← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling van de Minister van Justitie en Veiligheid en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 1 april 2022, nummer 3936963, houdende regels voor de huisvesting en verzorging van ontheemden als gevolg van het oorlogsgeweld in Oekraïne (Regeling opvang ontheemden Oekraïne)

Geldende tekst a fecha 2022-12-01

Gelet op artikel 4, tweede lid, van de Wet verplaatsing bevolking;

Besluiten:

Treedt in werking op het tijdstip waarop het koninklijk besluit van 31 maart 2022, houdende inwerkingstelling van de artikelen 2c en 4 van de Wet verplaatsing bevolking in werking treedt.

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

Artikel 1

Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2
1.

De burgemeester draagt zorg voor de opvang van ontheemden. De in de eerste volzin bedoelde taak is niet van toepassing op alleenstaande minderjarige ontheemden.

2.

De burgemeester verstrekt aan de ontheemde die wordt opgevangen in een gemeentelijke opvangvoorziening of een particuliere opvangvoorziening, binnen een redelijke termijn, maar ten hoogste vijftien dagen na de aanvang van de opvang in een gemeentelijke of particuliere opvangvoorziening informatie over:

3.

De burgemeester zorgt ervoor dat de in het tweede lid bedoelde informatie schriftelijk wordt verstrekt in een taal die de ontheemde begrijpt of waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat hij deze begrijpt. In voorkomende gevallen kan deze informatie tevens mondeling verstrekt worden.

Hoofdstuk II. Toelating tot de opvang

Artikel 3

De burgemeester kan een tijdelijke alternatieve opvangvoorziening beschikbaar stellen die voldoet aan de minimumnormen zoals opgenomen in deze regeling indien:

Artikel 4

De burgemeester kan een ontheemde uitsluiten van de opvang, bedoeld in het artikel 2, eerste lid, indien:

Hoofdstuk III. Eisen aan de opvangvoorziening

Artikel 5
1.

De opvangvoorziening voldoet aan een toereikend huisvestingsniveau, waaronder ten minste wordt begrepen de aanwezigheid van een adequate bescherming tegen weersinvloeden, van verwarming, sanitaire voorzieningen en zit- en slaapgelegenheid.

2.

Indien mogelijk wordt voorzien in de gelegenheid tot het bereiden van maaltijden.

3.

Van de in het eerste lid genoemde criteria kan worden afgeweken gedurende de eerste acute opvang.

Hoofdstuk IV. De verstrekkingen gedurende de gemeentelijke opvang

Artikel 6
1.

De opvang omvat in elk geval de volgende verstrekkingen:

2.

De burgemeester draagt er zorg voor dat tijdens de opvang:

3.

De burgemeester stelt voor elke opvangvoorziening een huishoudelijk reglement op waarin tenminste passende maatregelen zijn opgenomen om geweldpleging en gendergerelateerd geweld, met inbegrip van aanranding en seksuele intimidatie, te voorkomen en de verplichting van de ontheemde om:

Artikel 7
1.

De burgemeester kan de verstrekkingen, bedoeld in artikel 6, eerste lid, beperken of intrekken indien:

2.

De burgemeester kan de verstrekkingen, bedoeld in artikel 6, eerste lid, aanhef en onder b, intrekken indien de ontheemde inkomsten uit arbeid heeft en zulks blijkt uit de door de ontheemde opgegeven informatie over zijn inkomsten uit arbeid. Hierbij geldt de eerste dag van de daaropvolgende maand als peildatum.

Artikel 8
1.

De burgemeester kan de verstrekkingen, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder b, terugvorderen indien de verstrekkingen ten onrechte of tot een te hoog bedrag zijn verstrekt aan de ontheemde.

2.

De burgemeester vordert niet meer terug dan er is verstrekt.

Artikel 9
1.

