Wijzigingsgeschiedenis
Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 1 oktober 2019, nr. 2019-0000096953, houdende regels met betrekking tot het verstrekken van een eenmalige specifieke uitkering ten behoeve van de reductie van energiegebruik bij koopwoningen (Regeling specifieke uitkering reductie energiegebruik)
4 versions
· 2021-02-10
2021-02-10
Regeling specifieke uitkering reductie energiegebruik — arts. 4, 5, 7
2020-09-01
Regeling specifieke uitkering reductie energiegebruik — arts. 4, 5, 7
2020-06-27
Regeling specifieke uitkering reductie energiegebruik — arts. 3, 4, 5,
Wijzigingen op 2020-06-27
@@ -26,7 +26,7 @@
- a. € 9.000.000; en
- b. € 90 maal het aantal woningen als bedoeld in [artikel 4, tweede lid, onder b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&artikel=4&z=2019-10-04&g=2019-10-04).
- b. € 90 maal het aantal woningen als bedoeld in [artikel 4, tweede lid, onder b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&artikel=4&z=2020-06-27&g=2020-06-27).
2. Onze Minister kan in totaal ten hoogste € 87.000.000 aan specifieke uitkeringen verstrekken.
@@ -36,7 +36,7 @@
2. Een aanvraag bevat ten minste:
- a. een omschrijving van de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering wordt aangevraagd en de wijze waarop de activiteiten bijdragen aan het doel van deze regeling, bedoeld in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&artikel=2&z=2019-10-04&g=2019-10-04);
- a. een omschrijving van de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering wordt aangevraagd en de wijze waarop de activiteiten bijdragen aan het doel van deze regeling, bedoeld in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&artikel=2&z=2020-06-27&g=2020-06-27);
- b. het beoogde aantal woningen waarvoor voorlichting over energiebesparing wordt gegeven of waar energiebesparende maatregelen worden getroffen;
@@ -56,15 +56,15 @@
Een aanvraag voor een specifieke uitkering wordt afgewezen, indien:
- a. de activiteiten in de aanvraag niet vallen onder de activiteiten, bedoeld in [artikel 2, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&artikel=2&z=2019-10-04&g=2019-10-04);
- a. de activiteiten in de aanvraag niet vallen onder de activiteiten, bedoeld in [artikel 2, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&artikel=2&z=2020-06-27&g=2020-06-27);
- b. de activiteiten in de aanvraag niet tot doel hebben het energiegebruik in minimaal 1.000 woningen te verminderen;
- c. de aanvraag minder dan 60 punten scoort bij de beoordeling op basis van de beoordelingscriteria, genoemd in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&bijlage=I&z=2019-10-04&g=2019-10-04);
- c. de aanvraag minder dan 60 punten scoort bij de beoordeling op basis van de beoordelingscriteria, genoemd in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&bijlage=I&z=2020-06-27&g=2020-06-27);
- d. niet aannemelijk is dat de activiteiten in de aanvraag voor 1 januari 2021 zijn afgerond; of
- e. de aanvraag onvoldoende informatie bevat om te beoordelen op basis van de beoordelingscriteria, genoemd in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&bijlage=I&z=2019-10-04&g=2019-10-04).
- e. de aanvraag onvoldoende informatie bevat om te beoordelen op basis van de beoordelingscriteria, genoemd in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&bijlage=I&z=2020-06-27&g=2020-06-27).
##### Artikel 6. Voorwaarden voor de uitkering
@@ -74,15 +74,15 @@
1. De specifieke uitkeringen worden verstrekt op basis van rangschikking van de aanvragen.
2. Onze Minister rangschikt de aanvragen door het toekennen van punten aan de hand van de weging van de beoordelingscriteria, bedoeld in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&bijlage=I&z=2019-10-04&g=2019-10-04).
2. Onze Minister rangschikt de aanvragen door het toekennen van punten aan de hand van de weging van de beoordelingscriteria, bedoeld in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&bijlage=I&z=2020-06-27&g=2020-06-27).
3. Onze Minister kan bij het beoordelen advies vragen van een externe adviescommissie als het totaal aan aanvragen het uitkeringsplafond, bedoeld in [artikel 3, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&artikel=3&z=2019-10-04&g=2019-10-04), overschrijdt.
3. Onze Minister kan bij het beoordelen advies vragen van een externe adviescommissie als het totaal aan aanvragen het uitkeringsplafond, bedoeld in [artikel 3, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&artikel=3&z=2020-06-27&g=2020-06-27), overschrijdt.
##### Artikel 8. Bestemming niet-gebruikte middelen
1. Onze Minister kan het restant van een specifieke uitkering terugvorderen, als de specifieke uitkering niet of niet geheel is besteed voor 1 januari 2021.
1. Onze Minister kan het restant van een specifieke uitkering terugvorderen, als de specifieke uitkering niet of niet geheel is besteed voor 31 maart 2021.
2. Onze Minister kan, in overleg met de ontvanger van de specifieke uitkering, afzien van terugvordering als het restant door de ontvanger kan worden besteed aan activiteiten als bedoeld in [artikel 2, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&artikel=2&z=2019-10-04&g=2019-10-04), na 1 januari 2021.
2. Onze Minister kan, in overleg met de ontvanger van de specifieke uitkering, afzien van terugvordering als het restant door de ontvanger kan worden besteed aan activiteiten als bedoeld in [artikel 2, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0042607&artikel=2&z=2020-06-27&g=2020-06-27), na 31 maart 2021.
##### Artikel 9. Verantwoording en terugvordering
2019-10-04
Regeling specifieke uitkering reductie energiegebruik — versión orig
original version
Tekst op deze datum