Regeling van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 23 juni 2014, nr. WJZ/14101260, houdende regels met betrekking tot het houden van dieren
- •. indien een varken gedurende het verblijf in de toevoegstal overlijdt, biedt de varkenshouder het varken overeenkomstig verordening (EU) 2019/627 aan voor sectie om te worden onderzocht op aangewezen besmettelijke dierziekten.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 7d.1. Ontheffing
Overeenkomstig artikel 16, eerste lid, van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 kan de minister goedkeuring geven om in het wild gevangen of niet overeenkomstig de biologische productiemethode geproduceerde aquacultuurdieren in een biologisch bedrijf binnen te brengen overeenkomstig bijlage II, deel III, punt 3.1.2.1, onderdeel d, van verordening (EU) 2018/848.
Overeenkomstig artikel 16, eerste lid, van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 kan de minister goedkeuring geven om wild zaad van weekdieren te verzamelen overeenkomstig bijlage II, deel III, punt 3.2.1, onderdeel d, van verordening (EU) 2018/848.
Artikel 7d.2. Opkweekdoeleinden
Overeenkomstig artikel 16, eerste lid, van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 kan de minister voor opkweekdoeleinden toestemming geven dat in een biologische productie-eenheid gebruik wordt gemaakt van maximaal 50 procent niet-biologische juvenielen overeenkomstig punt 3.1.2.1, onderdeel e, van bijlage II, deel III, van verordening (EU) 2018/848 en onder de daar opgenomen voorwaarden en beperkingen.
Hoofdstuk 7d. Voorschriften biologische productie aquacultuur en weekdieren
Hoofdstuk 8a. Het houden en bijeenbrengen van evenhoevigen, pluimvee of in gevangenschap levende vogels voor vertoning
§ 8a.1. Tentoonstellen en keuren van runderen, schapen of geiten
§ 8a.1. Tentoonstellen en keuren van runderen, schapen of geiten
§ 8a.2. Tentoonstellen, keuring en wedvluchten van pluimvee of in gevangenschap levende vogels
§ 8a.2. Tentoonstellen, keuring en wedvluchten van pluimvee of in gevangenschap levende vogels
§ 8b.1. Begripsbepalingen
Hoofdstuk 8c. Verplaatsing waterdieren naar lidstaten
Hoofdstuk 9. Overige bepalingen
Hoofdstuk 8d. Verplaatsingen van in gevangenschap levende vogels
Hoofdstuk 10. Wijziging en intrekking van regelingen
Tabel 1
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren die gehouden kunnen worden zonder toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Tabel 1
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren, die gehouden kunnen worden met toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Bijlage 8. Voorzieningen reinigings- en ontsmettingsplaats als bedoeld in artikel 6.1
-
- Het bedrijf is voorzien van een verharde plaats die geschikt is om de reiniging en ontsmetting van vervoermiddelen, waarmee evenhoevigen op het bedrijf zijn aangevoerd, uit te voeren en die de gehele lengte van het vervoermiddel beslaat, in voorkomende gevallen inclusief geopende laadklep.
-
- De plaats is zodanig aangelegd dat water en eventueel andere vloeistoffen niet in het grond- of oppervlaktewater terecht kunnen komen. De plaats is voorzien van een zodanige afvoer dat water en eventueel andere vloeistoffen die bij de reiniging en ontsmetting worden gebruikt, niet in het grond- of oppervlaktewater terecht kunnen komen.
-
- Op de plaats, bedoeld onder 1, is er beschikking over voldoende water om de reiniging en ontsmetting van de vervoermiddelen uit te kunnen voeren.
-
- De plaats, bedoeld onder 1, kan op zodanige wijze worden verlicht dat de reiniging en ontsmetting van vervoermiddelen te allen tijde onbelemmerd en naar behoren kan plaatsvinden.
-
- Op het bedrijf zijn, in de nabijheid van de plaats bedoeld onder 1, voorzieningen aanwezig waarmee ontsmettingsmiddelen kunnen worden toegepast.
-
- Op het bedrijf zijn in de nabijheid van de plaats bedoeld onder 1, voldoende reinigings- en ontsmettingsmiddelen aanwezig die voor dat doel op grond van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden zijn toegelaten.
-
- Op het bedrijf is een voorziening aanwezig waar de chauffeurs van de vervoermiddelen die evenhoevigen op het bedrijf lossen hun handen kunnen wassen met warm water en zeep en kunnen drogen.
-
- Op het bedrijf is een voorziening aanwezig voor het reinigen van de gebruikte laarzen of worden bedrijfseigen laarzen gebruikt en zijn bedrijfsoveralls beschikbaar.
