Besluit van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 7 juni 2024, nr. DGED/DE/45732471 handelend in overeenstemming met de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, inzake de keuze voor het instrument veiling voor de uitgifte van vergunningen voor commerciële digitale radio-omroep in DAB-laag 6 (Besluit bekendmaking veiling DAB-laag 6)
Gelet op artikel 3.10, vierde lid, van de Telecommunicatiewet, en artikel 17 van het Frequentiebesluit 2013;
Besluit:
Artikel 1
De DAB-vergunningen in frequentieband 174–230 MHz, genoemd in tabel 1, worden, met de daaraan te verbinden voorschriften en beperkingen, verleend met toepassing van een veiling als bedoeld in artikel 3.10, eerste lid, aanhef en onderdeel f, van de Telecommunicatiewet.
| Allotment | Capaciteit commercieel | Bijlagen | Demografisch bereik DAB allotment | Allotment | Capaciteit commercieel | Bijlagen | Demografisch bereik DAB allotment |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 1 | 18 | 1, allotment 1 | 0,06% | 30 | 14 | 1, allotment 30 | 2,91% |
| 2 | 17 | 1, allotment 2 | 0,73% | 31 | 14 | 1, allotment 31 | 2,06% |
| 3 | 16 | 1, allotment 3 | 0,56% | 32 | 10 | 1, allotment 32 | 3,47% |
| 4 | 16 | 1, allotment 4 | 0,36% | 33 | 13 | 1, allotment 33 | 3,97% |
| 5 | 17 | 1, allotment 5 | 0,72% | 34 | 15 | 1, allotment 34 | 0,95% |
| 6 | 17 | 1, allotment 6 | 0,56% | 35 | 16 | 1, allotment 35 | 1,51% |
| 7 | 16 | 1, allotment 7 | 1,70% | 36 | 12 | 1, allotment 36 | 2,53% |
| 8 | 15 | 1, allotment 8 | 0,94% | 37 | 12 | 1, allotment 37 | 1,22% |
| 9 | 15 | 1, allotment 9 | 0,96% | 38 | 13 | 1, allotment 38 | 3,65% |
| 10 | 17 | 1, allotment 10 | 0,82% | 39 | 13 | 1, allotment 39 | 2,49% |
| 11 | 15 | 1, allotment 11 | 1,09% | 40 | 11 | 1, allotment 40 | 3,35% |
| 12 | 15 | 1, allotment 12 | 0,93% | 41 | 13 | 1, allotment 41 | 1,94% |
| 13 | 14 | 1, allotment 13 | 0,59% | 42 | 15 | 1, allotment 42 | 4,58% |
| 14 | 17 | 1, allotment 14 | 1,12% | 43 | 14 | 1, allotment 43 | 1,84% |
| 15 | 17 | 1, allotment 15 | 1,22% | 44 | 11 | 1, allotment 44 | 2,73% |
| 16 | 17 | 1, allotment 16 | 0,39% | 45 | 8 | 1, allotment 45 | 3,60% |
| 17 | 14 | 1, allotment 17 | 1,12% | 46 | 15 | 1, allotment 46 | 1,86% |
| 18 | 17 | 1, allotment 18 | 0,84% | 47 | 16 | 1, allotment 47 | 0,48% |
| 19 | 13 | 1, allotment 19 | 2,19% | 48 | 15 | 1, allotment 48 | 1,88% |
| 20 | 17 | 1, allotment 20 | 1,05% | 49 | 15 | 1, allotment 49 | 1,26% |
| 21 | 14 | 1, allotment 21 | 0,90% | 50 | 12 | 1, allotment 50 | 2,57% |
| 22 | 17 | 1, allotment 22 | 0,82% | 51 | 12 | 1, allotment 51 | 2,44% |
| 23 | 11 | 1, allotment 23 | 2,14% | 52 | 9 | 1, allotment 52 | 3,22% |
| 24 | 16 | 1, allotment 24 | 0,82% | 53 | 14 | 1, allotment 53 | 1,23% |
| 25 | 15 | 1, allotment 25 | 5,09% | 54 | 15 | 1, allotment 54 | 0,95% |
| 26 | 17 | 1, allotment 26 | 1,18% | 55 | 10 | 1, allotment 55 | 2,55% |
| 27 | 14 | 1, allotment 27 | 2,31% | 56 | 17 | 1, allotment 56 | 0,75% |
| 28 | 12 | 1, allotment 28 | 2,09% | 57 | 11 | 1, allotment 57 | 2,72% |
| 29 | 14 | 1, allotment 29 | 1,90% |
Artikel 2
De aanvraag- en veilingprocedure vangt aan op 20 juni 2024.
Artikel 3
De vergunningen, bedoeld in artikel 1, zijn nader bestemd voor commerciële digitale lokale radio-omroep.
