uitvoering van artikel 7, houdende bepalingen, waaraan een baconcontrole-instelling moet voldoen om onder rijkstoezicht te worden geplaatst (Landbouwuitvoerbesluit bacon art. 19)

Opmerking: De formele bevoegdheid ligt bij het bestuur.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het verlenen van medewerking aan ambtenaren bij hun uitoefening van het rijkstoezicht

Periode: 1981–

Grondslag: Beschikking rijkstoezicht op de controle-instellingen 15 augustus 1977/no. J2094 Stcrt.159 art.3

Product: Mededelingen, inlichtingen, stukken welke bestemd zijn voor het bestuur of het dagelijks bestuur van de controle-instelling.

Waardering: V 2 jaar

Handeling: Het stellen van regels ten aanzien van de keuring van bacon

Periode: 1930–1978

Grondslag: KB tot uitvoering van art. 7 houdende bepalingen, waaraan een baconcontrole-instelling moet voldoen om onder rijkstoezicht te worden gesteld, (Landbouwuitvoerbesluit bacon) art. 12

Waardering: B, 1/5

Handeling: Het vaststellen van bedragen voor de kosten van toezicht en keuring en het daarbij regelen van de wijze van de inning

Periode: 1981–

Grondslag: Landbouwuitvoerbesluit bacon art. 15; Uitvoercontrolebesluit 1949 late consumptieaardappelen art. 9; Uitvoercontrolebesluit 1954 aardappelen art. 7; Uitvoercontrolebesluit haring 1964, art. 11; Landbouwuitvoerbesluit 1946 Algemene voorwaarden art. 12; Landbouwkwaliteitswet art.11.1

Product: Uitvoercontrolebeschikking 1955 aardappelen (Stcrt. 1955. 246); Uitvoercontrolebeschikking haring 1964 (Stcrt. 1964, 102)

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het keuren van landbouwproducten die al dan niet voor de uitvoer bestemd zijn

Periode: 1940–

Grondslag: Uitvoercontrolebesluiten; Landbouwkwaliteitswet; landbouwkwaliteitsbesluiten

Product: Uitvoercontrolebeschikking 1955 aardappelen (Stcrt. 1955, 246); Uitvoercontrolebeschikking haring 1964 (Stcrt. 1964, 102); Uitvoercontrolebeschikking 1956 kaas (Stcrt. 1956, 251); Landbouwkwaliteitsbeschikking keuring groenten en fruit (Stcrt. 1977, 182); Landbouwkwaliteitsregeling controle groenten en fruit 1993 (Stcrt. 1993. 60); Landbouwkwaliteitsregelingen

Opmerking: Het keuringsreglement van SKAL voorziet in de onderwerpen, genoemd in bijlage III van de EEG verordening 2092/91 inzake de biologische productiemethoden en aanduidingen.

Waardering: B+V

B, 5 voor alle eindrapportages

V 2 jaar voor alle overige producten

Handeling: Het verbinden, wijzigen en intrekken van nadere voorwaarden aan de door de stichting te verlenen toestemming tot het aanbrengen van het Rijksbaconmerk

Periode: 1983–

Grondslag: Vrijstelling aanbrenging Rijksbaconmerk art.2

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het uitreiken van merken, tekenen en bewijsstukken aan aangesloten instellingen

Periode: 1981–

Grondslag: Uitvoercontrolebesluit 1948 kaas art. 5; Uitvoercontrolebesluit 1948 melkpoeder art. 5; Uitvoercontrolebesluit 1951 boter art. 6; Uitvoercontrolebesluit 1957 melk en melkproducten art. 6; Uitvoercontrolebesluit 1939 tuinbouwproducten art. 6b; Uitvoercontrolebesluit 1963 tuinbouwproducten art. 9b; Uitvoercontrolebesluit 1947 boomkwekerijproducten art. 7c; Uitvoercontrolebesluit 1951 drogerijen art. 5.b; Uitvoercontrolebesluit Eieren 1962 art. 10.b; Uitvoercontrolebesluit Haring 1964, art. 10.c; Landbouwuitvoerbesluit bacon artt. 25, 26; Landbouwkwaliteitswet art.10.1 e; Landbouwkwaliteitsbesluit bacon art. 9; Landbouwkwaliteitsbesluit scharrelvarkensvlees en -vleeswaar art. 6.1; Landbouwkwaliteitsbesluit vis en visproducten art. 9; Landbouwkwaliteitsbesluit vleeswaren art. 8; Landbouwkwaliteitsbesluit bloembollen art.11; Landbouwkwaliteitsbesluit boterproducten art.13; Landbouwkwaliteitsbesluit groenten en fruit art. 10; Landbouwkwaliteitsbesluit kaasproducent art. 13; Landbouwkwaliteitsbesluit poedervormige melkproducten art. 13; Landbouwkwaliteitsbesluit scharreleieren art. 6; Landbouwkwaliteitsbesluit zuigelingenvoeding art. 12; Landbouwkwaliteitsbesluit biologische productiemethode art.7; Landbouwkwaliteitsbesluit Zuivelproducten (1998–)