Bijlage 9. Aangewezen besmettelijke dierziekten als bedoeld in artikel 6.3
Vervallen
1. Vermeerderingsdieren van de soort kip of kalkoen, kippen of kalkoenen die worden opgefokt tot vermeerderingsdier, leghennen of dieren die worden opgefokt tot leghen
1. Vermeerderingsdieren van de soort kip of kalkoen, kippen of kalkoenen die worden opgefokt tot vermeerderingsdier, leghennen of dieren die worden opgefokt tot leghen
Bijlage 9. Aangewezen besmettelijke dierziekten als bedoeld in artikel 6.3
Vervallen
Bijlage 13. Verklaring van vaccinatie van duiven tegen Newcastle Disease als bedoeld in artikel 8a.5, tweede lid
De volgende persoon:
Naam en voorletters:
Adres, postcode, plaats, land:
verklaart dat hij/zij eigenaar/houder is van (aantal):..... postduiven. Het de volgende ringnummers:
Datum:......
Handtekening:...
Ondergetekende dierenarts verklaart dat bovengenoemde duiven volgens bijsluiter gevaccineerd zijn tegen paramyxovirus.
| Datum | |
|---|---|
| Entstof | |
| Batch nummer | |
| Vervaldatum vaccin | |
| --- | --- |
Naam, stempel en handtekening van de bevoegde dierenarts
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
§ 1.1. Registratie aangewezen diergeneesmiddelen
§ 1.2. Bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan
§ 2. Kwaliteitscontrole
Artikel 5b.14a. Voorschriften aanbrengen identificatiemiddel paardachtigen
Een injecteerbare transponder voor paardachtigen wordt uitsluitend aangebracht door een dierenarts of een persoon die de opleiding tot paardenpaspoortconsulent, aangeboden door de ‘Koepel Fokkerij’ voor Paardachtigen, met succes heeft afgerond.
§ 5b.2.4. Nadere voorschriften voor injecteerbare transponders
Afdeling 5b.3. Regels identificatiemiddelen en merken voor diersoorten
§ 5b.3.1. Runderen
§ 5b.3.2. Schapen en geiten
§ 5b.3.3. Varkens
§ 5b.3.4. Paardachtigen
§ 5b.3.4. Paardachtigen
§ 5b.3.6. Honden
Afdeling 5b.4. Regels over het doorgeven van gegevens aan het geautomatiseerde gegevensbestand
§ 5b.4.2. Schapen en geiten
§ 5b.4.3. Varkens
§ 5b.4.4. Paardachtigen
Artikel 5b.64a. Herstel en intrekking
Een exploitant die paardachtigen houdt, kan de gegevens, bedoeld in artikel 9 van verordening (EU) nr. 2021/963, en de gegevens die op grond van artikel 5b.64, tweede lid, zijn doorgegeven, herstellen of intrekken.
Het verzoek tot herstel of intrekking van gegevens geschiedt met gebruikmaking van een middel dat daartoe door de minister beschikbaar is gesteld.
Afdeling 5b.4a. Regels over registraties door houders van honden
§ 5b.4a.1. Registraties via een aangewezen elektronisch portaal
Afdeling 5b.5. Regels over identificatiedocumenten en verplaatsingsdocumenten
§ 5b.5.5. Gehouden landdieren en gehouden vogels in reizende circussen en dierennummers
Afdeling 5b.6. Overige bepalingen
§ 5c.1. Bijeenbrengen van dieren
§ 5c.1. Bijeenbrengen van dieren
Hoofdstuk 5d. Handel met derde landen van dieren
Hoofdstuk 7. Gezondheidsvoorschriften houden van varkens voor de productie
§ 7.1. Vervoer van en naar locaties met varkens
§ 7.1. Vervoer van en naar locaties met varkens
Hoofdstuk 7a. Gezondheidsvoorschriften houden van runderen voor de productie
§ 7b.1. Welzijnsvoorschriften verzorging vleeskuikens
§ 7b.2. Handelsnormen pluimvee
§ 7b.3. Gezondheidsvoorschriften
§ 7b.3.1. Monitoring aviaire influenza
§ 7b.3.2. Monitoring mycoplasma spp. en salmonella-serotypen
§ 7b.3.3. Vaccinatie en monitoring Newcastle disease
§ 7b.3.4. Monitoring zoönotische Salmonella
§ 7b.3.4.2. EU-monitoring
Artikel 7b.50. Verbod verplaatsing pluimvee
Als categorie pluimvee als bedoeld in artikel 2.76if, eerste lid, van het besluit wordt aangewezen: leghennen.