Artikel 4
De voorschriften en beperkingen inclusief de (technische) bijlagen behorende bij de DAB-vergunningen in frequentieband 174–230 MHz, bedoeld in artikel 1, worden voor zover dat reeds mogelijk is, vastgesteld in bijlagen 1 tot en met 57.
Artikel 5
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
Artikel 6
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit bekendmaking veiling vergunningen aanvraag- en veilingprocedure digitale radio-omroep DAB laag 6.
Bijlage 1. Conceptvergunning DAB allotments 1–57
Artikel 1. Definities
Artikel 2. Gebruiksrecht
Artikel 3. Samenwerking vergunninghouders
Artikel 4. Technische voorschriften
De vergunninghouder voldoet aan de technische voorschriften zoals opgenomen in de bijlage.
Artikel 5. Bescherming en interferentie
Artikel 6. Nabuurkanaalinterferentie
Artikel 7. Wegnemen belemmeringen
Artikel 8. Beperkingen ter uitvoering van de Beleidsregel storing door het gewenste signaal van radiozendapparaten
Artikel 9. Kennisgeving ingebruikname
Artikel 10. Correspondentie
Kennisgevingen en correspondentie die verband houden met deze vergunning, worden gericht aan de RDI te Groningen.
Artikel 11. Duur van de vergunning
Deze vergunning is geldig tot en met 31 augustus 2030.
Bijlage. Allotment 1
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 1
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 207.208–209.000 MHz (frequentieblok 9D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(4Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(5Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(6Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(7Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(8Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(9Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 2
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 2
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 214.216–216.008 MHz (frequentieblok 10D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 52 dBµV/m(10Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(11Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(12Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(13Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(14Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(15Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 3
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 3
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 189.784–191.496 MHz (frequentieblok 7B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(16Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(17Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(18Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(19Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 36 dBµV/m(20Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(21Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 4
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 4
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 175.784–177.496 MHz (frequentieblok 5B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 47 dBµV/m(22Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(23Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(24Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(25Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(26Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(27Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 5
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 5
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 184.504–186.216 MHz (frequentieblok 6C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 47 dBµV/m(28Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(29Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(30Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(31Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 35 dBµV/m(32Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(33Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 6
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 6
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 186.216–188.008 MHz (frequentieblok 6D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 42 dBµV/m(34Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(35Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(36Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(37Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(38Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 7
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 7
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 175.784–177.496 MHz (frequentieblok 5B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 42 dBµV/m(39Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(40Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(41Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(42Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(43Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 8
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 8
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 198.504–200.216 MHz (frequentieblok 8C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 47 dBµV/m(44Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(45Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(46Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(47Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(48Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 9
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 9
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 203.784–205.496 MHz (frequentieblok 9B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 47 dBµV/m(49Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(50Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(51Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(52Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(53Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(54Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 10
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 10
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 198.504–200.216 MHz (frequentieblok 8C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 46 dBµV/m(55Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(56Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(57Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(58Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(59Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(60Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 11
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 11
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 210.792–212.504 MHz (frequentieblok 10B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(61Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(62Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(63Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(64Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(65Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 12
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 12
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 228.216–230.008 MHz (frequentieblok 12D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(66Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(67Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(68Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(69Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(70Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 13
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 13
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 191.496–193.288 MHz (frequentieblok 7C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(71Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(72Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(73Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(74Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 35 dBµV/m(75Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(76Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 14
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 14
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 223.000–224.872 MHz (frequentieblok 12A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(77Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(78Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(79Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(80Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(81Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(82Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 15
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 15
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 214.216–216.008 MHz (frequentieblok 10D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(83Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(84Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(85Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(86Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(87Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(88Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 16
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 16
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 189.784–191.496 MHz (frequentieblok 7B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(89Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(90Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(91Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(92Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(93Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 17
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 17
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 217.784–219.496 (frequentieblok 11B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 46 dBµV/m(94Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(95Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(96Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(97Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(98Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 18
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 18
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 189.784–191.496 MHz (frequentieblok 7B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(99Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(100Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(101Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments102Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok. in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(103Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 19
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 19
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 201.992–204.576 MHz (frequentieblok 9A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(104Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(105Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(106Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(107Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(108Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(109Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 20
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 20
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 217.784–219.496 MHz (frequentieblok 11B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(110Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(111Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(112Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(113Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(114Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(115Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 21
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 21
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 209.000–211.584 MHz (frequentieblok 10A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(116Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(117Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(118Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(119Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(120Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(121Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 22
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 22
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 228.216–230.008 MHz (frequentieblok 12D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m122Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid. op 40 km afstand van het allotment123Met uitzondering van zee en buitenwateren.. De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(124Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments125Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok. in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(126Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 23
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 23
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 186.216–188.008 MHz (frequentieblok 6D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(127Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(128Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(129Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(130Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(131Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 24
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 24
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 175.784–177.496 MHz (frequentieblok 5B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 41 dBµV/m(132Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(133Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(134Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(135Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(136Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 25
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 25
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 184.504–186.216 MHz (frequentieblok 6C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 46 dBµV/m(137Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(138Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(139Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(140Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 35 dBµV/m(141Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(142Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 26
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 26
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 212.504–214.216 MHz (frequentieblok 10C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(143Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(144Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(145Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(146Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(147Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 27
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 27
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 207.208–209.000 MHz (frequentieblok 9D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(148Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(149Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(150Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(151Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(152Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(153Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 28
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 28
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 178.416–181,000 MHz (frequentieblok 5D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(154Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(155Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(156Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(157Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 34 dBµV/m(158Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(159Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 29
