← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling van de Minister van Financiën van 18 december 2019 tot vaststelling van het Organisatiebesluit Ministerie van Financiën 2020

Geldende tekst a fecha 2021-01-01

Gelet op artikel 10:3 van de Algemene wet bestuursrecht;

Gelet op artikel 3, tweede lid, van het Coördinatiebesluit organisatie en bedrijfsvoering rijksdienst 2011;

Besluit:

Hoofdstuk 1. Begripsomschrijvingen

Artikel 1. Begrippen

In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Hoofdstuk 2. Algemene leiding

Artikel 2. Missie en taakopdracht

Het ministerie werkt aan een goede financiële huishouding van Nederland, int belastingen op basis van solide fiscale regelgeving en ziet toe op een doelmatige besteding van overheidsgeld. Het ministerie maakt regels voor het goed functioneren van het financiële stelsel en werkt aan een sterke economische structuur die verankerd is in een economisch en financieel gezond Europa.

De algemene leiding hanteert de basiswaarden van het ministerie en draagt zorg voor de bevordering van deze waarden onder de medewerkers. Zij stimuleert de toewijding, de deskundigheid, de professionaliteit en de aanspreekbaarheid van de medewerkers. De algemene leiding geeft ruimte aan talent in de organisatie en bevordert de samenwerking tussen dienstonderdelen en met andere ministeries. De algemene leiding legt over de bedrijfsvoering en het beheer van de haar toevertrouwde middelen op inzichtelijke wijze verantwoording af.

Artikel 3. Secretaris-generaal
1.

Overeenkomstig artikel 1 van het Besluit regeling functie en verantwoordelijkheid van de secretaris-generaal (Stb. 1988, 499), is de secretaris-generaal (de SG), met inachtneming van de aanwijzingen van de Minister, belast met de ambtelijke leiding van al hetgeen het ministerie betreft.

2.

De SG is verantwoordelijk voor de beleidsterreinen van de direct onder hem ressorterende directies en diensten, behorende tot het SG-cluster, voor de samenhang tussen die beleidsterreinen en voor de bijbehorende bedrijfsvoering. De SG geeft leiding aan de onder hem ressorterende directeuren.

3.

De SG treft een vervangingsregeling inzake vervanging bij zijn afwezigheid, met inachtneming van artikel 5, vijfde lid.

4.

De directeur-generaal Fiscale Zaken vervangt de secretaris-generaal tijdens diens afwezigheid, met inachtneming van de bevoegdheden van de pSG op grond van artikel 5, vijfde lid.

Artikel 4. De bestuursraad
1.

Er is een bestuursraad.

2.

De bestuursraad overlegt regelmatig over de hoofdlijnen van beleidsontwikkeling en -uitvoering, over de hoofdlijnen van de departementale bedrijfsvoering en over al het andere dat nodig is voor een goed functioneren van het ministerie.

3.

De leden van de bestuursraad zijn:

4.

De directie Bestuursondersteuning en Advies (BOA) verzorgt het secretariaat van de bestuursraad.

Artikel 5. Plaatsvervangend secretaris-generaal
1.

De plaatsvervangend secretaris-generaal (de pSG) is verantwoordelijk voor

2.

De pSG is door middel van kaderstelling verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering van het ministerie.

3.

De pSG is verantwoordelijk voor de volgende onderdelen binnen het cluster SG:

4.

De pSG is tevens verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering van de volgende diensten en zelfstandig bestuursorganen:

5.

Bij afwezigheid van de SG treedt de pSG op als plaatsvervanger ten aanzien van:

Artikel 6. Chief information officer (CIO)
1.

De pSG is chief information officer (de CIO) voor het ministerie.

2.

De CIO heeft de volgende hoofdtaken:

3.

De CIO wordt ondersteund door een CIO-office.

Artikel 7. Coördinerend Directeur Inkoop (CDI)
1.

De directeur Bedrijfsvoering is Coördinerend Directeur Inkoop (CDI) en is verantwoordelijk voor het goed functioneren van het inkoopstelsel binnen het ministerie van Financiën.