De burgemeester bepaalt in welke opvangvoorziening binnen de gemeente een ontheemde wordt geplaatst en is bevoegd een ontheemde naar een andere voorziening binnen de gemeente over te plaatsen indien dit in het belang van de openbare orde of de veiligheid van andere ontheemden noodzakelijk wordt geacht.

2.

Bij de uitoefening van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, zorgt de burgemeester ervoor dat de eenheid van het gezin in de mate van het mogelijke en met instemming van de betrokken gezinsleden bewaard wordt.

Artikel 10
1.

De door de ontheemde te ontvangen financiële toelage, bedoeld in artikel 6, eerste lid, aanhef en onder b, van deze regeling, bestaat uit een bedrag ten behoeve van voedsel en een bedrag ten behoeve van kleding en andere persoonlijke uitgaven conform de Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne.

2.

De hoogte van het bedrag ten behoeve van voedsel, bedoeld in het eerste lid, in de opvangvoorziening waarin de ontheemden volledig zelf het eigen eten verzorgen, bedraagt per persoon € 205,– per maand.

3.

De hoogte van het bedrag voor kleding en andere persoonlijke uitgaven, bedoeld in het eerste lid, bedraagt per persoon € 55,– per maand.

4.

De financiële toelage wordt maandelijks op de eerste van de maand en op een door de burgemeester vastgestelde plaats aan de ontheemde beschikbaar gesteld.

5.

De burgemeester kan ten aanzien van de uitkering van de financiële toelage deze, of enkel de toelage voor voedsel dan wel de toelage voor kleding en andere persoonlijke uitgaven, in natura verstrekken.

6.

De financiële toelage voor een ontheemde jonger dan 18 jaar, die een kind is van, of verzorgd wordt door, een of meer in de desbetreffende opvangvoorziening verblijvende ontheemden wordt uitbetaald aan één van die ontheemden.

7.

Aan een ontheemde die overeenkomstig de Regeling Medische zorg Asielzoekers, verblijft in een instelling voor langdurige zorg die niet een gemeentelijke opvang is, verstrekt de burgemeester het bedrag voor kleding en andere persoonlijke uitgaven, bedoeld in het vierde lid.

Artikel 11
1.

Een ontheemde kan een vergoeding ontvangen voor buitengewone kosten, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel e, die hij heeft gemaakt.

2.

Buitengewone kosten zijn noodzakelijke kosten die vanwege hun aard of hoogte in redelijkheid niet geacht worden door de ontheemde zelf te worden betaald.

3.

Buitengewone kosten worden slechts betaald indien vooraf door de burgemeester aan de ontheemde toestemming is verleend voor het maken van deze kosten, met uitzondering van kosten die voortvloeien uit noodsituaties waarin geen mogelijkheid bestond tot het verzoeken om toestemming.

4.

De toestemming, bedoeld in het derde lid, wordt uitsluitend verleend indien de kosten noodzakelijk zijn en niet op andere wijze in de betaling kan worden voorzien.

5.

Kosten die samenhangen met een door de ontheemde gepleegde onrechtmatige daad, gepleegd misdrijf of begane overtreding zijn in ieder geval geen buitengewone kosten, als bedoeld in het eerste lid.

Hoofdstuk V. Verstrekkingen in particuliere opvangvoorzieningen

Artikel 12
1.

De burgemeester verstrekt maandelijks een financiële toelage aan ontheemden die in opvangvoorzieningen van particulieren verblijven binnen de gemeentegrens en zijn geregistreerd.

2.

De door de ontheemde in particuliere opvangvoorzieningen te ontvangen financiële toelage, bestaat uit een bedrag ten behoeve van voedsel, een bedrag ten behoeve van kleding en andere persoonlijke uitgaven en een wooncomponent.

3.

De hoogte van het bedrag ten behoeve van voedsel, bedoeld in het tweede lid, bedraagt per persoon € 205,– per maand.

4.

De hoogte van het bedrag voor kleding en andere persoonlijke uitgaven, bedoeld in het tweede lid, bedraagt per persoon € 55,– per maand.

