Regeling van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 10 februari 2021, nr. WJZ/18085049, houdende uitvoeringsbepalingen met betrekking tot plantgezondheid (Regeling plantgezondheid)
Gelet op de artikelen 9, 16 en 20, eerste lid, van de Plantgezondheidswet en de artikelen 6 en 8, tweede en derde lid, van het Besluit plantgezondheid;
Besluit:
Hoofdstuk 1. Algemeen
§ 1.1. Begripsbepalingen
Artikel 1
- –. aardappel: een plant of plantaardig product van het geslacht Solanum tuberosum L.;
- –. aardappelopslag: aardappelplanten gegroeid uit op een terrein of perceel achtergebleven aardappelknollen of zaad;
- –. bacterievuur: de ziekte veroorzaakt door de bacterie Erwinia amylovora (Burrill) Winslow et al;
- –. bedrijfsmatige teelt: de teelt van planten in de uitoefening van een bedrijf;
- –. besluit: Besluit plantgezondheid; boomkwekerijgewassen en vaste planten: winterharde en half-winterharde houtgewassen, vaste planten en vaste planten en wortelstokken, uitgezonderd de gewassen die gerekend worden tot de bloembollensector, en als zodanig worden genoemd in bijlage II van de Landbouwkwaliteitsregeling 2007;
- –. bietenopslag: bladvorming aan of bietenplanten gegroeid uit resten of zaad van een voorgaande suiker-, voeder- of rode bietenteelt die op een productielocatie zijn achtergebleven;
- –. een door een schadelijk organisme aangetaste partij: een partij waarop of waarin op enigerlei wijze een schadelijk organisme voorkomt;
- –. dezelfde onderneming:
- 1°. het geheel van terreinen of percelen voor de teelt van zetmeelaardappelen dat de ondernemer in het in bijlage 11 aangewezen gebied beheert en voor eigen rekening en risico exploiteert,
- 2°. het geheel van terreinen of percelen voor de teelt van consumptieaardappelen dat de ondernemer op Nederlands grondgebied beheert en voor eigen rekening en risico exploiteert;
- –. goedgekeurde pootaardappelen: pootaardappelen die zijn goedgekeurd overeenkomstig artikel 63, eerste lid, van de Regeling verhandeling teeltmateriaal;
- –. in het verkeer brengen: voor het vrije verkeer ter beschikking of in voorraad houden, verkopen, te koop aanbieden of afleveren alsmede in- en uitvoeren van en naar lidstaten;
- –. knolcyperus: planten behorende tot de soort Cyperus esculentus L.;
- –. koprot: de schimmelziekte veroorzaakt door Botrytis alii;
- –. minister: de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
- –. NAK: de Stichting Nederlandse Algemene Keuringsdienst voor zaaizaad en pootgoed van landbouwgewassen;
- –. opplant: iedere handeling betreffende het plaatsen van planten ten einde hun verdere groei of vermeerdering te bewerkstelligen;
- –. partij: hoeveelheid planten of plantaardige producten, al dan niet met aanhangende grond of andere cultuurmedia, of resten daarvan of afval van deze planten of plantaardige producten;
- –. plantuien: uien, kennelijk bestemd voor wederuitplant;
- –. pootaardappelen: aardappelen die kennelijk bestemd zijn of gebruikt worden voor wederuitplant;
- –. pootaardappelen voor eigen gebruik: pootaardappelen, afkomstig van en bestemd voor de teelt binnen de eigen onderneming;
- –. pootgoedhandelingen: het telen, oogsten, opslaan, bewaren, sorteren en het transport van pootaardappelen;
- –. productielocatie: terrein, perceel of deel hiervan, waarop wordt geteeld of fytosanitaire maatregelen, voorschriften of beperkingen van toepassing zijn;
- –. richtlijn 2007/33/EG: richtlijn 2007/33/EG van de Raad van de Europese Unie van 11 juni 2007 betreffende de bestrijding van het aardappelcysteaaltje en houdende intrekking van Richtlijn 69/465/EG (PbEU L 156);
- –. uien: Allium cepa en Allium ascalonicum;
- –. valse meeldauw: de schimmelziekte veroorzaakt door Peronospora destructor;
- –. werktuigen: machines, installaties, transportmiddelen, gereedschappen materialen of apparatuur die met grond in aanraking komen;
- –. wet: Plantgezondheidswet;
- –. zetmeelaardappelen: aardappelen bestemd om te worden verwerkt tot zetmeel met GN-code 11081300.
§ 1.2. Maatregelen
Artikel 2
Verkrijgen de in artikel 22, eerste lid, van de wet bedoelde ambtenaren of personen de wetenschap of het vermoeden van de aanwezigheid van schadelijke organismen dan kan de minister, in afwachting van bij of krachtens de wet voor te schrijven maatregelen, in individuele gevallen maximaal twee werkdagen of zoveel langer als naar het oordeel van de minister nodig is het vervoeren of verplaatsen van de schadelijke organismen, van planten, plantaardige producten of ander materiaal, verbieden of daaromtrent voorschriften geven of deze planten, plantaardige producten of ander materiaal kenmerken of onder verzegeling brengen waarbij het anderen dan de in artikel 22, eerste lid, van de wet bedoelde ambtenaren of personen verboden is de kenmerken en zegels te verwijderen, behoudens met toestemming van de minister.
Artikel 3
De minister kan fytosanitaire maatregelen treffen in een situatie als bedoeld in artikel 10, derde alinea, van verordening 2016/2031 met inachtneming van bijlage II van verordening 2016/2031 ten aanzien van:
- a. een EU-quarantaineorganisme indien dat organisme mogelijk aanwezig is in een deel van Nederland waarvan al bekend is dat het organisme er voorkomt;
- b. een schadelijk organisme dat onderworpen is aan de krachtens artikel 30, eerste lid, van verordening 2016/2031 vastgestelde maatregelen indien dat organisme mogelijk aanwezig is in een deel van Nederland waarvan al bekend is dat het organisme er voorkomt;
- c. een EU gereguleerd niet-quarantaineorganisme als bedoeld in artikel 36 van verordening 2016/2031, of
- d. een ZP-quarantaineorganisme als bedoeld in artikel 32, eerste lid, van verordening 2016/2031.
De minister kan fytosanitaire maatregelen treffen indien een partij planten, plantaardige producten of andere materialen verdacht wordt door een schadelijk organisme te zijn aangetast maar dat niet officieel bevestigd is, met inachtneming van bijlage II, van verordening 2016/2031.
De minister kan fytosanitaire maatregelen treffen als bedoeld in bijlage II van verordening 2016/2031 in een situatie als bedoeld in artikel 17 van verordening 2016/2031 ten aanzien van:
- a. een EU-quarantaineorganisme indien dat organisme aanwezig is in Nederland of een deel van Nederland waarvan al bekend is dat het organisme er voorkomt;
- b. een schadelijk organisme dat onderworpen is aan de krachtens artikel 30, eerste lid, van verordening 2016/2031 vastgestelde maatregelen indien dat organisme aanwezig is in een deel van Nederland waarvan al bekend is dat het organisme er voorkomt;
- c. een EU gereguleerd niet-quarantaineorganisme als bedoeld in artikel 36 van verordening 2016/2031, of
- d. een ZP-quarantaineorganisme als bedoeld in artikel 32, eerste lid, van verordening 2016/2031.
De fytosanitaire maatregelen, bedoeld in het eerste en tweede lid, kunnen, indien zij een besluit zijn, voor één of meer afzonderlijke gevallen worden genomen.
Aan deze besluiten kunnen voorschriften of beperkingen worden verbonden.
Hoofdstuk 2. Uitvoeringsbepalingen verordening 2016/2031 en verordening 2017/625
Artikel 4
De kennisgeving, bedoeld in artikel 14, eerste lid, en artikel 15, eerste lid, van verordening 2016/2031 is niet vereist voor de volgende schadelijke organismen:
- a. Globodera pallida (Stone) Behrens
- b. Globodera rostochiensis (Wollenweber) Behrens
- c. Meloidogyne chitwoodi Golden et al
- d. Meloidogyne fallax Karssen.
Artikel 5
Er is sprake van de situatie, bedoeld in artikel 82, eerste alinea, van verordening 2016/2031 indien de bedrijfsruimten van een geregistreerde marktdeelnemer en de locatie van de door hem gebruikte percelen zich in Nederland bevinden.
Artikel 6
Bij de minister kan, met een door de minister ter beschikking gesteld middel, worden ingediend een aanvraag tot erkenning als:
- a. inspectiecentrum als bedoeld in artikel 2 van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1014 van de Commissie van 12 juni 2019 tot vaststelling van nadere regels betreffende minimumvoorschriften voor grenscontroleposten, met inbegrip van inspectiecentra, en voor de vorm, de categorieën en afkortingen voor het opstellen van lijsten van grenscontroleposten en controlepunten (PbEU 2019, L 165); of
- b. controlepunt als bedoeld in artikel 53, eerste lid, onder a, van verordening 2017/625.
Artikel 7
Een professionele marktdeelnemer kan een aanvraag tot erkenning voor de export naar derde landen waar bilaterale afspraken mee zijn gemaakt op grond waarvan fytosanitaire voorwaarden van toepassing zijn, bij de minister indienen met een door de minister ter beschikking gesteld middel.
De minister kan professionele marktdeelnemers erkennen voor deelname aan exportinspectie-vervangend systeemtoezicht ten behoeve van de afgifte van fytosanitaire certificaten.
Aan een erkenning als bedoeld in het eerste en tweede lid kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden.