Hoofdstuk 7c. Houden van schapen voor de productie
§ 7c.1. Gezondheidsvoorschriften
Hoofdstuk 7d. Voorschriften biologische productie aquacultuur en weekdieren
Hoofdstuk 8a. Het houden en bijeenbrengen van evenhoevigen, pluimvee of in gevangenschap levende vogels voor vertoning
§ 8a.1. Tentoonstellen en keuren van runderen, schapen of geiten
Hoofdstuk 8b. Niet-commerciële verkeer van honden, katten en fretten
§ 8b.2. Uitvoering verordening (EU) nr. 576/2013
§ 8b.1. Begripsbepalingen
Hoofdstuk 8c. Verplaatsing waterdieren naar lidstaten
Hoofdstuk 9. Overige bepalingen
Hoofdstuk 8d. Verplaatsingen aan de grens met België
Hoofdstuk 10. Wijziging en intrekking van regelingen
Bijlage 1. Aangewezen diersoorten en diercategorieën als bedoeld in artikel 2.1 van de Regeling houders van dieren
Positieflijst huisdierenlijst
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren die gehouden kunnen worden zonder toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Tabel 1
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren, die gehouden kunnen worden met toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
1. Vermeerderingsdieren van de soort kip of kalkoen, kippen of kalkoenen die worden opgefokt tot vermeerderingsdier, leghennen of dieren die worden opgefokt tot leghen
Bijlage 13. Verklaring van vaccinatie van duiven tegen Newcastle Disease als bedoeld in artikel 8a.5, tweede lid
De volgende persoon:
Naam en voorletters:
Adres, postcode, plaats, land:
verklaart dat hij/zij eigenaar/houder is van (aantal):..... postduiven. Het de volgende ringnummers:
Datum:......
Handtekening:...
Ondergetekende dierenarts verklaart dat bovengenoemde duiven volgens bijsluiter gevaccineerd zijn tegen paramyxovirus.
| Datum | |
|---|---|
| Entstof | |
| Batch nummer | |
| Vervaldatum vaccin | |
| --- | --- |
Naam, stempel en handtekening van de bevoegde dierenarts
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Hoofdstuk 8a. Het houden en bijeenbrengen van evenhoevigen, pluimvee of in gevangenschap levende vogels voor vertoning
§ 8a.1. Tentoonstellen en keuren van runderen, schapen of geiten
Hoofdstuk 8b. Niet-commerciële verkeer van honden, katten en fretten
§ 8b.2. Uitvoering verordening (EU) nr. 576/2013
Hoofdstuk 8c. Verplaatsing waterdieren naar lidstaten
Hoofdstuk 9. Overige bepalingen
Hoofdstuk 10. Wijziging en intrekking van regelingen
Tabel 2
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren, die gehouden kunnen worden met toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Bijlage 12. Te behalen waarde bij vaccinatie Newcastle disease als bedoeld in de artikelen 7b.36, 7b.37 en 7b.38
2. Vleeskuikens en vleeskalkoenen
1. Vermeerderingsdieren van de soort kip of kalkoen, kippen of kalkoenen die worden opgefokt tot vermeerderingsdier, leghennen of dieren die worden opgefokt tot leghen
Bijlage 14. verklaring van vaccinatie andere in gevangenschap levende vogels tegen Newcastle Disease als bedoeld in artikel 8a.5, tweede lid
De volgende persoon:
Naam en voorletters:
Wondende te: (adres, postcode, plaats):
verklaart dat hij/zij eigenaar/houder is van de volgende vogels:
| Ras/soort | Aantal | Ringnummers |
|---|---|---|
Datum:
Handtekening:
Ondergetekende persoon... (naam, voorletters), wondende te... (adres, postcode en plaats), verklaart dat:
- •. hij/zij bekwaam is om de vaccinatie uit te voeren.
- •. Hij/zij de bovenomschreven vogels, voor zover ouder dan 30 dagen, volgens de bijsluiter, tegen pseudeo-vogelpest heeft gevaccineerd.
| Entstof | |
|---|---|
| Batch nummer | |
| Vervaldatum vaccin |
Datum: ......
Handtekening: .....