2.

De CDI heeft de volgende hoofdtaken:

3.

De CDI wordt ondersteund door een CDI-Office.

Artikel 8. De bedrijfsvoeringsraad
1.

Er is een bedrijfsvoeringsberaad.

2.

De volgende functionarissen voeren in het bedrijfsvoeringsberaad regelmatig collegiaal overleg over beleidsvoorstellen met betrekking tot de departementale bedrijfsvoering:

3.

De pSG is voorzitter van het bedrijfsvoeringsberaad.

Artikel 9. Overleg met bewindspersonen

Over vraagstukken die van politiek gevoelige of anderszins zwaarwegende aard zijn, treedt de algemene leiding in contact met de bewindspersoon die het aangaat, voordat van bevoegdheden gebruik wordt gemaakt.

Hoofdstuk 3. Structuur ministerie

Artikel 10. Dienstonderdelen

Het ministerie heeft een hoofdstructuur, bestaande uit de volgende dienstonderdelen:

Artikel 11. Tijdelijke organisatieonderdelen
1.

Buiten de structuur als bedoeld in artikel 10 kan de SG een tijdelijk directoraat-generaal voor grote projecten instellen.

2.

Passend binnen de structuur als bedoeld in artikel 10 kan de SG of de pSG tijdelijke organisatieonderdelen instellen.

3.

De SG kan de directeur-generaal Belastingdienst toestemming verlenen om, met inachtneming van de structuur van het DGBD en de taken genoemd in het Organisatiebesluit Directoraat-Generaal Belastingdienst 2020, tijdelijke organisatieonderdelen in te stellen.

Hoofdstuk 4. Het cluster secretaris-generaal (sg-cluster)

Paragraaf 4.1. Structuur SG-cluster

Artikel 12. Inrichting SG-cluster
1.

Het SG-cluster bestaat uit de volgende ministeriebrede organisatieonderdelen:

2.

Het SG-cluster bestaat tevens uit de volgende Rijksbrede organisatieonderdelen:

3.

De organisatieonderdelen van het SG-cluster genoemd in het eerste lid:

4.

De organisatieonderdelen van het SG-cluster als genoemd in het tweede lid behartigen ministerie- en Rijksbrede functies inzake:

Paragraaf 4.2. Ministeriebrede organisatieonderdelen SG-cluster

Artikel 13. Directie Algemene Financiële en Economische Politiek (AFEP)

De directie AFEP heeft de volgende hoofdtaken:

Artikel 14. Directie Bedrijfsvoering
1.

De directie Bedrijfsvoering heeft de volgende hoofdtaken:

2.

Onder de directie Bedrijfsvoering ressorteren naast de staf de volgende eenheden en teams:

3.

De teams Financiën en Inkoop/CDI Office zijn rechtstreeks geplaatst onder de directeur Bedrijfsvoering.

4.

De eenheid FHS heeft de volgende taken:

5.

De eenheid I heeft de volgende taken:

6.

De eenheid O&P heeft de volgende taken:

7.

Het team Financiën heeft de volgende taken:

8.

Het team Inkoop/CDI-Office heeft de volgende taken:

9.

De directeur Bedrijfsvoering is tevens Coördinerend Directeur Inkoop (CDI) als bedoeld in artikel 7. Het hoofd team Inkoop/CDI-office is tevens plaatsvervangend CDI.

Artikel 15. Het Beveiligingsambtenaar-Office (BVA-Office)
1.

De Beveiligingsambtenaar (BVA) en het daaronder ressorterende BVA-Office heeft de volgende taken:

2.

Op de taken bedoeld in het eerste lid heeft de BVA zowel toezichthoudende, adviserende als coördinerende rol. Per taakgebied verschilt de invulling van deze rol.

3.

Het BVA-Office is onderverdeeld in de volgende organisatie-onderdelen:

4.

