Wijzigingsgeschiedenis
Besluit van 6 oktober 2016, houdende regels betreffende het gebruik van elektronische stukken (Besluit digitale stukken Strafvordering)
5 versions
· 2026-01-01
2026-01-01
Besluit digitale stukken Strafvordering — arts. 4, 5
2020-01-01
Besluit digitale stukken Strafvordering — arts. 4, 5
Wijzigingen op 2020-01-01
@@ -20,7 +20,7 @@
- b. **de wet:** het [Wetboek van Strafvordering](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903);
- c. **elektronische voorziening:** een webportaal of andere internetdienst ten behoeve van de overdracht van de stukken, bedoeld in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0038616¶graaf=2&artikel=2&z=2018-08-01&g=2018-08-01), aan of door de bevoegde instanties;
- c. **elektronische voorziening:** een webportaal of andere internetdienst ten behoeve van de overdracht van de stukken, bedoeld in [artikel 2, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0038616¶graaf=2&artikel=2&z=2020-01-01&g=2020-01-01), aan of door de bevoegde instanties;
- d. **Onze Minister:** de Minister van Veiligheid en Justitie, en
@@ -58,9 +58,11 @@
- d. de betekening en kennisgeving van gerechtelijke mededelingen, bedoeld in [artikel 36b, tweede en derde lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903&artikel=36b).
2. Berichten van ontvangst en kennisgevingen kunnen ook via een internet- of telefoniedienst worden verzonden aan de rechtstreeks belanghebbende en bevatten niet meer gegevens dan noodzakelijk.
2. Stukken en berichten kunnen ook met behulp van een elektronische voorziening worden ingediend indien van deze mogelijkheid voor het desbetreffende gerecht blijkt uit een voor dat gerecht vastgesteld procesreglement.
3. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de wijze waarop stukken worden overgedragen door de elektronische voorziening. Tevens kunnen eisen worden gesteld waaraan de stukken dienen te voldoen die worden overgedragen door de elektronische voorziening.
3. Berichten van ontvangst en kennisgevingen kunnen ook via een internet- of telefoniedienst worden verzonden aan de rechtstreeks belanghebbende en bevatten niet meer gegevens dan noodzakelijk.
4. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de wijze waarop stukken worden overgedragen door de elektronische voorziening. Tevens kunnen eisen worden gesteld waaraan de stukken dienen te voldoen die worden overgedragen door de elektronische voorziening.
##### Artikel 3. [eisen voorziening]
@@ -82,13 +84,13 @@
##### Artikel 4. [niet functioneren voorziening]
Indien op de laatste dag van een voor de indiener geldende termijn voor het indienen van een stuk als bedoeld in [artikel 2, eerste lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0038616¶graaf=2&artikel=2&z=2018-08-01&g=2018-08-01), een niet aan de indiener toerekenbare verstoring plaatsvindt van de toegang tot of de werking van de elektronische voorziening, is een daardoor veroorzaakte overschrijding van de termijn verschoonbaar indien het stuk uiterlijk wordt ingediend op de eerstvolgende dag na de dag waarop de indiener ermee bekend had kunnen zijn dat de verstoring is verholpen. [Artikel 1, eerste lid, van de Algemene termijnenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002448&artikel=1) is van overeenkomstige toepassing op deze eerstvolgende dag.
Indien op de laatste dag van een voor de indiener geldende termijn voor het indienen van een stuk als bedoeld in [artikel 2, eerste lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0038616¶graaf=2&artikel=2&z=2020-01-01&g=2020-01-01), een niet aan de indiener toerekenbare verstoring plaatsvindt van de toegang tot of de werking van de elektronische voorziening, is een daardoor veroorzaakte overschrijding van de termijn verschoonbaar indien het stuk uiterlijk wordt ingediend op de eerstvolgende dag na de dag waarop de indiener ermee bekend had kunnen zijn dat de verstoring is verholpen. [Artikel 1, eerste lid, van de Algemene termijnenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002448&artikel=1) is van overeenkomstige toepassing op deze eerstvolgende dag.
#### Paragraaf 3. [authenticatie en elektronische handtekening]
##### Artikel 5. [eisen authenticatie]
De indiening, toezending, kennisneming, verstrekking en betekening van stukken, bedoeld in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0038616¶graaf=2&artikel=2&z=2018-08-01&g=2018-08-01), alsook de elektronische handtekening, bedoeld in [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0038616¶graaf=3&artikel=6&z=2018-08-01&g=2018-08-01), vereisen authenticatie met een middel dat voldoet aan de volgende eisen:
De indiening, toezending, kennisneming, verstrekking en betekening van stukken, bedoeld in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0038616¶graaf=2&artikel=2&z=2020-01-01&g=2020-01-01), alsook de elektronische handtekening, bedoeld in [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0038616¶graaf=3&artikel=6&z=2020-01-01&g=2020-01-01), vereisen authenticatie met een middel dat voldoet aan de volgende eisen:
- a. het middel is uitgegeven door de overheid of een onder toezicht van de overheid staande organisatie;
@@ -98,9 +100,9 @@
##### Artikel 6. [eisen elektronische handtekening en tablethandtekening]
1. De elektronische handtekening, bedoeld in [artikel 138e van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903&artikel=138e), met behulp van een middel als bedoeld in [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0038616¶graaf=3&artikel=5&z=2018-08-01&g=2018-08-01), voldoet aan de volgende eisen:
1. De elektronische handtekening, bedoeld in [artikel 138e van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903&artikel=138e), met behulp van een middel als bedoeld in [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0038616¶graaf=3&artikel=5&z=2020-01-01&g=2020-01-01), voldoet aan de volgende eisen:
- a. de ondertekenaar heeft zich geauthenticeerd met behulp van een middel dat voldoet aan de eisen, gesteld in [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0038616¶graaf=3&artikel=5&z=2018-08-01&g=2018-08-01), en
- a. de ondertekenaar heeft zich geauthenticeerd met behulp van een middel dat voldoet aan de eisen, gesteld in [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0038616¶graaf=3&artikel=5&z=2020-01-01&g=2020-01-01), en
- b. de gegevens waaruit de elektronische handtekening bestaat zijn op zodanige wijze verbonden aan de elektronische gegevens waarop deze betrekking heeft, dat de identiteit van de ondertekenaar, het moment van ondertekening en elke wijziging na ondertekening van de gegevens kan worden vastgesteld.
2018-08-01
Besluit digitale stukken Strafvordering — arts. 4, 5
2017-07-01
Besluit digitale stukken Strafvordering — arts. 4, 5, 10
2016-12-01
Besluit digitale stukken Strafvordering
original version
Tekst op deze datum