Product: Uitvoercontrolebesluit 1968 boter (Stcrt. 1968, 101); Uitvoercontrolebeschikking haring 1964 (Stcrt. 1964, 102); Uitvoercontrolebeschikking 1956 kaas (Stcrt. 1956, 251); Uitvoercontrolebeschikking melkpoeder (Stcrt. 1948, 157); Uitvoercontrolebeschikking 1960 melk en melkproducten (Stcrt. 1961, 13); Uitvoeringsbeschikking uitvoercontrole tuinbouwproducten 1964 (Stcrt. 1964, 62); Statuten en keuringsreglement Stichting Kwaliteitscontrolebureau voor Groenten en Fruit (KCB); Keuringsreglement COZ kaasproducten (Stcrt. 1982, 105); Landbouwkwaliteitsbeschikking keuring groenten en fruit (Stcrt. 1977, 182); Landbouwkwaliteitsregeling controle groenten en fruit 1993 (Stcrt. 1993. 60)

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het verlenen en intrekken van het recht tot het aanbrengen van kwaliteitsmerken op vleesproducten

Periode: 1981–1998

Grondslag: Landbouwkwaliteitsregeling baconkeuring en -merken art. 5;Landbouwkwaliteitsregeling vleeswarenkeuring en -merken art. 4

Opmerking: Zij treft daarbij alle nodige maatregelen ten einde te voorkomen dat de merken door anderen dan aangeslotenen op vleeswaren zouden kunnen worden aangebracht. Dit recht wordt alleen verleend aan aangeslotenen bij de stichting.

Waardering: B, 5

Handeling: Het treffen van maatregelen om te voorkomen dat kwaliteitsmerken onbevoegd of onterecht op landbouwproducten worden aangebracht

Periode: 1981–

Grondslag: Landbouwkwaliteitsregeling boterproducten art. 20; Landbouwkwaliteitsbeschikking controle groenten en fruit art. 15b; Landbouwkwaliteitsregeling controle groenten en fruit art. 7; Landbouwkwaliteitsregeling kaasproducten art. 17; Landbouwkwaliteitsregeling poedervormige melkproducten art. 19; Landbouwkwaliteitsbeschikking keuring en tekenen scharreleieren art. 9.1; Landbouwkwaliteitsregeling scharreleierenkeuring en -merken art. 8; Landbouwkwaliteitsregeling vleeswarenkeuring en -merken art 4.1

Opmerking: Het gaat om maatregelen om te voorkomen dat rijksmerken en andere vermeldingen worden aangebracht of gehandhaafd op landbouwproducten of verpakkingen van landbouwproducten, welke ingevolge het bepaalde in landbouwkwaliteitsbesluiten of landbouwkwaliteitsregelingen niet van zodanige merken mag zijn voorzien.

Waardering: B, 5

Handeling: Het verlenen en intrekken van toestemming tot het aanbrengen van kwaliteitsmerken op in Nederland bereide bacon die in het Verenigd Koninkrijk wordt verpakt

Periode: 1983–1998

Grondslag: Vrijstelling aanbrenging Rijksbaconmerk art 1

Opmerking: Dit onder voorwaarde dat de oorspronkelijke verpakking van die bacon bij verzending vanuit Nederland overeenkomstig de daarvoor geldende voorschriften is voorzien van het merk voor de kwaliteitsklasse Extra.Aan deze toestemming kunnen nadere voorwaarden verbonden worden.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het vaststellen van reglementen voor de tuchtrechtspraak

Periode: 1981–

Grondslag: Landbouwuitvoerbesluit 1946 Algemene voorwaarden art. 4.2; Landbouwkwaliteitswet art. 13.3

Product: Tuchtreglementen; Tuchtrechtreglement SKAL (Stcrt. 1993, 73)

Opmerking: Het betreft de samenstelling en de bevoegdheid van haar organen die de tuchtrechtspraak uitoefenen en de rechtsgang van het tuchtrechtelijk geding. In het Tuchtreglement COKZ is vastgelegd dat een zaak binnen vier maanden na constatering van de tenlaste gelegde overtreding door of namens het centraal bestuur bij het tuchtgerecht aanhangig wordt gemaakt. In de praktijk vindt de aanhangigmaking plaats door de directeur van het COKZ.