Bijlage 9. Aangewezen besmettelijke dierziekten als bedoeld in artikel 6.3
Vervallen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 5a.11. Uitzonderingen documentatieplicht bepaalde inrichtingen aquacultuurinrichtingen en vervoerders van bepaalde categorieën waterdieren
Artikel 186, eerste lid, aanhef in samenhang met de onderdelen c, d, en e, van verordening (EU) nr. 2016/429 is niet van toepassing op aquacultuurinrichtingen die voldoen aan artikel 4, eerste lid, onderdelen a en b, van verordening (EU) nr. 2021/2037.
Artikel 188, eerste lid, van verordening (EU) nr. 2016/429 is niet van toepassing op vervoerders van de in artikel 4, tweede lid, van de verordening (EU) nr. 2021/2037 genoemde categorieën waterdieren als aan de in dat lid genoemde voorwaarden is voldaan.
Afdeling 5b.1. Documentatieverplichtingen
Afdeling 5b.2. Algemene regels identificatiemiddelen en merken
§ 5b.2.1. Goedkeuring modellen
§ 5b.2.2. Verstrekking identificatiemiddelen en merken
§ 5b.2.3. Aanbrengen van identificatiemiddelen en merken
§ 5b.2.4. Nadere voorschriften voor injecteerbare transponders
Afdeling 5b.3. Regels identificatiemiddelen en merken voor diersoorten
§ 5b.3.1. Runderen
§ 5b.3.2. Schapen en geiten
§ 5b.3.3. Varkens
§ 5b.3.4. Paardachtigen
§ 5b.3.5. Kameel- of hertachtigen
§ 5b.3.6. Honden
Afdeling 5b.4. Regels over het doorgeven van gegevens aan het geautomatiseerde gegevensbestand
§ 5b.4.1. Runderen
§ 5b.4.2. Schapen en geiten
§ 5b.4.3. Varkens
§ 5b.4.5. Vogels
Afdeling 5b.5. Regels over identificatiedocumenten en verplaatsingsdocumenten
§ 5b.5.1. Runderen
§ 5b.5.1. Runderen
§ 5b.5.3. Varkens
§ 5b.5.4. Paardachtigen
§ 5b.5.5. Gehouden landdieren en gehouden vogels in reizende circussen en dierennummers
Afdeling 5b.6. Overige bepalingen
Hoofdstuk 5c. Bijeenbrengen van dieren
§ 5c.2. Erkend verzamelcentrum voor de Nederlandse markt
§ 5c.3. Verzamelen van dieren voor de Nederlands markt
Hoofdstuk 5d. Handel met derde landen van dieren
Hoofdstuk 5d. Handel met derde landen van dieren
Hoofdstuk 7. Gezondheidsvoorschriften houden van varkens voor de productie
§ 7.2. Monitoringsvoorschriften
Hoofdstuk 7a. Gezondheidsvoorschriften houden van runderen voor de productie
Hoofdstuk 7a. Gezondheidsvoorschriften houden van runderen voor de productie
§ 7b.1. Welzijnsvoorschriften verzorging vleeskuikens
§ 7b.2. Handelsnormen pluimvee
§ 7b.3. Gezondheidsvoorschriften
§ 7b.3.1. Monitoring aviaire influenza
§ 7b.3.2. Monitoring mycoplasma spp. en salmonella-serotypen
§ 7b.3.3. Vaccinatie en monitoring Newcastle disease
§ 7b.3.4. Monitoring zoönotische Salmonella
§ 7b.3.4.1. Algemeen
§ 7b.3.4.2. EU-monitoring
Hoofdstuk 8. Bedrijfsmatig houden van dieren anders dan voor landbouwdoeleinden
§ 8a.1. Tentoonstellen en keuren van runderen, schapen of geiten
Hoofdstuk 8b. Niet-commerciële verkeer van honden, katten en fretten
§ 8b.1. Begripsbepalingen
§ 8b.2. Uitvoering verordening (EU) nr. 576/2013
Hoofdstuk 8c. Verplaatsing waterdieren naar lidstaten
Hoofdstuk 10. Wijziging en intrekking van regelingen
Positieflijst huisdierenlijst
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren die gehouden kunnen worden zonder toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Tabel 1
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren, die gehouden kunnen worden met toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
2. Vleeskuikens en vleeskalkoenen
Bijlage 10. Monsterprocedure ten behoeve van het serologisch onderzoek als bedoeld in de artikelen 7.1, eerste lid, onderdeel a, en 7.3, eerste lid
| Aantal varkens in de toevoegstal onderscheidenlijk aantal op het A-bedrijf of C-bedrijf aanwezige varkens van ten minste 25 kg, of de zwaarste dieren die aanwezig zijn op een E-bedrijf: | Aantal daarvan te onderzoeken varkens |
|---|---|
| 31 of meer | 12 |
| 11 tot en met 30 | 9 |
| 7 tot en met 10 | 7 |
| 1 tot en met 6 | alle |
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 9.5. Noodsysteem
Een noodsysteem als bedoeld in artikel 2.5, vijfde lid, van het besluit, bevat een noodstroomaggregaat dat:
- a. na alarmering door het alarmsysteem:
- 1°. direct in werking treedt in het geval van automatische doorkoppeling; of
- 2°. onverwijld in werking treedt in het geval van handmatige doorkoppeling, waarbij op geen enkel moment risico’s ontstaan voor de gezondheid of het welzijn van de dieren;
- b. direct kan worden aangesloten op een externe aanvoering, voor zover het een handmatig aan te sluiten noodstroomaggregaat betreft.