5.

De hoogte van de wooncomponent, bedoeld in het tweede lid, bedraagt per volwassene € 215,– per maand en per minderjarige € 55,– per maand.

6.

De financiële toelage wordt maandelijks op de eerste van de maand en op een door de burgemeester vastgestelde plaats aan de ontheemde beschikbaar gesteld.

7.

De financiële toelage voor een ontheemde jonger dan 18 jaar, die een kind is van, of verzorgd wordt door, een of meer in de desbetreffende opvangvoorziening verblijvende ontheemden wordt uitbetaald aan één van die ontheemden.

8.

De burgemeester draagt zorg voor een verzekering ten behoeve van de ontheemde tegen de financiële gevolgen van wettelijke aansprakelijkheid van de ontheemde jegens een derde.

9.

De burgemeester draagt zorg voor de betaling van buitengewone kosten.

10.

Aan een ontheemde die overeenkomstig de regeling medische zorg asielzoekers, verblijft in een instelling voor langdurige zorg die niet een particuliere opvanglocatie is en die zorg draagt voor de maaltijden, verstrekt de burgemeester het bedrag voor kleding en andere persoonlijke uitgaven, bedoeld in het vierde lid.

Artikel 13
1.

De burgemeester kan de verstrekkingen, bedoeld in artikel 12, eerste lid, beperken of intrekken indien:

2.

De burgemeester kan de verstrekkingen, bedoeld in artikel 12, eerste lid, intrekken indien de ontheemde inkomsten uit arbeid heeft en zulks blijkt uit de door de ontheemde opgegeven informatie over zijn inkomsten uit arbeid.

Artikel 14
1.

De burgemeester kan de verstrekkingen, bedoeld in artikel 12, eerste lid, terugvorderen voor zover de verstrekkingen:

2.

De burgemeester vordert niet meer terug dan er is verstrekt.

Hoofdstuk VI. Kwetsbare personen

Artikel 15
1.

De burgemeester houdt bij uitvoering van deze regeling rekening met de specifieke situatie van kwetsbare ontheemden zoals minderjarigen, personen met een handicap, ouderen, zwangere vrouwen, alleenstaande ouders met minderjarige kinderen, personen met ernstige ziekten en personen met mentale stoornissen.

2.

Ten uitvoering van het eerste lid bepaalt de burgemeester of de ontheemde bijzondere opvangbehoeften heeft.

3.

Indien de ontheemde overeenkomstig het tweede lid bijzondere opvangbehoefte heeft, wordt naast verstrekkingen, bedoeld in artikel 6, eerste lid en artikel 12, specifieke steun en begeleiding geboden.

Artikel 16

Bij de uitoefening van de bevoegdheid, bedoeld in artikel 9, eerste lid, zorgt de burgemeester ervoor dat:

Artikel 17

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop het koninklijk besluit van 31 maart 2022, houdende inwerkingstelling van de artikelen 2c en 4 van de Wet verplaatsing bevolking in werking treedt.

Artikel 18

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling opvang ontheemden Oekraïne.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 11a
1.

Een ontheemde kan door de burgemeester nader aan te wijzen werkzaamheden verrichten in en rondom de gemeentelijke opvangvoorziening, voor de uitvoering waarvan een vergoeding kan worden gegeven.

2.

De burgemeester zorgt voor een evenredige verdeling van het aanbod van werkzaamheden als bedoeld in het eerste lid, over de in de opvangvoorziening verblijvende ontheemden die daarvoor in aanmerking wensen te komen.

3.

De vergoeding die een ontheemde ontvangt voor het verrichten van werkzaamheden als bedoeld in het eerste lid, bedraagt niet meer dan € 14,– per week.

4.

Artikel 7, tweede lid, is niet van toepassing op de situatie, bedoeld in het eerste lid.

Hoofdstuk V. Verstrekkingen in particuliere opvangvoorzieningen

Hoofdstuk VI. Kwetsbare personen

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.