← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling houdende regels met betrekking tot onderhoudserkenningen en erkenningen van geluidmeetorganisaties (Regeling erkenningen luchtwaardigheid 2008)

Geldende tekst a fecha 2018-04-01

Gelet op artikel 3.25 van de Wet luchtvaart en de artikelen 18, tweede lid, 19, tweede lid, onderdelen c en g, en 20, van het Besluit luchtvaartuigen 2008;

Besluit:

Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen

Artikel 1
1.

In deze regeling wordt verstaan onder:

2.

In deze regeling wordt onder productie mede verstaan: het verrichten van diensten.

Hoofdstuk 2. Europese erkenningen

Artikel 2
1.

De aanvraag voor een erkenning als bedoeld in verordening (EU) nr. 1321/2014 en verordening (EU) nr. 748/2012 wordt ingediend door de functionaris van het bedrijf, die de eindverantwoordelijkheid draagt ten aanzien van het door het bedrijf gevoerde beleid.

2.

Bij de aanvraag verstrekt de aanvrager naast de in de van toepassing zijnde Parts genoemde gegevens de volgende gegevens

Artikel 3
1.

Artikel 2 is van toepassing op de aanvraag voor een wijziging van een erkenning, met dien verstande dat kan worden volstaan met de gegevens, die voor de aangevraagde wijziging relevant zijn.

2.

Bij wijziging wordt zo nodig een nieuw bewijs van erkenning afgegeven.

3.

Een aanvraag om wijziging wordt uiterlijk vier weken voor de gewenste datum van wijziging ingediend.

Artikel 4
1.

Vanaf het tijdstip van schorsing van een erkenning mag de houder die bevoegdheden, waarop de schorsing van de erkenning betrekking heeft, niet uitoefenen.

2.

Om een schorsing op te heffen toont de houder aan, dat de redenen, die tot schorsing hebben geleid, zijn vervallen.

Artikel 5
1.

Vanaf het tijdstip van intrekking van een erkenning mag de houder die bevoegdheden, waarop de intrekking van de erkenning betrekking heeft, niet uitoefenen.

2.

De minister neemt het bewijs van erkenning in en geeft, in geval van gedeeltelijke intrekking, een nieuw bewijs van erkenning af.

Artikel 6

De houder van een POA zal de te melden afwijkingen volgens 21 A.165(f)2 van Part 21 bij verordening (EU) nr. 748/2012 schriftelijk en onverwijld maar uiterlijk binnen 72 uur na constatering aan de Minister melden.

Hoofdstuk 3. Erkend inspecteur

Artikel 7

Vervallen

Artikel 8

Vervallen

Artikel 9

Vervallen

Artikel 10

Vervallen

Artikel 11

Vervallen

Artikel 12

Vervallen

Artikel 13

Vervallen

Artikel 14

Vervallen

Artikel 15

Vervallen

Artikel 16

Vervallen

Artikel 17

Vervallen

Hoofdstuk 4. Erkend zweefvliegtechnicus (EZT)

Artikel 18

Vervallen

Artikel 19

Vervallen

Artikel 20

Vervallen

Artikel 21

Vervallen

Artikel 22

Vervallen

Artikel 23

Vervallen

Artikel 24

Vervallen

Artikel 25

Vervallen

Artikel 26

Vervallen

Artikel 27

Vervallen

Artikel 28

Vervallen

Artikel 29

Vervallen

Hoofdstuk 5. Bedrijfserkenningen op basis van Nederlandse eisen

Artikel 30
1.

De minister geeft een erkenning als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onderdeel a, af nadat de aanvrager heeft aangetoond:

2.

De minister geeft een erkenning als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onderdeel b, af nadat de aanvrager heeft aangetoond, dat:

3.

De minister geeft een aanvullende onderhoudserkenning als bedoeld in artikel 29a, tweede lid, onderdelen a en b, af indien de aanvrager zijn handboek heeft aangevuld met een procedure met betrekking tot deze keuringen, inspecties en verklaringen.

4.

De minister geeft een erkenning als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onderdeel c, af nadat de aanvrager heeft aangetoond, dat:

5.

De minister geeft een erkenning als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onderdeel d, af nadat de aanvrager heeft aangetoond dat:

Artikel 31
1.

Bij de aanvraag voor een erkenning als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onderdelen a en b, verstrekt de aanvrager de volgende gegevens:

2.