Hoofdstuk 3. Preventie
§ 3.1. Bruinrot en ringrot
Artikel 8
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
- –. besmet of waarschijnlijk besmet oppervlaktewater: oppervlaktewater waarin de bruinrotbacterie op grond van door de NVWA verrichte onderzoeken is aangetoond of waarvan wordt vermoed dat de bruinrot bacterie zich daarin bevindt;
- –. bronwater: water dat met gebruikmaking van een pomp aan de bodem wordt onttrokken;
- –. bruinrot: de ziekte veroorzaakt door de bacterie Ralstonia solanacearum (Smith) Yabuuchi et al. emend. Safni et al;
- –. bruinrot veilige afwateringssloot: een met bronwater of kwelwater gevulde kavelsloot die vrij is van bruinrotwaardplanten alsmede van de afvalresten hiervan en die door zijn ligging het gehele jaar is gevrijwaard van de instroom van oppervlaktewater;
- –. bruinrot veilige infiltratiesloot: een met bronwater gevulde kavelsloot, die vrij is van bruinrotwaardplanten en afvalresten hiervan en die op het moment van vullen met bronwater vrij was van oppervlaktewater en vanaf dat moment waterdicht afgesloten is geweest van in andere watergangen aanwezig oppervlaktewater;
- –. bruinrotwaardplanten: nader omschreven planten en tot de nachtschadefamilie behorende waardplanten als bedoeld in artikel 2 van Uitvoeringsverordening (EU) 2022/1193;
- –. kwelwater: water dat op natuurlijke wijze onder druk door de ondergrond wordt geperst en op bepaalde plaatsen uit de bodem treedt;
- –. oppervlaktewater: een watermassa die in direct contact staat met het aardoppervlak en met de open lucht alsmede een watermassa die bij een eerdere opslag geheel of gedeeltelijk in direct contact heeft gestaan met het aardoppervlak;
- –. productieplaats: een gedeelte van een bedrijf waar pootgoedhandelingen plaats hebben;
- –. ringrot: de ziekte veroorzaakt door de bacterie Clavibacter sepedonicus (Spieckermann & Kotthoff) Nouioui et al;
- –. snijden: het verdelen van een knol van een pootaardappel in meerdere delen;
- uitvoeringsverordening 2022/1193: Uitvoeringsverordening (EU) 2022/1193 van de Commissie van 11 juli 2022 tot vaststelling van maatregelen om Ralstonia solanacearum (Smith 1896) Yabuuchi et al. 1996 emend. Safni et al. 2014 uit te roeien en de verspreiding ervan te voorkomen (Pb EU 2022, L 185);
- uitvoeringsverordening 2022/1194: Uitvoeringsverordening (EU) 2022/1194 van de Commissie van 11 juli 2022 tot vaststelling van maatregelen om Clavibacter sepedonicus (Spieckermann & Kotthoff 1914) Nouioui et al. 2018 uit te roeien en de verspreiding ervan te voorkomen (Pb EU 2022, L 185).
De minister wijst op kaarten met topografische achtergrond de gebieden aan waar besmet of vermoedelijk besmet oppervlaktewater voorkomt.
De gebieden, bedoeld in het tweede lid, zijn opgenomen in bijlage 1.
Artikel 9
Het is verboden om oppervlaktewater op enigerlei wijze te gebruiken voor of bij de teelt van pootaardappelen.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is in de in bijlage 1 bedoelde gebieden eveneens van toepassing voor of bij de teelt van bruinrotwaardplanten.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing voor gebruik van water dat is opgeslagen in een bruinrot veilige infiltratiesloot die is gelegen buiten de in bijlage 1 bedoelde gebieden.
Het verbod, bedoeld in het eerste en tweede lid, is niet van toepassing voor gebruik van water dat is opgeslagen in een bruinrot veilige afwateringssloot.
Artikel 10
Het is verboden in Nederland geteelde aardappelen als pootaardappelen in het verkeer te brengen of als pootaardappelen te gebruiken.
Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing indien uit het in artikel 3, eerste lid, van uitvoeringsverordening 2022/1193 respectievelijk artikel 3, eerste lid, van uitvoeringsverordening 2022/1194 bedoelde onderzoek blijkt dat de partij waartoe de aardappelen behoren vrij is bevonden van de bacterie Ralstonia solanacearum (Smith) Yabuuchi et al., respectievelijk van de bacterie Clavibacter sepedonicus (Spieckermann et Kotthoff) Davis et al.
Het bepaalde in het eerste en tweede lid is niet van toepassing indien het een partij prebasispootgoed betreft van de 1e, 2e of 3e generatie (PB1, PB2 en PB3) die niet in het handelsverkeer gebracht wordt of een partij aardappelen betreft als bedoeld in artikel 40, tweede of derde lid.
Artikel 11
Op een productieplaats van goedgekeurde pootaardappelen worden geen aardappelen gesneden.
Werktuigen en voorzieningen gebruikt op of gevestigd op de productieplaats van goedgekeurde pootaardappelen worden niet ter beschikking gesteld voor het snijden van pootaardappelen of voor pootgoedhandelingen met betrekking tot gesneden pootaardappelen.
Werktuigen en voorzieningen die zijn gebruikt voor het snijden van pootaardappelen of voor pootgoedhandelingen met betrekking tot gesneden pootaardappelen, worden niet gebruikt op de productieplaats of als productieplaats van goedgekeurde pootaardappelen.
Artikel 12
Aardappelen worden niet geteeld met gebruikmaking van pootaardappelen die zijn gesneden.
Het eerste lid is niet van toepassing indien pootaardappelen zijn bestemd voor de teelt van consumptieaardappelen of zetmeelaardappelen.
Het tweede lid is niet van toepassing indien op een productieplaats goedgekeurde pootaardappelen worden geteeld.
§ 3.2. Bacterievuur
Artikel 13
In de in bijlage 2 aangewezen beschermde gebieden is het opplanten, bewaren en vervoeren verboden van planten van:
- a. Cotoneaster floccosus, Cotoneaster salicifolius en Cotoneaster watereri en de daartoe behorende cultivars en van het geslacht Photinia davidiana (Stranvaesia Hort.);
- b. Crataegus calycina, Crataegus laevigata en Crataegus monogyna met uitzondering van de daartoe behorende cultivars.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor de in onderdeel b genoemde planten:
- a. voor zover de bedoelde handelingen plaatsvinden in het kader van de bedrijfsmatige teelt van boomkwekerijgewassen;
- b. voor zover de bedoelde handelingen plaatsvinden in de in bijlage 2 apart aangewezen gebieden waarin de meidoorn een landschappelijk bepalende rol speelt.
Artikel 14
De minister kan gebruiksgerechtigden van terreinen gelegen in de in bijlage 2 bedoelde gebieden, verplichten onderhoudsmaatregelen ter voorkoming en bestrijding van bacterievuur te treffen ten aanzien van zich daarop bevindende planten van door hem aangewezen geslachten en soorten op de voorgeschreven wijze.
§ 3.3. Wratziekte
Artikel 15
Voor de toepassing van deze paragraaf wordt verstaan onder:
- –. aardappel: de gehele aardappelplant of delen daarvan;
- –. schimmel: de schimmel Synchytrium endobioticum (Schilb.) Percival;
- –. uitvoeringsverordening 2022/1195: Uitvoeringsverordening (EU) 2022/1195 van de Commissie van 11 juli 2022 tot vaststelling van maatregelen om Synchytrium endobioticum (Schilbersky) Percival uit te roeien en de verspreiding ervan te voorkomen;
- –. wratziekte: de aantasting van aardappelen door de schimmel Synchytrium endobioticum (Schilb.) Percival.
Artikel 16
Het is verboden op terreinen, waar wratziekte dreigt op te treden en die door de minister op basis van artikel 8 van de wet als zodanig zijn aangewezen, aardappelen te telen.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor aardappelen behorende tot resistente rassen, voor zover de minister die rassen voor de bedoelde terreinen heeft aangewezen.
De minister wijst voor de in het eerste lid bedoelde terreinen overeenkomstig artikel 7, eerste en tweede lid, van uitvoeringsverordening 2022/1195 resistente aardappelrassen aan.
Het besluit, bedoeld in het eerste lid, wordt gepubliceerd in de Staatscourant.
Artikel 17
De teelt van aardappelen in tuinen kan door de minister worden beperkt tot resistente aardappelrassen die bij besluit door de minister worden aangewezen.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt verstaan onder tuin: een stuk grond in gebruik, anders dan ter uitoefening van de land- of tuinbouw als bedrijf, bij één persoon of bij meer personen die de teelt gezamenlijk uitoefenen.
Het besluit, bedoeld in het eerste lid, wordt gepubliceerd in de Staatscourant.
Artikel 18
§ 3.4. Phytophthora infestans
Artikel 19
Na 15 april van een jaar worden niet-uitgeplante aardappelen of afval van aardappelen, tenzij bestemd om te worden uitgeplant, zodanig afgedekt dat stengels met blad niet boven deze afdekking kunnen voorkomen.
Artikel 20
Van niet-uitgeplante aardappelen of afval van aardappelen mag men zich niet ontdoen, tenzij zodanige maatregelen zijn getroffen dat zich aan deze niet-uitgeplante aardappelen of afval van aardappelen geen stengels met blad kunnen ontwikkelen.
Artikel 21
Het is degene die een productielocatie in gebruik heeft, verboden een aantasting van Phytophthora infestans te hebben, die als volgt omschreven is:
- a. een groep min of meer aaneengesloten, zichtbaar door P. infestans aangetaste aardappelplanten waarvan, binnen een oppervlakte van 20m2, minimaal 1.000 (enkelvoudige) blaadjes zijn aangetast door vitale P. infestans, of
- b. verspreid aangetaste aardappelplanten waarvan, binnen een oppervlakte van 100m2, minimaal 2.000 (enkelvoudige) blaadjes zijn aangetast door vitale P. infestans.
Ingeval van stengelphytophthora telt elke stengel met vitale P. infestans voor 5 blaadjes.
Degene die een productielocatie in gebruik heeft neemt maatregelen ter bestrijding van de in het eerste lid bedoelde aantasting.
Artikel 22
Het is na 1 juli van een kalenderjaar aan degene die een productielocatie in gebruik heeft verboden om aardappelopslag te hebben, indien:
- a. op dat perceel of terrein of een deel daarvan zich gemiddeld meer dan 2 aardappelplanten per m2 bevinden, en
- b. de opslag voorkomt op minimaal 0,3 hectare.
Degene die een productielocatie in gebruik heeft neemt maatregelen ter bestrijding van de in het eerste lid bedoelde opslag.
§ 3.5. Vergelingsziekte bij bieten
Artikel 23
Het is na 15 april van een kalenderjaar aan degene die een productielocatie in gebruik heeft verboden om bietenopslag te hebben.
Degene die een productielocatie in gebruik heeft neemt maatregelen ter bestrijding van de in het eerste lid bedoelde bietenopslag.
Artikel 24
Een eigenaar of houder van planten van suikerbieten, voederbieten of rode bieten, geteeld voor zaadwinning, waarop zich bladluizen bevinden, bestrijdt deze bladluizen op zodanige wijze dat dit geen gevaar oplevert voor de gezondheid van de suikerbieten, voederbieten en rode bieten in de omgeving.