Waardering: B, 5

Handeling: Het instellen van een of meer tuchtgerechten en eventueel een centraal-tuchtgerecht op het gebied van de landbouwkwaliteit

Periode: 1991–

Grondslag: Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet art.3.1-2

Opmerking: Een centraal-tuchtgerecht wordt ingesteld bij twee of meer tuchtgerechten.

Waardering: B, 4

Handeling: Het regelen van de bevoegdheid van het tuchtgerecht met betrekking tot het oordelen over de overtredingen van landbouwkwaliteitsbesluiten, door aangeslotenen begaan alsmede de bevoegdheid om maatregelen op te leggen

Periode: 1981–

Grondslag: Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet art 6.1 en 11

Opmerking: De controle-instelling maakt binnen een redelijk termijn na de constatering van de overtreding de zaak aanhangig. Alleen na overleg met de Officier van Justitie wordt besloten een besluit niet aanhangig te maken.

Waardering: B, 5

Handeling: Het bepalen van de plaats, waar het tuchtgerecht, onderscheidenlijk het centraal tuchtgerecht zitting houdt

Periode: 1981–

Grondslag: Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet, art. 7

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het bepalen van het aantal leden alsmede het regelen van de benoeming en ontslag van de voorzitter, de vice-voorzitters, de andere leden, de secretaris en de adjunct-secretarissen van het tuchtgerecht en eventueel het centraal tuchtgerecht, alsmede tijd, gedurende welke zij hun functie vervullen of waarin zij op non-actief kunnen worden gesteld

Periode: 1981–

Grondslag: Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet artt. 8.1en 9

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het binnen een redelijk termijn na de constatering van de overtreding aanhangig maken van een zaak

Periode: 1981–

Grondslag: Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet art. 11.1-2

Product: Schriftelijke verklaring (met alle relevante feiten).

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het niet aanhangig maken van een zaak

Periode: 1981–

Grondslag: Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet art. 11.3

Product: Besluit

Opmerking: Alleen na overleg met de Officier van Justitie.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het schrappen, schorsen en beboeten van aangeslotenen bij controle-instellingen

Periode: 1930–1982

Grondslag: Landbouwuitvoerbesluit bacon art. 4; Botercontrolebeschikking 1957 art.38.1

Opmerking: Schrappen kan geschieden indien een aangeslotene niet meer voldoet aan de voor aansluiting gestelde eisen of in ernstige mate de belangen van de controle heeft geschaad. De formele bevoegdheid bij de Vereeniging Nederlandsche Baconcontrole ligt bij het bestuur.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het opleggen van strafmaatregelen bij overtredingen van het bepaalde bij of krachtens een Landbouwkwaliteitsbesluit

Periode: 1981–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet art. 13.1

Opmerking: Het gaat om de volgende maatregelen; berisping, geldboete tot ten hoogste 10.000 gulden, het stellen van de aangeslotene onder verscherpte controle op zijn kosten voor ten hoogste twee jaren, openbaarmaking van de tuchtbeschikking op kosten van de aangesloten. De maatregelen kunnen alleen toegepast worden op aangeslotenen bij de controle-instelling.

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het geven van een bijzondere bestemming aan de opbrengsten van de geldboeten

Periode: 1981–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet art. 13.2

Waardering: B, 5

Handeling: Het adviseren van de Minister inzake de aanwijzing van de leden en plaatsvervangende leden voor de Raad van Beroep

Periode: 1930–1978

Grondslag: Landbouwuitvoerbesluit bacon art. 28

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het voordragen voor benoeming van leden en plaatsvervangers van de Raad van Beroep

Periode: 1946–1963

Grondslag: Landbouwuitvoerbesluit 1946 Algemene voorwaarden art. 5.1

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het vaststellen van termijnen waarbinnen beroep kan worden ingesteld

Periode: 1981–

Grondslag: Statuten van uitvoercontrolestations; Botercontrolebeschikking 1957 art. 37.3

Waardering: V 5 jaar

Handeling: Het behandelen van bezwaren tegen bij de keuring genomen beslissingen.

Periode: 1973–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet art.10.1 e

Product: Keuringsreglement COZ kaasproducten (Stcrt. 1982, 105)

Waardering: V ? jaar

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)