De Compliance Officer (CO) en de Functionaris Gegevensbescherming (FG) zijn ondergebracht bij het BVA-Office. De CO en de FG hebben een plaatsvervanger die hen bij afwezigheid vervangt.

Artikel 16. Directie Juridische Zaken (DJZ)
1.

De directie Juridische Zaken heeft de volgende taken:

2.

De directie Juridische Zaken bestaat uit een afdeling Publiekrecht en een afdeling Privaatrecht.

Artikel 17. Directie Bestuursondersteuning en Advies (BOA)
1.

De directie Bestuursondersteuning en Advies heeft de volgende taken:

2.

De directie Bestuursondersteuning en Advies bestaat uit een afdeling Advies en een afdeling Bestuursondersteuning en Protocol.

Artikel 18. Directie Communicatie

De directie Communicatie heeft de volgende taken:

Artikel 19. Hoofddirectie Financieel-Economische Zaken (HDFEZ)
1.

De hoofddirectie Financieel-Economische Zaken heeft de volgende hoofdtaken:

2.

De Hoofddirectie Financieel-Economische Zaken bestaat uit een staf en de volgende afdelingen:

Paragraaf 4.3. Rijksbrede organisatieonderdelen SG-cluster

Artikel 20. Auditdienst Rijk (ADR)
1.

De Auditdienst Rijk heeft de volgende hoofdtaken:

2.

De algemeen directeur geeft sturing aan de ADR.

3.

Het directieteam bestaat uit vier personen: een algemeen directeur, twee directeuren onderzoek en een directeur kennis en ontwikkeling. Eén directeur onderzoek is tevens plaatsvervangend algemeen directeur.

4.

De stafafdeling bestuursondersteuning en vaktechniek is rechtstreeks geplaatst onder de algemeen directeur.

5.

De stafafdeling heeft tot taak de strategische ondersteuning van het directieteam, de inrichting van de bedrijfsvoeringsprocessen en de ontwikkeling van vaktechnische kaders waarbinnen de ADR zijn werkzaamheden uitvoert.

6.

De Auditdienst Rijk is onderverdeeld in vijf accounts, elk onder leiding van een accountdirecteur. De accounts zijn verantwoordelijk voor het inventariseren van de klantvragen binnen het account en het organiseren en verrichten van onderzoeken binnen het account. De ministeries zijn als volgt over de accounts verdeeld:

7.

De Auditdienst Rijk is onderverdeeld in vier sectoren, elk onder leiding van een sectormanager. De sectoren leveren capaciteit voor het uitvoeren van opdrachten. Voorts behoren ontwikkeling van kennis en innovatie op het terrein van de desbetreffende auditdiscipline tot de taak van de sectoren. De sectoren zijn ingedeeld naar de verschillende auditdisciplines:

Artikel 21. Dienst Domeinen Roerende Zaken
1.

Dienst Domeinen Roerende Zaken (DRZ) is een directie van het Ministerie van Financiën. De dienst heeft twee hoofdtaken:

2.

De uitvoering van de hoofdtaken is proces gestuurd ingericht en verdeeld over 4 afdelingen:

3.

De organisatie van de dienst Domeinen Roerende Zaken heeft een landelijk werkgebied. Er zijn werklocaties te Bleiswijk, Hoogeveen, Soesterberg, Ulicoten en een locatie te Apeldoorn waarin alle administratieve taken zijn gecentraliseerd.

Hoofdstuk 5. Directoraat-generaal belastingdienst

Artikel 22. Directeur-generaal Belastingdienst
1.

De directeur-generaal Belastingdienst is verantwoordelijk voor de beleidsterreinen genoemd in het Organisatiebesluit Directoraat-Generaal Belastingdienst 2020.

2.

De directeur-generaal Belastingdienst heeft een plaatsvervanger die hem bij afwezigheid vervangt.

3.

De directeur-generaal Belastingdienst geeft leiding aan de onder hem ressorterende directeuren en voorziet daartoe in de nodige ondermandaten van die directeuren zoals geregeld in het Mandaatbesluit Directoraat-Generaal Belastingdienst 2020.