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 29
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 182.000–185.296 MHz (frequentieblok 6B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(160Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(161Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(162Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(163Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(164Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 30
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 30
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 215.992–218,752 MHz (frequentieblok 11A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(165Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(166Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(167Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(168Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(169Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 31
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 31
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 210.792–212.504 MHz (frequentieblok 10B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 42 dBµV/m(170Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(171Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(172Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(173Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(174Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 32
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 32
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 182.000–185.296 MHz (frequentieblok 6B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(175Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(176Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(177Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(178Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(179Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 33
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 33
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 177.496–179.208 MHz (frequentieblok 5C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(180Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(181Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(182Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(183Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 36 dBµV/m(184Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(185Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 34
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 34
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 195.000–197.584 MHz (frequentieblok 8A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(186Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(187Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(188Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(189Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(190Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(191Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 35
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 35
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 203.784–205.496 MHz (frequentieblok 9B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(192Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(193Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(194Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(195Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(196Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(197Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 36
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 36
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 228.216–230.008 MHz (frequentieblok 12D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(198Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(199Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(200Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(201Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 34 dBµV/m(202Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(203Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 37
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 37
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 189.784–191.496 MHz (frequentieblok 7B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(204Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(205Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(206Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(207Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 36 dBµV/m(208Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(209Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 38
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 38
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 174.000–175.784 MHz (frequentieblok 5A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 41 dBµV/m(210Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(211Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(212Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(213Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(214Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 39
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 39
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 217.784–219.496 MHz (frequentieblok 11B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 47 dBµV/m(215Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(216Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(217Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(218Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(219Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 40
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 40
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 189.784–191.496 MHz (frequentieblok 7B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(220Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(221Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(222Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(223Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(224Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 41
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 41
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 174.000–175.784 MHz (frequentieblok 5A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(225Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(226Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(227Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(228Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(229Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 42
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 42
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 186.216–188.008 MHz (frequentieblok 6D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(230Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(231Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(232Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(233Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(234Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(235Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 43
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 43
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 182.000–185.296 MHz (frequentieblok 6B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(236Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(237Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(238Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(239Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 37 dBµV/m(240Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(241Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 44
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 44
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 181.000–182.792 MHz (frequentieblok 6A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(242Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(243Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(244Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(245Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(246Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 45
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 45
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 184.504–186.216 MHz (frequentieblok 6C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(247Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(248Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(249Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(250Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(251Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 46
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 46
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 182.000–185.296 MHz (frequentieblok 6B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(252Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(253Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(254Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(255Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(256Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 47
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 47
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 217.784–219.496 MHz (frequentieblok 11B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(257Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(258Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(259Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(260Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBuV/m(261Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(262Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 48
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 48
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 207.208–209.000 MHz (frequentieblok 9D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(263Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(264Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(265Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(266Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBuV/m(267Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(268Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 49
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 49
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 196.792–198.504 MHz (frequentieblok 8B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(269Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(270Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(271Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments272Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok. in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBuV/m(273Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(274Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 50
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 50
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 198.504–200.216 MHz (frequentieblok 8C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(275Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(276Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(277Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(278Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBuV/m(279Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(280Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 51
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 51
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 195.000–197.584 MHz (frequentieblok 8A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 41 dBµV/m(281Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(282Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(283Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(284Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(285Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 52
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 52
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 174.000–175.784 MHz (frequentieblok 5A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(286Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment. De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(287Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(288Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland, uitgezonderd allotment 57 Maastricht. Op allotment 57 Maastricht veroorzaakt de vergunninghouder geen hogere veldsterkte dan 42 dBµV/m(289Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.).
Vanuit allotment 57 Maastricht dient de vergunninghouder een interferentie-veldsterkte van maximaal 45 dBµV/m(290Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) te accepteren.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(291Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 53
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 53
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 181.000–182.792 MHz (frequentieblok 6A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(292Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(293Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(294Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(295Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(296Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 54
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 54
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 186.216–188.008 MHz (frequentieblok 6D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(297Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(298Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(299Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(300Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(301Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 55
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 55
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 175.784–177.496 MHz (frequentieblok 5B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(302Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(303Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(304Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(305Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(306Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 56
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 56
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 189.784–191.496 MHz (frequentieblok 7B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 39 dBµV/m(307Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(308Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(309Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(310Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(311Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 57
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 57
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 174.000–175.784 MHz (frequentieblok 5A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(312Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(313Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(314Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(315Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland, uitgezonderd allotment 52 Eindhoven. Op allotment 52 Eindhoven veroorzaakt de vergunninghouder geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(316Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.).
Vanuit allotment 52 Eindhoven dient de vergunninghouder een interferentie-veldsterkte van maximaal 42 dBµV/m(317Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) te accepteren.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(318Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Figuur 1. Spectrummaskers voor T-DAB zenders voor verschillende omstandigheden. Bron: GE06 pagina 169.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.