Het noodsysteem wordt maandelijks onbelast getest.
Het noodsysteem wordt ten minste één keer per jaar belast getest.
Direct na het testen worden geregistreerd:
- a. de datum en het tijdstip van testen;
- b. eventuele onregelmatigheden of defecten die zijn geconstateerd; en
- c. uitgevoerde herstelacties.
De registraties, bedoeld in het vierde lid, worden ten minste dertien maanden bewaard.
Het noodstroomaggregaat is in een ruimte opgesteld waar tevens aanwezig is:
- a. een handleiding over de bediening en de aansluiting van het noodstroomaggregaat; en
- b. voldoende brandstof om het noodstroomaggregaat zes uur te kunnen laten draaien.
Artikel 9.6. Alarmsysteem en alarmplan
Een alarmsysteem, bedoeld in artikel 2.5, zesde lid, van het besluit:
- a. heeft ten minste twee parallelle verbindingen om de houder van dieren direct te alarmeren;
- b. functioneert onafhankelijk van netspanning; en
- c. maakt gebruik van een bewaakte verbinding.
Het alarmsysteem wordt maandelijks getest.
Direct na het testen worden geregistreerd:
- a. de datum en het tijdstip van testen;
- b. eventuele onregelmatigheden of defecten die zijn geconstateerd; en
- c. uitgevoerde herstelacties.
De registraties, bedoeld in het derde lid, worden ten minste dertien maanden bewaard.
De houder van dieren zorgt ervoor dat op het bedrijf een actueel alarmplan aanwezig is waarin een beschrijving is opgenomen van:
- a. de methode van testen van de verschillende onderdelen van het systeem;
- b. de benodigde hoeveelheid brandstof om het noodstroomaggregaat zes uur te laten draaien;
- c. de wijze van alarmering;
- d. de namen en telefoonnummers van de alarmopvolgers en de volgorde waarin met hen contact wordt opgenomen;
- e. de te treffen handelingen op het moment dat een alarm afgaat; en
- f. de contactgegevens van een elektrotechnische storingsdienst.
De houder van dieren:
- a. informeert de alarmopvolgers over de wijze waarop en plek waar het alarmplan wordt bewaard; en
- b. draagt er zorg voor dat de alarmopvolgers te allen tijde toegang hebben tot het alarmplan.
Artikel 9.7. Wederzijdse erkenning
Met een alarmsysteem als bedoeld in artikel 9.6 worden gelijkgesteld alarmsystemen die rechtmatig zijn vervaardigd of in de handel zijn gebracht in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij een tot een douane-unie strekkend Verdrag, dan wel rechtmatig zijn vervaardigd in een staat die partij is bij een tot een vrijhandelszone strekkend Verdrag dat Nederland bindt, en die voldoen aan eisen die een beschermingsniveau bieden dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de nationale eisen wordt nagestreefd.
Hoofdstuk 11. Slotbepalingen
Tabel 1
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren die gehouden kunnen worden zonder toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Tabel 1
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren, die gehouden kunnen worden met toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
2. Vleeskuikens en vleeskalkoenen
1. Vermeerderingsdieren van de soort kip of kalkoen, kippen of kalkoenen die worden opgefokt tot vermeerderingsdier, leghennen of dieren die worden opgefokt tot leghen
Bijlage 14. verklaring van vaccinatie andere in gevangenschap levende vogels tegen Newcastle Disease als bedoeld in artikel 8a.5, tweede lid
De volgende persoon:
Naam en voorletters:
Wondende te: (adres, postcode, plaats):
verklaart dat hij/zij eigenaar/houder is van de volgende vogels:
| Ras/soort | Aantal | Ringnummers |
|---|---|---|
Datum:
Handtekening:
Ondergetekende persoon... (naam, voorletters), wondende te... (adres, postcode en plaats), verklaart dat:
- •. hij/zij bekwaam is om de vaccinatie uit te voeren.