Artikel 25
Suikerbieten, voederbieten, rode bieten en afval van suikerbieten, voederbieten of rode bieten, voor zover daaraan bladvorming voorkomt, zijn niet voorhanden of in voorraad na 15 maart van een kalenderjaar.
Het eerste lid is niet van toepassing op suikerbieten, voederbieten en rode bieten, die kennelijk bestemd zijn voor zaadwinning.
§ 3.6. Valse meeldauw en koprot
Artikel 26
Het is verboden na 15 april van enig jaar niet-uitgeplante uien of afval van uien aanwezig te hebben, tenzij op deze uien een afdekking is aangebracht of zodanige maatregelen zijn getroffen zonder welke niet-uitgeplante uien of afval van uien een bron kunnen zijn voor het verspreiden van valse meeldauw en koprot.
Artikel 27
Het is verboden zich te ontdoen van niet-uitgeplante uien of afval van uien, tenzij zodanige maatregelen zijn getroffen zonder welke zich aan deze niet-uitgeplante uien of afval van uien groene delen kunnen ontwikkelen en zonder welke deze niet-uitgeplante uien of afval van uien een bron kunnen zijn voor het verspreiden van koprot.
Artikel 28
Het is degene die een productielocatie in gebruik heeft verboden een aantasting van valse meeldauw te hebben, die als volgt omschreven is:
- a. een groep min of meer aaneengesloten, zichtbaar door valse meeldauw aangetaste uienplanten waarvan, binnen een oppervlakte van 20 m2, minimaal 1.000 blaadjes zijn aangetast door vitale valse meeldauw of
- b. verspreid aangetaste uienplanten waarvan, binnen een oppervlakte van 100 m2, minimaal 2.000 blaadjes zijn aangetast door vitale valse meeldauw.
Degene die een productielocatie in gebruik heeft neemt maatregelen ter bestrijding van de in het eerste lid, onder a of b, bedoelde aantasting.
Artikel 29
Het is degene die een productielocatie in gebruik heeft verboden uien vanuit plantuien te telen indien hij niet beschikt over een beoordelingsrapport over het te gebruiken dan wel gebruikte uitgangsmateriaal, afgegeven door een keuringsinstelling die op basis van artikel 19 van de Zaaizaad- en plantgoedwet 2005 is aangewezen, waaruit blijkt dat bij visuele keuring van het uitgangsmateriaal te velde, vlak voor de oogst, geen valse meeldauw is geconstateerd of waaruit bij nacontrole van het uitgangsmateriaal blijkt dat het uitgangsmateriaal vrij is van valse meeldauw.
Het beoordelingsrapport wordt bewaard gedurende twee jaar na afgifte.
§ 3.7. Knolcyperus
Artikel 30
Het is degene die een productielocatie in gebruik heeft verboden akker- en tuinbouwgewassen te telen op de productielocatie of het gedeelte daarvan waar de aanwezigheid van knolcyperus door de minister is vastgesteld.
De minister maakt het teeltverbod, bedoeld in het eerste lid, met ingangsdatum, productielocatie of gedeelte daarvan, en termijn bekend.
In aanvulling op het teeltverbod kunnen door de minister maatregelen worden opgelegd met betrekking tot teelt, oogst, transport, opslag, schonen en bewaring van het geoogste product, het vernietigen en het ongeschikt maken voor gebruik als uitgangsmateriaal, alsmede opslag, bewaring, transport en vernietiging van afvalstromen, zoals grond- en gewasresten.
In een spoedeisende situatie kan de bekendmaking van het teeltverbod en de maatregelen aan de ondernemer mondeling geschieden. Een mondelinge bekendmaking wordt binnen een redelijke termijn bevestigd door een schriftelijke bekendmaking.
In afwijking van het eerste lid is het teeltverbod niet van toepassing gedurende de teelt van planten die is aangevangen voor vaststelling van de aanwezigheid van knolcyperus totdat deze teelt is beëindigd.
Artikel 31
Degene aan wie een teeltverbod is opgelegd is verplicht de knolcyperus te verwijderen en te vernietigen voordat aan de knolcyperus vier of meer bladeren zichtbaar zijn of zich ondergrondse knollen hebben ontwikkeld.
Degene aan wie een teeltverbod is opgelegd en degene die werktuigen heeft gebruikt op de productielocatie of het gedeelte daarvan waar het teeltverbod betrekking op heeft, is verplicht direct na dit gebruik de werktuigen zodanig vrij te maken van aanhangende grond en van planten, dat geen verspreiding van knolcyperus kan plaatsvinden.
Artikel 32
Degene aan wie een teeltverbod is opgelegd, is verplicht bij wijzigingen met betrekking tot de eigendom of het gebruik van de productielocatie of het gedeelte daarvan waar het verbod betrekking op heeft:
- a. het teeltverbod en de maatregelen onverwijld aan de nieuwe eigenaar of gebruiker te melden en
- b. de wijziging onverwijld aan de minister te melden.
Artikel 33
Het teeltverbod wordt door de minister opgeheven nadat is vastgesteld dat gedurende drie opeenvolgende jaren de productielocatie of het gedeelte daarvan waar het verbod betrekking op heeft, vrij is bevonden van knolcyperus dan wel is omgezet of afgegraven en fytosanitair verantwoord is afgevoerd.
§ 3.8. Aardappelmoeheid (AM)
Artikel 34
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
- –. aardappelcysteaaltje: Globodera pallida (Stone) Behrens (Europese populaties) of Globodera rostochiensis (Wollenweber) Behrens (Europese populaties);
- –. uitvoeringsverordening 2022/1192: Uitvoeringsverordening (EU) 2022/1192 van de Commissie van 11 juli 2022 tot vaststelling van maatregelen om Globodera pallida (Stone) Behrens en Globodera rostochiensis (Wollenweber) Behrens uit te roeien en de verspreiding ervan te voorkomen (PbEU 2022, L 185).
Artikel 35
Het is verboden de planten, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van uitvoeringsverordening 2022/1192, te telen, op te slaan of te bewaren, indien uit een officieel detectieonderzoek als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van uitvoeringsverordening 2022/1192 niet is gebleken dat de productielocatie vrij is bevonden van het aardappelcysteaaltje.
Het eerste lid is niet van toepassing op een productielocatie als bedoeld in de artikelen 3, derde lid, en 4, derde lid, van uitvoeringsverordening 2022/1192.
Artikel 36
Ten behoeve van het opleggen van fytosanitaire maatregelen met betrekking tot telen, opslaan of bewaren als bedoeld in de artikelen 8 en 9 van uitvoeringsverordening 2022/1192 stelt de minister ieder jaar op basis van overeenkomstig bijlage V, punt 2, van uitvoeringsverordening 2022/1192 uitgevoerd onderzoek een lijst aardappelrassen met het bijbehorende resistentieniveau als bedoeld in bijlage V, punt 1, van uitvoeringsverordening 2022/1192, vast.
De lijst aardappelrassen met bijbehorend resistentieniveau wordt gepubliceerd in de Staatscourant.
Verzoeken tot opname in de lijst worden ingediend bij de minister.
Artikel 37
Aardappelen worden niet geteeld in de volle grond op een productielocatie, gelegen in een in bijlage 8 aangewezen gebied.
Artikel 38
Aardappelen worden niet geteeld op een productielocatie, waarop in een van de twee voorafgaande kalenderjaren aardappelen zijn geteeld.
Het eerste lid is niet van toepassing op de teelt van aardappelen op een productielocatie die is gelegen in een in bijlage 9 aangewezen gebied, mits voldaan wordt aan de in die bijlage gestelde regels.
In afwijking van het tweede lid, worden in een in bijlage 9 genoemde gebied geen goedgekeurde pootaardappelen geteeld, indien op die productielocatie in dat gebied in een van de twee voorafgaande kalenderjaren aardappelen zijn geteeld.
Artikel 39
Het is de producent van teeltmateriaal van boomkwekerijgewassen en vaste planten verboden deze gewassen in de volle grond te telen en de geteelde gewassen in het verkeer te brengen, tenzij voor de teelt teeltmateriaal wordt gebruikt dat vrij is van besmetting met het aardappelcysteaaltje en er geteeld wordt op een productielocatie:
- a. waarvoor uit een officieel detectieonderzoek als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van uitvoeringsverordening 2022/1192 blijkt dat de productielocatie vrij is bevonden van het aardappelcysteaaltje;
- b. waarop de laatste twaalf jaar geen aardappelen of andere, in bijlage I van uitvoeringsverordening 2022/1192 vermelde planten, zijn geteeld; of
- c. dat gelegen is in een in bijlage 8 aangewezen gebied.
Gedurende twaalf maanden nadat de boomkwekerijgewassen en vaste planten op de productielocatie zijn geoogst moet aantoonbaar zijn, dat is voldaan aan de eisen gesteld in het eerste lid.
§ 3.9. Fytosanitaire voorwaarden inzake teelt eigen pootgoed op basis van artikel 13 van de Regeling werkzaamheden Raad voor plantenrassen
Artikel 40
Aardappelen worden uitsluitend geteeld met gebruikmaking van goedgekeurde pootaardappelen.
Het eerste lid is niet van toepassing indien het pootaardappelen voor eigen gebruik betreft die:
- a. worden gebruikt ten behoeve van de teelt van zetmeelaardappelen en zijn voorzien van een schriftelijke verklaring van Stichting TBM;
- b. behoren tot in bijlage 10 genoemde aardappelrassen, en
- c. afkomstig zijn van en geteeld worden op een productielocatie dat is gelegen in een in bijlage 11 aangewezen gebied.
Het eerste lid is niet van toepassing indien binnen dezelfde onderneming in het voorgaande jaar geen goedgekeurde pootaardappelen zijn geteeld en het pootaardappelen voor eigen gebruik betreft die:
- a. zijn voorzien van een schriftelijke verklaring van de NAK;
- b. worden gebruikt ten behoeve van de teelt van consumptieaardappelen;
- c. voldoen aan de eisen als bedoeld in artikel 61 van de Regeling verhandeling teeltmateriaal met uitzondering van de eis van een officieel detectieonderzoek als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van uitvoeringsverordening 2022/1192 voor de productielocatie waarop ze zijn geteeld en met uitzondering van het verbod tot vermeerderen met gebruikmaking van klasse B pootgoed, en
- d. afkomstig zijn van een productielocatie, gelegen binnen een straal van 25 kilometer vanaf het vestigingsadres van de teler en die geteeld worden op een productielocatie, gelegen binnen een straal van 50 kilometer vanaf het vestigingsadres van de teler.