Bij de aanvraag voor een erkenning als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onderdeel c, verstrekt de aanvrager de volgende gegevens:

Artikel 32

Van de erkenning wordt een bewijs afgegeven.

Artikel 33

Vervallen

Artikel 34
1.

De houder van een erkenning bereidt wijzigingen in het functioneren van de organisatie zodanig voor en voert deze zodanig uit, dat het kwaliteitssysteem van de houder van de erkenning aantoonbaar in stand en effectief blijft.

2.

De houder van een erkenning dient een aanvraag in voor acceptatie van wijziging van de bij de oorspronkelijke aanvraag verstrekte gegevens bij wijziging van:

Artikel 35
1.

Een aanvraag tot wijziging wordt door de minister goedgekeurd nadat is aangetoond, dat het bedrijf ook na de invoering van de wijziging aan de voor de verkrijging van een erkenning gestelde voorwaarden zal blijven voldoen.

2.

De artikelen 30 en 31 zijn van toepassing, met dien verstande dat kan worden volstaan met de gegevens, die voor de aangevraagde wijziging relevant zijn.

3.

Bij wijziging wordt zo nodig een nieuw bewijs van erkenning afgegeven.

4.

Een aanvraag om wijziging wordt uiterlijk vier weken voor de gewenste datum van wijziging ingediend.

Artikel 36
1.

Vanaf het tijdstip van schorsing mag de houder die bevoegdheden, waarop de schorsing van de erkenning betrekking heeft, niet uitoefenen.

2.

Om een schorsing op te heffen wordt aangetoond, dat de omstandigheden, die tot schorsing hebben geleid, zijn opgeheven.

Artikel 37
1.

Vanaf het tijdstip van intrekking mag de houder die bevoegdheden, waarop de intrekking van de erkenning betrekking heeft, niet uitoefenen.

2.

De houder van de erkenning is verplicht het bewijs van erkenning zo spoedig mogelijk aan de minister te zenden.

3.

De minister neemt het bewijs van erkenning in en geeft, in geval van gedeeltelijke intrekking, een nieuw bewijs van erkenning af.

Artikel 38
1.

Het handboek van de aanvrager van een erkenning als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onderdelen a en b, bevat in ieder geval de informatie die is voorgeschreven in de bij deze regeling behorende bijlage C.

2.

Het handboek van de aanvrager van een erkenning als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onderdeel c, bevat de informatie die is voorgeschreven in onderdeel 21.A.243 van Part 21 bij verordening (EU) nr. 748/2012, met in achtneming van de van toepassing zijnde aanvullingen en afwijkingen als bedoeld in de bij deze regeling behorende bijlage E.

3.

In door de minister te bepalen gevallen beschikt de aanvrager over een centraal handboek. Het centrale handboek bevat de hoofdlijnen van en verwijzingen naar het handboek.

4.

De aanvrager zendt wijzigingen in het handboek zo spoedig mogelijk aan de minister.

Artikel 39
1.

De houder van een erkenning als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onderdelen a en b, bewaart de volgende gegevens ten minste gedurende de aangegeven termijn:

2.

De houder van een erkenning als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onderdeel a, die in het bezit is van een MOA of MOA-F, bewaart de gegevens, bedoeld in Part M, subpart F, van verordening (EU) nr. 1321/2014, ten minste gedurende de daarin aangegeven termijnen.

3.

De houder van een erkenning als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onderdeel b, bewaart de gegevens, bedoeld in Part M, subpart G, van verordening (EU) nr. 1321/2014, ten minste gedurende de daarin aangegeven termijnen.

4.

De houder van een erkenning als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onderdeel c, bewaart de verklaring van goedkeuring, de ontwerpgegevens en de technische onderbouwing ten minste tot 2 jaar na het uit dienst nemen van het goedgekeurde ontwerp.

Artikel 40
1.

De houder van een erkenning meldt ernstige tekortkomingen die tijdens het productieproces ontstaan, een ernstig defect of een ernstig gebrek zo spoedig mogelijk, doch in elk geval binnen 72 uur na constatering of het bekend worden ervan, schriftelijk aan de minister.

2.

De melding gaat vergezeld van een zo volledig mogelijke beschrijving van hetgeen werd gevonden en een opgave van de overige van belang zijnde gegevens.

3.

Indien er sprake is van direct gevaar voor het veilig gebruik of de inzittende, meldt de houder van een erkenning de tekortkoming, het ernstig defect of gebrek onmiddellijk aan de minister.