Artikel 23. Missie en strategie Belastingdienst

De missie van het directoraat-generaal Belastingdienst is als volgt geformuleerd: De Belastingdienst draagt bij aan een financieel gezond Nederland. Dat doet de dienst door eerlijk en zorgvuldig belastingen te heffen en te innen en toeslagen uit te keren. Daarnaast draagt de Belastingdienst bij aan een financieel gezonde, concurrerende en veilige Europese Unie. De Belastingdienst bevordert dat burgers en bedrijven zoveel mogelijk uit zichzelf de regels naleven (compliance).

Hoofdstuk 5A. Directoraat-generaal toeslagen

Artikel 24. Directeur-generaal Fiscale Zaken
1.

De directeur-generaal Fiscale Zaken is verantwoordelijk voor de beleidsterreinen van de onder hem ressorterende directies, genoemd in dit hoofdstuk, voor de samenhang tussen die beleidsterreinen en voor de bijbehorende bedrijfsvoering.

2.

De directeur-generaal Fiscale Zaken heeft een plaatsvervanger die hem bij afwezigheid vervangt.

3.

De directeur-generaal Fiscale Zaken geeft leiding aan de onder hem ressorterende directeuren.

Artikel 25. Structuur DGFZ

Het directoraat-generaal voor Fiscale Zaken bestaat uit de volgende organisatieonderdelen:

Artikel 26. Taken DGFZ

Het directoraat-generaal voor Fiscale Zaken:

Artikel 27. De directie Algemene Fiscale Politiek
1.

De directie Algemene Fiscale Politiek (AFP) heeft de volgende hoofdtaken:

2.

De directie AFP is onderverdeeld in de volgende organisatieonderdelen:

Artikel 28. De directie Internationale Zaken en Verbruiksbelastingen
1.

De directie Internationale Zaken en Verbruiksbelastingen (IZV) heeft de volgende hoofdtaken:

2.

De directie IZV is onderverdeeld in de volgende organisatieonderdelen:

Artikel 29. De Directie Directe Belastingen
1.

De Directie Directe Belastingen (DB) heeft de volgende hoofdtaken:

2.

De directie DB is onderverdeeld in de volgende organisatieonderdelen:

Hoofdstuk 7. Directoraat-generaal rijksbegroting

Artikel 30. Directeur-generaal Rijksbegroting
1.

De directeur-generaal Rijksbegroting is verantwoordelijk voor de beleidsterreinen van de onder hem ressorterende directies, genoemd in dit hoofdstuk, voor de samenhang tussen die beleidsterreinen en voor de bijbehorende bedrijfsvoering.

2.

De directeur-generaal Rijksbegroting heeft een plaatsvervanger die hem bij afwezigheid vervangt.

3.

De directeur-generaal Rijksbegroting geeft leiding aan de onder hem ressorterende directeuren.

Artikel 31. Structuur DGRB

Het directoraat-generaal van de Rijksbegroting bestaat uit de volgende organisatieonderdelen:

Artikel 32. Taken DGRB

Het directoraat-generaal van de Rijksbegroting:

Artikel 33. Directie Begrotingszaken
1.

De Directie Begrotingszaken (BZ) heeft de volgende hoofdtaken:

2.

De directie Begrotingszaken is onderverdeeld in de volgende organisatieonderdelen:

Artikel 34. De Inspectie der Rijksfinanciën
1.

De Inspectie der Rijksfinanciën (IRF) heeft de volgende hoofdtaken:

2.

De Inspectie der Rijksfinanciën is onderverdeeld in de volgende organisatieonderdelen:

Hoofdstuk 8. Generale thesaurie

Artikel 35. De thesaurier-generaal
1.

De thesaurier-generaal is verantwoordelijk voor de beleidsterreinen van de onder hem ressorterende directies, genoemd in dit hoofdstuk, voor de samenhang tussen die beleidsterreinen en voor de bijbehorende bedrijfsvoering.

2.