Het certificaat of de schriftelijke verklaring voor de pootaardappelen wordt bewaard tot de maand mei, volgend op het jaar waarin de pootaardappelen voor de teelt van aardappelen zijn gebruikt.
§ 3.10. Slotbepaling hoofdstuk 3
Artikel 41
De minister kan van het in hoofdstuk 3 bepaalde vrijstelling of ontheffing verlenen, die geheel of gedeeltelijk kan worden ingetrokken.
Aan een vrijstelling of ontheffing kunnen voorschriften of beperkingen worden verbonden.
Hoofdstuk 4. Overtredingen
Artikel 42
Gedragingen in strijd met de voorschriften vastgesteld bij of krachtens de artikelen 5, eerste lid, 9, derde lid, 14, eerste, derde, vierde, vijfde, zesde en zevende lid, 15, eerste lid, 15, derde lid, 17, 28, artikel 30, eerste lid, tweede alinea, 32, tweede lid, 33, eerste lid, 33, tweede lid, 37, eerste lid, 40, eerste lid, 41, eerste lid, 42, tweede lid, 43, eerste lid, 47, eerste lid, 49, 53, eerste lid, 54, eerste lid, 55, 57, 59, 61, eerste lid, 62, 63, tweede lid, 64, eerste lid, 66, eerste en vijfde lid, 69, eerste, tweede, derde, vierde en zesde lid, 70, 74, eerste lid, 79, eerste lid, 80, eerste lid, 83, vijfde lid, 84, eerste lid, 84, derde lid, 87, eerste lid, 88, 90, 93, tweede lid, 93, vijfde lid, 95, eerste, derde en vierde lid, 96, eerste lid, en 97, eerste lid, 102, vierde lid van verordening 2016/2031 en de artikelen 15, eerste, tweede, derde en vijfde lid, 47, vijfde lid, 50, eerste en derde lid, 56, eerste en vierde lid, 57, eerste lid en 69, eerste lid, van verordening 2017/625 alsmede de artikelen 8, eerste en tweede lid, 9, eerste lid, en 10, eerste lid van uitvoeringsverordening 2022/1192, de artikelen 4, tweede lid, onder a, 6, eerste, tweede, derde en vierde lid van uitvoeringsverordening 2022/1193, de artikelen 4, tweede lid, onder a, 6 eerste, tweede, derde en vierde lid, en 8, eerste lid, van uitvoeringsverordening 2022/1194 en de artikelen 6, eerste, tweede, derde en vierde lid en 8, eerste lid van uitvoeringsverordening 2022/1195 zijn overtredingen.
Gedragingen in strijd met de voorschriften vastgesteld bij of krachtens de artikelen 8, derde lid, 9, 13, tweede lid, 15, vierde lid, 20, tweede lid, 24, derde lid, en 25 van de wet, en de voorschriften genoemd in het eerste lid, kunnen worden gestraft met een hechtenis van ten hoogste zes maanden of een geldboete van de vierde categorie.
Artikel 43. Bestuurlijke boete
De hoogte van de bestuurlijke boete, bedoeld in artikel 8 van het besluit, wordt vastgesteld overeenkomstig de bedragen die horen bij de boetecategorieën die in bijlage 12 voor desbetreffende overtredingen zijn vastgelegd.
De rechtspersoon of vennootschap die binnen vijf jaren nadat een eerste overtreding is geconstateerd voor de tweede of derde keer een overtreding van hetzelfde artikel of hetzelfde artikellid begaat, kan een bestuurlijke boete opgelegd krijgen overeenkomstig de bedragen die horen bij één respectievelijk twee boetecategorieën hoger dan die in bijlage 12 voor de desbetreffende overtreding is vastgelegd.
De natuurlijke persoon die binnen vijf jaren nadat een eerste overtreding is geconstateerd voor de tweede of derde keer een overtreding van het zelfde artikel of hetzelfde artikellid begaat, kan een bestuurlijke boete opgelegd krijgen overeenkomstig de bedragen die horen bij één respectievelijk twee boetecategorieën hoger dan die in bijlage 12 voor de desbetreffende overtreding is vastgelegd, met een maximum van een boete van de derde categorie.
Hoofdstuk 5. Slotbepalingen
Artikel 44
Voor besluiten die voor het tijdstip van inwerkingtreding van de Plantgezondheidswet zijn genomen op basis van de Regeling bestrijding schadelijke organismen, blijft het recht gelden zoals dat luidde onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van de Plantgezondheidswet.
Artikel 45
De volgende regelingen en het volgende besluit worden ingetrokken:
Artikel 46
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 maart 2021.
Bijlage 1. Verbodsgebieden gebruik oppervlaktewater als bedoeld in de artikelen 8 en 9
Bijlage 2. Bacterievuur
Artikelen 13 en 14
Bijlage 3a. Als gebieden, als bedoeld in artikel 18, eerste lid, worden aangewezen
-
- Het gebied ten oosten van Veendam, dat als volgt is begrensd: (de hoofdletters verwijzen naar de kaart ‘Kerngebied Veendam’) Provinciale weg N963 (A), Borgercompagnieweg (B), (zand)weg (C), watergang (D), Westerbrink (E), Beneden Westerdiep (F), Prins Hendrikplein (G), Sorgvlietlaan (H), Woortmanslaan (I), Borgercompagnieweg (J), perceelsscheiding (K), Kielsterachterweg (L), Wildervanksterweg (M) en Zwarteweg (N).
-
- Het gebied ten zuidoosten van Ter Apel, dat als volgt is begrensd: (de hoofdletters verwijzen naar de kaart ‘Kerngebied Ter Apel’) Markeweg (A), Hoofdkade (B), Moersloot (C), Zanddijk (D), Roswinkelerstraat (E) en Ertsstraat (F).
-
- Het gebied rondom Foxel, dat als volgt is begrensd: (de hoofdletters verwijzen naar de kaart ‘Kerngebied Foxel’) Westelijke Doorsnee (A), Oosterdiep W.Z. (B), watergang (C), Berkenrode (D) en Verlengde Scholtenskanaal O.Z. (E).
-
- Het gebied ten noordoosten van Barger Compascuum, dat als volgt is begrensd: (de hoofdletters verwijzen naar de kaart ‘Kerngebied Barger Compascuum’) Watergang (A), Limietweg (B), Limietweg-Oost (C), watergang (D), BRD-grens (E), (zand)weg (F), Limietweg (G), Postweg (H) en Oosterdiep O.Z. (I)
-
- Het gebied ten zuidoosten van Mantinge, dat als volgt is begrensd: (de hoofdletters verwijzen naar de kaart ‘Kerngebied Mantinge’) Schiphorsten (A), Heirweg (B), (zand)weg (C), K. Brokweg (D), mr. J.B. Kanweg (E), Mantingerdijk (F), heide/bos (G), perceelsscheiding (H), Steendervalsweg (I) en Wijsterseweg (J).
-
- Het gebied ten noorden en westen van Borger, dat als volgt is begrensd: (de hoofdletters verwijzen naar de kaart ‘Kerngebied Borger’) Lunsveenweg (A), Drouwenerstraat (B), Achterstekampweg (D), Bronnegerstraat (E), Bomenrij Bronnegerstraat-Westerlandsweg (F), Westerlandsweg (G), Marslandenweg (H), Bocht Marslandenweg, bebouwde kom Oost-Borger (I), Buinerstraat (J), Kruizing IJzertijdstraat-Schoonloërstraat, groenstrook richting Rolderstraat (K), Tochtsloot westelijk van Meerslagenweg (L), einde tochtsloot, bosrand richting Meerslagenweg (M) en bosrand richting Lunsveenweg (N).
-
- Het gebied aan de Oostzijde van Veendam
Bijlage 3b. Toegelaten zetmeelaardappelrassen als bedoeld in artikel 18, eerste lid
10 = (volledig) resistent, 9-8= hoog veldresistent, 7= matig veldresistent, 6 matig vatbaar
10
Avamond
Avarna
Avenger
Avici
Belita
Cardyma
Cekin
Dartiest
Django
Empress
Eurotonda
Euroviva
Gandawa
Kuba
Megusta
Monte Carlo
Novano
Otolia
Plasettie
Saprodi
Sarion
Seresta
Stefanie
Taormina
Telma
Transit
Triton
Vermont
9
Achilles
Adelinde
Allstar
Althea
Amarock
Avatar
Aventra
BMC
Cayman
Luneba
Monroe
Plasent
Plasinka
Plasstärke
Plasuno
Plasure
Scala
Serum Star
Signum
Smaragd
Supporter
Toronto
Vebeca
Vebesta
8
Actaro
Altus
Axion
Festien
Lindita
San Francisco
Senata
Simphony
Speculos
7
Aurora
Merenco
Sofista
6
Alanis
Allure
Annabelle
Avito
Starga
Bijlage 4a. Als gebieden als bedoeld in artikel 18, tweede lid, worden aangewezen
De gehele provincie Drenthe en de volgende gemeenten of delen van gemeenten:
In de provincie Groningen: Bellingwedde voor zover gelegen ten oosten van de Hamsterweg, ten zuiden van de Oudeschanskerweg, Nieuwlandseweg, Blijhamsterweg (N969), Oosteinde (N969) en Winschoterweg (N368/N367), Groningen voor zover gelegen ten zuiden van het Eemskanaal, Grootegast, Haren, Hoogezand-Sappemeer, Leek, Marum, Menterwolde voor zover gelegen ten zuiden van de Muntewatering, ten oosten van Rijksweg N33, ten zuiden van de Scheemderweg, ten westen van de Noordstraat te Noordbroek, ten zuiden en westen van de Slochterweg, Oldambt voor zover gelegen ten westen van de Oostelijke Rondweg (N367), ten noorden van de Oostereinde (N966), ten westen van de Hoofdstraat (N966) en Oudeweg te Beerta, C.G. Wiegersweg, ten zuiden van de Hoofdweg te Finsterwolde, ten zuiden van de Goldhoorn, ten westen van de Noorderstraat, ten zuiden van de Oudlandseweg, ten westen van de Kerkelaan, ten zuiden van de Hoofdweg te Midwolda, Rijksweg (N362), ten oosten van de Rijksweg, Oude Rijksweg en Stationsstraat te Scheemda en ten zuiden van de Kolkenweg en Muntewatering, Pekela, Slochteren voor zover gelegen ten zuiden van het Afwateringskanaal van Duurswold, Schildmeer, Slochterdiep en Eemskanaal, Stadskanaal, Veendam en Vlagtwedde.