Artikel 41

Indien naar het oordeel van de minister een verbetering van het kwaliteitssysteem noodzakelijk is, treft de houder van een erkenning, met inachtneming van de door de minister gegeven aanwijzingen, maatregelen ter verbetering van het kwaliteitssysteem.

Hoofdstuk 6. Erkende geluidsmeetorganisatie

Artikel 42
1.

De aanvrager wordt erkend nadat deze naar het oordeel van de minister genoegzaam heeft aangetoond, dat hij:

2.

De aanvraag wordt ingediend door de functionaris van de organisatie, die de eindverantwoordelijkheid draagt ten aanzien van het door de organisatie gevoerde beleid.

Artikel 43

Bij de aanvraag verstrekt de aanvrager de volgende gegevens:

Artikel 44

Van de erkenning wordt een bewijs afgegeven.

Artikel 45

Vervallen

Artikel 46
1.

De houder van een erkenning, niet zijnde een eenmansorganisatie, bereidt wijzigingen in het functioneren van de organisatie zodanig voor en voert deze op zodanige wijze uit, dat het kwaliteitssysteem van de houder van de erkenning aantoonbaar in stand en effectief blijft.

2.

De houder van een erkenning, niet zijnde een eenmansorganisatie, dient een aanvraag voor acceptatie van wijziging van de bij de oorspronkelijke aanvraag verstrekte gegevens in bij:

3.

De houder van een erkenning, zijnde een eenmansorganisatie, deelt de minister onverwijld iedere wijziging mee van de bij de laatst ingediende aanvraag verstrekte gegevens volgens artikel 43, aanhef en onder b tot en met f.

4.

De minister kan voorwaarden stellen waaronder de in het derde lid bedoelde wijzigingen worden geaccepteerd.

Artikel 47
1.

Een aanvraag tot wijziging, wordt door de minister goedgekeurd, nadat is aangetoond, dat de organisatie ook na de invoering van de wijziging aan de voor de verkrijging van een erkenning gestelde voorwaarden zal blijven voldoen.

2.

De erkenning als eenmansorganisatie wordt gewijzigd, nadat door tussenkomst van de uitvoerder van de kwaliteitsborgingsfunctie is aangetoond, dat de houder ook na de invoering van de wijziging aan de voor de verkrijging van een erkenning als geluidsmeetorganisatie gestelde voorwaarden zal blijven voldoen.

3.

De artikelen 42 en 43 zijn van toepassing, met dien verstande dat kan worden volstaan met de gegevens, die voor de aangevraagde wijziging relevant zijn.

4.

Bij wijziging wordt zo nodig een nieuw bewijs van erkenning afgegeven.

5.

Een aanvraag om wijziging wordt uiterlijk acht weken voor de gewenste datum van wijziging ingediend.

Artikel 48
1.

Vanaf het tijdstip van schorsing mag de houder die bevoegdheden, waarop de schorsing van de erkenning betrekking heeft, niet uitoefenen.

2.

Om een schorsing op te heffen wordt aangetoond, dat de omstandigheden, die tot schorsing hebben geleid, zijn opgeheven.

Artikel 49
1.

Vanaf het tijdstip van intrekking mag de houder de bevoegdheden, waarop de intrekking van de erkenning betrekking heeft, niet uitoefenen.

2.

De houder van de erkenning is verplicht het bewijs van erkenning zo spoedig mogelijk aan de minister te zenden.

3.

De minister neemt het bewijs van erkenning in en geeft, in geval van gedeeltelijke intrekking, een nieuw bewijs van erkenning af.

Artikel 50
1.

Het handboek van de aanvrager bevat in ieder geval de informatie die is voorgeschreven in de bij deze regeling behorende bijlage D.

2.

De aanvrager zendt wijzigingen in het handboek zo spoedig mogelijk aan de minister.

Artikel 51

De houder van een erkenning bewaart de volgende gegevens ten minste gedurende de aangegeven termijn:

Artikel 52
1.

De houder van een erkenning meldt een defect of een gebrek zo spoedig mogelijk, doch in elk geval binnen 72 uur na de ontdekking ervan, schriftelijk aan de minister.

2.

De melding gaat vergezeld van een zo volledig mogelijke beschrijving van hetgeen werd gevonden en een opgave van de overige van belang zijnde gegevens.

3.