- •. Hij/zij de bovenomschreven vogels, voor zover ouder dan 30 dagen, volgens de bijsluiter, tegen pseudeo-vogelpest heeft gevaccineerd.
| Entstof | |
|---|---|
| Batch nummer | |
| Vervaldatum vaccin |
Datum: ......
Handtekening: .....
Bijlage 13. Verklaring van vaccinatie van duiven tegen Newcastle Disease als bedoeld in artikel 8a.5, tweede lid
De volgende persoon:
Naam en voorletters:
Adres, postcode, plaats, land:
verklaart dat hij/zij eigenaar/houder is van (aantal):..... postduiven. Het de volgende ringnummers:
Datum:......
Handtekening:...
Ondergetekende dierenarts verklaart dat bovengenoemde duiven volgens bijsluiter gevaccineerd zijn tegen paramyxovirus.
| Datum | |
|---|---|
| Entstof | |
| Batch nummer | |
| Vervaldatum vaccin | |
| --- | --- |
Naam, stempel en handtekening van de bevoegde dierenarts
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 5a.0. Begripsbepaling
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: ‘stal’: ruimte met een omsloten luchtvolume die is bestemd om er uitsluitend één koppel in te houden.
Hoofdstuk 5b. Identificatie en registratie van dieren
Afdeling 5b.1. Documentatieverplichtingen
Afdeling 5b.2. Algemene regels identificatiemiddelen en merken
§ 5b.2.1. Goedkeuring modellen
§ 5b.2.2. Verstrekking identificatiemiddelen en merken
§ 5b.2.4. Nadere voorschriften voor injecteerbare transponders
Afdeling 5b.3. Regels identificatiemiddelen en merken voor diersoorten
§ 5b.3.3. Varkens
§ 5b.3.5. Kameel- of hertachtigen
§ 5b.3.6. Honden
Afdeling 5b.4. Regels over het doorgeven van gegevens aan het geautomatiseerde gegevensbestand
§ 5b.4.1. Runderen
§ 5b.4.2. Schapen en geiten
§ 5b.4.3. Varkens
§ 5b.4.4. Paardachtigen
Afdeling 5b.4a. Regels over registraties door houders van honden
§ 5b.4a.1. Registraties via een aangewezen elektronisch portaal
§ 5b.4a.2. Registraties bij de minister
Afdeling 5b.5. Regels over identificatiedocumenten en verplaatsingsdocumenten
§ 5b.5.6. Honden, katten en fretten
Afdeling 5b.6. Overige bepalingen
Hoofdstuk 5c. Bijeenbrengen van dieren
§ 5c.1. Bijeenbrengen van dieren
§ 5c.3. Verzamelen van dieren voor de Nederlands markt
Hoofdstuk 6. Reinigen en ontsmetten
Hoofdstuk 7. Gezondheidsvoorschriften houden van varkens voor de productie
§ 7.1. Vervoer van en naar locaties met varkens
Hoofdstuk 7b. Houden van pluimvee en andere in gevangenschap levende vogels voor de productie
§ 7b.1. Welzijnsvoorschriften verzorging vleeskuikens
§ 7b.3. Gezondheidsvoorschriften
§ 7b.3.1. Monitoring aviaire influenza
§ 7b.3.2. Monitoring mycoplasma spp. en salmonella-serotypen
§ 7b.3.3. Vaccinatie en monitoring Newcastle disease
§ 7b.3.4.3. Aanvullende monitoringsvoorschriften
Hoofdstuk 7c. Houden van schapen voor de productie
§ 7c.1. Gezondheidsvoorschriften
Hoofdstuk 7d. Voorschriften biologische productie aquacultuur en weekdieren
Hoofdstuk 8. Bedrijfsmatig houden van dieren anders dan voor landbouwdoeleinden
Hoofdstuk 8a. Het houden en bijeenbrengen van evenhoevigen, pluimvee of in gevangenschap levende vogels voor vertoning
Hoofdstuk 8b. Niet-commerciële verkeer van honden, katten en fretten
§ 8b.3. Aanvullende regels ter uitvoering van verordening (EU) nr. 576/2013
Hoofdstuk 11. Slotbepalingen
Positieflijst huisdierenlijst
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren die gehouden kunnen worden zonder toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Positieflijst huisdierenlijst
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren die gehouden kunnen worden zonder toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
2. Vleeskuikens en vleeskalkoenen
Bijlage 14. verklaring van vaccinatie andere in gevangenschap levende vogels tegen Newcastle Disease als bedoeld in artikel 8a.5, tweede lid
De volgende persoon:
Naam en voorletters:
Wondende te: (adres, postcode, plaats):
verklaart dat hij/zij eigenaar/houder is van de volgende vogels:
| Ras/soort | Aantal | Ringnummers |
|---|---|---|
Datum:
Handtekening:
Ondergetekende persoon... (naam, voorletters), wondende te... (adres, postcode en plaats), verklaart dat:
- •. hij/zij bekwaam is om de vaccinatie uit te voeren.