In de provincie Friesland: Ooststellingwerf voor zover gelegen ten noorden van de Verwersweg (vanaf provinciegrens) tot de Zuid, ten oosten van de wegen Zuid en Hoofdweg tot Kloosterweg, ten zuiden van de wegen Kloosterweg, Terwisscha, Westeres en Bruggelaan tot de Compagnonsvaart, ten oosten van de wegen Zuideinde (door Fochteloo), Noordeinde, de Knolle tot kruising met de Weper, en ten zuiden van de wegen Weper en Weperpolder (tot provinciegrens).
In de provincie Overijssel: Hardenberg, Twenterand, Hellendoorn, Ommen en Steenwijkerland voor zover gelegen ten oosten van autosnelweg A32 en Eesveenseweg (N855), ten zuiden van het Dolderkanaal en kanaal Steenwijk-Ossenzijl, ten westen van de Ossenzijlersloot, ten noorden en ten oosten van de Punterweg (vanaf Kuinderweg), Hammerdijk, Kerkbuurt, Blokzijlerdijk en Kuinderdijk, en ten zuiden en ten oosten van de Kanaalweg.
Bijlage 4b. Als gebieden als bedoeld in artikel 18, derde lid, worden aangewezen
De gemeenten in de provincie Overijssel voorzover niet gelegen in gebied A.
De gemeenten in de provincie Gelderland tot de Nederrijn.
In de provincie Friesland de gemeenten Ooststellingwerf voorzover niet gelegen in gebied A, Weststellingwerf en Opsterland.
In de provincie Groningen: de gemeenten Slochteren, Menterwolde, Oldambt voor zover gelegen ten westen van de Ulsderweg en C.G. Wiegersweg, ten zuiden van de Hoofdweg en Goldhoorn, ten westen van de Noorderstraat te Oostwold, ten noorden van de Polderweg, ten westen van de Langeweg, ten zuiden van Hoofdweg-Oost, Hoofdstraat en Hoofdweg-West te Nieuwolda, ten zuiden van de Hoofdweg 't Waar, ten zuiden van de Rechte Walsterweg en Bellingwedde, alle voor zover niet gelegen in gebieden onder A.
Bijlage 4 c1. Toegelaten aardappelrassen als bedoeld in artikel 18, tweede en derde lid
10 = (volledig) resistent, 9-8= hoog veldresistent, 7= matig veldresistent, 6 matig vatbaar
10
Actaro
Adelinde
Allstar
Althea
Amanda
Amarock
Avamond
Avatar
Avenger
Aventra
Avici
Axion
Belita
Bonza
Cekin
Dartiest
Django
Empress
Evolution
Gandawa
Kuba
Logo
Luneba
Megusta
Novano
Orienta
Otolia
Plasettie
Plasure
Punchy
Saprodi
Scala
Scarlet
Seresta
Serum Star
Signum
Simphony
Soleo
Stefanie
Stemster
Talent
Taormina
Telma
Transit
Triton
Vebeca
Vermont
9
Achilles
Altus
Amorosa
Aromata
Aurora
Avarna
Aveline
Avito
BMC
Cardyma
Cayman
Cleopatra
Corazon
Desirée
Euroviva
Festien
Gaya
Hansa
Irene
Kuroda
Lugano
Melody
Merenco
Meryem
Monroe
Monte Carlo
Plasandes
Plasent
Plasinka
Plasstärke
Romano
San Francisco
Sassy
Senata
Sensation
Smaragd
Sofista
Speculos
Starga
Taurus
Toronto
8
Allure
Ardeche
Aveka
Chenoa
Dirigent
Eurotonda
Fontane
Gerona
King Russet
Kondor
Lindita
Nena
Nicola
Poseidon
Royal
Rudolph
Sarion
Saturna
Sprinter
Stratos
Supporter
Vebesta
7
Annabelle
Astarte
Asterix
Baraka
Benno Vrizo
Burren
Donald
Fresco
Nomade
Origo
Parel
Plasuno
Sylvana
6
Agria
Alanis
Amora
Amyla
Arizona
Austin
Bintje
Diamant
Eigenheimer
Euroflora
Gloria
Rumba
Saint Calais
Sonic
Bijlage 4 c2. Toegelaten aardappelrassen als bedoeld in artikel 18, tweede lid
5
Attena
Elkana
Kuras
Markies
Nectar
Picasso
Prior
Regina
Sirco
Victoria
Bijlage 5a. Als gebieden als bedoeld in artikel 18, vierde lid, worden aangewezen
-
- Omschrijving gebied Venraij: Het gebied omsloten door de A67 in Venlo vanaf de grens met Duitsland in westelijke richting tot aan de Zuid Willemsvaart. De Zuid Willemsvaart in noordelijke richting tot de kruising met de N265 in Veghel. De N265 in noordelijke richting tot Uden. De N603 in noordelijke richting tot de A50 in Heesch (gemeente Bernheze). De A50 in noordelijke richting tot de kruising met de Maas. De Maas in oostelijke richting tot de kruising met de spoorbrug in Mook (gemeente Mook en Middelaar). Vanaf de spoorbrug de N271 in zuidelijke richting tot de Schildersweg in Plasmolen (gemeente Mook en Middelaar). De Schildersweg in noordelijke richting tot de Bosweg langs Sint Jansberg. De Bosweg langs Sint Jansberg tot aan de grens met Duitsland. De grens met Duitsland in zuidelijke richting tot aan de A67 in Venlo.
-
- Omschrijving gebied Bergeijk: Het gebied rondom Bergeijk, dat door België en de volgende straten is begrensd: Postelsedijk, Sleutelstraat, Weijereind, Kleine Hoeven, Ambachtsweg, De Hoeven/Rondweg (N284) bij Bladel, Lange Trekken, Molenweg/De Vloed, De Gagelvelden, Hemelrijken, Dorpsstraat in Casteren, Casterseweg, Hoofdstraat in Hoogeloon, Heuvelseweg, Heuvel, Broekenseind, Umenweg, D’ekkersrijte, Eerselseweg, Het Groen bij Knegsel, Steenselseweg, Knegselseweg, Riethovenseweg/Stevert, Nedermolen, fietspad/veldweg in zuidelijke richting en uitlopend op De Kuningen, Broekhovenseweg, Schoolstraat en Molenstraat bij Riethoven, Keersopperdreef, Dommelsedijk (N397), Monseigneur Smetstraat, Pastoor Bolsiusstraat, Venbergseweg, Luikerweg (N69), (Oude) Dorpsstraat bij Hoek, Borkel en Schaft, en De Schafterekker.
Bijlage 5b. Toegelaten aardappelrassen als bedoeld in artikel 18, vierde lid
10
7 four 7
Abby
Accent
Achilles
Acoustic
Actaro
Adretta
Afra
Agata
Agostino
Albatros
Alberta
Alexia
Alicante
Allure
Almera
Almonda
Alouette
Alpha
Althea
Altus
Alverstone Russet
Amanda
Amarin
Ambra
Amora
Annabelle
Annegret
Anosta
Anouk
Apollonia
Appassionato
Arcade
Arizona
Armin
Arnika
Aromata
Arosa
Arrow
Arsenal
Artemis
Astarte
Asterix
Athlete
Aurora
Aurum
Austin
Avamond
Avanti
Avarna
Aveka
Avenance
Avenger
Avenue
Avici
Axenia
Axion
Babylon
Bafana
Barcelona
Bartina
Basin Russet
Bavatop
Belita
Bellanita
Bellarosa
Bellefleur
Bellinda
Bellini
Belmonda
Benno Vrizo
Bernadette
Bernice
Bernina
Bettina
Betty
Bildtstar
Binella
Biogold
Bionica
Blazer Russet
Bleuet
BMC
Bondi
Bonnata kws
Bonus
Bonza
Bordeaux
Brianna
Bricata kws
Bullit
Caesar
Canberra
Caprice
Captiva
Cardyma
Carlita
Carolus
Catimini
Cayman
Cekin
Celine
Cerata kws
Cereza
Challenger
Christel
Classic Russet
Climax
Colette
Colomba
Connect
Corazon
Corsica
Cronos
Cubus
Damaris
Danique
Danuta
Dartiest
Delia Red
Desirée
Destiny
Diamant
Dido
Dior
Dirosso
Disco
Ditta
Django
Donald
Donata
Dorado
Doré
Double Fun
Draga
Edison
El Mundo
Elaia
Elata kws
Eldena
Elkana
Elvira
Emanuelle
Emiliana
Empress
Escada
Esmee
Essenza
Estelle
Estrella
Eurodelta
Euroflora
Eurogrande
Europrima
Euroresa
Eurostar
Eurostarch
Eurotina
Eurotonda
Euroviva
Excellency
Exklusiv
Exquisa
Fabula
Fado
Fambo
Fasan
Fasty
Festo
Fianna
Fidelia
Figaro
Finessa
Flamenco
Florentina
Folva
Franca
Fresco
Frieslander
Fyone
Gala
Gandawa
Gaudi
Gaya
Gazelle
Gerona
Gloria
Godzilla
Granada
Grace
Gunda
Hanna
Hermes
Hermosa
Heros
Hind
Honorata
Ibiza
Idole
Ikarus
Impala
Inara
Innovator
Inspyra
Irene
Isabelia
Islara
Jaerla
Jazzy
Jelly
Jule
Kardal
Karelia
Karlena
Kiebitz
King Russet
Kiwi
Kondor
Koopmans blauwe
Kormoran
Krometa
Kuba
Kuras
Kuroda
Labadia
Labella
Lady Amarilla
Lady Anna
Lady Blanca
Lady Britta
Lady Christl
Lady Claire
Lady Jane
Lady Lenora
Lady Luce
Lady Olympia
Lady Sara
Lady Terra
Lady Valora
Lanorma
Laperla
Lavinia
Lekkerlander
Lenz