Indien er sprake is van een ernstig defect of gebrek meldt de houder van de erkenning het ernstige defect of het ernstige gebrek onmiddellijk aan de minister.

Artikel 53

Indien naar het oordeel van de minister een verbetering van het kwaliteitssysteem noodzakelijk is, treft de erkende geluidsmeetorganisatie, met inachtneming van de door de minister gegeven aanwijzingen, maatregelen ter verbetering van het kwaliteitssysteem.

Hoofdstuk 7. Slotbepalingen

Artikel 54

De minister publiceert periodiek de volgende gegevens van de houders van een erkenning:

Artikel 55

De Regeling erkenningen luchtwaardigheid en de Regeling JAR-147 opleidingsinstellingen worden ingetrokken.

Artikel 56

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 57

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling erkenningen luchtwaardigheid 2008.

Bijlage A. Erkenningsvoorwaarden voor een erkend inspecteur

Artikel 1. De organisatiestructuur

De aanvrager beschikt over een beschrijving, inclusief een organisatieschema, waaruit de plaats van de aanvrager in de onderneming blijkt.

Artikel 2. Vakbekwaamheid

De aanvrager beschikt met betrekking tot het gebied van de werkzaamheden ten aanzien waarvan hij de erkenning aanvraagt, over:

Artikel 1. De organisatiestructuur

De aanvrager beschikt over een beschrijving, inclusief een organisatieschema, waaruit de plaats van de aanvrager in de onderneming blijkt.

Artikel 1. De organisatiestructuur

De aanvrager beschikt met betrekking tot het gebied van de werkzaamheden ten aanzien waarvan hij de erkenning aanvraagt, over:

Artikel 3. Bedrijfsmiddelen

Ten einde een goede uitvoering van werkzaamheden te kunnen waarborgen, zal de aanvrager:

Artikel 4. Documentatie

De aanvrager beschikt op de werkplek over de van toepassing zijnde voorschriften, specificaties, normen en andere gegevens die ingevolge de aanwijzingen van de minister van toepassing zijn op de certificatieprocessen.

Artikel 6. Kwaliteitsbeleid

De aanvrager is verantwoordelijk voor een kwaliteitssysteem dat in ieder geval de volgende aspecten bevat:

Artikel 8. De productieprocessen

Artikel 7. Het documentatiebeheer

De aanvrager beschikt over een systeem dat waarborgt dat de beschikbare documentatie wordt bijgehouden en actueel blijft.

Artikel 8. De vrijgave

Artikel 10. De meet- en beproevingsmiddelen

De aanvrager zorgt voor een doelmatige en deugdelijke technische administratie met betrekking tot:

Bijlage B. Erkenningsvoorwaarden voor EZT

Artikel 10. Kwaliteitsborging

Het handboek van de aanvrager bevat een beschrijving hoe hij aan de artikelen 4 tot en met 10 voldoet en een wijzigingsprocedure van het handboek.

Artikel 14. De vrijgave

Artikel 15. Een doelmatige en deugdelijke technische administratie

De aanvrager beschikt in de werkplaats over de van toepassing zijnde voorschriften, specificaties, normen en andere gegevens die ingevolge de aanwijzingen van de Minister van toepassing zijn op de materialen, onderdelen, producten en productieprocessen.

Artikel 17. Handboek

De aanvrager is verantwoordelijk voor een kwaliteitssysteem dat in ieder geval de volgende aspecten bevat:

Artikel 1. De organisatiestructuur

Artikel 2. Personeelscapaciteit

De aanvrager beschikt in het bedrijf, daar waar deze voor de uitvoering van de werkzaamheden benodigd zijn, over de van toepassing zijnde voorschriften, specificaties, normen en andere gegevens, die ingevolge de aanwijzingen van de minister van toepassing zijn op de materialen, onderdelen, producten en productieprocessen.

Artikel 4. Documentatie

De aanvrager beschikt in de organisatie, daar waar deze voor de uitvoering van de werkzaamheden benodigd zijn, over de van toepassing zijnde voorschriften, specificaties, normen en andere gegevens.