De thesaurier-generaal heeft een plaatsvervanger die hem bij afwezigheid vervangt.

3.

De thesaurier-generaal geeft leiding aan de onder hem ressorterende directeuren.

Artikel 36. Structuur GT

De Generale Thesaurie bestaat uit de volgende organisatieonderdelen:

Artikel 37. Taken GT

De Generale Thesaurie:

Artikel 38. Directie Financiële Markten
1.

De directie Financiële Markten (FM) kent de volgende operationele doelstellingen:

2.

De directie FM is onderverdeeld in de volgende organisatieonderdelen:

Artikel 39. Het Agentschap van de Generale Thesaurie
1.

Het Agentschap van de Generale Thesaurie heeft de volgende hoofdtaken:

2.

Het Agentschap van de Generale Thesaurie is onderverdeeld in de volgende organisatieonderdelen:

Artikel 40. Directie Buitenlandse Financiële Betrekkingen
1.

De Directie Buitenlandse Financiële Betrekkingen (BFB) heeft de volgende hoofdtaken:

2.

De Directie Buitenlandse Financiële Betrekkingen is onderverdeeld in de volgende organisatieonderdelen:

Artikel 41. Directie Financieringen
1.

De Directie Financieringen heeft de volgende doelstellingen:

2.

De directie Financieringen is onderverdeeld in de volgende organisatieonderdelen:

Hoofdstuk 9. Verantwoording

Artikel 42. Planning en control

De SG en de DG’s leggen, aan het eind van het verslagjaar en tussentijds, gestructureerd verantwoording af over de uitvoering van aan hen opgelegde taken en het gebruik van daarbij verleende bevoegdheden.

Artikel 43. Planning en managementrapportages
1.

De DG’s stellen ieder jaar een jaarplan op en bespreken dit met de SG. In het jaarplan worden beleidsdoelstellingen opgenomen, alsmede een risicoanalyse, voorgenomen activiteiten en budgetten.

2.

De DG’s stellen gedurende het jaar twee uitvoeringsrapportages op en bespreken deze met de SG. In de uitvoeringsrapportages wordt gerapporteerd over het realiseren van beleidsdoelstellingen en activiteiten, over de uitputting van budgetten en over bijzonderheden in de bedrijfsvoering.

3.

Op basis van de uitvoeringsrapportages van de DG's stelt de hoofddirecteur Financieel-Economische Zaken tweemaal per jaar een concernrapportage op die wordt besproken in de bestuursraad.

4.

De DG’s stellen na afloop van ieder jaar een afsluiten uitvoeringsrapportage en een managementverklaring op en bespreken deze met de SG. In de managementverklaring wordt verslag gedaan van afwijkingen in de bedrijfsvoering en over de risicobeheersing daarbij. Voorts bevat de managementverklaring een oordeel over de rechtmatigheid van de gedane uitgaven.

5.

De SG stelt na afloop van ieder jaar een samenvattende managementverklaring (bedrijfsvoeringsparagraaf) op en brengt deze ter kennis van de minister.

Artikel 44. Control
1.

De hoofddirecteur Financieel-Economische Zaken (FEZ) ondersteunt in de vorm van toezicht en advies de SG en de DG’s bij hun overkoepelende verantwoordelijkheid voor beleidsterreinen en bijbehorende bedrijfsvoering.

2.

De hoofddirecteur FEZ vervult de rol van concerncontroller – vanuit de in wet- en regelgeving, waaronder de Comptabiliteitswet 2016, vastgelegde taken – bij de totstandkoming van solide begrotingen en verantwoordingen in het kader van de planning- en controlcyclus, en bij de beoordeling van voorstellen met financiële gevolgen.

3.

De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de hoofddirecteur FEZ zijn vastgelegd in het Besluit taak FEZ.

Artikel 45. Audit
1.