- •. Hij/zij de bovenomschreven vogels, voor zover ouder dan 30 dagen, volgens de bijsluiter, tegen pseudeo-vogelpest heeft gevaccineerd.
| Entstof | |
|---|---|
| Batch nummer | |
| Vervaldatum vaccin |
Datum: ......
Handtekening: .....
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 8d.1. Afwijking voorschriften verplaatsingen in gevangenschap levende vogels
In afwijking van artikel 126, eerste lid, aanhef en onderdeel d, in samenhang met artikel 143, eerste lid, aanhef en onderdeel d, van verordening (EU) nr. 2016/429 is het toegestaan in gevangenschap levende vogels als bedoeld in voornoemde verordening zonder een diergezondheidscertificaat vanuit België in Nederland te brengen en te verplaatsen of vanuit Nederland naar België te verplaatsen indien voldaan is aan het Reglement inzake verplaatsingen van in gevangenschap levende vogels aan de intra-Benelux grenzen, opgenomen in de bijlage bij de beschikking van het Benelux Comité van Ministers van 11 december 2023, M (2023) 14.
Hoofdstuk 9. Overige bepalingen
Hoofdstuk 11. Slotbepalingen
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren, die gehouden kunnen worden met toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Bijlage 13. Verklaring van vaccinatie van duiven tegen Newcastle Disease als bedoeld in artikel 8a.5, tweede lid
De volgende persoon:
Naam en voorletters:
Adres, postcode, plaats, land:
verklaart dat hij/zij eigenaar/houder is van (aantal):..... postduiven. Het de volgende ringnummers:
Datum:......
Handtekening:...
Ondergetekende dierenarts verklaart dat bovengenoemde duiven volgens bijsluiter gevaccineerd zijn tegen paramyxovirus.
| Datum | |
|---|---|
| Entstof | |
| Batch nummer | |
| Vervaldatum vaccin | |
| --- | --- |
Naam, stempel en handtekening van de bevoegde dierenarts
1. Vermeerderingsdieren van de soort kip of kalkoen, kippen of kalkoenen die worden opgefokt tot vermeerderingsdier, leghennen of dieren die worden opgefokt tot leghen
2. Vleeskuikens en vleeskalkoenen
Bijlage 13. Verklaring van vaccinatie van duiven tegen Newcastle Disease als bedoeld in artikel 8a.5, tweede lid
De volgende persoon:
Naam en voorletters:
Adres, postcode, plaats, land:
verklaart dat hij/zij eigenaar/houder is van (aantal):..... postduiven. Het de volgende ringnummers:
Datum:......
Handtekening:...
Ondergetekende dierenarts verklaart dat bovengenoemde duiven volgens bijsluiter gevaccineerd zijn tegen paramyxovirus.
| Datum | |
|---|---|
| Entstof | |
| Batch nummer | |
| Vervaldatum vaccin | |
| --- | --- |
Naam, stempel en handtekening van de bevoegde dierenarts
Bijlage 14. verklaring van vaccinatie andere in gevangenschap levende vogels tegen Newcastle Disease als bedoeld in artikel 8a.5, tweede lid
De volgende persoon:
Naam en voorletters:
Wondende te: (adres, postcode, plaats):
verklaart dat hij/zij eigenaar/houder is van de volgende vogels:
| Ras/soort | Aantal | Ringnummers |
|---|---|---|
Datum:
Handtekening:
Ondergetekende persoon... (naam, voorletters), wondende te... (adres, postcode en plaats), verklaart dat:
- •. hij/zij bekwaam is om de vaccinatie uit te voeren.
- •. Hij/zij de bovenomschreven vogels, voor zover ouder dan 30 dagen, volgens de bijsluiter, tegen pseudeo-vogelpest heeft gevaccineerd.
| Entstof | |
|---|---|
| Batch nummer | |
| Vervaldatum vaccin |
Datum: ......
Handtekening: .....