Artikel 5. Kwaliteitssysteem

De aanvrager waarborgt dat:

Artikel 7. De opleiding, kwalificatie en ervaring van het personeel

Artikel 8. Het geluidsmeetproces

Artikel 10. De meet- en beproevingsmiddelen

De aanvrager zorgt voor een doelmatige en deugdelijke technische administratie met betrekking tot:

Artikel 11. De deugdelijkheid van toegeleverde materialen, onderdelen en producten en uitbestede werkzaamheden

Artikel 10. De identificatie en traceerbaarheid van meetapparatuur

Artikel 11. De geluidsmeetrapporten

Het handboek van de aanvrager bevat een beschrijving hoe hij aan de artikelen 2 tot en met 13 voldoet alsmede een wijzigingsprocedure van het handboek.

Bijlage C. Erkenningsvoorwaarden voor een erkend bedrijf

Artikel 14. Kwaliteitsborging bij een eenmansorganisatie

Artikel 15. Bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de uitvoerder van de kwaliteitsborgingsfunctie bij een eenmansorganisatie

Artikel 16. Handboek

Artikel 1. De organisatiestructuur

De aanvrager beschikt in het bedrijf, daar waar deze voor de uitvoering van de werkzaamheden benodigd zijn, over de van toepassing zijnde voorschriften, specificaties, normen en andere gegevens, die ingevolge de aanwijzingen van de Minister van toepassing zijn op de materialen, onderdelen, producten en productieprocessen.

Artikel 2. Personeelscapaciteit

Artikel 3. Bedrijfsmiddelen

Artikel 4. Documentatie

Artikel 5. Kwaliteitssysteem

De aanvrager waarborgt dat:

Artikel 6. Kwaliteitsbeleid

De aanvrager beschikt over een systeem dat waarborgt, dat de beschikbare documentatie wordt bijgehouden en actueel blijft.

Artikel 8. Het geluidsmeetproces

Artikel 9. Het documentatiebeheer

Artikel 9. Het documentatiebeheer

De aanvrager beschikt over een systeem dat waarborgt dat de beschikbare documentatie wordt bijgehouden en actueel blijft.

Artikel 10. De identificatie en traceerbaarheid van meetapparatuur

Artikel 11. De geluidsmeetrapporten

Artikel 12. Een doelmatige en deugdelijke technische administratie

Artikel 13. De kwaliteitsborging bij een organisatie niet zijnde een eenmansorganisatie

Artikel 14. Kwaliteitsborging bij een eenmansorganisatie

Bijlage D. Erkenningsvoorwaarden voor een erkende geluidsmeetorganisatie

Artikel 16. Handboek

Artikel 2. Personeelscapaciteit

Artikel 3. Bedrijfsmiddelen

Artikel 4. Documentatie

De aanvrager beschikt in de organisatie, daar waar deze voor de uitvoering van de werkzaamheden benodigd zijn, over de van toepassing zijnde voorschriften, specificaties, normen en andere gegevens.

Artikel 5. Kwaliteitssysteem

Artikel 6. Kwaliteitsbeleid

Artikel 7. De opleiding, kwalificatie en ervaring van het personeel

Artikel 8. Het geluidsmeetproces

De aanvrager waarborgt dat de werkzaamheden tijdens het geluidsmeetproces worden uitgevoerd, overeenkomstig de van toepassing zijnde voorschriften en instructies, met gebruikmaking van de van toepassing zijnde bedrijfsmiddelen.

Artikel 9. Het documentatiebeheer

De aanvrager beschikt over een systeem dat waarborgt dat de beschikbare documentatie wordt bijgehouden en actueel blijft.

Artikel 10. De identificatie en traceerbaarheid van meetapparatuur

Artikel 11. De geluidsmeetrapporten

Artikel 12. Een doelmatige en deugdelijke technische administratie

Artikel 13. De kwaliteitsborging bij een organisatie niet zijnde een eenmansorganisatie

Artikel 14. Kwaliteitsborging bij een eenmansorganisatie

Artikel 15. Bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de uitvoerder van de kwaliteitsborgingsfunctie bij een eenmansorganisatie

Artikel 16. Handboek

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 6a
1.

De minister kan op aanvraag de houder van een door de minister afgegeven CAMO-erkenning aanvullend erkennen voor het uitvoeren van een acceptatiekeuring ten behoeve van de afgifte van een EASA-standaard-BvL, een EASA-beperkt-BvL dan wel een export-BvL voor een, in Nederland geregistreerd, luchtvaartuig als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b, van de basisverordening en de daarbij behorende verklaringen.

2.

De minister geeft deze aanvullende erkenning af indien de aanvrager zijn handboek heeft aangevuld met een procedure met betrekking tot deze keuringen en verklaringen.