Leonata kws
Levinata kws
Leyla
Lindita
Linus
Linzer Delikatess
Lisana
Liselotte
Logo
Loreley
Louisa
Lubeca
Lucera
Lucilla
Lucinda
Ludmilla
Lugano
Luneba
Macarena
Madeleine
Madrid
Magistral
Manitou
Maranca
Marfona
Margarita
Marion
Marisol
Marjan
Marylou
Masai
Mascha
Maxilla
Meera
Meerlander
Megusta
Meister
Melanie
Melissa
Melody
Memphis
Merlot
Meryem
Messi
Metro
Mia
Michelle
Miranda
Monalisa
Mondeo
Mondial
Monroe
Mont Blanc
Monte Carlo
Montis
Montreal
Mozart
Mulberry Beauty
Mungo
Musica
Mustagata kws
Nafida
Nandina
Napoleon
Nena
Nicola
Nixe
Noblesse
Nola
Nomade
Nordlicht
Norman
Novano
Obama
Omega
Orchestra
Orienta
Origo
Otolia
Oxania
Panamera
Panther
Papageno
Paradiso
Parel
Parcoli
Pee Wee Russet
Penni
Penta
Performer
Perline
Picasso
Picobello
Picus
Pimpernel
Pirol
Plasettie
Plasinka
Plasure
Pocahontas
Prada
Première
Premium
Prestige
Primabelle
Primavera
Primura
Prince of Orange
Printaline
Prior
Producent
Puccini
Punchy
Quarta
Queen Anne
Ramona
Ranomi
Red Beauty
Red Fantasy
Red Lady
Red Scarlett
Red Sonia
Red Sun
Red Valentine
Regina
Resonant
Ricarda
Rikea
Riviera
Rivola
Roberta
Rock
Rode Pipo
Rodeo
Rodriga
Roko
Romano
Romeo
Romina
Rosagold
Rosanna
Rosara
Rosemara
Rosi
Roslin
Rossini
Royal
Rudolph
Rumba
Sagitta
Saint Calais
Salinero
Salsa
Salvador
Salvera
Sanibel
Santana
Santé
Santera
Saphia
Saphire
Saprodi
Sarion
Sassy
Satellite
Satina
Saturna
Sava
Sayada
Scala
Scarlet
Secura
Selma
Senna
Sensation
Sereno
Seresta
Serum Star
SH C 1001
SH C 1010
SH C 909
SH C 913
Shepherd
Sieglinde
Siena
Sifra
Signum
Simphony
Simply Red
Sirco
Sissi
Skawa
Smaragd
Solara
Soleo
Solist
Sonic
Sophie
Soraya
Sorentina
Spartaan
Spectra
Speculos
Spere
Spot
Sprinter
Spunta
Stabilo
Stacey
Starne
Stefanie
Stemster
Stiletto
Stratos
Sunred
Supporter
Sylvana
Talent
Taormina
Tarzan
Telma
Texla
Tiger
Tilbury
Titan
Titanium
Torenia
Toronto
Transit
Trésor
Triple7
Triplo
Triton
Twinner
Tyson
Valetta
Varuna
Vebeca
Vebesta
Velox
Ventana
Verdi
Vermont
Victoria
Vineta
Violet Queen
Virginia
Vitalia
VR 808
Wega
Wendy
Whitney
Wilja
Zuzanna
9
Actrice
Adato
Adelinde
Agria
Allstar
Amaez
Amarock
Argana
Armedi
Avatar
Avito
Baby Rose
Blue Star
Camelia
Catania
Coronada
Daisy
Darling
Felsina
Glorietta
Heraclea
Inova
Janke
La Vie
Lady Jo
Lady Rosetta
Laudine
Madeira
Madison
Melanto
Merenco
Muse
Octa
Plasuno
Ramos
Red Tinta
Sababa
Virgil
Vogue
8
Abbot
Alcander
Amorosa
Amyla
Ardeche
Arielle
Auriera
Chateau
Cleopatra
Efera
Endeavour
Evolution
Festien
Grenadine
Hansa
Ivory Russet
Miss Blush
Miss Mignonne
Royata kws
Soprano
Twister
Ulty
Vasko
Zorba
7
Berber
Plasstärke
6
Fontane
Bijlage 6. Vaststellen perceel AM
Vervallen
Artikel 34
Bijlage 8. Aangewezen gebied
-
- het gebied gelegen in de gemeenten Waddinxveen, Boskoop, Rijnwoude en Reeuwijk, dat als volgt is begrensd: vanaf hefbrug Waddinxveen en achtereenvolgens Nesse, Noordkade, gemeentegrens Waddinxveen-Boskoop tot de Hogeveenseweg, de Hogeveenseweg, Roemer, de dijk aan de zuidwestzijde aan de Ambachtspolder tot aan de Voorweg, de Voorweg in westelijke richting tot aan het gemaal, vandaar langs de sloot in noordelijke richting tot molen Rietveldsevaart, de Rietveldsevaart in westelijke richting tot de Oostvaart, de Oostvaart in noordelijke richting tot de Spookverlaat, Spookverlaat tot de Compierekade, Compierekade in zuidelijke richting tot de Spijkerboorsche wetering, Spijkerboorsche wetering tot de Nesse, Nesse in oostelijke richting, Toegangseweg, de gemeentegrens Alphen a/d Rijn-Boskoop in oostelijke richting tot de Dammekade, Dammekade gemeentegrens Boskoop-Bodegraven tot de Ringdijk, daarna de Ringdijk volgend eerst in oostelijke-daarna in zuidelijke- en tot slot in zuidwestelijke richting tot de Schinkeldijk, Schinkeldijk in noordwestelijke richting, Tempeldijk, Middelweg, Middelburgseweg in zuidelijke richting, Zwarteweg, Bloemendaalseweg tot de A12, A12 in zuidwestelijke richting tot de Henegouwerweg, Henegouwerweg in noordelijke richting tot de hefbrug in Waddinxveen;
-
- het gebied dat de volgende gemeenten en delen van gemeenten omvat:
- –. het deel van Wassenaar, voor zover gelegen ten noorden van de lijn Wassenaarse slag, Katwijkseweg, de Van Zuylen van Nijeveltstraat, de Deijlerweg, de Rozenweg en ten westen van de autosnelweg A4;
- –. Katwijk;
- –. het deel van Oegstgeest, voor zover gelegen ten westen van de autosnelweg A44 en het gedeelte ten noorden van het Oegstgeesterkanaal;
- –. het deel van Teylingen ten westen van de Warmonderleede en de Kagerplassen;
- –. Noordwijk;
- –. Noordwijkerhout;
- –. Lisse;
- –. Hillegom;
- –. het deel van Heemstede, voor zover gelegen ten zuidwesten van de lijn Cruquiusweg, de Heemsteedse Dreef, de Camplaan, de van Merlenlaan, de Herenweg, de Rijnlaan, de Amstellaan en het verlengde Amstellaan (door de Amsterdamse Waterleiding);
- –. het deel van Bloemendaal, voor zover gelegen ten zuiden van de verlengde Amstellaan (door de Amsterdamse Waterleiding);
-
- het gebied dat de volgende gemeenten en delen van gemeenten omvat:
- –. het deel van Beverwijk, voor zover gelegen ten oosten van de Meeuweweg en ten noordwesten van de lijn Boothuisplein, Zeestraat, Warande, Wijk aan Duinerweg, Westerlaan, Plesmanweg en Alkmaarseweg;
- –. het deel van Heemskerk, voor zover gelegen ten noordwesten van de lijn Jan van Kuikweg, Jan Ligthartstraat, Jonkheer Geverslaan, Mozartstraat en ten noordoosten van Prof. ten Doesschatestraat, Broersven tot aan de Dije;
- –. het deel van Uitgeest, voor zover gelegen ten noorden van het Uitgeestermeer tussen de autosnelweg A9 en het Alkmaardermeer;
- –. het deel van Castricum, voor zover gelegen ten westen van het Alkmaardermeer en het Noordhollandsche Kanaal, en ten zuiden van de Kanaalweg;
- –. het deel van Heiloo, voor zover gelegen ten zuiden van de lijn Kanaalweg, Kennemerstraatweg, Zevenhuizenlaan, Westerweg, Vennewatersweg, het Malevoort tot aan fietspad, fietspad tot aan Zeeweg, Zeeweg;
- –. het deel van Bergen (NH), voor zover gelegen ten zuiden en ten westen van de lijn Hoevervaart, Weg van de Oude Vaart, Hoeverweg en Wimmenummervaart, Roossloot, Herenweg en Zeeweg;
-
- het gebied, gelegen in de gemeenten Neder-Betuwe en Overbetuwe en omsloten door: Rijnbandijk, Randwijkse Rijndijk, Lingekanaal, Linge, Peijenkampseveldweg, A15, Verlengde Lage Campseweg en Markstraat;
-
- het gebied in de gemeente Zundert, omsloten door: de sloot gelegen haaks op de Rijksgrens bij grenspaal 221 (in het verlengde van de Luxemburgstraat in de Belgische gemeente Meer, nabij Hazeldonk), het kavelpad tussen deze sloot en de bocht in de Laarse Heistraat, een denkbeeldige lijn tussen de bocht in de Laarse Heistraat en de hoek van de Bakkebrugstraat – Breedschotsestraat, Bakkebrugstraat, Bredaseweg, Stuivezandseweg, Klein Zundertseweg, Heischoorstraat, Sprundelsebaan, Bijloop, Rucphenseweg, Hulsdonkstraat, Roosendaalse Baan, Achtmaalseweg, Moststraat, Grote Heistraat, Oude Heistraat, Kalmthoutse Baan, de Rijksgrens tot aan grenspaal 221.