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 2.2a. Wetenschappelijke beoordeling
De Minister houdt bij het nemen van een besluit op een aanvraag als bedoeld in artikel 2.2 rekening met een wetenschappelijke beoordeling van de gevraagde aanwijzing of intrekking ervan.
De beoordeling, bedoeld in het eerste lid, is opgesteld door een onafhankelijk wetenschappelijk orgaan aan de hand van de criteria, bedoeld in artikel 1.4, eerste lid, van het besluit.
Hoofdstuk 3. Diergeneesmiddelen, bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan
§ 2. Kwaliteitscontrole
Hoofdstuk 3a. Melding zoönosen en ziekteverschijnselen
Hoofdstuk 3b. Toepassen sera en entstoffen
Hoofdstuk 4. Dierenvervoer
§ 1. Uitvoering verordening (EU) nr. 1/2005
§ 2. Uitvoering verordening (EU) nr. 2016/429
Hoofdstuk 5. Doden van dieren
§ 1. Nationale gidsen voor goede praktijken
§ 2. Opleidingen en getuigschriften
§ 3. Verbodsbepaling
§ 4. Bedwelming van aal voorafgaand aan het doden
Hoofdstuk 5b. Identificatie en registratie van dieren
Afdeling 5b.1. Documentatieverplichtingen
Afdeling 5b.2. Algemene regels identificatiemiddelen en merken
§ 5b.2.2. Verstrekking identificatiemiddelen en merken
Afdeling 5b.3. Regels identificatiemiddelen en merken voor diersoorten
§ 5b.3.1. Runderen
§ 5b.3.2. Schapen en geiten
§ 5b.3.3. Varkens
Afdeling 5b.4. Regels over het doorgeven van gegevens aan het geautomatiseerde gegevensbestand
§ 5b.4.1. Runderen
§ 5b.4.2. Schapen en geiten
§ 5b.4.3. Varkens
§ 5b.4.5. Vogels
Afdeling 5b.4a. Regels over registraties door houders van honden
Afdeling 5b.5. Regels over identificatiedocumenten en verplaatsingsdocumenten
§ 5b.5.6. Honden, katten en fretten
Afdeling 5b.6. Overige bepalingen
Hoofdstuk 5c. Bijeenbrengen van dieren
§ 5c.3. Verzamelen van dieren voor de Nederlands markt
Hoofdstuk 7. Gezondheidsvoorschriften houden van varkens voor de productie
§ 7.2. Monitoringsvoorschriften
Hoofdstuk 7b. Houden van pluimvee en andere in gevangenschap levende vogels voor de productie
§ 7b.1. Welzijnsvoorschriften verzorging vleeskuikens
§ 7b.2. Handelsnormen pluimvee
§ 7b.3. Gezondheidsvoorschriften
§ 7b.3.1. Monitoring aviaire influenza
§ 7b.3.2. Monitoring mycoplasma spp. en salmonella-serotypen
§ 7b.3.3. Vaccinatie en monitoring Newcastle disease
§ 7b.3.4.3. Aanvullende monitoringsvoorschriften
Hoofdstuk 7c. Houden van schapen voor de productie
§ 7c.1. Gezondheidsvoorschriften
Hoofdstuk 8. Bedrijfsmatig houden van dieren anders dan voor landbouwdoeleinden
Hoofdstuk 8b. Niet-commerciële verkeer van honden, katten en fretten
§ 8b.3. Aanvullende regels ter uitvoering van verordening (EU) nr. 576/2013
Hoofdstuk 11. Slotbepalingen
1. Vermeerderingsdieren van de soort kip of kalkoen, kippen of kalkoenen die worden opgefokt tot vermeerderingsdier, leghennen of dieren die worden opgefokt tot leghen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Hoofdstuk 11. Slotbepalingen
Artikel 8d.2. Afwijking voorschriften verplaatsingen paardachtigen
In afwijking van artikel 126, eerste lid, aanhef en onderdeel d, in samenhang met artikel 143, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van verordening (EU) nr. 2016/429 is het toegestaan paardachtigen als bedoeld in voornoemde verordening zonder een diergezondheidscertificaat vanuit België in Nederland te brengen en te verplaatsen of vanuit Nederland naar België te verplaatsen indien voldaan is aan het Reglement inzake de gezondheidsvoorwaarden voor het niet-commercieel grensoverschrijdend verkeer van paardachtigen, opgenomen in de bijlage bij de beschikking van het Benelux Comité van Ministers van 31 maart 2026, M (2026) 1.
Hoofdstuk 10. Wijziging en intrekking van regelingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)