3.

De minister kan de aanvullende erkenning tot het uitvoeren van acceptatiekeuringen intrekken, indien:

Hoofdstuk 3. Erkend inspecteur

Hoofdstuk 4. Erkend zweefvliegtechnicus (EZT)

Hoofdstuk 5. Bedrijfserkenningen op basis van Nederlandse eisen

Artikel 29a
1.

De minister kan op aanvraag aan een bedrijf de volgende erkenningen afgeven:

De erkenning voor de activiteiten, bedoeld onder a tot en met c, is slechts mogelijk voor zover het een luchtvaartuig betreft als bedoeld in de onderdelen a, b en d van bijlage II bij de basisverordening of dat volledig wordt ingezet voor niet-militaire staatsactiviteiten of diensten.

2.

De minister kan op aanvraag de houder van een erkenning als bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, de bevoegdheid verlenen tot het aanvullend erkennen voor:

Artikel 36a
1.

De minister kan de bevoegdheid tot het uitvoeren van BvL-verlengingsinspecties of acceptatiekeuringen als bedoeld in artikel 29a, tweede lid, intrekken, indien:

Hoofdstuk 6. Erkende geluidsmeetorganisatie

Hoofdstuk 7. Slotbepalingen

Bijlage A. Erkenningsvoorwaarden voor een erkend inspecteur

Artikel 1. De organisatiestructuur

De aanvrager beschikt over een beschrijving, inclusief een organisatieschema, waaruit de plaats van de aanvrager in de onderneming blijkt.

Artikel 2. Vakbekwaamheid

De aanvrager beschikt met betrekking tot het gebied van de werkzaamheden ten aanzien waarvan hij de erkenning aanvraagt, over:

Artikel 2. Personeelscapaciteit

Ten einde een goede uitvoering van werkzaamheden te kunnen waarborgen, zal de aanvrager:

Artikel 4. Documentatie

De aanvrager beschikt in het bedrijf, daar waar deze voor de uitvoering van de werkzaamheden benodigd zijn, over de van toepassing zijnde voorschriften, specificaties, normen en andere gegevens, die ingevolge de aanwijzingen van de minister van toepassing zijn op de materialen, onderdelen, producten en productieprocessen.

Artikel 5. Kwaliteitssysteem

De aanvrager is verantwoordelijk voor een kwaliteitssysteem dat in ieder geval de volgende aspecten bevat:

Artikel 7. De opleiding, kwalificatie en ervaring van het personeel

De certificatieprocessen van de aanvrager waarborgen dat de werkzaamheden worden uitgevoerd, overeenkomstig de van toepassing zijnde specificaties, voorschriften en instructies zodat de resultaten van het certificatieproces aan een vooraf vastgestelde kwaliteit voldoen.

Artikel 12. De opslag van materialen en producten

Bijlage B. Erkenningsvoorwaarden voor EZT

Vervallen

Bijlage B. Erkenningsvoorwaarden voor EZT

Vervallen

Artikel 16. De kwaliteitsborging

Artikel 2. Personeelscapaciteit

De aanvrager beschikt in het bedrijf, daar waar deze voor de uitvoering van de werkzaamheden benodigd zijn, over de van toepassing zijnde voorschriften, specificaties, normen en andere gegevens, die ingevolge de aanwijzingen van de Minister van toepassing zijn op de materialen, onderdelen, producten en productieprocessen.

Artikel 3. Bedrijfsmiddelen

Artikel 6. Kwaliteitsbeleid

De aanvrager beschikt over een systeem dat waarborgt, dat de beschikbare documentatie wordt bijgehouden en actueel blijft.

Artikel 9. Het documentatiebeheer

De aanvrager zorgt voor een goede opslag van en een goede handelwijze met materialen, halffabrikaten, onderdelen en producten, zodat:

Artikel 12. Een doelmatige en deugdelijke technische administratie

Artikel 13. De kwaliteitsborging bij een organisatie niet zijnde een eenmansorganisatie

Bijlage D. Erkenningsvoorwaarden voor een erkende geluidsmeetorganisatie

Artikel 1. De organisatiestructuur

De aanvrager beschikt in de organisatie, daar waar deze voor de uitvoering van de werkzaamheden benodigd zijn, over de van toepassing zijnde voorschriften, specificaties, normen en andere gegevens.