Bijlage 9. Als gebieden, bedoeld in artikel 38, leden 2 en 3, worden aangewezen
-
- De gehele provincie Drentheen de volgende gemeenten of delen van gemeenten: In de provincie Groningen: Bellingwedde, Groningen voor zover gelegen ten zuiden van het Eemskanaal, Grootegast, Haren, Hoogezand-Sappemeer, Leek, Marum, Menterwolde, Pekela, Reiderland voor zover gelegen ten westen van de Ulsderweg en C.G. Wiegersweg en ten zuiden van de Hoofdweg en Goldhoorn te Finsterwolde, Scheemda voor zover gelegen ten zuiden van de Goldhoorn te Oostwold en ten westen van de Noorderstraat, ten noorden van de Polderweg, ten westen van de Langeweg, ten zuiden van Hoofdweg-Oost, Hoofdstraat en Hoofdweg-West te Nieuwolda, ten zuiden van de Hoofdweg 't Waar, ten zuiden van de Rechte Walsterweg, Slochteren, Stadskanaal, Veendam, Vlagtwedde en Winschoten. In de provincie Friesland: Ooststellingwerf voor zover gelegen ten noorden van de Verwersweg (vanaf provinciegrens) tot de Zuid, ten oosten van de wegen Zuid en Hoofdweg tot Kloosterweg, ten zuiden van de wegen Kloosterweg, Terwisscha, Westeres en Bruggelaan tot de Compagnonsvaart, ten oosten van de wegen Zuideinde (door Fochteloo), Noordeinde, de Knolle tot kruising met de Weper, en ten zuiden van de wegen Weper en Weperpolder (tot provinciegrens). In de provincie Overijssel: Hardenberg, Twenterand, Hellendoorn, Ommen en Steenwijkerland voor zover gelegen ten noorden en ten oosten van de Punterweg (vanaf Kuinderweg), Hammerdijk, Kerkbuurt, Blokzijlerdijk en Kuinderdijk, en ten zuiden en ten oosten van de Kanaalweg;
-
- het gebied begrensd door de provincie Overijssel ten zuiden van de Overijsselse Vecht en het Zwarte Water, Gelderland, Utrecht, Noord-Holland ten zuiden van het Noordzeekanaal en het IJ, Zuid-Holland, Zeeland, Noord-Brabant en Limburg. De teelt van aardappelen in het jaar t op een productielocatie, waarop zich in het jaar t – 1 géén en in het jaar t – 2 aardappelen bevonden en welke productielocatie is gelegen in het in de vorige alinea genoemde gebied is toegestaan, mits de aardappelen in het jaar t – 2 werden gerooid vóór 1 juli van het jaar waarin zij werden geteeld en de ondernemer tijdig vóór deze datum het voornemen tot rooien schriftelijk kenbaar gemaakt heeft bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit;
-
- het gebied begrensd door de provincies Friesland, Groningen, Drenthe, Overijssel ten noorden van de Overijsselse Vecht en het Zwarte Water, Flevoland en Noord-Holland ten noorden van het Noordzeekanaal en het IJ, uitgezonderd het in onderdeel 1 genoemde gebied. De teelt van aardappelen in het jaar t op een productielocatie, waarop zich in het jaar t – 1 géén en in het jaar t – 2 aardappelen bevonden en welke productielocatie is gelegen in het in de vorige alinea genoemde gebied is toegestaan, mits de aardappelen in het jaar t – 2 werden gerooid vóór 10 juli van het jaar waarin zij werden geteeld en de ondernemer tijdig vóór deze datum het voornemen tot rooien schriftelijk kenbaar gemaakt heeft bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit;
-
- In afwijking van het gestelde onder onderdeel 3, is de teelt van aardappelen toegestaan op een productielocatie, waarop zich in het jaar t-1 aardappelen bevonden, mits:
- a. de productielocatie is gelegen in het gebied ‘Opperdoes’, begrensd door Noorderkogger zeedijk vanaf de Overleker Sluis van Medemblik, Noorderweg, Dorpsweg Twisk, Twiskerdijksloot, de Braak, de Muiter, Zandwegsloot naar de Overleker Sluis;
- b. de aardappelen in het jaar t – 1 werden gerooid vóór 10 juli van dat jaar;
- c. de ondernemer tijdig vóór de onder b bedoelde datum het voornemen tot rooien schriftelijk kenbaar gemaakt heeft bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit en
- d. uit een door de ondernemer uitgevoerde bemonstering van de productielocatie, verricht op een wijze waarbij een haard van 100 aardappelcysteaaltjes per kilogram grond met een betrouwbaarheid van tenminste 90% kan worden vastgesteld, geen aanwezigheid van cysteaaltjes blijkt.
-
- In afwijking van het gestelde onder onderdeel 3, is de teelt van aardappelen toegestaan op een productielocatie, waarop zich in het jaar t-1 aardappelen bevonden, mits:
- a. de productielocatie is gelegen in het gebied ‘Langedijk’, begrensd door Koog, Langebalkweg, Kanaal Omval-Kolhorn, Uitvalsweg, Dorpsstraat Broek op Langedijk en Zuid-Scharwoude tot Koog;
- b. de aardappelen in het jaar t – 1 werden gerooid vóór 10 juli van dat jaar;
- c. de ondernemer tijdig vóór de onder b bedoelde datum het voornemen tot rooien schriftelijk kenbaar gemaakt heeft bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit en
- d. uit een door de ondernemer uitgevoerde bemonstering van de productielocatie, verricht op een wijze waarbij een haard van 100 aardappelcysteaaltjes per kilogram grond met een betrouwbaarheid van tenminste 90% kan worden vastgesteld, geen aanwezigheid van cysteaaltjes blijkt.
-
- In afwijking van het gestelde onder onderdeel 3 is de teelt van aardappelen in het jaar t toegestaan op een productielocatie, waarop zich in het jaar t – 1 géén en in het jaar t – 2 aardappelen bevonden, mits:
- a. de productielocatie is gelegen in het gebied ‘Heerhugowaard/Geestmerambacht’, begrensd door Kanaal Omval-Kolhorn, Westerlangereis, Langereis, Veenhuizerkade, Plempdijk, Ringvaart Heerhugowaard, Hoornse Vaart, Ringsloot polder, De Vronermeer, spoorlijn Alkmaar-Hoorn tot palen bovenleiding 39/23 en 39/24, Nollenweg, Provinciale weg S3 (Alkmaar-Schagen), Daalmeerpad, Vronermeerweg, Wijde Vaart (gedeeltelijk gedempt), Spanjaardsdam, Nauertogt, Westelijke Randweg, Maijersloot, Voorburggracht, Westelijke Randweg naar Broek op Langedijk, Stationsweg, Dorpsstraat, Uitvalsweg, Kanaal Omval-Kolhorn, Langebalkweg, Oostelijke randweg Noord-Scharwoude, Waarddijk West, Provinciale weg S4, Kanaal Omval-Kolhoorn;
- b. de aardappelen in het jaar t – 2 zijn gerooid vóór 20 juli van het jaar waarin zij werden geteeld en
- c. de ondernemer tijdig vóór de onder b bedoelde datum het voornemen tot rooien schriftelijk kenbaar gemaakt heeft bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.
Bijlage 10. Aardappelrassen als bedoeld in artikel 40, tweede lid
De volgende zetmeelaardappelrassen mogen onder het TBM-regime vermeerderd worden:
Achilles *
Actaro *
Adelinde *
Allure *
Altus *
Amarock *
Amyla
Ardeche
Aurora *
Avamond*
Avarna *
Avatar *
Aveka
Avenger*
Aventra *
Avici *
Avito *
Axion *
Belita *
Benno Vrizo
BMC *
Dartiest *
Dirigent
Euroflora
Euroviva *
Festien *
Kuba *
Merenco *
Nomade
Novano *
Plasandes
Plasent *
Plasettie *
Plasinka *
Plasstärke *
Plasuno *
Plasure *
San Francisco *
Saprodi *
Sarion *
Sassy
Scala *
Scarlet
Senata *
Seresta *
Serum Star *
Signum *
Simphony *
Smaragd *
Sofista *
Speculos *
Sprinter
Starga *
Stratos
Supporter *
Triton *
Vebeca *
Vebesta *
Vermont *
Let op: In de wratziektekerngebieden in de omgeving van Barger-Compascuum, Borger, Foxel, Mantinge, Ter Apel, Veendam en Veendam Oost mogen uitsluitend rassen worden geteeld die ook voldoende resistent zijn tegen fysio 18. Deze rassen zijn aangeduid met een *.
Bijlage 11. Aangewezen zetmeelaardappeltelend gebied
Omschrijving:
Het gebied, gelegen in de provincie Drenthe, de provincie Overijssel, de provincie Gelderland ten noorden van de Nederrijn en de volgende gemeenten of gedeelten daarvan:
In de provincie Groningen: Bellingwedde, Groningen voor zover gelegen ten zuiden van het Eemskanaal, Grootegast, Haren, Hoogezand-Sappemeer, Leek, Marum, Menterwolde, Pekela, Reiderland voor zover gelegen ten westen van de Ulsderweg en C.G. Wiegersweg en ten zuiden van de Hoofdweg en Goldhoorn te Finsterwolde, Scheemda voor zover gelegen ten zuiden van de Goldhoorn te Oostwold en ten westen van de Noorderstraat, ten noorden van de Polderweg, ten westen van de Langeweg, ten zuiden van Hoofdweg-Oost, Hoofdstraat en Hoofdweg-West te Nieuwolda, ten zuiden van de Hoofdweg 't Waar, ten zuiden van de Rechte Walsterweg, Slochteren, Stadskanaal, Veendam, Vlagtwedde en Winschoten.
In de provincie Friesland: Ooststellingwerf, Weststellingwerf en Opsterland.