De directeur Auditdienst Rijk (ADR), respectievelijk de certificerend accountant van de ministeries, verschaft zekerheid over de rechtmatigheid van verplichtingen, de uitgaven en de ontvangsten van de aangesloten ministeries. Hij voert de accountantscontrole uit op de jaarverslagen van deze ministeries. Hij informeert de algemene leiding, de bewindspersonen en het Audit Committee over de uitkomsten van deze werkzaamheden.

2.

In opdracht van de algemene leiding of van de directeuren onderzoekt de directeur ADR, respectievelijk de certificerend accountant van de ministeries, de beleids- en bedrijfsvoering en rapporteert daarover aan de opdrachtgever en aan het Audit Committee.

3.

De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de directeur ADR zijn vastgelegd in het Besluit taak DAD.

Artikel 46. Audit Committee
1.

Er is een Audit Committee.

2.

Het Audit Committee is samengesteld uit vier externe leden, de gehele bestuursraad, de Auditdienst Rijk (ADR) en de Algemene Rekenkamer. De SG is de voorzitter van de Audit Committee. HDFEZ voert het secretariaat.

3.

De externe leden van het Audit Committee kunnen hun bevindingen separaat aan de minister kenbaar maken.

Hoofdstuk 10. Overige bepalingen

Artikel 47. Aanpassing organisatie
1.

Een voornemen tot aanpassing van de organisatie zoals deze is weergegeven in dit besluit, wordt genomen door de secretaris-generaal, gehoord de bestuursraad.

2.

Het hoofd van de eenheid Organisatie en Personeel adviseert de secretaris-generaal alvorens een beslissing omtrent instemming wordt genomen.

Artikel 48. Organisatie- en formatierapport
1.

Elk onderdeel dat ressorteert onder de in artikel 10 genoemde dienstonderdelen ontwerpt en onderhoudt een organisatierapport en een formatierapport.

2.

Voor zover een document als bedoeld in het eerste lid betrekking heeft op een dienstonderdeel, genoemd in artikel 5, derde lid, is de plaatsvervangend secretaris-generaal bevoegd het document namens de bewindspersoon vast te stellen.

3.

Alvorens een document als bedoeld in het eerste lid, kan worden vastgesteld, behoeft dit de instemming van de bestuursraad, indien er sprake is van financiële meeruitgaven of een uitbreiding van de personele formatie. Het hoofd van de eenheid Organisatie & Personeel adviseren de bestuursraad alvorens een beslissing omtrent instemming wordt genomen.

Hoofdstuk 11. Slotbepalingen

Artikel 49. Vaste verandermomenten

Wijzigingen van dit besluit treden in werking per 1 januari, 1 april, 1 juli of 1 oktober, behoudens spoedeisende gevallen.

Artikel 50. Intrekking andere regelingen

De volgende regelingen worden ingetrokken: Organisatie- en mandaatbesluit Ministerie van Financiën 2015 en bijlagen 1a, 1b, 1c, 1d, 1e, 2, 3 en 4 en het Besluit d.d. 15 februari 2019 (2019-25152 M) betreffende de vervangingsregeling van de secretaris-generaal van het Ministerie van Financiën.

Artikel 51. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de eerste dag van de kalendermaand na de datum van uitgifte in de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 52. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Organisatiebesluit Ministerie van Financiën 2020.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 23a. Directeur-generaal Toeslagen

De directeur-generaal Toeslagen is verantwoordelijk voor de taken en verantwoordelijkheden van:

Hoofdstuk 5B. Directoraat-generaal douane

Artikel 23b. Directeur-generaal Douane

De directeur-generaal Douane is verantwoordelijk voor de taken en verantwoordelijkheden van de Directie Douane, zoals bedoeld in bijlage 1 onder 3a van het Organisatiebesluit Directoraat-Generaal Belastingdienst 2020.

Hoofdstuk 6. Directoraat-generaal fiscale zaken

Hoofdstuk 7. Directoraat-generaal rijksbegroting

Hoofdstuk 8. Generale thesaurie

Hoofdstuk 9. Verantwoording

Hoofdstuk 10. Overige bepalingen

Hoofdstuk 11. Slotbepalingen

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.