Artikel 5. Kwaliteitssysteem

Artikel 7. De opleiding, kwalificatie en ervaring van het personeel

De aanvrager waarborgt dat de werkzaamheden tijdens het geluidsmeetproces worden uitgevoerd, overeenkomstig de van toepassing zijnde voorschriften en instructies, met gebruikmaking van de van toepassing zijnde bedrijfsmiddelen.

De aanvrager beschikt over een systeem dat waarborgt dat de beschikbare documentatie wordt bijgehouden en actueel blijft.

Artikel 10. De identificatie en traceerbaarheid van meetapparatuur

Artikel 15. Bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de uitvoerder van de kwaliteitsborgingsfunctie bij een eenmansorganisatie

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 1a

Deze regeling is gebaseerd op de artikelen 1.5 en 3.25 van de Wet luchtvaart en de artikelen 18, tweede lid, 19, tweede lid, onderdelen c en g, en 20 van het Besluit luchtvaartuigen 2008.

Hoofdstuk 2. Europese erkenningen

Hoofdstuk 3. Erkend inspecteur

Hoofdstuk 4. Erkend zweefvliegtechnicus (EZT)

Hoofdstuk 5. Bedrijfserkenningen op basis van Nederlandse eisen

Hoofdstuk 6. Erkende geluidsmeetorganisatie

Hoofdstuk 7. Slotbepalingen

Bijlage A. Erkenningsvoorwaarden voor een erkend inspecteur

Vervallen

De aanvrager waarborgt dat:

Artikel 9. Het documentatiebeheer

De aanvrager beschikt over een systeem dat waarborgt, dat de beschikbare documentatie wordt bijgehouden en actueel blijft.

Artikel 11. De deugdelijkheid van toegeleverde materialen, onderdelen en producten en uitbestede werkzaamheden

De aanvrager zorgt voor een doelmatige en deugdelijke technische administratie met betrekking tot:

Artikel 13. De identificatie en traceerbaarheid van materialen, onderdelen en producten

Het handboek van de aanvrager bevat een beschrijving hoe hij aan de artikelen 4 tot en met 10 voldoet en een wijzigingsprocedure van het handboek.

Bijlage C. Erkenningsvoorwaarden voor een erkend bedrijf

Artikel 6. Kwaliteitsbeleid

De aanvrager waarborgt dat:

De aanvrager waarborgt dat de werkzaamheden tijdens het geluidsmeetproces worden uitgevoerd, overeenkomstig de van toepassing zijnde voorschriften en instructies, met gebruikmaking van de van toepassing zijnde bedrijfsmiddelen.

De aanvrager zorgt voor een goede opslag van en een goede handelwijze met materialen, halffabrikaten, onderdelen en producten, zodat:

Bijlage E. bedoeld inartikel 30, onderdeel c, 2°, enartikel 38, tweede lid, van de Regeling erkenningen luchtwaardigheid 2008

De minister geeft een nationale ontwerperkenning af overeenkomstig verordening Bijlage I (Part 21) van verordening (EU) nr. 748/2012, en bijbehorend AMC en GM materiaal, met dien verstande dat:

De aanvrager beschikt in de organisatie, daar waar deze voor de uitvoering van de werkzaamheden benodigd zijn, over de van toepassing zijnde voorschriften, specificaties, normen en andere gegevens.

De aanvrager waarborgt dat de werkzaamheden tijdens het geluidsmeetproces worden uitgevoerd, overeenkomstig de van toepassing zijnde voorschriften en instructies, met gebruikmaking van de van toepassing zijnde bedrijfsmiddelen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Bijlage E. , bedoeld inartikel 30, onderdeel c, 2°, enartikel 38, tweede lid, van de Regeling erkenningen luchtwaardigheid 2008

De minister geeft een nationale ontwerperkenning af overeenkomstig verordening Bijlage I (Part 21) van verordening (EU) nr. 748/2012, en bijbehorend AMC en GM materiaal, met dien verstande dat:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Bijlage B. Erkenningsvoorwaarden voor EZT

Vervallen

Bijlage C. Erkenningsvoorwaarden voor een erkend bedrijf

De aanvrager zorgt voor een goede opslag van en een goede handelwijze met materialen, halffabrikaten, onderdelen en producten, zodat:

Bijlage D. Erkenningsvoorwaarden voor een erkende geluidsmeetorganisatie

De aanvrager beschikt over een systeem dat waarborgt dat de beschikbare documentatie wordt bijgehouden en actueel blijft.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.