Bijlage 12. Boetecategorieën
| Categorie eerste beboeting | |
|---|---|
| Plantgezondheidswet | |
| Artikel 8, derde lid | 3 |
| Artikel 15, eerste lid | 3 |
| Artikel 24, derde lid | 3 |
| verordening 2016/2031 | |
| Artikel 5, eerste lid | 3 |
| Artikel 9, derde lid | 2 |
| Artikel 14, eerste lid | 2 |
| Artikel 14, vierde lid | 3 |
| Artikel 14, vijfde lid | 3 |
| Artikel 14, zesde lid | 2 |
| Artikel 14, zevende lid | 3 |
| Artikel 15, eerste lid | 1 |
| Artikel 15, derde lid | 1 |
| Artikel 17 | 3 |
| Artikel 33, tweede lid | 3 |
| Artikel 41, eerste lid | 1 |
| Artikel 43, eerste lid | 2 |
| Artikel 47, eerste lid | 2 |
| Artikel 69, eerste lid | 2 |
| Artikel 69, tweede lid | 2 |
| Artikel 69, derde lid | 2 |
| Artikel 69, vierde lid | 2 |
| Artikel 69, zesde lid | 1 |
| Artikel 70, eerste lid | 2 |
| Artikel 79, eerste lid | 2 |
| Artikel 83, vijfde lid | 2 |
| Artikel 84, eerste lid | 2 |
| Artikel 84, derde lid | 2 |
| Artikel 93, tweede lid | 2 |
| Artikel 95, eerste lid | 2 |
| Artikel 95, derde lid | 2 |
| Artikel 95, vierde lid | 2 |
| Artikel 96, eerste lid | 3 |
| Artikel 97, eerste lid | 2 |
| Artikel 102, vierde lid | 2 |
| verordening 2017/625 | |
| Artikel 56, vierde lid | 2 |
| Artikel 57, eerste lid | 2 |
| uitvoeringsverordening 2022/1192 | |
| Artikel 8, eerste lid | 3 |
| Artikel 8, tweede lid | 3 |
| Artikel 9, eerste lid | 3 |
| Artikel 10, eerste lid | 2 |
| uitvoeringsverordening 2022/1193 | |
| Artikel 4, tweede lid, onder a | 3 |
| Artikel 6, eerste lid | 3 |
| Artikel 6, tweede lid | 3 |
| Artikel 6, derde lid | 3 |
| Artikel 6, vierde lid | 3 |
| uitvoeringsverordening 2022/1194 | |
| Artikel 4, tweede lid, onder a | 3 |
| Artikel 6, eerste lid | 3 |
| Artikel 6, tweede lid | 3 |
| Artikel 6, derde lid | 3 |
| Artikel 6, vierde lid | 3 |
| Artikel 8, eerste lid | 3 |
| uitvoeringsverordening 2022/1195 | |
| Artikel 6, eerste lid | 3 |
| Artikel 6, tweede lid | 3 |
| Artikel 6, derde lid | 3 |
| Artikel 6, vierde lid | 3 |
| Artikel 8, eerste lid | 2 |
| Regeling plantgezondheid ex artikel 20, tweede lid, Plantgezondheidswet | |
| Artikel 9, eerste lid | 3 |
| Artikel 9, tweede lid | 3 |
| Artikel 10, eerste lid | 3 |
| Artikel 10, tweede lid | 2 |
| Artikel 10, derde lid | 2 |
| Artikel 11, eerste lid | 3 |
| Artikel 11, vierde lid | 3 |
| Artikel 12, eerste lid | 2 |
| Artikel 18, eerste lid | 3 |
| Artikel 18, tweede lid | 3 |
| Artikel 18, derde lid | 3 |
| Artikel 18, vierde lid | 3 |
| Artikel 19 | 2 |
| Artikel 20 | 2 |
| Artikel 21, eerste lid | 2 |
| Artikel 22, eerste lid | 2 |
| Artikel 25, eerste lid | 2 |
| Artikel 26 | 2 |
| Artikel 27 | 2 |
| Artikel 28 | 2 |
| Artikel 29 | 2 |
| Artikel 30, eerste lid | 3 |
| Artikel 30, derde lid | 3 |
| Artikel 31, eerste lid | 2 |
| Artikel 35, eerste lid | 3 |
| Artikel 37 | 3 |
| Artikel 38, eerste lid | 3 |
| Artikel 39, eerste lid | 3 |
| Artikel 39, tweede lid | 3 |
| Artikel 39, derde lid | 3 |
| Artikel 40, eerste lid | 3 |
| Artikel 40, tweede lid | 3 |
Bijlage 12. Boetecategorieën
| Categorie eerste beboeting | |
|---|---|
| Plantgezondheidswet | |
| Artikel 8, derde lid | 3 |
| Artikel 15, eerste lid | 3 |
| Artikel 24, derde lid | 3 |
| verordening 2016/2031 | |
| Artikel 9, derde lid | 2 |
| Artikel 14, eerste lid | 2 |
| Artikel 14, vierde lid | 3 |
| Artikel 14, vijfde lid | 3 |
| Artikel 14, zesde lid | 2 |
| Artikel 14, zevende lid | 3 |
| Artikel 15, derde lid | 1 |
| Artikel 41, eerste lid | 1 |
| Artikel 43, eerste lid | 2 |
| Artikel 47, eerste lid | 2 |
| Artikel 69, eerste lid | 2 |
| Artikel 69, tweede lid | 2 |
| Artikel 69, derde lid | 2 |
| Artikel 69, vierde lid | 2 |
| Artikel 69, zesde lid | 1 |
| Artikel 70, eerste lid | 2 |
| Artikel 79, eerste lid | 2 |
| Artikel 83, vijfde lid | 2 |
| Artikel 84, eerste lid | 2 |
| Artikel 95, eerste lid | 2 |
| Artikel 95, derde lid | 2 |
| Artikel 95, vierde lid | 2 |
| Artikel 96, eerste lid | 3 |
| Artikel 97, eerste lid | 2 |
| verordening 2017/625 | |
| Artikel 56, vierde lid | 2 |
| Artikel 57, eerste lid | 2 |
| Regeling plantgezondheid ex artikel 20, tweede lid, Plantgezondheidswet | |
| Artikel 9, eerste lid | 3 |
| Artikel 9, tweede lid | 3 |
| Artikel 10, eerste lid | 3 |
| Artikel 10, tweede lid | 2 |
| Artikel 10, derde lid | 2 |
| Artikel 11, eerste lid | 3 |
| Artikel 11, vierde lid | 3 |
| Artikel 12, eerste lid | 2 |
| Artikel 18, eerste lid | 3 |
| Artikel 18, tweede lid | 3 |
| Artikel 18, derde lid | 3 |
| Artikel 18, vierde lid | 3 |
| Artikel 19 | 2 |
| Artikel 20 | 2 |
| Artikel 21, eerste lid | 2 |
| Artikel 22, eerste lid | 2 |
| Artikel 25, eerste lid | 2 |
| Artikel 26 | 2 |
| Artikel 27 | 2 |
| Artikel 28 | 2 |
| Artikel 29 | 2 |
| Artikel 30, eerste lid | 3 |
| Artikel 31, eerste lid | 2 |
| Artikel 35, eerste lid | 3 |
| Artikel 37 | 3 |
| Artikel 38, eerste lid | 3 |
| Artikel 39, eerste lid | 3 |
| Artikel 39, tweede lid | 3 |
| Artikel 39, derde lid | 3 |
| Artikel 40, eerste lid | 3 |
| Artikel 40, tweede lid | 3 |
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 40
De volgende zetmeelaardappelrassen mogen onder het TBM-regime vermeerderd worden:
Let op: In de wratziektekerngebieden in de omgeving van Barger-Compascuum, Borger, Foxel, Mantinge, Ter Apel en Veendam mogen alleen rassen worden geteeld die ook voldoende resistent zijn tegen fysio 18. Deze rassen zijn aangeduid met een *.
Bijlage 11. Aangewezen zetmeelaardappeltelend gebied
Omschrijving:
Het gebied, gelegen in de provincie Drenthe, de provincie Overijssel, de provincie Gelderland ten noorden van de Nederrijn en de volgende gemeenten of gedeelten daarvan:
In de provincie Groningen: Bellingwedde, Groningen voor zover gelegen ten zuiden van het Eemskanaal, Grootegast, Haren, Hoogezand-Sappemeer, Leek, Marum, Menterwolde, Pekela, Reiderland voor zover gelegen ten westen van de Ulsderweg en C.G. Wiegersweg en ten zuiden van de Hoofdweg en Goldhoorn te Finsterwolde, Scheemda voor zover gelegen ten zuiden van de Goldhoorn te Oostwold en ten westen van de Noorderstraat, ten noorden van de Polderweg, ten westen van de Langeweg, ten zuiden van Hoofdweg-Oost, Hoofdstraat en Hoofdweg-West te Nieuwolda, ten zuiden van de Hoofdweg 't Waar, ten zuiden van de Rechte Walsterweg, Slochteren, Stadskanaal, Veendam, Vlagtwedde en Winschoten.
In de provincie Friesland: Ooststellingwerf, Weststellingwerf en Opsterland.
Bijlage 12. Boetecategorieën
| Categorie eerste beboeting | |
|---|---|
| Plantgezondheidswet | |
| Artikel 8, derde lid | 3 |
| Artikel 15, eerste lid | 3 |
| Artikel 24, derde lid | 3 |
| verordening 2016/2031 | |
| Artikel 9, derde lid | 2 |
| Artikel 14, eerste lid | 2 |
| Artikel 14, vierde lid | 3 |
| Artikel 14, vijfde lid | 3 |
| Artikel 14, zesde lid | 2 |
| Artikel 14, zevende lid | 3 |
| Artikel 15, derde lid | 1 |
| Artikel 41, eerste lid | 1 |
| Artikel 43, eerste lid | 2 |
| Artikel 47, eerste lid | 2 |
| Artikel 69, eerste lid | 2 |
| Artikel 69, tweede lid | 2 |
| Artikel 69, derde lid | 2 |
| Artikel 69, vierde lid | 2 |
| Artikel 69, zesde lid | 1 |
| Artikel 70, eerste lid | 2 |
| Artikel 79, eerste lid | 2 |
| Artikel 83, vijfde lid | 2 |
| Artikel 84, eerste lid | 2 |
| Artikel 95, eerste lid | 2 |
| Artikel 95, derde lid | 2 |
| Artikel 95, vierde lid | 2 |
| Artikel 96, eerste lid | 3 |
| Artikel 97, eerste lid | 2 |
| verordening 2017/625 | |
| Artikel 56, vierde lid | 2 |
| Artikel 57, eerste lid | 2 |
| Regeling plantgezondheid ex artikel 20, tweede lid, Plantgezondheidswet | |
| Artikel 9, eerste lid | 3 |
| Artikel 9, tweede lid | 3 |
| Artikel 10, eerste lid | 3 |
| Artikel 10, tweede lid | 2 |
| Artikel 10, derde lid | 2 |
| Artikel 11, eerste lid | 3 |
| Artikel 11, vierde lid | 3 |
| Artikel 12, eerste lid | 2 |
| Artikel 18, eerste lid | 3 |
| Artikel 18, tweede lid | 3 |
| Artikel 18, derde lid | 3 |
| Artikel 18, vierde lid | 3 |
| Artikel 19 | 2 |
| Artikel 20 | 2 |
| Artikel 21, eerste lid | 2 |
| Artikel 22, eerste lid | 2 |
| Artikel 25, eerste lid | 2 |
| Artikel 26 | 2 |
| Artikel 27 | 2 |
| Artikel 28 | 2 |
| Artikel 29 | 2 |
| Artikel 30, eerste lid | 3 |
| Artikel 31, eerste lid | 2 |
| Artikel 35, eerste lid | 3 |
| Artikel 37 | 3 |
| Artikel 38, eerste lid | 3 |
| Artikel 39, eerste lid | 3 |
| Artikel 39, tweede lid | 3 |
| Artikel 39, derde lid | 3 |
| Artikel 40, eerste lid | 3 |
| Artikel 40, tweede lid | 3 |
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Bijlage 7. Verboden planten
Vervallen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.